35 jaar geleden: Live Aid

35 jaar geleden: Live Aid

Meer dan honderdzestigduizend toeschouwers en vermoedelijk twee miljard televisiekijkers. Het is duidelijk dat we het niet hebben over een voorstelling in een of ander Cultureel Centrum in « de Vlaanders ». Live Aid dus en een succes zonder voorgaande. Op één dag werd zo’n drie miljard Belgische frank ingezameld voor hongerend Afrika. Sommigen zien initiatiefnemer Bob Geldof (zanger van The Boomtown Rats) dan ook reeds als Nobelprijswinnaar voor de vrede en, ja, als ooit een Kissinger en een Begin met deze prijs konden gaan lopen, dan mag dat voor ons best.

Lees verder “35 jaar geleden: Live Aid”

45 jaar geleden: geen strijdliederen meer?

45 jaar geleden: geen strijdliederen meer?

Toen ik vorige week Jacky Huys met een bijdrage over punk als mijn laatste gast voorstelde in mijn lezingencyclus over “muziek en maatschappij” 45 jaar geleden voor Elcker-Ik Gent, heb ik me klaarblijkelijk vergist. Een week later was immers “Vuile” Mong Rosseel nog aan de beurt met een uiteenzetting over strijdmuziek.

Lees verder “45 jaar geleden: geen strijdliederen meer?”

Twintig jaar geleden: laatste aflevering van “The Peanuts”

Twintig jaar geleden: laatste aflevering van “The Peanuts”

Morgen zal het al twintig jaar geleden zijn dat de laatste aflevering van de dagelijkse Peanuts-strip is verschenen. Toen tekenaar Charles M.Schulz eind jaren negentig in het ziekenhuis werd opgenomen vanwege darmkanker, was hij immers wel gedwongen met pensioen te gaan. De wekelijkse (zondagse) afleveringen zullen nog tot 13 februari 2000 verschijnen, een dag na de dood van Schulz.

Lees verder “Twintig jaar geleden: laatste aflevering van “The Peanuts””

425 jaar geleden: de eerste voorstelling van Shakespeare’s “Romeo and Juliet”

425 jaar geleden: de eerste voorstelling van Shakespeare’s “Romeo and Juliet”

Welke lieftallige jongedame deze aandoenlijke tekening voor mij heeft gemaakt, zal omwille van de privacy – ondanks het feit dat dit nu al meer dan veertig jaar achter ons ligt – helaas een goed bewaard geheim moeten blijven, maar ik ben wel blij dat ik de tekening even naar boven kan halen, aangezien het volgens mijn vriend Alcide vandaag precies 425 jaar geleden is dat de eerste voorstelling van Shakespeare’s “Romeo and Juliet” plaatsvond…

Lees verder “425 jaar geleden: de eerste voorstelling van Shakespeare’s “Romeo and Juliet””

115 jaar geleden: het Verdrag van Londen

115 jaar geleden: het Verdrag van Londen

Ondertussen heb ik het artikel van Willem Schrickx teruggevonden, waarop ik in een vorige bijdrage een allusie maak. Het is verschenen in Het Laatste Nieuws van 10 januari 1987 met als grote hoofding: “De Grote William gaf commentaar op het Verdrag van Londen (1604) in zijn blijspel Eind goed, al goed.”

Lees verder “115 jaar geleden: het Verdrag van Londen”

De populariteit van Shakespeare, bij ons en elders

De populariteit van Shakespeare, bij ons en elders

In zijn eigen tijd werd William Shakespeare letterlijk op handen gedragen, zoals we hem hier in de gedaante van acteur Rafe Spall zien doen in de film “Anonymous” van Roland Emmerich uit 2011. Maar het biedt wel een verkeerd beeld van de theorie die de film aankleeft. William Shakespeare is volgens het scenario van John Orloff immers niets anders dan een ongeletterde toneelspeler die ten onrechte mag pronken met de veren van iemand anders. En wie is die “iemand anders” dan wel?

Lees verder “De populariteit van Shakespeare, bij ons en elders”

65 jaar “Open Venster”

65 jaar “Open Venster”

Het is vandaag 65 jaar geleden dat voor het eerst “Open Venster” verscheen in Humo. Of de brievenrubriek in dit blad nu nog altijd die naam draagt, weet ik niet want ik heb Humo enkele jaren geleden – net zoals zovelen met mij – buitengegooid omdat zij er een sport van maakten om elke week iemand op te voeren die in het lang en het breed Bart Dewever kwam uitschijten. Eigenlijk zou ik hen daarvoor dankbaar moeten zijn, want dat heeft ongetwijfeld bijgedragen tot ’s mans populariteit, maar mijn maag kon er niet langer tegen, tegen dat betweterige toontje, of het nu over Brussel-Halle-Vilvoorde ging of over de nieuwste CD van Rod Stewart. Uiteraard was op dat moment Willy Courteaux al lang niet meer de Vensterman, zoals hij zichzelf noemde, want anders zou ik het veel lastiger hebben gevonden om deze vod in de vuilnisemmer te kieperen.

“Open Venster” is dus geen creatie van Willy Courteaux. Het is René Matthews, de Nederlandse schoonzoon van de Waalse weekbladuitgever Jean Dupuis, die op 23 februari 1936 Humoradio laat verschijnen als Vlaamse versie van Moustique. Hoofdredacteur wordt Jan Kuypers, die als “Mevrouw Clara” ook de hartsrubriek “Ons eigen hoekje” volschrijft. Het is een van de zeldzame eigen rubrieken, want voor het overgrote deel bestaat Humoradio uitsluitend uit vertalingen uit Moustique. Tot zelfs het kruiswoordraadsel toe. Als men er de familie Dupuis op wijst dat dit onmogelijk is, reageert Charles met ongeloof: “Comment? Les mots en flamand n’ont pas le même nombre de lettres qu’en français?”
Willy Courteaux start in 1947 bij Humoradio. Zijn voornaamste taak bestaat in het vertalen van stukken uit Moustique. Als hij echter voorstelt om onder het pseudoniem Max Helder ook een rubriek van klassieke platenrecensies te beginnen, wordt hem dit toegestaan. Volgens Karel Anthierens “had iedereen toen een schuilnaam, onder eigen naam publiceren vond men pretentieus” (Humo 15/2/2011).
Op 17 januari 1954 wordt in Humoradio de rubriek Open Venster gestart door Karel Cavens, de latere hoofddredacteur van Robbedoes, op 9 mei gevolgd door de eerste aflevering van de rubriek “Moderne Muziek voor Moderne Mensen”. Op 4 juli wordt zelfs de eerste MMM-poll gehouden (Meest Markante Musicus), overigens gewonnen door Louis Armstrong vóór Duke Ellington en Dizzy Gillespie.
Op 6 april 1958 wordt Humoradio afgekort tot Humo door de nieuwe hoofdredacteur, Jef Anthierens. Jef Anthierens zelf schreef toen onder een schuilnaam voor het blad Links, dat de linkerzijde van de BSP vertegenwoordigde. Hij was b.v. bevriend met Patrice Lumumba. Onder de schuilnaam Bert Brem is hij ook de auteur van een boek over Elvis Presley. Jef Anthierens neemt ook zijn broers Karel en Johan in dienst, deze laatste oorspronkelijk als lay-outer!
Ook de ondertitel “onafhankelijk weekblad” duikt voor het eerst op, wat een revolutie is voor verzuild Vlaanderen. Het aanwenden van schuilnamen is ondertussen in onbruik geraakt, maar grote interviews worden voortaan ondertekend met “één van de tien” (Humo telde op dat moment tien redacteurs). Willy Courteaux neemt de rubriek “Open Venster” over: « Karel Cavens was Open Venster na een tijd beu. Altijd dat gezeur dat we over de verkeerde zangers of zangeresjes schreven. De regel was dat we mochten antwoorden maar niet tegen de lezers ingaan. Met mijn temperament was er geen sprake van dat ik me daaraan zou houden, ha neen! Ik reageerde meteen ferm als ik vond dat er onzinnige dingen beweerd werden: ‘Hela, jong!’ Daardoor kwam er meer post. En ik heb zelf ook veel naar mijn hoofd gekregen hoor! Vietnam, Zuid-Afrika, homoseksualiteit, dat zijn de onderwerpen die ik me zo meteen herinner. Ik kreeg de naam communist te zijn, wat niet zo was. Later ben ik wel bevriend geworden met mensen als Jef Turf, maar KP-lid ben ik nooit geweest. (*) Turf heeft me weleens gezegd: ‘Had je een lidkaart gevraagd, je had ze niet gekregen, want elk woord dat je daarna geschreven zou hebben, zou men als het woord van de partij hebben beschouwd.’ » (Humo, 15/2/2011)
Maar who was he fooling? Piet Piryns reageert in de Humo van een week later (22/2/2011): “Zelf leunde hij dicht bij de KP aan. Eén keer hebben we samen een interview gedaan, met Karel van het Reve; die man kwam niet aan het woord, omdat Willy het zo druk had met te bewijzen dat Solzjenitsyn een onnozelaar was.”
En of hij gelijk had!
Op 20 september komt Paul Snoek bij Humo werken als TV-criticus. Zijn reputatie dat hij zelf geen televisie had, maar meekeek voor de etalage van een televisiewinkel had hij aan zichzelf te danken. Zo was hij namelijk zijn eerste kritiek begonnen.
Op 7 januari 1960 komt er naast de visie van Snoek nog een andere TV-rubriek, het fameuze Dwarskijker, dat oorspronkelijk (maar niet lang) door TV-regisseur Kris Betz werd volgeschreven. Vooraleer de rubriek synoniem werd van Willy Courteaux, zou ook Jeroen Brouwers hieraan nog hebben meegewerkt, maar buiten diens eigen verklaring bestaan daar geen bewijzen van.
Op 5 oktober 1961 verschijnt voor het eerst de rubriek “Tieners Toppers Treffers”, al snel afgekort tot TTT, in Humo, en op 11 januari 1962 verschijnt in dat blad de eerste “Humo sprak met” (afgekeken van Der Spiegel). Het eerste “slachtoffer” is minister Renaat Van Elslande, de tweede is reeds Hugo Claus. In februari is radiomaker Guy Mortier aan de beurt (dat was nog in de tijd dat geïnterviewden hun interviews konden herlezen en desnoods herschrijven, want de “dader”, Karel Anthierens, getuigt in Humo van 15/2/2011: “Guy zal het wel geen goed interview gevonden hebben, want hij heeft er veel aan veranderd.”), die nog dat zelfde jaar voor Humo gaat werken. Tot spijt van Willy Courteaux die zijn vertalingen van auteurs als De Maupassant of Tsjechov zag verdwijnen omdat “hij die ruimte nodig had voor andere stukken, onder andere voor zijn soort muziek-tussen-aanhalingstekens” (ibidem).
In 1965 volgt Karel Anthierens zijn broer Jef op aan het hoofd van Humo. Op 13 juli 1967 verhuist Humo naar de Livornostraat, maar het is niet duidelijk of dat ook het moment is dat Guy Mortier het hoofdredacteurschap overneemt van Karel Anthierens. Alleszins, op 25 augustus vindt tijdens Jazz Bilzen de eerste Vlaamse love-in, georganiseerd door Humo plaats. Naast Procol Harum treedt ook Joske Harris op met zijn orkest.
In april 1968 introduceert Daan Delannoy van Humo de cassetterecorder om interviews op te nemen (eerste slachtoffer: Cliff Richard). Nog bij Humo wordt Guido Van den Hauwe de verantwoordelijke voor het tv-katern. Hij zal deze taak blijven uitoefenen tot zijn pensionering in 1999. Zelfs Guy Mortier geeft toe: “Het tv-katern is onze ruggengraat.” ‘t Is ooit anders geweest, maar de laatste jaren was dat nog de enige reden waarom ik Humo sowieso nog in huis haalde (met “Uitlaat” en “Het Gat van de Wereld” als bonus).
In 1970 start men met de rubriek platenrecensies, die ondertekend wordt door Karel De Knagger. Eigenlijk een drukfout want Guy Mortier bedoelde eigenlijk Karel De Knager. Dit laatste is al beter een verwijzing naar wie er achter dit pseudoniem schuilgaat, namelijk de Hagenaar Hans Muys, die als chef buitenland bij De Standaard moeilijk onder zijn eigen naam kon schrijven. Om de verwarring nog groter te maken werd er gedaan als “Karel De Knagger” een pseudoniem was waarachter een hele werkgroep schuilging.
Op 7 januari 1971 start in Humo de rubriek “Uitlaat” en op 26 december 1974 de eindejaarsvraagjes. Een getuigenis van Guido Van Meir: “Met Kama(gurka) deed de punk zijn intrede, een nieuwe generatie die weer andere grenzen aan het verschuiven was. Van de hippies naar de punk!” En Guy Mortier voegt eraan toe: “Herman (De Coninck) kwam niet meer op de dagen dat Kama was aangekondigd.” (Humo, 22/2/2011)
Zusterblad Mimo gaat in 1979 failliet en Humo neemt op die manier redactrice Ingrid De Bie (oorspronkelijk tegen de zin van Guy Mortier) in dienst. Zij is de eerste vrouw in het mannenbastion.

Lees verder “65 jaar “Open Venster””

Analyse van een stripverhaal (3): De Smurfin

Analyse van een stripverhaal (3): De Smurfin

In het middelbaar onderwijs moeten de leerlingen een boek leren bespreken. Dat lijkt me ook vrij logisch. Probleem is dat in technische scholen en beroepscholen de leerlingen zelfs niet eens meer een boek lézen, laat staan bespreken. Daarom bedacht ik het volgende: laat ik hen een stripverhaal doen ontleden. Dat lezen ze nog wel en de gebruikte methodiek is tenslotte dezelfde. Daarna hebben we in de klas de resultaten besproken aan de hand van enkele stripverhalen. Ik denk dat dit uiteindelijk een goede beslissing gebleken is. Ik zal deze resultaten in de loop der tijden weergeven, waarbij men zal kunnen vaststellen dat de vragen telkens weerkeren, maar uiteraard met verschillende antwoorden.

Lees verder “Analyse van een stripverhaal (3): De Smurfin”

55 jaar jeugdhuizen

55 jaar jeugdhuizen

De Dag van de Jeugdhuizen werd vijf jaar geleden voor het eerst gevierd. Een bijzonder feest was het, want de jeugdhuizen in Vlaanderen bestonden toen officieel vijftig jaar. Dat verklaarde de (in mijn ogen ongelukkige) titel van de grootse viering: Don’t Hype. Jeugdhuizen zijn immers geen hype, geen bevlieging van korte duur. Integendeel. In die vijftig jaar zijn ze alleen maar in aantal toegenomen. Er zijn er nu 409.

Lees verder “55 jaar jeugdhuizen”