Het hoekje van Opa Adhemar (86)

Het hoekje van Opa Adhemar (86)

Voor de ene is het ‘mossel noch vis’, de andere betitelt het als ‘eten en drinken’. Twee heel tegengestelde opinies en waarderingen. Zelf herinner ik me dat ik telkens ik enig symptoom van verkoudheid, grieperige toestand of lichte koorts vertoonde, werd bestookt met een kop dampende kippensoep (foto RedWordSmith via Wikipedia). Die zou mirakelen verrichten, mij krachten verlenen, de boze kwaal uit mijn prille kinderlijf verjagen. Het was zoiets als moederzalf. Of het ooit geholpen heeft? In ieder geval heb ik de verkoudheden en de soep waar de vetogen op dreven telkens overleefd.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (86)”

Het hoekje van Opa Adhemar (85)

Het hoekje van Opa Adhemar (85)

Het leven zit vol tegenstrijdigheden. Zo zit ik met een huizenhoge contradictie opgescheept. Ik ben dol op de film. De film als medium, het meer technische aspect. Maar ook om van te genieten, om in onder te duiken, eventjes weg te zijn van de wereld, te genieten, me te laten meeslepen, ontroerd te worden, te huiveren… wat dan ook, geëmotioneerd te worden door wat mij op het scherm voorgetoverd wordt. Een contradictie? Wel ja, ik zet al jarenlang geen voet meer in een filmzaal en kijk ook nog zelden op een andere wijze naar een rolprent.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (85)”

Het hoekje van Opa Adhemar (84)

Het hoekje van Opa Adhemar (84)

Met de bergen heb ik nooit een liefdevolle relatie gehad. Mijn eerste kennismaking zal veeleer vlak geweest zijn, heel vlak. Op papier. Via wat men zichtkaarten noemde, een lelijke term vond ik altijd. Het kon nog erger: aanzichtkaarten, afgeleid van het Duits. Bizar genoeg zijn zowel zichtkaart als de afgeleide ansichtkaart door onze Taalunie goedgekeurd. Ik hou het dan toch liever bij de mondvolle prentbriefkaart.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (84)”

Het hoekje van Opa Adhemar (82)

Het hoekje van Opa Adhemar (82)

Verloren brood, gewonnen brood, wentelteefje… hoe je het ook wenst te noemen, het is in veel gezinnen een gegeerde lekkernij. Een snel alternatief voor een pannenkoek. En een mooie oplossing voor de restanten brood die anders zouden weggegooid worden nu niet iedereen nog een roedel kippen onder zijn dak koestert om hen dat oudbakken spul te voederen in ruil voor kakelverse eieren. Ik lust er ook wel pap van beken ik, met kristalsuiker of met de befaamde ‘kinnekessuiker’. De kleinkinderen waagden al eens experimenten met kandij- of met chocoladesaus, hoe zoeter hoe liever!

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (82)”

Het hoekje van Opa Adhemar (81)

Het hoekje van Opa Adhemar (81)

‘Of ik niet een hondje zou willen? Dat is toch leuk, nu je alleen bent. Als gezelschap.’ Een hond! Nee, wat moet ik met zo’n beest. Het tweemaal daags uitlaten. Eten geven. ‘Nu ja, gaan wandelen, kom je nog eens buiten. En dat is dikwijls een aanleiding tot contact, dan heb je al eens aanspraak.’ Fijn, sociaal wezen met de hond als bindmiddel. Hondenliefhebbers onder elkaar. Over koetjes en kalfjes praten met onbekenden, dat is nu net wat ik nodig heb! Je kent mij. Ik en blabla… Nee dank je.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (81)”

Het hoekje van Opa Adhemar (80)

Het hoekje van Opa Adhemar (80)

Je hoort het niet zo vaak meer, logisch vermits het al zo’n oud nummer is, maar vanochtend werd het dan toch nog eens gedraaid. Zodat het via Radio 2 en mijn boxen de huiskamer binnenkwam. Ik werd in de tijd gekatapulteerd. Het is de eerste herinnering die ik aan mijn broer overhou. Heel vreemd vermits ik toen toch al negen jaar was. Alleen te verklaren door het feit dat hij in het gezin vooral een afwezige was vermoed ik.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (80)”

Het hoekje van Opa Adhemar (78)

Het hoekje van Opa Adhemar (78)

Achter het zware donkerrode gordijn klinkt gedempt geroezemoes, gefluister, gekuch door. Het geschuifel van voetstappen ook. Ik hou de adem in, luister. Herken ik een stem, een hoest. Voorzichtig tracht ik door een kier te gluren of ik ergens een gelaat herken. Trek me terug. Neem alvast mijn plaats in. Hoor de derde maal de bel klinken ergens in de gangen van het gebouw. De anderen voegen zich bij mij nu, in stilte. Nee, er wordt nog vlug gefluisterd “toi toi”. Het zwakke podiumlicht dooft – duisternis; nog alleen een smalle streep gluurt vanonder het gordijn. Tot ook de zaal in het donker duikt en alle geluiden ook daar verstommen. Mijn keel, mijn droge mond, mijn maag, mijn lichaam zindert.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (78)”

Het hoekje van Opa Adhemar (77)

Het hoekje van Opa Adhemar (77)

Het is boeiend, flitsend, interessant, leerrijk. Geen ander programma in het zo versufte, duffe aanbod kan er aan tippen. Men zou mogen stellen dat ik verslaafd ben. Het is betreurenswaard dat het zich steeds slechts aandient in blokken van drie of vier, soms hooguit vijf minuten. Dan ben ik opnieuw gedwongen gedurende soms wel een halfuur lijdzaam een of ander zich toevallig aandienend onding te ondergaan dat een producer of programmasamensteller voor de goegemeente selecteerde. Een ongeloofwaardige film, romantiek. Of erger nog, zo’n soap die de werkelijkheid zou imiteren. Een spelprogramma, een quiz met de meest onnozele vragen die een kind van vijf weet te beantwoorden. Een documentaire over koraalriffen die ten dode opgeschreven zijn, over uitstervende diersoorten die gered worden in een zoo in Australië, of de 1.364ste docu over WOII. Wie heeft daar een boodschap aan. Rommel. Het kan erger: nieuws, discussie- en voorlichtingsprogramma’s, talkshows… blabla die naar café verbannen dient te worden. Nee, het enige dat werkelijk enige opvoedende waarde bezit, bekijken waard is op de televisie, ik breek er meer dan één lans voor: het is de reclame.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (77)”