Veertig jaar geleden: en wie had er mij aangeraden dit hondse baantje aan te nemen? (*)

Veertig jaar geleden: en wie had er mij aangeraden dit hondse baantje aan te nemen? (*)

Een « typisch » toneelweekend. Eerst in Malpertuis-Tielt « Zeepbellen blazen » (“The two-character play”) van Tennessee Williams, waarin we met een krankzinnig (geworden ?) broer en zus worden geconfronteerd, dan in Controverse-Gent « Te meiden » (“Les bonnes”) van Jean Genet, waarin twee meiden een moord op hun « madam » beramen, maar er niet toe komen en ze dus onder elkaar maar « spelen », met kwalijke gevolgen. Indien dit op zichzelf nog geen teken van krankzinnigheid zou zijn (krank betekent eigenlijk « ziek »), dan helpt regisseur Bert Van Tichelen alvast een handje door de drie rollen door mannen te laten vertolken. « Genet zou het liever zo gehad hebben », zegt hij. Nogal wiedes, er wordt anaal gecoïteerd, gemasturbeerd en afgezogen (of toch gedaan alsof) dat het een lieve lust is en Jean Genet is van dat soort vertier, vooral bij mannen dan, nooit erg vies geweest.

Lees verder “Veertig jaar geleden: en wie had er mij aangeraden dit hondse baantje aan te nemen? (*)”

Veertig jaar geleden: brokkelige “Blokken”

Veertig jaar geleden: brokkelige “Blokken”

Ondanks de rode kaart voor theater Poëzien (die met het puur visuele « De feen van Niks » nochtans heeft geprobeerd de kritiek « onvoldoende dramatisering van de gebrachte teksten » in extremis nog te ondervangen) en de ongunstige beoordeling van de KJT-mastodont heeft de Raad van Advies voor Toneelkunst (RAT) zich, zoals enkele weken geleden reeds aangestipt, onverwacht positief uitgelaten over het kinder- en jeugdtheater in Vlaanderen. Dit duidelijk als illustratie van de zegswijze « beter laat dan nooit » want alhoewel het Speeltheater en Stekelbees (beide uit Gent) zeker deze late erkenning verdienen, is het toch de vraag waaraan ze die eer precies nu te danken hebben, nu beide theaters zich juist zijn gaan bezinnen over hun taak en functie, omdat ze zelf inzagen dat ze aan dringend vernieuwing toe waren.

Lees verder “Veertig jaar geleden: brokkelige “Blokken””

Veertig jaar geleden: een stuk tussen twee stoelen

Veertig jaar geleden: een stuk tussen twee stoelen

Wat zijn de moeilijkste stukken om te schrijven ? Zeker niet die van Ionesco of Beckett, noch van Genet of Muller als u het mij vraagt, al zien die er op het eerste gezicht erg « moeilijk » uit. Neen, de meeste inspanning, de meeste omzichtigheid, het meeste inzicht is vereist als men een stuk wil schrijven voor kleuters (tussen 2 en 6 jaar). Het zijn dan ook uitzonderingen die er zich aan wagen.

Lees verder “Veertig jaar geleden: een stuk tussen twee stoelen”

Veertig jaar geleden: als tijgers in een kooi

Veertig jaar geleden: als tijgers in een kooi

Echt aangrijpend kan je de Franse schrijver Octave Mirbeau (1850-1917) niet noemen, maar hij is alvast niet iemand die zichzelf (en/of zijn personages) aan het fatum onderwerpt. Integendeel. Zelf was hij steeds consequent « anti », al bracht hem dat — minder consequent — van uiterst rechtse naar uiterst linkse standpunten. Conservatief monarchist ten tijde van de Derde Republiek evolueerde hij naar het anarchisme toen de republiek zich begon te « settelen » en zijn sterkste aanhang precies bij de rechtse milieus ging vinden.

Lees verder “Veertig jaar geleden: als tijgers in een kooi”

Veertig jaar geleden: “Het rode gras”

Veertig jaar geleden: “Het rode gras”

In het programma gewijd aan Boris Vian kwamen al de facetten van deze eeuwig jonge rebel uitstekend naar boven in deze productie van Theater Poëzien, “Het rode gras”. Met deze autobiografische roman als leidraad heeft Jacky Tummers een programma in elkaar gestoken dat de toeschouwers (en dat zullen dan wel bij voorkeur scholieren uit het hoger middelbaar zijn) laat kennismaken met zowel de vitalistische kracht van Vians poëzie als met zijn bijtend antimilitarisme.

Lees verder “Veertig jaar geleden: “Het rode gras””

575 jaar geleden: oprichting van “De Fonteine”, de oudste rederijkerskamer van Gent

575 jaar geleden: oprichting van “De Fonteine”, de oudste rederijkerskamer van Gent

Rob Ehrenstein laat zijn “theatergeschiedenis der Nederlanden” starten in Gent, in de elfde eeuw. Het betreft namelijk het kerstspel “Ordo stellae” dat wordt toegeschreven aan ene Theodoricus uit de Sint-Pietersabdij (later zou hij abt worden in Sint-Truiden). Het is echter pas in de 15de eeuw dat met het ontstaan van de rederijkerskamers er ook eerste gespecialiseerde schouwburgen komen. Zo ook in Gent, waar de Loofblomme, Iverige Jonckheit, Jhesus met der Balsemblomme, Mariën Theeren, De Fonteine en Broedermin en Taelyver (later bekend onder de meer populaire naam De Melomanen) actief zijn. In het Schepenhuis hadden de achtbare heren schepenen toen immers een ontspanningszaal ingericht die ze de naam “Comediante Caemere” meegaven. Na verloop van tijd mochten ook andere burgers (maar dan toch “burgers”) van het spektakel komen genieten.

Lees verder “575 jaar geleden: oprichting van “De Fonteine”, de oudste rederijkerskamer van Gent”