De geschiedenis van de Muntschouwburg
In 1650 was waarschijnlijk de eerste opera te horen in Brussel. Ter gelegenheid van het huwelijk van Filips IV van Spanje en Maria Anna van Oostenrijk werd toen “Ulisse all’isola di Circe” van Gioseffo Zamponi uitgevoerd.
In 1694 werd het eerste privé-operatheater geopend in Brussel op de Hooikaai, een samenwerking van Giovanni Paolo Bombarda, de Italiaanse schatbewaarder van onze landvoogd, de Beierse keurvorst Maximiliaan Emmanuel, en de Venetiaanse componist Pietro Antonio Fiocco. Dit was dus nog niet de Munt, die werd pas zes jaar later door het gezelschap geleid door Bombarda geopend met “Atys” van Lully.
Lees verder…
Ernst Lubitsch (1892-1947)
Morgen zal het precies 120 jaar geleden zijn dat Ernst Lubitsch werd geboren in een gezin van Joodse kleermakers. Op de middelbare school kwam hij voor het eerst in aanraking met het theater. Oorspronkelijk zou hij bij zijn ouders in het familiebedrijfje gaan werken, maar Lubitsch wilde liever in het theater spelen. Op zestienjarige leeftijd stopte hij met school en werd hij overdag boekhouder bij het familiebedrijfje, om ‘s avonds en ‘s nachts te spelen in cabarets en variété-theaters. In 1911 werd hij als acteur lid van het Deutsches Theater van Max Reinhardt, waar hij zich snel ontwikkelde van kleine bijrollen tot grote hoofdrollen. Een jaar later nam hij een bijbaantje als klusjesman bij de Berlijnse Bioscope filmstudio. Datzelfde jaar maakte hij zijn filmdebuut, eerst als acteur in komedies en vanaf 1914 vooral als regisseur.
Lees verder…
Lewis Carroll 180 jaar geleden geboren
Vandaag is het precies 180 jaar geleden dat Charles Dodgson (27/1/1832-14/1/1898) werd geboren. Deze crabby Oxford don, auteur van een gecensureerde versie van Shakespeare (die echter nooit is verschenen), is beter bekend onder de naam Lewis Carroll (*), al heeft-ie zelf z’n hele leven lang ontkend iets met “die man” te maken hebben gehad.
Lees verder…
Kameropera Transparant
Kameropera Transparant is in 1987 ontstaan uit de hervormde Vlaamse Kameropera uit Antwerpen. Tussen 1990 en 1996 heb ik een paar nota’s over hun producties bijgehouden.
Lees verder…
“Verdiende financiële zuurstof voor het Ballet van Vlaanderen”
De diamantsector staat de laatste tijd in een slecht daglicht. Daar moet iets aan gedaan worden, heeft men blijkbaar gedacht. En de keuze is gevallen op het Ballet van Vlaanderen, van oudsher verankerd in Antwerpen. Lex Moolenaar, “senior writer” van de Gazet van Antwerpen, wijdde er op 19 januari jl. zijn “standpunt” aan: “Vandaag kondigen het Ballet van Vlaanderen en de Beurs voor Diamanthandel een nieuwe structurele samenwerking aan. De Beurs gaat het Ballet dit jaar ondersteunen met een bedrag van 25.000 euro, er komt een gezamenlijk logo en er zijn plannen voor onder meer een exclusief juweel en een fotoboek.
Het is hartverwarmend dat twee authentieke Antwerpse instellingen zich met elkaar verbinden in dit partnership. De Beurs voor Diamanthandel is al sinds 1904 een van de belangrijkste spelers op de markt voor geslepen diamant. Voor het eerst engageert het huis zich nu ook in het cultuurleven. Dat verdient applaus.
Voor het Ballet betekent dit een grote opsteker. Het cultuurhuis dat in 1969 is opgericht door Jeanne Brabants, presteert de jongste jaren onder artistiek directeur Kathryn Bennetts op een bijzonder hoog niveau, maar zakelijk leider Chantal Pauwels heeft het moeilijk om financieel de eindjes aan elkaar te knopen. Het is niet evident om het Ballet met 52 dansers uit 16 landen uit de rode cijfers te houden. De overheid levert weliswaar haar bijdrage, maar 5,7 miljoen is geen vetpot als je bedenkt dat bijvoorbeeld het Nationale Ballet in Nederland meer dan het dubbele ontvangt.
Aan gebrek aan belangstelling ligt het niet. Voor de herneming van de voorstelling van Doornroosje in de Stadsschouwburg zijn al 13.000 tickets verkocht, een bezettingsgraad van 93 procent voor de tien voorstellingen. Dat is ook geen wonder, want met dansers als Wim Vanlessen en Aki Saito levert het Ballet van Vlaanderen absolute topkwaliteit die overal ter wereld hoog wordt gewaardeerd.
Helaas leven we in het tijdperk van de kaasschaaf, waarin culturele instellingen niet mogen rekenen op de overheid als wilde weldoener, maar veeleer als een strenge rentmeester die voortdurend nadenkt over nieuwe herstructureringen die de kosten kunnen drukken.
Het Ballet van Vlaanderen en de Beurs voor Diamanthandel hebben enkele belangrijke kenmerken gemeen: niveau, vakmanschap en passie. Het bewerken van een ruwe diamant tot een juweel is goed te vergelijken met het traject dat een jonge danser aflegt om uit te groeien tot, een topper. Daarom begrijp ik heel goed waarom de beide instellingen elkaar hebben gevonden. Laten we hopen dat dit initiatief navolging krijgt, want het Ballet verdient het.”
Lees verder…
Diane De Ghouy (1922-2006)
Morgen zal het reeds zes jaar geleden zijn dat de Gentse “theaterdiva” Diane De Ghouy is overleden. Ze werd geboren op 26 mei 1922 en debuteerde tijdens de Tweede Wereldoorlog in de Gentse KNS. Nadien stapte ze over naar KNS-Antwerpen om uiteindelijk bij het Dramatisch Gezelschap van het NIR (de latere BRT, BRTN of VRT) te belanden, waar ze haar hele loopbaan zou slijten. Als hoorspelactrice was ze onder andere te horen in Een geluk dat we geld hebben (Kirsti Hakkarainen – Jos Joos, 1969), Tobias of het einde van de angst (Marie Luise Kaschnitz – Walter Eysselinck, 1970), Kaïn die van nergens kwam (Charles Pascarel – Jos Joos, 1970), Bösendorfer (Ferenc Kárinthy – Herman Niels, 1972), Verloop van een ziekte (Klas Ewert Everwyn – Herman Niels, 1978) en Gedachten aan moord (Paul Barz – Jos Joos, 1979). In 1967 speelde ze eveneens de rol van Emma Donders in de BRT-jeugdserie Midas. Dat belette uiteraard niet dat ze als gastactrice nog vaak in Gent was te zien, zo o.a. in het Nieuwe Nederlands Toneel, Toneelstudio 50, NTG, Arena, Vertikaal, het Multatulitheater, het Van Crombrugghe-Genootschap en Arca. Ook op pedagogisch vlak was ze in Gent actief. Zo doceerde ze kostuumgeschiedenis aan de Toneelschool, het Conservatorium en de Academie van Gentbrugge. Tot haar leerlingen behoorden Jo De Meyere, Jef Demedts, Hugo Van den Berghe, Machteld Ramoudt en Blanca Heirman. Zij stond ook aan de wieg van het Jeugdtheater SOL, eerst in de Van Crombrugghe-zaal, later in de KNS. De poëzie lag haar eveneens nauw aan het hart, wat blijkt uit haar engagement in de Dr.De Gruyter-voordrachtwedstrijd en de Poëziedagen van Basil De Craene. Ze overleed in Gent op 26 januari 2006.
A.C.W.Staring (1767-1840)
Morgen zal het precies 245 jaar geleden zijn Anthony Christiaan Winand Staring werd geboren. Staring was een romantische dichter in hart en nieren. Zijn romantische inslag betrof zowel hetgeen waarover hij schreef (legenden, beschrijvingen van de natuur) als de wijze waarop hij dat deed (gevoelig en humoristisch). Veel waardering ondervond hij echter niet.
Staring was een rasechte Achterhoeker. Alhoewel geboren in Gendringen op 24 januari 1767 bracht hij zijn jeugdjaren in het Zuid-Hollandse Gouderak en in Gouda door. Zijn vader was in dienst van de VOC uitgezonden naar Kaap de Goede Hoop. De zesjarige Anthony (zie afbeelding) werd ondergebracht bij zijn oom, de weduwnaar Jacob Gerard Staringh, die predikant in Gouderak was. Na de Latijnse school te hebben gevolgd vertrok hij in 1783 uit Gouda om te gaan studeren. Hij volgde opleidingen aan de Universiteit van Harderwijk (rechten) en in Göttingen (botanie) om zich voor te bereiden op het beheer van zijn landgoed en Kasteel De Wildenborch, waar hij zich in 1791 blijvend vestigde. De manier waarop hij het landgoed exploiteerde was voor die tijd zeer bijzonder. De ‘landman’ Staring had oog voor de natuur, maar ook voor de noden van de mensheid. Zo liet hij op De Wildenborch een school bouwen, waar kinderen van boeren en landarbeiders onderwijs genoten. Hij stierf ook op zijn eigen landgoed op 18 augustus 1840.
(Met dank aan Wikipedia en Gaston D’haese)
Lees verder…
Ulla Werbrouck wordt veertig
Morgen wordt Ulla Werbrouck veertig jaar. Toen ze amper negentien was, ben ik haar nog gaan interviewen in haar ouderlijk huis in Izegem. Dat was ter gelegenheid van de toekenning van het Vlaamse Sportjuweel. Je zal echter merken dat de inleiding later herwerkt is, want ik citeer een krant uit 1999…
Lees verder…
Rita Gorr overleden
Zopas hoor ik op Klara (voor één keer dat ik eens niet naar Spotify luister) dat de Gentse operazangeres Rita Gorr is overleden. Ze zou volgende maand 86 geworden zijn. Op 8 juli 2007 nam ze afscheid in de Gentse opera. Met de laatste voorstelling van “Schoppenvrouw” van Tsjaikovski heeft ze een streep getrokken onder een carrière die haar meer dan een halve eeuw op alle belangrijke operascènes ter wereld heeft gebracht.
De mezzo-sopraan Marguerite Geirnaert (°Zelzate, 1926) is in de jaren vijftig en zestig vooral bekend geworden in opera’s van Richard Wagner, maar ze is b.v. ook een van de meest vooraanstaande Dalilah-vertolksters. Deze rol is immers zowat het hoogtepunt van een mezzo-carrière. Volgens Marc Clémeur, de intendant van de Vlaamse Opera, is ze misschien het grootste operatalent dat ons land ooit heeft voortgebracht. Hij haalde haar in 1999, dus op 73-jarige leeftijd, dan ook terug naar Gent voor (toen reeds) “Schoppenvrouw” van Tsjaikovski. Nadien werd ze gehuldigd tijdens het jaarlijkse nieuwjaarsconcert. Ze woonde op dat moment in het zuiden van Spanje, maar bij die gelegenheid verbleef ze in Gent in een studio op de Galgenberg, waar ik haar heb ontmoet.
Lees verder…
Pierre Beaumarchais (1732-1799)
Morgen zal het precies 280 jaar geleden zijn dat Pierre-Augustin Caron de Beaumarchais werd geboren. We kennen hem allemaal als een satirisch auteur, maar in eerste instantie is hij beroemd door zijn avontuurlijke levenswandel. Als zoon van een horlogemaker verliet hij al snel het ouderlijk huis om zich in allerlei bezigheden te storten. Zo was hij musicus en leraar harp van de zussen van Lodewijk XVI. In 1764 begeleidde hij zijn zus naar Spanje waar zij werd verleid en in de steek gelaten door een zekere Clavijo. Hij verwerkte deze gebeurtenis in het toneelstuk Eugénie (1767).
Lees verder…