Richard Wagner (1813-1883)
Vandaag is het precies tweehonderd jaar geleden dat de Duitse componist Richard Wagner werd geboren.
Lees verder…
Ray Manzarek (1939-2013)
Ray Manzarek , de toetsenist die in 1965 samen met Jim Morrison The Doors oprichtte, is maandag op 74-jarige leeftijd overleden. Manzarek verloor de strijd tegen kanker. Eind 1978 heb ik hem (en de overige Doors, maar dus uiteraard niet frontman Jim Morrison die toen al zeven jaar overleden was) geïnterviewd in het Brusselse Hotel Amigo. Hij was toen zo stoned als maar kan zijn en toen hij hoorde dat ik van De Rode Vaan was, probeerde hij mij ervan te overtuigen dat hij ook een communist was.
Lees verder…
Johan Van Weerst (1951-1998)
Vandaag is het al vijftien jaar geleden dat de Gentse cellist en componist Johan Van Weerst is overleden. Zijn overlijden heb ik destijds wel via een vreemde omweg vernomen…
Lees verder…
Bert André (1941-2008)
Vandaag is het alweer vijf jaar geleden dat acteur Bert André is overleden. Hij was net geen 67 jaar oud. Helaas ken ik de man niet genoeg om er een lange bijdrage aan te wijden. Maar ik kan wel verwijzen naar een recensie van een stuk van Theater Antigone (“Nonkel” naar “Oom Wanja” van Anton Tsjechov) en er is toch een komisch voorval dat ik zeker moet vertellen. Op een dag stappen Bert en regisseur Walter Tillemans een zaak van ijzerwaren binnen en Tillemans vraagt aan de winkelierster of ze geen “vergiet” heeft (*). Jazeker en zij overhandigt het keukenmateriaal aan Tillemans. Deze geeft het op zijn beurt aan Bert André en zegt: ginds is er een spiegel, zet het eens op en ga kijken of het je staat. Je moet je dan het gezicht van de winkelierster voorstellen. Kan zij immers weten dat de twee een productie van Shakespeares “Midsummernight’s dream” voorbereiden, waarbij Bert één van de halfgare toneelspelers moet spelen (the play within the play)?
Al was ik er niet bij, toch kan ik mij dit toneeltje zo voor de geest halen. Bijna even duidelijk en scherp als de fameuze “buurman, wat doet u nu?”-scène uit de film “Flodder”, waarin Bert met zijn handen als kolenschuppen in de weelderige boezem van Tatjana Simic mag graaien.
Maar als Bert André me met één voorstelling bijblijft, dan is het wel het solostuk “De contrabas”, geschreven door Patrick “Het Parfum” Susskind. In een intieme voorstelling in Arca heeft hij me dan bijna tot tranen toe kunnen ontroeren.
Bert André werd geboren in Maastricht, waar hij een diploma haalde voor onderwijzer, maar zijn loopbaan begon in 1964 toen hij naar Antwerpen uitweek. Daar studeerde hij in wat later de Studio Herman Teirlinck zou worden. In zijn jaar zaten ook nog Jan Decleir en Mike Verdrengh. Hij huwde met de Antwerpse actrice Mieke Verheyden en werd de vader van actrice Sandrine André.
Ronny De Schepper
(*) Ik blijf het een geweldige anekdote vinden, ook al is ze ondertussen een beetje getemperd na het lezen van een boek van Willem Frederik Hermans, waaruit blijkt dat de Nederlandse regering – in alle ernst! – de bewoners bij de aanvang van de Tweede Wereldoorlog aanspoorde een vergiet op het hoofd te dragen tegen de Duitse bombardementen. (Willem Frederik Hermans, Herinneringen van een engelbewaarder, Amsterdam, De Bezige Bij, editie 1985, p.220)
Grace Jones wordt 65…
« Muziek is een onderdeel van een visie op kunst, is een fragment van een veel breder concept. Mijn muziek bereikt pas echt haar doel in combinatie met mijn uiterlijk, mijn kleding, de hoezen van m’n platen, de vormgeving van m’n shows ». Aan het woord is Grace Jones, de Marlene Dietrich van de jaren ’80. Zwart in plaats van Arisch, disco in plaats van Lieder, maar nog steeds erg koel en toch « von Kopf bis Fuss auf Liebe eingestellt ».
Lees verder…
Georges Simenon (1903-1989)
Vandaag is het 35 jaar geleden dat Mary-Jo Simenon, de dochter van de bekende auteur Georges Simenon, zelfmoord heeft gepleegd.
Lees verder…
Charles Trenet (1913-2001)
De Franse chansonnier Charles Trenet werd vandaag precies honderd jaar geleden geboren als zoon van een notaris uit Narbonne. Hij kwam al vroeg met kunst in contact, mede omdat hij vanwege een ziekte lange tijd thuis moest blijven. In 1928 volgde hij zijn moeder naar Berlijn en daar kwam hij in aanraking met theater en poëzie. In de jaren dertig studeerde hij in Parijs architectuur en vormgeving. Daar ontmoette hij swing-pianist Johnny Hess en het duo Charles and Johnny werd succesvol met hits als Quand les beaux jours seront là en Sur le Yang Tsé Kiang.
In 1936 werd Trenet opgeroepen voor de dienstplicht en het duo viel uit elkaar. Tijdens zijn militaire dienst schreef hij zijn eerste succesnummers Je chante en Y’a d’la joie, een grote hit voor Maurice Chevalier.
Tijdens de Duitse bezetting speelde Trenet in enkele films. Ook bleef bleef hij optreden, voornamelijk voor Duitse soldaten en Franse krijgsgevangenen in Duitsland. Dat werd hem niet in dank afgenomen. Mogelijk is zijn opstelling ingegeven door het feit dat Trenet als homoseksueel gevaar liep te worden gedeporteerd en er geruchten over een Joodse afkomst de ronde deden.
Na de oorlog vertrok Trenet naar de Verenigde Staten, waar hij snel een succes werd in New York. In september 1951 keerde hij terug naar Frankrijk. Daar trad hij onafgebroken op, maar in de jaren zestig ging het niet goed met zijn carrière. In 1975 nam hij voor het eerst afscheid van de muziek.
In 1981 maakte Trenet een sterke comeback met een nieuw album. In de jaren daarop gaf hij in en buiten Frankrijk vele concerten, waaronder een serie afscheidsconcerten in het Palais des Congrès in Parijs in 1986. Maar wederom was het geen definitief afscheid. In 1999 keerde hij weer terug met het album Les poètes descendent dans la rue.
In april 2000 werd Trenet opgenomen in het ziekenhuis na een beroerte. Hij herstelde nog om de generale repetitie van Charles Aznavours show in het Palais des Congrès in Cannes op 25 oktober bij te wonen. Dit was zijn laatste publieke optreden. Charles Trenet overleed op 87-jarige leeftijd in het Henri Mondorziekenhuis in de Parijse voorstad Créteil aan een hersenbloeding. Hij werd gecremeerd in het crematorium van de Parijse begraafplaats Père Lachaise. (Wikipedia)