Timothy Neill Johnson wordt zestig…

Timothy Neill Johnson wordt zestig…

De Amerikaanse tenor Timothy Neill Johnson werd geboren in Los Angeles, waar hij ook afstudeerde. Dat was dan bij Paul Mayo, Marilyn Savage, Richard McComb en Pollyanne Baxter. Sedert enige tijd woont hij echter in ons land (Antwerpen), waar hij les volgt bij Liane Jespers. Op die manier trad hij reeds op met het BRTN-koor, met Il Fondamento, het Collegium Instrumentale Brugense, Ex Tempore, het koor van La Petite Bande en het Collegium Vocale. Veel oude muziek dus (al zou iemand hem eens moeten vertellen dat “renaissance” met één n en twee s’en schrijft en niet omgekeerd), maar hij zingt ook jazz en blues, waarbij hij er niet voor terugschrikt om ook achter de drums te kruipen. Dat deed hij echter niet op 4 februari 1994 in de Rode Pomp, want daar zong hij liederen van Franz Liszt. Hij werd daarbij begeleid door Erik Van Balen.

25 jaar geleden: Georges-Henri-Ganapati Moncoq in De Rode Pomp

25 jaar geleden: Georges-Henri-Ganapati  Moncoq in De Rode Pomp

Georges-Henri-Ganapati Moncoq is een pianist, geboren in Marseille, maar afkomstig uit La Martinique. Reeds op vierjarige leeftijd begint hij piano te spelen in Parijs bij Henri Barda. Vanaf zeven jaar is hij “autodidact”, waarbij hij zich vooral inspireert op zijn grote voorbeelden: Horowitz, Richter en Arrau. Op 18 jaar beschouwt hij zichzelf als “afgestudeerd”. Zijn repertoire is in hoofdzaak romantisch, maar toch gaat zijn voorkeur uit naar Mozart en Debussy. Op 11 februari 1994 was hij te gast in de Rode Pomp, waar hij in het kader van het Hongaarse festival pianowerk van Franz Liszt vertolkte. Later op het jaar zou hij er nog eens terugkeren, deze keer met een programma van Mozart-sonates.

Referentie
Ronny De Schepper, Moncoq brengt Mozart-sonates in Rode Pomp, Het Laatste Nieuws, 16 september 1994

Ignacy Jan Paderewski (1860-1941)

Ignacy Jan Paderewski (1860-1941)

Het is vandaag precies honderd jaar geleden dat het Verdrag van Versailles werd ondertekend, waarmee er ook officieel een einde kwam aan de Eerste Wereldoorlog (maar in zich al de kiemen droeg voor de Tweede). Polen werd bij deze onderhandelingen vertegenwoordigd door… een klassieke pianist!

Ignacy Jan Paderewski was na Franz Liszt de populairste pianist aller tijden en tenminste even gek als Jerry Lee Lewis. De vrouwen gedroegen zich bij hem als rasechte groepies. In 1919 werd hij door generaal Pilsudski tot eerste minister en minister van buitenlandse zaken gebombardeerd, om de aandacht van het volk van het socialisme af te leiden. In die functie lag hij tijdens het Verdrag van Versailles mede aan de basis van de onafhankelijkheid van Polen. Hij was autodidact en bepaalde fouten konden zelfs door zijn beroemde leraar Theodor Leschetizky nooit uitgeroeid worden. Om het zoals Harold C.Schonberg te zeggen: “Terwijl zijn concurrenten zijn gemiste noten telden, telde hij zijn dollars.

Twintig jaar geleden: cultuur in Gent

Twintig jaar geleden: cultuur in Gent

La passion nouvelle est arrivée! Jazeker, we hebben reeds een paar Bach-oratoria achter de rug, maar de paastijd komt in Gent toch maar echt tot haar recht met het « Passieverhaal volgens Mattheus » van « onze eigen » Norbert Rousseau. Voor de vierde keer brengt het Goeyvaerts Consort vanavond dit oratorium in de kapel van het Seminarie op de Reep. In het het voorprogramma heeft men voor « Via crucis » van Liszt gekozen, terwijl men volgende week in Haarlem het « Stabat mater » van Arvo Pärt zal brengen. Misschien hadden sommige Gentenaars toch deze combinatie verkozen? ★ Het tweede lunchconcert in de reeks « Onmogelijke liefdes » in de opera wordt verzorgd door tenor Henk Vonk, die liederen brengt van Richard Wagner en Louis Spohr. Hij wordt begeleid door Thijs Verschoor aan de piano en Ann Vancoillie op viool. ★ And now for something completely different! Nee, Monty Python staat (nog) niet op het menu van de Melomanen, maar wel « Chapter Two » van Neil Simon (foto YouTube). Vanavond is het première in Auditorium 61 (Onderbergen), maar er zijn nog voorstellingen morgen en overmorgen. (HLN, 3/4/1998)

Francesco Petrarca (1304-1374)

Francesco Petrarca (1304-1374)

Vandaag is het zowat 680 jaar geleden dat de Italiaanse poëet Francesco Petrarca als allereerste bergkoning van de Mont Ventoux werd gekroond. Te voet dan nog wel, want meer dan een bergpad (en dan nog) was er in die tijd niet te vinden op de kale berg…

Alcide herdenkt deze dag zelfs als “la naissance de l’alpinisme”: “Dans une lettre à son ami Francesco Dionigi, Pétrarque prétendit avoir gravi le Mont Ventoux. L’excursion aurait eu lieu le 26 avril 1336, et Pétrarque aurait été accompagné de son frère et de deux amis. Toutefois de sérieux doutes ont été émis quant à la réalité de cet épisode. L’anecdote donne toutefois une « date de naissance » à l’alpinisme, Pétrarque serait alors (Petrarca alpinista) le « père de l’alpinisme ». Il passa la dernière partie de sa vie à voyager dans l’Italie du nord comme érudit international et un voyageur renommé.”
De beklimming van de Mont Ventoux door Petrarca is dan ook iets waar ik lang naar heb gezocht, maar toen ik het uiteindelijk in handen kreeg dankzij de bundel “De Provence, reisverhalen” (Atlas, 2001), bleek het zeer saai te zijn.

Commissaris Schilders raadt in zijn Monieux-brochure een bezoek aan la FONTAINE DE VAUCLUSE met zijn bron en kasteel aan. Het zou de plaats waar Petrarca zich bij voorkeur afzonderde om te dromen (en zuchten) over zijn Laura die op het nabije kasteel van SAUMANE zou verbleven hebben. Volgens A.S.Byatt was dit Laure de Sade, die gehuwd was met Hugo de Sade, een voorvader van de beruchte markies (“Obsessie”, p.162), al moet men wel oppassen met dit boek dat bol staat van literaire Spielereien…
Petrarca’s poëzie geldt wel als een hoogtepunt van de renaissance en werd later o.m. op muziek gezet door “onze” Adriaan Willaert en door Franz Liszt, waarbij als merkwaardigheid kan worden genoteerd dat diens toonzetting van sonnet 123 zowaar overeenkomsten vertoond met “Intimiteit” van en door Raymond Van het Groenewoud.
Wie meer wil lezen over de Italiaanse renaissance kan ook terecht bij mijn interview met Frans Denissen.

Lees verder “Francesco Petrarca (1304-1374)”

Twintig jaar geleden: Zita Börcsök in de Rode Pomp

Twintig jaar geleden: Zita Börcsök in de Rode Pomp

Zita Börcsök is een graag geziene gaste in de Rode Pomp. Nadat ze reeds instond voor het Hongaarse festival, was ze de bezielster van een Brahms-avond, die vooral in het teken stond van zijn liederen en zijn werk voor piano vierhandig. Voor de liederen staat Zita als lyrische sopraan die haar opleiding genoot aan de Franz Liszt-academie te Budapest, waar ze o.a. les volgde bij György Kurtàg, zelf in, naast de alt Lary Turner, de tenor Tim Neill-Johnson en de bas Bart Vandeweghe. Ze worden begeleid door de pianisten Laurence Mekhitarian en Colette Orloff, die samen dan ook vierhandig aan de slag gaan.

Referentie
DSRG, Liszt-recital in de Rode Pomp, Het Laatste Nieuws 3 februari 1994