Sue Townsend (1946-2014)

Sue Townsend (1946-2014)

Vijf jaar geleden hoorde ik op de radio dat Sue Townsend, de geestelijke moeder van Adrian Mole, was overleden (foto YouTube). In de jaren tachtig, toen de Adrian Mole-hype hoge toppen scheerde, ontmoette ik haar in de Gentse FNAC, waar ze naartoe gelokt was door Eva Bal van het Speeltheater, dat in die tijd een toneelversie van het populaire boek bracht.
Lees verder “Sue Townsend (1946-2014)”

Vijftig jaar geleden: de kiemen voor Theater Arena

Vijftig jaar geleden: de kiemen voor Theater Arena

Om de oprichting van Theater Arena toe te lichten, moeten we eerst en vooral ons wenden naar… het NTG! En met name naar de première op 20 mei 1967 van ‘De Vertraagde Film’ van Herman Teirlinck. Bij het groeten stapt regisseur Frans Roggen waardig en theatraal naar voren, om een breed saluut te brengen naar de zijloge côté jardin waar normaal directeur Poppe had moeten zitten. Die loge was echter leeg. Eén seconde verbazing, waarna het publiek  de geste meteen door heeft. Onder het applaus breekt een tumult uit van Poppe-fans die op de houten vloer stampen en minutenlang scanderen: “Poppe-Poppe-Poppe!”
Wanneer regisseur Roggen zich achteraf tussen het publiek via de grote trap naar de foyer wil begeven, krijgt hij van onheilsbode, de goede NTG-secretaris Roger Thienpont (die als Paul Berkenman de filmfragmenten had gedraaid), stilletjes te horen dat de Raad van Beheer zijn aanwezigheid op de receptie niet op prijs stelt. De flamboyante Frans Roggen maakt prompt een publieke scène: “Wat! De regisseur van het stuk wordt dus niet geduld op de receptie!”, etc. Roggen verlaat met slaande deuren het gebouw. Voorgoed.
En dat is dan ook het begin geweest van wat gezien werd als een anti-NTG-operatie: de stichting van Theater Arena met een schare van Poppe-getrouwen.
De benaming “Theater Arena” vinden we dan ook voor het eerst terug in 1968, gekoppeld aan het Amateurstoneelcentrum L.Van de Putte. Na één seizoen ging Arena onder impuls van Jacques Veys (foto) echter op eigen benen staan. Onder de artistieke leiding van Frans Roggen werd er vooral hedendaags theater gebracht: “De Meiden” (Genet), “De Nonnen” (Manet), “Huis Clos” (Sartre).
Lees verder “Vijftig jaar geleden: de kiemen voor Theater Arena”

De fetisjist

Jakob BeksHet toneelseizoen is alweer reeds enkele weken uit de startblokken geschoten. Na het wereldkampioenschap wielrennen weten we hoe gevaarlijk het is pronostieken te maken, maar alvast valt op dat het teksttheater enorm aan belang heeft gewonnen. Daar zal mijnheer Poma wel niet geheel vreemd aan zijn. De meest courante vorm van teksttheater is immers de monoloog, vanzelfsprekend ook de « zuinigste » theatervorm. Maar ook indien er meerdere personages op de scène staan, zijn door de nadruk op de tekst luxueuze decors vaak « overbodig » geworden. Wat meegenomen is. Zelfs in het muziektheater is men aan bezuinigen toe. Zij het om andere redenen. In Arena doet men het wat kalmer aan in afwachting van de blockbusters « Jesus Christ Superstar » en « Grease », in de Opera voor Vlaanderen situeert regisseur Vaclav Kaslik de opvoering van Verdi’s « Nabucco » in een concentratiekamp. Heel pregnant, dat wel, maar ook hier is men niet ongelukkig omwille van deze eenvoudige aankleding, zoals directeur Van Impe langs zijn neus weg opmerkte…
Lees verder “De fetisjist”

Ils sont fous, ces Hollandais!

36 marijn devalck als peronJe wist het natuurlijk al, maar als je het in levende lijve kan meemaken is het nog gekker. Na de première van « Evita » door de musicalafdeling van het Ballet van Vlaanderen in het Amsterdamse Carré veerde de zaal onmiddellijk unaniem recht. Toch was achteraf de commentaar dat het applaus maar magertjes was (sic!). « Een rechtstaande ovatie heeft in Nederland absoluut niets te betekenen », verzekerde BRT-correspondent Benny van der Baan ons. « Wil men echt blijk geven van bijval, dan begint men luidkeels te joelen. En dat is hier niet gebeurd ». Of om het met onze Franstalige landgenoot Astérix te zeggen : « Ils sont fous, ces Hollandais ! ».
Lees verder “Ils sont fous, ces Hollandais!”

Richard in crisis

« Is dat waar dat iedereen hier met de poepers zit ? » vraagt een verloren gelopen Jakob Beks op een bepaald ogenblik aan een collega die eveneens per ongeluk in de Malpertuis-versie van Shakespeares « Richard III » is terecht gekomen (het is een veenmysterie wat Jakob hier te zoeken had) en deze antwoordt : « Dat is altijd zo in tijden van crisis ». Als we het programmaboekje mogen geloven, dan zouden deze gevleugelde woorden uit de pen van Willy Courteaux komen, maar we gokken er met vrij grote zekerheid op dat het hier een « bewerking »„ van regisseur Jo Gevers betreft.
De verdere « bewerking » bestaat er vooral in dat het crisis is (inderdaad) en dat een theater als dat uit Tielt het gewoon niet aankan een Shakespeare-productie « comme il faut » op toneel te zetten (dat de talloze bijrollen door steeds hetzelfde handvol acteurs wordt uitgebeeld kan men moeilijk een « bewerking », noemen want, vooral door het haast amateuristische acteerniveau, zelfs van Beks, werkt dit vreselijk irriterend).
Met z’n sobere aankleding (zwart decor en meestal ook zwarte kostumes) had Gevers dan al bij al nog een voltreffer. Maar het best geslaagd is zijn opvatting van de hoofdfiguur, die van Shakespeare (tegen de historische realiteit in) zo’n monsterachtig karakter krijgt aangemeten dat dit zelfs een weerslag had op zijn fysiek, zodat Gevers van Richard III een soort van Beckett-figuur heeft gemaakt. Een waardevolle interpretatie, zoals we al zeiden, die vooral tot haar volle recht komt door de zonder meer knappe prestatie van Eddy Vereycken. We kunnen zelfs zeggen dat hij het is die aan deze zoveelste verspilde toneelavond nog enige glans heeft gegeven. Indien hij een one-man-show had gegeven, hadden we het misschien nog gepruimd.

Referentie
R.D.S., Richard in crisis, De Rode Vaan nr.49 van 1982