Rudi van Vlaenderen (1930-1994)

Rudi van Vlaenderen (1930-1994)

Vanavond is er in het Goudblommeke van Papier in Brussel een lezing over acteur Rudi Van Vlaenderen (foto Jo Clauwaert) door Erwin Jans. Dat is een aanrader voor alle belangstellenden natuurlijk! De vzw Dacob, het archief en bibliotheek van de studie van het communisme, heeft nog maar onlangs zijn archief ontsloten.

Lees verder “Rudi van Vlaenderen (1930-1994)”

Walter Moeremans wordt tachtig…

Walter Moeremans wordt tachtig…

Op 1 februari 2008 maakten we in de VRT-soap “Thuis” kennis met de nieuwe vrijer van Yvette (Chris Boni). Het was de taxichauffeur Leo, gespeeld door Walter Moeremans. Het grappige is dat deze verhouding niet zou standhouden en dat Leo uiteindelijk in zee zou gaan met Jenny Verbeeck, gespeeld door Janine Bischops, in het echte leven zijn eerste echtgenote…

Lees verder “Walter Moeremans wordt tachtig…”

Zestig jaar geleden: creatie van “Mama, kijk zonder handen!”

Zestig jaar geleden: creatie van “Mama, kijk zonder handen!”

Zestig jaar geleden ging in de Brusselse KVS “Mama, kijk zonder handen!” van Hugo Claus in première. Zelf heb ik dit stuk in mijn studententijd gezien in het Gentse Arenatheater met Rita Baert als Jackie. Ik heb het voor het eerst gelezen op de middelbare school omdat het in “8 toneelstukken” stond, het boek dat ik had gekocht omdat ik voor Anton van Wilderode een boekbespreking heb gemaakt van “Suiker”. Ik herinner me dat ik het boek in de studie aan het lezen was en op een bepaald moment luidop in lachen uitbarstte. De surveillant kwam daarop kijken wat er aan de hand was en vroeg of ik dit boek wel mocht lezen. Een verwijzing naar van Wilderode volstond om er zonder straf vanaf te komen. Later heb ik zelf als leraar dit stuk nog laten opvoeren door mijn leerlingen in de Broedersschool van Sint-Niklaas.

Lees verder “Zestig jaar geleden: creatie van “Mama, kijk zonder handen!””

25 jaar geleden: “Oedipus” in de KVS

25 jaar geleden: “Oedipus” in de KVS

In de KVS regisseerde directeur Franz Marijnen zelf de bewerking door Hugo Claus uit 1971 van Seneca’s “Oedipus” (“In wezen is het de ‘Kwik’ en de ‘Story’ van zijn tijd, maar met grotere thema’s” aldus Claus in de Schouwburgkrant). Een weliswaar indrukwekkend, maar toch ietwat megalomaan decor van Niek Kortekaas had de zaal tot minder dan de helft herleid, zodat we er op de avant-première op 30 september 1994, georganiseerd door Stepsmagazine (waarvan zijn broer de uitgever was), “knusjes” bijzaten. Nochtans was het helemaal geen “knus” stuk. Integendeel, Claus was de geest van Seneca zeer trouw gebleven (ondanks het feit dat het orakel via een dictafoon spreekt) en het bloed gulpte uit de tekst als uit een onstelpbare wonde. Dat anderzijds Sjarel Blanckaerts als de geest/het lijk van de gedode Laos na een geslaagd verrassingseffect voor de rest van de avond “in full view of the audience” moest blijven, was tegenover die door de make-up zwaar toegetakelde acteur toch louter sadisme. Ook de door de pest toegetakelde bevolking van Thebe (in volgorde van goede prestatie: Chris Thys, Bien De Moor, Bert André, Wim Danckaert en Jan Pauwels) werd door costumière Mechthild Schwienhorst niet gespaard.
Geen thanatos zonder eros en na een naamloos (want door stieren- en koeienkop verborgen) neukend paar in de verte, was het vooral sfinx Annabelle Van Nieuwenhuyse die daarvoor moest zorgen. De scène waarin ze (een overigens goed acterende) Wim van der Grijn als Oedipus het antwoord op het bekende raadsel ontlokte, was niet van enige erotiek ontbloot om het zo te zeggen. Sien Eggers als zijn moeder en minnares Jokaste had haar maniertjes thuisgelaten en ook Jef Demedts was stijlvol als een verontwaardigde Kreoon, die ten onrechte wordt beschuldigd de troon te willen usurperen. Maar vooral Senne Rouffaer was indrukwekkend als de blinde ziener Tiresias. Sofie Decleir als zijn dochter Manto trachtte hem wel bij te benen, maar Marijnen liet haar soms te ver gaan in haar “helderziende waanzin”. Slotsom, een voor het grootste deel geslaagde voorstelling, maar niet echt gepast als aanloop tot een “feestje”. We zijn er dan ook maar vlug vandoor gegaan. De enige aanwezige die ik kende (buiten de Stepsploeg) was overigens André Lefevre.