160 jaar geleden: “Ze herkende Satan in Mefistofeles”

160 jaar geleden: “Ze herkende Satan in Mefistofeles”

Morgen zal het 160 jaar geleden zijn dat in het Parijse Théâtre Lyrique Gounods “Faust” in première ging. Zelf besteed ik op mijn blog aandacht aan “Faust” bij Goethe en bij Charles Gounod, maar hieronder besteed ik even speciaal aandacht aan de rol van de duivel.
Lees verder “160 jaar geleden: “Ze herkende Satan in Mefistofeles””

Eliette Abécassis wordt vijftig…

Eliette Abécassis wordt vijftig…

Morgen wordt de Franse schrijfster Eliette Abécassis vijftig jaar.

Begin 2008 heb ik twee zogenaamde thrillers gelezen over de Dode Zee-rollen, de “dead sea scrolls”, zoals men zegt en die werden ontdekt in 1947: “Het Judas Testament” van Daniel Easterman en “Het Qumran Mysterie” van Eliette Abécassis. Zoals gewoonlijk als ik voor het eerst een boek van een bepaalde auteur lees, haal ik vooraf een tekst van het internet om mijn eigen opmerkingen in een breder kader te kunnen plaatsen. In het geval van Abécassis was de best bruikbare tekst echter in het Frans (uit het magazine “Lire”), vandaar dat ik mijn commentaar dan ook maar in de taal van Molière (al is het bij mij wellicht eerder de taal van Louis de Funès) heb geschreven. Voor wie er tegenop ziet door dat Frans te ploegen, kan ik nu reeds verklappen dat het inderdaad niet de moeite loont. Qua thrillergehalte waren beide boeken een sof, al moet ik wel zeggen dat wie (net zoals ik) de boeken zou willen lezen om op een ontspannen manier wat meer te weten te komen over de Dode Zee-rollen, zich toch beter tot het boek van Abécassis kan wenden. Wat merkwaardig is, want Abécassis is van vorming een filosofe, terwijl Easterman een echte specialist in de materie is…
Eliette Abécassis naît à Strasbourg, dans une famille juive séfarade originaire du Maroc. Son père, Armand Abécassis, professeur de philosophie à la faculté de Bordeaux, est l’un des plus grands penseurs contemporains du judaïsme. Il est l’auteur d’un ouvrage de référence, Pensée juive (éd. Livre de Poche). Profondément pratiquante, Eliette Abécassis évoluera ainsi dans un environnement imprégné de religion et de culture juives. Après avoir suivi les classes préparatoires littéraires – hypokhâgne et khâgne – au lycée Henri IV à Paris et avoir intégré l’école Normale Supérieure de la rue d’Ulm, elle obtient l’agrégation de philosophie en 1993. En 1996 elle publie son premier roman, Qumran, aux éditions Ramsay, la seule maison d’édition à l’avoir accepté. Dans ce soi-disant polar métaphysique, un jeune juif orthodoxe enquête sur des meurtres mystérieux liés à la disparition de manuscrits de la mer Morte. Evidemment, on le compère tout de suite au “Nom de la Rose” de Umberto Eco, juste comme aujourd’hui on laisserait tomber le nom de Dan Brown et son “Da Vinci Code”. Moi-même, je serais plutôt incliné de le comparer à “L’histoire secrète” de Donna Tartt. Juste comme elle, Abécassis se plonge dans l’aventure de l’écriture romanesque avec un roman écrit à la première personne. Et tout comme Tartt elle s’introduit dans un personage masculin, ce qui pose évidemment des problèmes. Surtout l’histoire d’amour frole le ridicule. Enfin, c’est mon opinion, car la majorité a du en penser autre chose, quand on constate que le roman remporte un succès immédiat avec plus de 100 000 exemplaires vendus, et le livre est traduit dans dix-huit langues. En 1997 elle publie “Dans L’Or et la cendre”, son deuxième roman, Eliette Abécassis met en scène le Démon et la contagion du Mal. La même année, elle commence à enseigner la philosophie à la faculté de Caen. En 1998 publication d’un essai sur le mal, Petite Métaphysique du meurtre. Pour écrire le scénario du film israélien d’Amos Gitaï, Kadosh, elle s’installe pendant six mois à Mea Shearim, le quartier ultra-orthodoxe de Jérusalem, où habite aussi Ary Cohen, “l’auteur” (puisque comme je disais le livre est écrit à la première personne) de “Qumran” d’ailleurs. Centré sur la condition de la femme chez les juifs orthodoxes israéliens, le film est sélectionné à Cannes en compétition officielle et manque de peu le prix du scénario. 2000 La Répudiée, roman inspiré de son scénario pour le film Kadosh, trace le portrait de deux sœurs juives aux destins contraires. Mars 2001 Elle reçoit le prix des Ecrivains croyants. Mai 2001 Eliette Abécassis publie “Le Trésor du Temple”, la suite de “Qumran”. Les deux “héros” (!), Ary Cohen et Jane Rogers, y mènent une enquête haletante autour du secret du Temple de Jérusalem. Dans “Le trésor du temple” elle évoque la question du fanatisme musulman à travers une secte. Juin 2001 Elle se marie à Jérusalem. Juillet 2001 Avant-première du court-métrage, La Nuit de noces, qu’elle a réalisé d’après un scénario co-écrit avec Gérard Brach. Elle travaille ensuite au troisième volet de sa série « métaphysique ». 2002 Mon père, édité chez Albin Michel est sur la liste du prix Goncourt et du prix Femina. Son best-seller, Qumran, est décliné en bande dessinée par Gémine et Makyo. Prévue en 4 volumes, cette adaptation est validée par Eliette Abécassis.

Lees verder “Eliette Abécassis wordt vijftig…”

Ross King wordt 55…

Ross King wordt 55…

In februari 2010 heb ik “Het labyrint van de wereld” van Ross King gelezen. Mede dankzij de voorpagina van Mark Fiennes deed het boek (dat in het origineel “Ex-Libris” heet) onweerstaanbaar denken aan de mythische bibliotheek uit Umberto Eco’s “Naam van de roos” en natuurlijk ook het “Kerkhof der vergeten boeken” van Carlos Ruiz Zafon, al dient meteen gezegd dat Zafon zijn boeken van latere datum zijn. Bij de lectuur bleek echter dat er meer overeenkomst was met “Het parfum” van Patrick Süskind of “The Quincunx” van Charles Palliser, zonder evenwel hun literaire talent te evenaren. Ondanks zijn opleiding (zie hieronder in een overname uit Wikipedia) gaat Ross King eerder te werk als een historicus en zolang hij dus feiten en feitjes kan opsommen en ons met deze kennis verbazen, gaat het nog wel (al kan ik me voorstellen dat sommige mensen bij zo’n hoeveelheid van gegevens – “too much information” – afhaken), maar als hij een magisch element in zijn verhaal wil introduceren, b.v. de manier waarop hij in het koffiehuis “De Gouden Hoorn” terecht komt (p.150), dan overspeelt hij zijn hand.
Lees verder “Ross King wordt 55…”

Hans Jakob Christoffel von Grimmelshausen (1621-1676)

Hans Jakob Christoffel von Grimmelshausen (1621-1676)

Het is vandaag 340 jaar geleden dat de Duitse auteur Hans Jacob Christoffel von Grimmelshausen is overleden. Hij is vooral bekend van de schelmenroman “Der Abentheuerliche Simplicissimus Teutsch” uit 1668, dat echter oorspronkelijk is verschenen als zijnde van German Schleifheim von Sulsfort. Pas in de negentiende eeuw kon hij worden thuisgebracht als Hans Jacob Christoffel von Grimmelshausen. Alhoewel het werk geïnspireerd is op zijn eigen avontuurlijk leven (o.a. tijdens de Dertigjarige Oorlog), is het toch meteen ook al een verbastering van het genre, aangezien het toch wel erg moraliserend is, zelfs in religieuze zin (de picareske avonturen zijn een loutering voor de ziel). Die moraliserende invloed wordt steeds sterker naarmate er weer een “sequel” bijkwam (in totaal zes). In die uit 1670 komt o.m. “Die Landstörzerin Courasche” voor, wat Brecht inspireerde tot “Mutter Courage”.
Lees verder “Hans Jakob Christoffel von Grimmelshausen (1621-1676)”

Naakt in Barcelona

franco3050

Vandaag is het veertig jaar geleden dat Generalissimo Francisco Franco y Bahamonde is overleden. Wat gaan we nu krijgen? Alweer een bewijs dat ik opgeschoven ben naar extreem-rechts, zoals een “vriend” (met zulke vrienden heb je geen vijanden meer nodig) me onlangs zei? Uiteraard niet. Eerder integendeel, de dood van Franco en het daarop volgende langzame herstel van de democratie was de aanleiding om op het einde van de jaren zeventig met mijn eerste vrouw op vakantie te gaan aan de noordoostkust van Spanje. Het was zo’n typische strandvakantie-met-twee-kleine-kinderen zodat ik er mij amper nog iets van herinner. Nog een geluk dat ik er destijds in mijn televisierubriekje (!) voor De Voorpost een stuk heb aan gewijd…
Lees verder “Naakt in Barcelona”