In 2000 stopte journalist en columnist Johan Anthierens voorgoed met schrijven. En schoppen. Als enfant terrible trapte hij heel zijn leven hard tegen schenen en heilige huisjes. Meer dan twintig jaar na zijn dood maakt journaliste Guinevere Claeys nu een tweedelige portret van hem. ‘Johan Anthierens: niemands meester, niemands knecht’. Een verhaal over schrijven, liefde voor het Nederlands, journalistiek en chanson. (Klara)
Lees verder “Vijf jaar geleden: portret van Johan Anthierens”Tag: Tom Lanoye
35 jaar geleden: première van “Blankenberge”
0m z’n dertigste verjaardag te vieren pakte het Nederlands Toneel Gent 35 jaar geleden uit met een 100% Nederlandstalig repertorium, waaronder de creatie van Blankenberge, het eerste stuk van Tom Lanoye sedert De Canadese Muur.
Martin Carrette (1951-2016)
In Deinze had Gedichtendag tien jaar geleden een treurig kantje. Precies op die dag is daar immers de gewezen stadsdichter Martin Carrette overleden. Carrette overleed thuis na een lange ziekte. Hij was de eerste Deinse stadsdichter van 2010 tot 2014. Carrette had nog plannen om zijn jongste bundel ‘Dubbel spel’ de volgende maand voor te stellen in het Museum voor Deinze en de Leiestreek. De gewezen stadsdichter zou in februari 65 worden.
Lees verder “Martin Carrette (1951-2016)”Veertig jaar geleden: “Een slagerszoon met een brilletje”
Het is vandaag veertig jaar geleden dat in het Gentse Nieuwpoorttheater de première plaatsvond van “Een slagerszoon met een brilletje”, een soloprogramma van Tom Lanoye, gebaseerd op zijn prozadebuut met dezelfde titel dat enkele weken eerder was uitgekomen. Dus hieronder vind je eerst een bespreking van het boek door Johan de Belie en pas daarna van de theatervoorstelling door mezelf.
Veertig jaar geleden: herrie met Jan Lampo
Als ik het over de vader heb, dan moet ik het natuurlijk ook eens over de zoon hebben. Dus na Hubert Lampo, ziehier Jan Lampo (foto Arlette Stubbe), omdat ik uit het bij Hubert Lampo geciteerde artikel ook iets over de zoon zelf wil onthouden, namelijk deze passage: “Toen ik twaalf was, leerde ik mijzelf tikken en schreef een roman (nou ja) van vijftig bladzijden. In volzinnen van vijf regels, hoewel ik mijn vader toen nog niet gelezen had. Dat was dus geen verworven eigenschap.”
Lees verder “Veertig jaar geleden: herrie met Jan Lampo”“Het derde huwelijk” van Tom Lanoye
Een van de eerste recensies van deze zesde roman (*) van Tom Lanoye verscheen in De Morgen op 6 september 2006, geschreven door Jeroen Versteele, waarin het verhaal van Maarten Seebregs — een homoseksuele ex-locatiescout die een schijnhuwelijk aangaat — wordt besproken en de toon en thematiek van de roman worden geschetst. Op diezelfde 6 september 2006 publiceerde Herman Jacobs in Knack een bespreking van Het derde huwelijk met lof voor Lanoyes vertelstijl, zijn humor en tragiek, en hoe hij het verhaal van Maarten tot leven brengt.
Lees verder ““Het derde huwelijk” van Tom Lanoye”25 jaar geleden: “Versmacht in de Nacht”
Miriam Van hee was de enige vrouwelijke dichter in de Groenzaal (foto Johan Martens)
Lees verder “25 jaar geleden: “Versmacht in de Nacht””25 jaar geleden: cultuur in Gent (879)
Nog poëzie, deze keer in de Hotsy Totsy (foto Facebook)
Lees verder “25 jaar geleden: cultuur in Gent (879)”25 jaar geleden: “Versmacht in de Nacht”
“Het ritsprincipe is in de poëzie nog moeilijker te hanteren dan in de politiek,” zei Piet Piryns (foto) heel terecht. Samen met Betty “Schoon ogen die vermeugt” Mellaerts presenteerde hij op zaterdagavond 9 december 2000 in de Gentse Groenzaal “Versmacht in de nacht”: twintig dichters die de twintigste verjaardag van het Poëziecentrum moesten illustreren. Bij die twintig poëten welgeteld één vrouw: Miriam Van Hee, die dan op de koop toe nog bij wijze van spreken naast haar deur optrad. Vier poëtische zangeressen moesten dan maar het evenwicht min of meer herstellen.
Lees verder “25 jaar geleden: “Versmacht in de Nacht””55 jaar geleden: première van “Het Gezag”
Johan de Belie in het “woord vooraf” van zijn toneelstuk “Het Gezag”: “… dat dit stuk geen entertainment is maar een ideeënstuk. Leidende gedachte is het nutteloze, misdadige zelfs van een ongefundeerd gezag. In de slotscène blijkt dat niemand zonder gezag kan leven omdat slechts af en toe een originele geest opduikt, maar dat deze macht op een basis moet rusten die zichzelf kan verantwoorden. Bovendien blijkt ook dat gezag ondraaglijk is voor de machthebber, omdat hij in de fouten vervalt van zijn voorgangers. De idee is op het einde een vraag geworden tot het publiek: wat is gezag? waarop moet het berusten? hoe de machtsdrift tegengaan? (…) Het stuk speelt in geen bepaalde tijd (…) Niemand van de personages speelt een karakter, het zijn symbolen (…) Het was overigens de bedoeling dat werkelijkheid en droom in mekaar zouden vloeien en onafscheidbaar zouden worden (…) Wij verzoeken u daarom rekening te houden met het magisch-realistische aandeel in het stuk.”
Lees verder “55 jaar geleden: première van “Het Gezag””








