Je ne suis pas un Flamand rose

Je ne suis pas un Flamand rose

In 1975 won Johan Verminnen (foto Jo Clauwaert) ook nog even het “Festival de la Chanson Française” waarna hij besloot zich serieus op de Franstalige markt te gooien, wat tot nog toe niet helemaal gelukt is, ook niet met “Je ne suis pas un flamand rose”, een franstalige elpee die zoals gebruikelijk een allegaartje van origineel werk en vertalingen van “greatest hits” is. Voor Vlaamse oren zijn vooral de titelsong, “Pauvre boxeur amoureux” en “Le ciel est le toit de ma maison” aangewezen. “Guitares à credit” (subliem!) en “Samedi soir” klinken zelfs beter dan in het Nederlands. Dit was nota bene ook de eerste elpee die Jean Blaute heeft geproduced. Jean (in Humo): “Herbie Flowers speelde hierop mee, die toen net Lou Reeds Walk on the wild side had opgenomen. Wel, zo’n ervaring zet een norm, waar je niet graag meer onder gaat.”

Lees verder “Je ne suis pas un Flamand rose”

35 jaar geleden: Renée Van Mechelen aan het lijntje

35 jaar geleden: Renée Van Mechelen aan het lijntje

« Rosa, rosa, rosam, rosae, rosae, rosas, rosarum, rosis, rosis ». Wie het zelf niet van buiten heeft moeten leren op de schoolbanken, kent het misschien wel van Jacques Brel. Maar de Rosa die wij deze week aan het lijntje hebben, heet Renée. Renée Van Mechelen om precies te zijn en zij is de verantwoordelijke van het centrum Rol en Samenleving (kort RoSa), dat in de problemen zit. Ja, wie niet, zal u zeggen, maar RoSa kampt voornamelijk met verbouwingsproblemen en dat is toch wel vreemd in deze tijd. Renée Van Mechelen legt het even uit en vertelt tevens wat RoSa eigenlijk is :

Lees verder “35 jaar geleden: Renée Van Mechelen aan het lijntje”

“Habba”: Jean, Mich, Stoy, kom terug, alles is vergeven

“Habba”: Jean, Mich, Stoy, kom terug, alles is vergeven

De nieuwe Van het Groenewoud ligt in de winkel. De eerste, zo zegt men, sedert vier jaar, net alsof « Brussels by night » nooit heeft bestaan. En nochtans, wat schreven wij naar aanleiding van deze soundtrack ? (r.v. nr 44 van 1983) : « Raymond kan het nog steeds, maar het uitkijken is naar een échte elpee van hem ». En nu is er dus « Habba » (en niet « Abba » zoals de Oost-Vlamingen zeggen), die althans door de platenfirma « zijn eerste officiële LP sinds “Ethisch Reveil » wordt genoemd. U voelt al nattigheid, wij zijn het hiermee pertinent oneens. Lezen wij daar immers niet in een onopvallend hoekje : producer Henny Vrienten ? En, jawel beste vrienden, vooral wie Raymond ondertussen reeds live aan het werk heeft gezien, weet dat dit géén doorsnee is van zijn huidige repertoire, maar dat er bewust (ja, mijnheer Vrienten, bewust !) alle nummers-met-ballen uit werden geweerd ten voordele van « koele » producten zoals nonsens en reggae- en juju-muziek die in onze lage landen altijd zo triest en regenachtig klinkt.

Lees verder ““Habba”: Jean, Mich, Stoy, kom terug, alles is vergeven”

Johan Verminnen: Ontdek de Ster!

Johan Verminnen: Ontdek de Ster!

De eerste Vlaamse “kleinkunstenaar” die zwaar knipoogde naar rock was Johan Verminnen (Wemmel, 22 mei 1951). Lode Willems verwelkomt hem in De Rode Vaan van 25 februari 1971 als volgt: “En toen kwam Johan Verminnen. Zijn stijl – voor zover vergelijkingen toegelaten zijn – houdt zowat het midden tussen Brel en pop. In die zin dat je bij hem elk woord verstaat, wat bij pop niet het geval is, en dat hij, in tegenstelling met Jacques Brel, écht is, en zich nooit theatraal of wijsneuzig aanstelt.”

Lees verder “Johan Verminnen: Ontdek de Ster!”

Mitch Leigh (1928-2014)

Mitch Leigh (1928-2014)

Het is al vijf jaar geleden dat Mitch Leigh, de componist van “De man van La Mancha” (dat is dus niét Jacques Brel zoals velen schijnen te denken, Brel speelde – weliswaar schitterend – de hoofdrol in de Franse versie, maar daar blijft het bij), is overleden. Ikzelf heb enerzijds de film van Arthur Hiller uit 1972 gezien, waaruit hierboven het fragment met Peter O’Toole en Sophia Loren, en anderzijds twee Nederlandse versies, één met Marco Bakker in de hoofdrol en een tiental jaren later die met Ramses Shaffy. Twee keren bleef ik op mijn honger zitten…
Lees verder “Mitch Leigh (1928-2014)”

Jacques Brel (1929-1978)

Jacques Brel (1929-1978)

Vandaag is het al veertig jaar geleden dat “la pendule d’argent” op de schouwmantel van Jacques Brel (“qui dit oui, qui dit non, qui dit je t’attends…”) is gestopt met tikken. Dat was in een Frans ziekenhuis, al bracht Brel zijn laatste jaren door op het Markiezen-eiland Hiva Oa samen met Maddly Bamy, een ex-danseres van Claude François. Toch ging zijn volledige erfenis naar zijn vrouw Miche (Thérèse Michielsen), waarbij hij drie dochters had, maar die hij ook vaak achterliet om op te trekken met minnaressen. Waarom is de familie Brel dan zo gebeten op Bamy? France Brel: “Omdat ze de code heeft doorbroken. Kijk, mijn ouders hadden een gentleman’s agreement. Ze mochten minnaars en minnaressen hebben, maar in alle discretie. Maddly heeft zich daar niet aan gehouden. Ze is naar voren getreden als Jacques’ vriendin. Mijn vader was toen al te fel verzwakt door de kanker om er tegenin te gaan. (…) Die Bamy vertelt nu overal dat ze de vrouw was bij wie Jacques het langst bleef. Dat is niet waar. Hij is tien jaar bij ene Sylvie geweest. Zij was zijn grootste verliefdheid.”
Lees verder “Jacques Brel (1929-1978)”