De leestips van Nonkel Fons (retro 132)

De leestips van Nonkel Fons (retro 132)

Jef Turf is in 2012 tachtig jaar geworden en heeft zijn Memoires gepubliceerd. In de jaren vijftig werd hij kernfysicus en werkte hij een aantal jaren in een Waalse vestiging van het KMI als wetenschapper. Tegelijk had hij zich meer en meer geëngageerd in de Belgische Kommunistische Partij. Begin jaren zestig maakte hij de (moeilijke) keuze om zijn wetenschappelijk werk te laten liggen om permanent vrijgestelde te worden voor de KPB in Gent. Hij was van nabij betrokken bij menige sociale en politieke strijd. In dit boek doet hij verslag van die jaren, van zijn gevecht voor het eurocommunisme binnen een partij die vastgeroest was, van zijn ervaringen in een aantal socialistische landen, zijn werk voor De Rode Vaan en zijn inzet tegen de kernenergie die hij gevaarlijk vindt.

Lees verder “De leestips van Nonkel Fons (retro 132)”

Veertig jaar geleden: De Rode Vaan verhuist naar de Lemonnierlaan

Veertig jaar geleden: De Rode Vaan verhuist naar de Lemonnierlaan

Vandaag is het veertig jaar geleden dat De Rode Vaan is verhuisd van de Kazernestraat naar de Lemonnierlaan (op de foto van Jo Clauwaert v.l.n.r. René Lampaert, Piet Lampaert, Lode De Pooter, Miel Dullaert, ikzelf en Jan Vermeersch; ontbreken: Jan Mestdagh, Christiane De Backer en Léa Goeman).

Lees verder “Veertig jaar geleden: De Rode Vaan verhuist naar de Lemonnierlaan”

Veertig jaar geleden: De Kreuners op de weide achter de Marron op de Oostberg

Veertig jaar geleden: De Kreuners op de weide achter de Marron op de Oostberg

Veertig jaar geleden traden De Kreuners op de weide achter de Marron op de Oostberg in Temse. Alhoewel het concert mede werd georganiseerd door het plaatselijke Masereelfonds, dat de avond daarvóór nog een “Nacht van de Poëzie” had georganiseerd met o.a. Stefaan Van den Brempt, Johan de Belie, Oswald Joossens en Roland van Campenhout, heb ik het optreden helaas niet gezien, omdat er op die “Nacht” een conflict was ontstaan o.m. omwille van de geringe opkomst als ik me goed herinner.

Lees verder “Veertig jaar geleden: De Kreuners op de weide achter de Marron op de Oostberg”

35 jaar geleden: Live Aid

35 jaar geleden: Live Aid

Meer dan honderdzestigduizend toeschouwers en vermoedelijk twee miljard televisiekijkers. Het is duidelijk dat we het niet hebben over een voorstelling in een of ander Cultureel Centrum in « de Vlaanders ». Live Aid dus en een succes zonder voorgaande. Op één dag werd zo’n drie miljard Belgische frank ingezameld voor hongerend Afrika. Sommigen zien initiatiefnemer Bob Geldof (zanger van The Boomtown Rats) dan ook reeds als Nobelprijswinnaar voor de vrede en, ja, als ooit een Kissinger en een Begin met deze prijs konden gaan lopen, dan mag dat voor ons best.

Lees verder “35 jaar geleden: Live Aid”

Dertig jaar geleden: Ponton Temse, van de brug af gezien

Dertig jaar geleden: Ponton Temse, van de brug af gezien

Het zal morgen al dertig jaar geleden zijn dat Ponton Temse van start ging, een kunstmanifestatie georganiseerd door de ondertussen overleden Gentse kunstpaus Jan Hoet. Ik maakte daarover destijds een reportage voor De Rode Vaan (als losse medewerker, dus niet meer als vaste redacteur, want mijn De Batselier-avontuur was daartussen gekomen), maar die is nooit verschenen. Ik stuurde het toen alsnog naar Luc De Ryck, maar deze was daarover allerminst tevreden. Het voordeel van de briefwisseling die daarop is gevolgd is echter dat de vriendschap die wij hadden uit onze jeugd en vooral uit mijn Masereelfonds-tijd opnieuw aangeknoopt werd, zodat Luc op dit moment een fervente medewerker is aan mijn blog. Maar for old times’ sake hou ik het hier zoveel mogelijk op de oorspronkelijke tekst…

Lees verder “Dertig jaar geleden: Ponton Temse, van de brug af gezien”

Marc Maertens wordt zestig…

Marc Maertens wordt zestig…

29 Marc MaertensMarc Maertens (bovenstaande foto’s de Wielersite) is gedurende heel zijn profcarrière “de broer van Freddy Maertens” geweest en hij zal het dus wel vreselijk vinden, dat ik ook daarmee begin. Ik heb echter een reden en dat is de foto die hiernaast staat: Marc Maertens heeft namelijk nooit voor Flandria gereden, dus deze foto stelt mij al enkele jaren voor een raadsel. Tenzij… tenzij Marc gewoon een truitje van zijn oudere broer heeft aangetrokken natuurlijk.
Lees verder “Marc Maertens wordt zestig…”

Hennie Kuiper wordt zeventig…

Hennie Kuiper wordt zeventig…

Vandaag wordt Hennie Kuiper zeventig jaar.

Aangezien hij de boezemvriend was van Temsenaar José De Cauwer heb ik hem destijds ook als “idool” geadopteerd. Het woord “idool” is overdreven, ik was toen al journalist en dan word je geacht geen “idolen” meer te hebben. Mijn houding tegenover Hennie Kuiper verschilt dan ook hemel en aarde van mijn enige echte wieleridool uit mijn jeugd, namelijk Rik Van Looy.
Aan de meeste belangrijke overwinningen van Hennie besteed ik aparte artikels, maar hier wil ik toch even zijn verrassend korte (toch wat doorlopende tekst betreft) Wikipedia-pagina overnemen.
Hendrikus Andreas Kuiper werd in 1972 olympisch kampioen op de weg en in 1975 wereldkampioen op de weg. Hij won in de Tour de France twee keer (1977 en 1978) de etappe naar Alpe d’Huez en werd twee keer tweede in het eindklassement, doch droeg hij nooit de gele leiderstrui. Kuiper richtte zich aanvankelijk op de grote rondes, maar ontpopte zich in de tweede helft van zijn carrière tot winnaar van grote klassiekers. Hij is nog steeds de enige Nederlander die de vier klassiekers Milaan-San Remo, Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix en de Ronde van Lombardije won. In november 2017 kwam zijn boek “Hennie Kuiper Kampioen Wilskracht” uit over zijn carrière. Samengesteld door Joop Holthausen, Jacob Bergsma, Kuiper zelf en zoon Bjorn Kuiper met een “woord vooraf” van Eddy Merckx.

Lees verder “Hennie Kuiper wordt zeventig…”

Veertig jaar geleden: “Met RVHG in de drie”

Veertig jaar geleden: “Met RVHG in de drie”

Morgen zal het ook al veertig jaar geleden zijn dat Freek Neirynck mij vroeg om Raymond van het Groenewoud te interviewen voor Radio 2 – Omroep Oost-Vlaanderen, meer bepaald voor het programma “Met wie in de drie”. Maar dat werd geen succes. Ik live op de radio, ge kunt al denken: zenuwen van hier tot ginder (daarom ook dat vele jaren later mijn werk voor Jan Wauters ook maar van korte duur was). En Raymond die op zijn qui-vive was en stekeliger antwoordde dan hij in gewone gesprekken of interviews deed (als ze voor een publicatie waren en niet voor een rechtstreekse uitzending, waarbij je moet proberen scoren). Bovendien moet ik (misschien door de zenuwen) zelf ook een verbeten indruk hebben nagelaten, lees maar even verder in de brief die ik nadien kreeg van Raymonds moeder…

Bovendien was Raymond nog maar pas zelf een gast geweest in Met wie in de drie op BRT2 Oost-Vlaanderen. Samen met Plastic Bertrand was hij namelijk de gast van Eddy Merckx en hij veranderde de tekst van zijn bekende ode aan de “Meisjes” in ‘Eddy, hij was de kampioen, meneer, er was niks aan te doen, meneer, machtsmens Eddy’ enz.
Goed van Raymond, die hiermee toffer uit de hoek kwam dan tijdens zijn “eigen” uitzending op 30 januari 1979, waarin ikzelf hem op de rooster legde over “Harnanas”, het fanzine (fan-magazine) van RvhG & the Centimeters. Raymond steekt echter zijn stekels uit en het wordt niks. “Plat op den buik”, zoals Freek Neirynck na afloop zei..
Tijdens het optreden maakt ook Roddy zijn radiodebuut want Raymond zingt een geïmproviseerd lied over Gent, waarbij hij de rijmwoorden van blaadjes afleest, die hij dan laat vallen. Omdat Roddy die altijd weer opraapt en het publiek daarom begint te lachen is hij wel verplicht voor de radioluisteraars een kleine toelichting te geven: “Er is hier een klein jongetje dat mijn spiekbriefjes gapt.”
Overigens, uit “doorgaans welingelichte bron”, zoals men dat noemt, vernamen wij dat Jef Turf (centrale gast in de uitzending van de week voor Merckx) ook Raymond had gevraagd als gast, maar dat dit hem geweigerd werd met als reden dat Raymond zelf pas aan de beurt was geweest. Nochtans kon het dus een week later bij Eddy Merckx wel. Hoe zit dat nou? Geen wonder dat Raymond in Humo van 7 mei 1992 tegen Marc Didden zegt: “Ik vind de communisten ontroerend. Een romantische partij. Zo’n Jef Turf, die zou toch geen vlieg kwaad doen. Die meende het goed. Later ben ik pas gaan beseffen dat mensen die het goed menen soms gevaarlijk zijn…”
Gedateerd op 30 januari 1979 krijg ik later een brief van Raymonds moeder:
“Beste Ronny De Schepper,
Verontschuldiging dat het zo lang geduurd heeft eer je een foto van RvhG kreeg.
Ik had griep en dacht er niet meer aan. Vanmorgen gezocht naar een foto uit de Pionierstijd, niet gevonden. Nu stuur ik twee foto’s op. Ik hoef ze niet terug te hebben.
Denk je, Ronny, dat Raymond de mensen belazert die hem vragen stellen?
RvhG verstaat de kunst om te antwoorden als volgt:
of hij wil niet op de vraag ingaan en geeft dan een speels antwoord waar je alle kanten mee op kunt;
of hij geeft een zeer duidelijk antwoord, maar wat niet als zodanig wordt herkend en dat schept moeilijkheden bij de vragen.
Ik heb jullie gehoord op de radio BRT2.
Lieve Ronny, je kan communist zijn en toch uit je harnas stappen (harnanas), dat mag echt.
Geef de groeten aan Raymond De Smet van de Rode Vaan, ik bedoel Aalst.
Vriendelijke groeten van de moeder van RvhG.
Alle Pioniers een dikke kus.”

Ikzelf schrijf ook een brief naar Raymond die (alhoewel dit niet de bedoeling was) verschijnt in de lang verwachte (nou en of!) tweede aflevering van Harnanas:
“Dag Raymond.
Enige tijd geleden heeft Jean Blaute me eens gevraagd iets te schrijven voor Harnanas. Ik zag dat echter niet zo direct zitten. Nu denk ik evenwel dat ik een ideetje heb dat het proberen waard is
Toen ik zo’n vijftien jaar was (al twaalf jaar geleden dus, jawadde), heb ik eens een romannetje geschreven dat handelde over vier Helden die vochten tegen het Kwaad. Die helden dat waren mijn vrienden en ikzelf (we noemden ons toen de Blommenkinders, stel je voor!), maar het plezante nu is dat de doorsnee van onze groep er zo uitzag :
een verschrikkelijk verstandige leider; een slim, maar tenger jongetje met bril (die jammer genoeg verliefd wordt op een meisje van het frivole type); een zeer sterke dikkerd met een goed karakter en tenslotte nog een playboy. Ik geef je te raden wie ikzelf was. Maar goed, daarom schrijf ik je niet natuurlijk. Wel omdat de vier typetjes nogal gemakkelijk terug te brengen zijn op de vier Miljonairs.
Ik zou dan ook voorstellen de “roman” (hij is toch nogal kort) ongewijzigd te publiceren, in afleveringen, alleen met de namen vervangen door die van de Miljonairs. Ook de Boeven zou ik trouwens toepasselijke namen willen geven.
Waarom nu per se ongewijzigd ? Zeker niet wegens mijn ijdelheid, want ik zou juist grote anonymiteit verlangen. Wel wegens het zeer puberachtige karakter van stijl en inhoud. Ik vermoed dat dit wel (1) voor insiders een koddig effect kan hebben en (2) voor jonge fans – en die heb je veel, denk maar aan KSA-Sint-Niklaas – zou het allemaal heel “serieus” klinken.
Bovendien was het indertijd de bedoeling dat we daarbij foto’s zouden maken zoals een soort fotoroman (met van die pompeuze houdingen, weet je wel) en ook dat zou de Miljonairs goed afgaan (ik denk aan de foto’s voor het singeltje ‘Vlaanderen Boven’ b.v.). Wat is ‘t? Doen?
Groeten,
Ronny
P.S. Indien het ‘neen’ is, zelfde vrienden, hé. Dat is trouwens vooral de reden waarom ik tot hiertoe niets heb geschreven voor Harnanas. Zoals iedereen ben ik wel ijdel wat dingen betreft die ik nù doe. Over tien jaar zal ik misschien even goed met mijn artikels van nu kunnen lachen (*). Niet omdat ze (en dus ook die roman) eigenlijk belachelijk zijn maar omdat je nu eenmaal verondersteld wordt niet de jaren wijzer, bezadigder, ernstiger te worden.”

Het fanzine van RvhG & the Centimeters heeft zichzelf ondertussen tot “zeer nieuw Vlaams literair tijdschrift” (**) in de macht verheven. Daar zal de plaats van de bespreking van nr.1 in De Rode Vaan wel voor iets tussen zitten. En het is deze keer ook geniet. Alweer dankzij onze nietsontziende kritiek allicht.
Wellicht wordt dit meteen ook het laatste nummer (al zou Jean Blaute het liever anders zien), wat ons hoegenaamd niet verwondert. De anarchistische manier én van het aan de man brengen én van de inhoud zelf (om niet van nihilisme te gewagen) laat bijna geen andere uitweg open. Dit tijdschrift richt zich b.v. tot hooguit tien mensen die misschien zelf ook niet alles van a tot z snappen, zodat het dan ook wellicht meer kwaad dan goed doet voor de populariteit van RvhG. Dat een paar mensen uit de media hier en daar kunnen “meegniffelen” is wat dat betreft evenmin noodzakelijk, want de kwaliteit van Raymonds muziek is zijn beste, om niet te zeggen zijn enige, public relations.
Conclusie: het is goed geweest zo. Laten we deze pagina omdraaien. Voor wie zich tegen beter weten in nog wil abonneren: Harnanas, 180 fr. Voor 6 nrs. Op PRK 310-0390102-45 van Raymond van het Groenewoud.
Ik had gelijk: dit wérd ook het laatste nummer. En dus werd ook “Zijn Eerste Opdracht” (zoals mijn “roman” heette) nooit gepubliceerd. Maar wat erger was, Pol Evrard heeft het manuscript ook nooit terugbezorgd!

Lees verder “Veertig jaar geleden: “Met RVHG in de drie””