Jan Debrouwere (1926-2009)

Jan Debrouwere (1926-2009)

Het is vandaag al tien jaar geleden dat ik een mail ontving van mijn zeer geachte en geliefde confrater Lode Willems met daarin de volgende trieste mededeling: “Toen ik zo’n maand geleden met Jan Debrouwere belde, zei hij me dat hij nog maar eens naar het ziekenhuis moest. Dat was de laatste paar jaren wel al meer gebeurd, zo om het halve jaar, voor een controle. Deze keer kon het wel wat langer duren, vertelde hij me. En ik had niet door dat het ernstiger was. Intussen ben ik trouwens zelf ook nog eens het ziekenhuis ingedoken. Niet voor lang, even naar de spoeddienst cardiologie om mijn op hol geslagen hartpomp te kalmeren, van 211 slagen per minuut tot een rustiger 60. Vorige week liep ik te denken aan Jan, en dat ik hem toch eens zou gaan opzoeken. Maar ik ken mezelf, ik reageer traag. En eens te meer heb ik niet snel genoeg geluisterd naar wat mijn onderbewustzijn me influisterde. Dinsdag kreeg ik een mail: Jan Debrouwere overleed in de nacht van 1 op 2 juni in het Universitair Ziekenhuis van Antwerpen…”
Lees verder “Jan Debrouwere (1926-2009)”

Wie schrijft, vertrekt

87 ward ruyslinckVandaag is het dertig jaar geleden dat mijn laatste artikel voor De Rode Vaan is verschenen. Ik had het de toepasselijke titel “Wie schrijft, vertrekt” gegeven, ook al verzin ik in de inleiding daarvoor een totaal andere reden dan wat het werkelijk betekende. Het klopte overigens ook niet. Het bleek uiteindelijk mijn laatste artikel als vaste redacteur te zijn geworden, want na mijn desastreuze avonturen bij De Batselier bleek ik al vlug weer op de journalistiek aangewezen om aan de kost te komen. Als free-lancer mijn stukken kwijt raken in de burgerpers, zoals wij die kranten en weekbladen destijds noemden in De Rode Vaan, bleek niet zo makkelijk te zijn en al gauw kwam ik alweer bij De Rode Vaan terecht, maar deze keer dus als losse medewerker.
Lees verder “Wie schrijft, vertrekt”

Dertig jaar geleden: Jo Clauwaert verlaat De Rode Vaan

Dertig jaar geleden: Jo Clauwaert verlaat De Rode Vaan

Morgen zal het dertig jaar geleden zijn dat Jo Clauwaert De Rode Vaan heeft verlaten. Dat was dus een maand vóór mij en twee maanden vóór Jan Mestdagh. Wij waren de drie laatste overlevenden na het conflict tussen de partijleiding en de redactie.

Jo Clauwaert is grafisch ontwerper, maar maakte vooral carrière als persfotograaf. Zo was hij tien jaar mijn compagnon bij De Rode Vaan. We stonden al die jaren samen “op de marmer”, zoals de lay-out vroeger werd genoemd, in die tijden die voorafgingen aan de “compunter” (*) en volgden op het zetten in lood. Maar zijn hart lag vooral bij zijn “gitaarklopperkes” (*). Na de breuk met De Rode Vaan ging hij dan ook vooral aan de slag als free-lance fotograaf van rock-sterren.
Jo trouwde met Katrien Devos (de kotmadam) en raakte gefascineerd door de zee. Zo vaart hij de laatste jaren geregeld mee als matroos-fotograaf aan boord van Oostendse visserijschepen. Eerst keek ik een beetje vreemd op van deze nieuwe hobby van Jo, maar na enig nadenken zag ik toch een parallel met de reportages die hij in de tijd van De Rode Vaan met Jos Gavel maakte over de stakende mijnwerkers in Engeland. Jo neemt ons dan ook mee op zee tijdens deze tentoonstelling, die een ode wil zijn aan het leven, de vriendschap, de romantiek, de zee…
Dominique Dierick van De Gentenaar had een gesprek met Jo, waaruit deze fragmenten:
– De stap van de geborgen warmte van een concertzaal naar fotograaf ter woeste zee voor een tochtje van een paar weken lijkt ons geen evidentie. Of toch?
Jo Clauwaert:
‘Zoals iedereen ga ik natuurlijk geregeld al eens naar Oostende, een van de zeldzame écht Belgische steden, nostalgisch ook en een bron van inspiratie voor heel wat kunstenaars. De zaak ging wel pas aan het rollen via een boek van Johan Verminnen, De Laatste Boot. Ik kende Johan al jaren via mijn werk als fotograaf, en hij vroeg me of ik geen zin had om foto’s te maken voor de omslag. We zijn samen op zee geweest met vissersboot O.33, waaraan ik een goed contact met de kapitein overhield. Van het een kwam gewoon het ander. Het is nu dat je zoiets moet doen, over vijftien jaar zijn er misschien geen vissers meer aan onze kust – als het zolang duurt. Het is een harde, gevaarlijke stiel, en de vangstbeperkingen maken het er niet makkelijker op. Er gaat bijna geen dag voorbij of ze krijgen de Engelse of de Franse marine op controle aan boord.’
– Werd je vlot aanvaard op het schip? Tenslotte was je een beetje een indringer met camera in een besloten omgeving.
Jo Clauwaert:
‘Het is een voorrecht om mee te mogen als passagier en zeker als fotograaf. Aanpassen en gewoon een deel worden van het behang is de boodschap. Het loonde meer dan de moeite. Op zee snap je pas echt het belang van wisselend licht voor de fotografie. Ik hield er ook een blijvend en warm contact met de bemanning aan over, ik werd aanvaard. Die mannen zijn in tegenstelling tot wat velen denken ook geen grotere zuipers of hoerenlopers dan de eerste de beste bediende bij het ministerie van financiën, integendeel. Een schip is een bedrijf, groter en met een pak meer verantwoordelijkheid dan de gemiddelde middenstander. Zoiets moet draaien om te overleven. De bemanning kan je nog best vergelijken met een rock’n’rollgroep. Ze moeten perfect samenspelen, en er is er maar eentje de baas: in de muziek de zanger, hier de kapitein.’
– De foto’s van het afscheid van vrouw en kinderen, net voor de afvaart zijn frappant.
Jo Clauwaert:
‘Klopt. De zee blijft onvoorspelbaar, het afscheid is bij vissers altijd zeer intens. Het viel mij op hoe de bemanning steevast hun geliefden in het oog houdt tot ver buiten de havengeul, tot ze onherkenbaar zijn geworden. Zelfde scenario maar dan net omgekeerd bij de terugkomst: iedereen staat te wachten op de kade. Ook mijn vrouw. Dat zorgde voor een moment van wrevel. Iemand van de bemanning had Katrien herkend als de ‘kotmadam’. Ik had hen daar nooit iets over verteld en dat werd me even kwalijk genomen. Een paar handtekeningen van Katrien later was het bijgelegd. Ik kon ze overtuigen dat Katrien Katrien is, en Jo Jo, en dat ik werk en privé liefst gescheiden hou. Daar konden ze mee leven.’
– Krijgen we het geheel van de foto’s ook in Gent te zien?
Jo Clauwaert:
‘Misschien een deel ervan in Galerie Link, opnieuw samen met Brendan Croker, wie weet. Ik denk daarbij in het bijzonder aan de foto’s met de meeuwen of de beweging van de zee, waar wel een reeks inzit.’

Lees verder “Dertig jaar geleden: Jo Clauwaert verlaat De Rode Vaan”

Zestig jaar geleden: De Rode Vaan wordt een weekblad

Zestig jaar geleden: De Rode Vaan wordt een weekblad

Zestig jaar geleden verscheen De Rode Vaan voor het eerst als weekblad. Als dagelijkse krant was het immers niet langer leefbaar.

In januari 1949 werd in De Rode Vaan en de Drapeau Rouge opgeroepen om de communistische pers te steunen. Er was nood aan financiële bijdragen van de diverse afdelingen en partijleden om de nieuwe drukpersen te betalen en de drukkerij te moderniseren.
“Het is met grote vreugde dat de Partij, dat de directie, de administratie en de redactie van De Rode Vaan alle kameraden, alle lezers van De Rode Vaan, hun wensen aanbieden voor het nieuwe jaar. Met des te groter vreugde, omdat het dit jaar kan gebeuren langs de weg van ons blad dat sinds acht dagen op eigen persen wordt gedrukt en dit dank zij de geweldige inspanningen door de vele vrienden van de Kommunistische Pers geleverd […] Daarom zullen alle kameraden het nieuwe jaar inzetten met een gebaar van grenzeloos vertrouwen : ze zullen de Partij 100 frank lenen, opdat De Rode Vaan, haar stem en haar vaandel, over een volledig uitgeruste moderne drukkerij zou beschikken. Opdat ze steeds sterker zou worden!”
De toon van de oproep – eerder een bevel – valt meteen op. Als men bovendien de aankondigingen in de Nederlanstalige Rode Vaan naast die van de Franstalige Drapeau Rouge legt, kan men vaststellen dat de partij er een wedstrijd tussen de diverse federaties van maakte.
Frappant is tevens dat deze oproep slechts twee jaar na het oprichten van la Maison de la Presse –gebeurde, waarvoor de partij in 1947 al eens twee miljoen Belgische frank verzamelde.
Ter gelegenheid van de zestigste verjaardag in 1981 werd er nogmaals een campagne opgestart (geleid door Wim Schamp overigens), die ging onder de slogan “Vitale zestiger zoekt partners van 9 tot 99 jaar“. En daarvoor heb ik in De Rode Vaan een reeks gesprekken gevoerd met mensen die van nabij bij het blad waren betrokken. Dat waren achtereenvolgens Gerard Van Moerkerke, Raymond De Smet, Maarten Thijs, Vic Van Saarloos, Marcel Christiaens, Lode Willems en de toenmalige hoofdredacteur Piet Lampaert. Buiten deze laatste en “buitenbeentje” Lode Willems zijn alle gesprekspartners ondertussen overleden. Het leek me dus een goed idee om deze gesprekken samen te bundelen, met daarbij nog andere interviews die betrekking hadden op de geschiedenis van De Rode Vaan, zoals bijvoorbeeld ter gelegenheid van de pensionering van collega Lode De Pooter (ondertussen helaas ook al overleden). Verder aandacht voor collega’s Jan Mestdagh en Miel Dullaert, fotograaf Jo Clauwaert en drie belangrijke figuren in de geschiedenis van de KPB, maar ook van de RV: Albert De Coninck, Jan Debrouwere en Jef Turf. En natuurlijk besteed ik ook aandacht aan de bekendste RV-redacteur, die echter slechts heel kortstondig is gebleven: Louis Paul Boon. Daarna volgen nog wat losse medewerkers, het jaarlijkse Feest van De Rode Vaan en enkele rubrieken die voor mijzelf van belang waren. De meeste links zullen wellicht niet meer werken (omdat die na vijf jaar telkens worden vernieuwd), maar de gezochte redacteurs of onderwerpen kunnen makkelijk worden opgespeurd via de zoekfunctie (links boven). En indien niet, volstaat het mij een seintje te geven en dan breng ik het wel in orde.
Gerard Van Moerkerke
Raymond De Smet
Louis Paul Boon
Maarten Thijs
Vic Van Saarloos
Jan Debrouwere
Marcel Christiaens
Lode Willems
Piet Lampaert
Jef Turf
Lode De Pooter
Jan Mestdagh
Miel Dullaert
Ludo Loose
Jo Clauwaert
Alfons Goossens
Albert De Coninck
Willy Minnebo
Jan Melicaen
Willy Maijeur
Johan de Belie
Feest van de Rode Vaan
Minibrokjes
Aan den toog
Aan het lijntje
Jaaroverzichten
Scholierenpolls
Markant

Lees verder “Zestig jaar geleden: De Rode Vaan wordt een weekblad”

Dertig jaar geleden hadden wij oog en oor voor…

02 De Rode VaanIk had geen passende illustratie om dit artikel te illustreren, dus grijp ik maar even terug naar de foto van de redactie van De Rode Vaan bij de verhuis naar de Lemonnierlaan in 1981. Het is bedoeld als een soort van uitwuiven, want van de erop afgebeelde redacteurs (v.l.n.r. René en Piet Lampaert, Lode De Pooter, Miel Dullaert, ikzelf en Jan Vermeersch) blijven eind 1988 enkel nog Miel Dullaert en ikzelf over. En in het geval van mezelf: dat zal enkel nog duren tot eind februari 1989. Vanaf dan blijft Miel Dullaert nog als enige over. Hij staat dan wel aan het hoofd van een vernieuwde redactie, die zichzelf in De Rode Vaan nr.52 van 1988 (waaruit dit overzicht komt) wel als volgt aankondigde:
Lees verder “Dertig jaar geleden hadden wij oog en oor voor…”