Sascha Van Laeken publiceert ‘Strip Sticker Catalogus’

Sascha Van Laeken publiceert ‘Strip Sticker Catalogus’

Tijdens de grote signeerdag van de Culturele Vereniging Spirit op zaterdag 21 september op het gemeentehuis van Temse werd een opmerkelijke nieuwe publicatie voorgesteld: de ‘Strip Sticker Catalogus’, samengesteld door stripkenner en -verzamelaar Sascha Van Laeken. Het luxeboek, dat 340 pagina’s telt, bevat 7 095 afbeeldingen in kleur van stickers getekend door striptekenaars.

Lees verder “Sascha Van Laeken publiceert ‘Strip Sticker Catalogus’”

André Hazes (1951-2004)

André Hazes (1951-2004)

Het is vandaag al vijftien jaar geleden dat de Nederlandse zanger André Hazes is overleden. Als ik op YouTube op zoek ga naar een foto dan krijg ik al eerder foto’s van zijn gelijknamige zoon in de maag gesplitst, die bij zijn kraker “Leef” horen. Dat nummer vind ikzelf ook wel fantastisch, maar ik zie dan toch nog altijd het jongetje voor me dat op de uitvaart van zijn vader in de Amsterdamse Arena wat zenuwachtig met zijn pet staat te draaien. Die uitvaart is overigens één van de meest aangrijpende ervaringen is geweest die ik heb meegemaakt. Sindsdien ben ik ook een onvoorwaardelijke fan van vader Hazes, iets wat “bij leven en welzijn” niet het geval was. Dat had precies te maken met het feit dat het leven van Hazes niet altijd rozengeur en maneschijn is geweest en dat hij van de weeromstuit dus net iets te veel zijn toevlucht zocht in de drank met alle gevolgen op relationeel gebied.

Lees verder “André Hazes (1951-2004)”

Dertig jaar geleden: “… En het woord is vlees geworden”

Dertig jaar geleden: “… En het woord is vlees geworden”

Het 41ste seizoen van het Gentse Arcatheater is gestart in… Antwerpen. In de Zwarte Zaal van het Fakkeltheater bracht Doris Van Caneghem immers de monoloog “Shirley Valentijn”. En in Gent zelf is Arca voor “De Coburger”, een monoloog met Jo De Meyere in de rol van Leopold I, uitgeweken naar het Sabbattinitheater in de Hoogstraat. Het zalenprobleem in Gent is dus nog steeds niet opgelost…

Lees verder “Dertig jaar geleden: “… En het woord is vlees geworden””

Twintig jaar geleden: eindbalans Festival van Vlaanderen 1999

Twintig jaar geleden: eindbalans Festival van Vlaanderen 1999

In 1999 stond het Festival van Vlaanderen uiteraard in het teken van het Keizer Kareljaar. Met een knipoog naar het sprookje “De kleren van de keizer” wilde de cyclus “De klanken van de keizer” een overzicht brengen van de muziek uit de eerste helft van de zestiende eeuw. Vlak voor het slotconcert op 23 september gingen we aan tafel zitten met programmator Francis Maes, directeur Jan Briers jr. en festivalster Erik Van Nevel (foto website Currende) om een round-up te maken van dit project.

Volgens Francis Maes werden zijn verwachtingen zelfs overtroffen. Voor het publiek werd het een verrijkte kennismaking met een niet courant repertoire. Niet enkel de “fans” bleken immers op het genre af te komen, maar ook het bredere festivalpubliek wenste er eens kennis mee te maken, volgens persverantwoordelijke Sophie Cocquyt vooral dankzij het feit dat een CD van het Currende Ensemble van Erik Van Nevel gratis bij het programmaboek was gevoegd.
Ondanks het feit dat deze muziek ongetwijfeld een inspanning vraagt van de toeschouwer, waren de reacties bemoedigend. Vooral La Colombina haalde de meesten over de streep. De Weser-Renaissance was anderzijds de grootste tegenvaller, ook wat de publieke opkomst betreft. Misschien omdat de organisatoren hier tegen hun eigen regel hadden gezondigd. Francis Maes wees er immers op dat het Festival het de neofieten zo comfortabel mogelijk wou maken, b.v. door de concerten niet te lang te laten duren of door ook andere animatie te voorzien (de dia’s bij Les Haulx et les Bas). Nu, over comfort gesproken, de kerkstoelen in de Sint-Barbarakerk, waar het concert van de Weser-Renaissance plaats had, waren letterlijk niet te harden. Anderzijds konden we op die manier dus nota bene in een kerk liederen horen met teksten als “Nun treiben wir den Papst heraus, aus Christus Kirch und Gottes Haus”, “Täglich, Papst-Esel, wir fluch’n dir” en zelfs “Der Papst ist nun zur Huren worden”. Toegegeven, in hetzelfde programma zaten ook liederen tégen Luther.
Zelf vonden we ook de concentratie op één week één van de minder geslaagde aspecten van dit project. Jan Briers jr. spreekt dit echter tegen: “Een Festival hóórt zich juist te concentreren. Dat aspect, samen met het opzetten van eigen producties en het inspelen op belangstelling vanuit het buitenland, maakt juist de bestaansreden uit van een Festival. Anders kan men het organiseren van concerten gerust overlaten aan de muziekverenigingen. Vandaar ook dat wij een structurele subsidie hebben aangevraagd om dergelijke initiatieven te kunnen nemen, naast het opzetten van een Europees netwerk, een taak die trouwens ook door het Gentse Muziekcentrum op zich kan worden genomen.”
De belangstelling uit het buitenland zou zich ook moeten uitdrukken in het feit dat de projecten nu ook zouden moeten kunnen worden geëxporteerd, maar buiten het programma van Erik Van Nevel dat in Spanje zal worden uitgevoerd, is daar voorlopig nog niet veel van te merken. De organisatoren verwachten echter wel dat deze beweging nog op gang zal komen, te meer omdat zij ook met buitenlandse groepen hebben gewerkt, zodat men mag aannemen dat in het thuisland van deze ensembles er ook interesse kan groeien voor het gebodene.
Opvallend is dat het programma van Erik Van Nevel enkel lofzangen op Keizer Karel bevat. Want in Spanje is niet alleen Karel, maar ook Philips en zelfs Alva een held. Uit het buitenland reageert enkel Nederland (ook weer typisch) positief op de kritische aanpak van Keizer Karel.
Erik Van Nevel wil zich niet moeien in de problematiek voor of tegen Keizer Karel, hij was enkel geboeid door het feit dat hij op deze manier heeft kennis gemaakt met een grote schat aan nieuw repertoire van hoge kwaliteit.
Men kan zich natuurlijk ook afvragen waarom deze muziek dan al die eeuwen onuitgevoerd is gebleven.
Volgens Francis Maes heeft dit te maken met de ontstaansgeschiedenis van de herontdekking van de oude muziek. Dat is namelijk een romantische beweging die zich dan ook tegen dergelijke “gelegenheidsmuziek” keert. Er is nochtans geen enkele reden om te veronderstellen dat muziek die voor een bepaalde gelegenheid werd gecreëerd minder waardevol zou zijn dan andere. Zelf vind ik inderdaad “MGV” (Musique à Grande Vitesse) één van de beste composities van Michael Nyman en toch is dit ook geschreven bij het in gebruik nemen van de TGV in Rijsel.
Dat Van Nevel daarnaast gebruik maakt van een “nieuwslezer” om de liederen in een historisch kader te plaatsen, kan men moeilijk als wereldschokkend beschouwen. In dezelfde week van “De klanken van de keizer” brachten ook de Bijlokeconcerten nog een Keizer Karel-programma (“Van Madrid tot de strop”) dat eveneens van dit procédé gebruik maakte.
En de “grap” van luitspeler Philippe Malfeyt die tussen elk nummer door “Mille Regretz” (het lievelingslied van Keizer Karel) probeert te spelen, maar dit steeds wordt verhinderd, tot hij woedend het podium verlaat, werd door het publiek ook totaal niet gesnapt.
Toch was Erik Van Nevel meer dan tevreden over de uitwerking van dit project, aangezien hij doorgaans tot vijftien projecten per jaar uitwerkt, waarvan de uitvoering vaak beperkt blijft tot één of twee keer!
Maar vindt hij het niet spijtig dat hij als Festivalster minder tot zijn recht komt? Tenslotte kadert hij “slechts” binnen dat project…
Erik Van Nevel: “Ik beschik over voldoende nederigheid om mij binnen dit project te schikken. Bovendien mocht ik toch het slotconcert verzorgen en ben ik door alle afdelingen van het Festival gevraagd, behalve dan paradoxaal genoeg het Oude Muziek-festival van Brugge, maar daar ben ik de andere jaren reeds vaker aan bod gekomen.”
Bovendien is de oude muziek niet hetzelfde als het romantische repertoire en is er geen sprake van echte “sterren” in de zin van virtuoze solisten. Meer dan ooit geldt hier het adagium van Wannes van de Velde: “Ne zanger is ne groep”.
Van Nevel: “Men kàn gewoonweg geen vedette worden als men oude muziek brengt, maar ik wil wel wijzen op de schromelijke benadeling van ons genre ten overstaan van de subsidiëring van de barokensembles door de Vlaamse overheid b.v. En het is nota bene in de polyfonie dat Vlaanderen hoge toppen scheert!”

Lees verder “Twintig jaar geleden: eindbalans Festival van Vlaanderen 1999”

Bruce Springsteen wordt zeventig…

Bruce Springsteen wordt zeventig…

Non, je ne regrette rien. Het is een mooi motto. Grosso modo kan ik mij daar trouwens wel in herkennen. Maar dat belet niet dat ik in dit leven dat mij is toegemeten een paar kansen heb gemist. Ik heb het dan vooral over zaken die niet vergezocht zijn, die best mogelijk waren. Zo zal het mij altijd spijten dat ik pas in 1971 voor het eerst naar Engeland ben geweest. In de jaren zestig leek mij dit even ver af als Amerika, wat uiteraard onzin is, ook al was er toen nog geen Chunnel. Akkoord, om The Beatles er te zien optreden, was ik veel te jong (op uitzondering van dat fameuze dakconcert, maar dat was niet vooraf gepland), maar ik had toch nog iets van Swingin’ London kunnen meepikken! En dan is er natuurlijk ook Bruce Springsteen (foto YouTube). Toen ik nog journalist was, heeft hij een paar keer opgetreden (eerder in Nederland dan hier, maar kom), maar ik heb helaas geen enkel optreden meegemaakt. Terwijl ik nochtans op televisie genoeg optredens heb gezien die van het scherm spatten. Dus het was zeker de moeite waard. En ondertussen is Bruce dus zeventig (en ik bijna) en zal het er dus met zekerheid niet meer van komen. Jammer maar helaas…

Lees verder “Bruce Springsteen wordt zeventig…”