Het hoekje van Opa Adhemar (46)

Het hoekje van Opa Adhemar (46)

Gewekt door die meer dan irritante stoomfluit van de op een afstand van 900 meters gelegen – in vogelvlucht (en meer hoeft het geluid niet te overbruggen!) – fabriek. Vijf voor halfacht. In mijn halfslaap dringt het besef door: blijf maar wakker want dit is slechts de eerste oproep: de verwittiging ‘rep jullie’. Over vijf minuten toetert dat verdomde ding weer: opdat ik nog eens twintig centimeters hoog boven mijn matras opschrik en de arbeiders weten dat ze aan de slag moeten.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (46)”

Het hoekje van Opa Adhemar (45)

Het hoekje van Opa Adhemar (45)

Stel me de vraag of en hoe onze voorvaderen in de prehistorie hun voedsel bewaarden. Of moesten ze van dag tot dag leven, zorgen opdat er toch ongeveer dagelijks iets vers te knabbelen was? Voortdurend op jacht, achter al dat wild ongedierte, dino’s en mammoeten aan met stenen en pijlen; of vissen. En de vegetariërs (die zullen wel nog een te verwaarlozen minderheid geweest zijn) bessen plukken in bos en hei en high worden dankzij de paddo’s. Mogelijk slaagden ze er in de bilstukken tyrannosaurus enkele dagen schimmelvrij te houden in een koel hoekje van de grot. Of stond er een ingenieur op die ook hobbykok was en die ontdekte dat je een en ander kon drogen in de zon en boven het vuur – zodat hij etiketten kon kleven ‘te bewaren tot…’ ‘houdbaar tot minstens…’. Eerlijk, deze overweging dook bij me op toen ik geïntrigeerd raakte door het fenomeen spaarpot. Daarover wil ik het dus hebben.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (45)”

Het hoekje van Opa Adhemar (44)

Het hoekje van Opa Adhemar (44)

Nooit zo’n fan geweest van kermissen of pretparken. Hoewel ik in de beginperiode van mijn leven, de allereerste dan, toch enkele keren werd meegenomen naar het Melipark dat toen nog slechts met een sprookjesbos, een speeltuin en enkele dieren kon uitpakken. De honing, de bijtjes, en de flamingo’s. Veel herinneringen hou ik er, gelukkig misschien, niet aan over.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (44)”

Het hoekje van Opa Adhemar (43)

Het hoekje van Opa Adhemar (43)

“Het hele leven is onzeker, afgezien van dat ene noodzakelijke feit dat er vroeg of laat een einde aan komt,” noteert Paul Auster in ‘Winter Journal’. Een torenhoog cliché natuurlijk, maar meteen onverbiddelijk waar. Of zoals Michel Tournier het formuleert in ‘Le Roi des Aulnes’: “De vrouw die het kind draagt moet ook haar rouw dragen”.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (43)”

Het hoekje van Opa Adhemar (42)

Het hoekje van Opa Adhemar (42)

Het ontbijt is al decennia lang een vluchtige herinnering geworden. Tientallen jarenlang beperkte het zich tot het genot van ettelijke koppen koffie (‘het ruikt hier naar D.E.‘) en een gelijkelijk aantal met evenveel culinair genot gesmaakte sigaretten (minder trouw wat het merk betreft, van de heavy stuf als Gitanes en Gauloises over naar lichte brol als Belga tot eindelijk Peter Stuyvesant). Wat ligt het alles ver in het verleden!

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (42)”

Jef Geeraerts (1930-2015)

Jef Geeraerts (1930-2015)

Het is al vijf jaar geleden dat de Antwerps-Gentse schrijver Jef Geeraerts op 85-jarige leeftijd is overleden aan de gevolgen van een hartaanval. Vier jaar geleden werd dan weer bekend gemaakt dat de drie kinderen uit zijn eerste huwelijk (zie verder) naar de rechtbank stappen om het testament te betwisten, waardoor het grootste deel van zijn nalatenschap naar het bevriende homo-echtpaar Erwin Mortier en Lieven Vandenhaute zou gaan. Wat daar ondertussen van gekomen is, zou ik niet kunnen zeggen…

Lees verder “Jef Geeraerts (1930-2015)”

Het hoekje van Opa Adhemar (41)

Het hoekje van Opa Adhemar (41)

Een grootwarenhuis dat is toch de snoepwinkel voor de volwassene. Ook wel voor kinderen natuurlijk, voor hen is het een wat primitieve versie van Plopsaland: ze kunnen er hollen, roetsbaantje spelen, dingen omver gooien. En natuurlijk met grijpgrage handjes reiken (en uit de rekken slepen) naar wat aan allerlei noodzakelijks ontbeert in de kasten thuis – producten die zich bevinden in de afdelingen snoep, koekjes, chocolade, chips en de god van de Olympus ‘Haribo’.

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (41)”

Het hoekje van Opa Adhemar (40)

Het hoekje van Opa Adhemar (40)

In ‘De idioot’ laat Dostojevski een personage poneren: “Ongeloof in de duivel is een Frans idee, een lichtzinnig idee. Weet u wel wie de duivel is? Weet u welke zijn naam is? En hoewel u zijn naam niet eens kent lacht u toch over zijn vorm, in navolging van Voltaire, over zijn hoeven, staart en hoorns, die door uzelf verzonnen zijn; want de onzuivere geest is een grootse en dreigende geest, hij heeft geen hoeven en hoorns, die zijn er door u bij verzonnen.” Zijn naam niet kennen? Hij heeft er zovele… Satan, Beëlzebub, Lucifer, Mefistofeles, Abaddon, de Antichrist, de Demon, Iblis, Shaitan, Belial, Krampus…

Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (40)”