“Het feest der liefde” door Ronald Giphart

“Het feest der liefde” door Ronald Giphart

Het volgende boek dat ik ga lezen is “Het feest der liefde” van Ronald Giphart (foto Ciell via Wikipedia). Zoals trouwe lezers weten, laat ik mijn keuze bepalen door de website Willekeurig Woord en deze keer kreeg ik “Genot” als woord toegespeeld. Volgens mijn intern reglement zou Elizabeth George dan als eerste aan bod gekomen zijn, maar mijn vrouw leest die zo vaak dat ik eender wanneer wel een boek van deze schrijfster kan lezen, als ik dat zou willen. Daarom liet ik ook de betekenis van het woord genot mede de keuze bepalen. En zo kwam ik dus bij dit boek terecht…

Lees verder ““Het feest der liefde” door Ronald Giphart”

Hoe Herman zichzelf ontdekte

Hoe Herman zichzelf ontdekte

Ik zet hier nu wel een illustratie bij van het boek “Herman Brusselmans in de knoei”, maar eigenlijk zou het “Ronny De Schepper in de knoei” moeten zijn. Vandaag is het immers precies twintig jaar geleden dat de Nederlandse Playboy onderstaande tekst (zij het in een vroegere, kortere versie) wilde publiceren omdat ze dachten dat-ie van de hand van Herman Brusselmans was. Toen echter bleek dat dit niet zo was, waren ze ineens niet meer geïnteresseerd. Toch wil ik nog eens duidelijk beklemtonen dat noch de geïnterviewde, noch ikzelf bij het “bedenken” van de naam Herman aan Brusselmans heeft gedacht en dat wij dus ook hoegenaamd niet op een naamsverwisseling uit waren. Nee, Herman, “her man”, leek ons wel een toepasselijke naam voor iemand die onderdanige neigingen heeft. Deze tekst is overigens op een zeer merkwaardige manier tot stand gekomen. Ik was mr.X immers voor iets helemaal anders gaan interviewen toen die zich op een bepaald moment liet ontvallen dat zijn meest erotische ervaring een reusachtige (vooral in de breedte) negerin was die voor een etalage in de fameuze Aarschotstraat in Brussel pronkte tussen een panoplie van zwepen en andere marteltuigen. “Herman”, zoals ik hem dus later besloot te noemen, durfde echter niet binnen te gaan omdat hij destijds vaak tussen twee kantoren moest pendelen en de Aarschotstraat de kortste verbinding tussen de twee was. Ook tal van collega’s van hem passeerden daar dus en hij was natuurlijk bang dat hij zou “gespot” worden. Bovendien was hij ook bang van de situatie zelf. De Aarschotstraat heeft immers allesbehalve een goede reputatie en als je daar dus gebonden en geblinddoekt werd, kon er ondertussen vanalles gebeuren. En tenslotte was hij ook bang van de negerin zelf. Maar juist die schrik was er dus mede oorzaak van dat dit voor hem de meest opwindende ervaring uit zijn leven was. “SM is de haute cuisine van de erotiek,” was zijn adagium. Dat bracht ons op volgend gesprek, dat ik echter niet in de saaie interviewvorm heb weergegeven, maar waarvan ik een heus verhaal heb gemaakt…
Lees verder “Hoe Herman zichzelf ontdekte”

Tom Lanoye wordt zestig…

Tom Lanoye wordt zestig…

Vandaag viert Tom Lanoye (op bovenstaande foto te zien tijdens zijn lezing voor het L.P.Boongenootschap) zijn zestigste verjaardag.

“Tom Lanoye schrijft prachtige boeken,” schreef Frederik Serneels uit Antwerpen in Het Nieuwsblad van 11 september 2013. “Maar hij is ook hét prototype van de multiculturele, antikapitalistische, links-correcte intellectueel die kankert op de verzuurde, onverdraagzame, rechtse Vlaming. Zelf heeft hij een prachtig huis in een wijk in Antwerpen waar amper allochtonen wonen. Hij verblijft meer dan drie maanden per jaar in zijn buitenverblijf in Zuid-Afrika. Hij heeft natuurlijk ook een vennootschap om minder belastingen te moeten betalen. Hoe zeggen ze het weer? Kijk vooral niet naar mijn daden?”
Tom Lanoye (Sint-Niklaas, 27 augustus 1958) voorstellen hoeft hier eigenlijk niet meer. Kent men hem niet als auteur dan op z’n minst toch als columnist of als performer, waarmee hij aansluiting zoekt bij orale literaire tradities. Alhoewel wij een groot gemeenschappelijk verleden hebben, was het toch pas in het begin van de jaren negentig dat ik een hele avond met hem op café ben geweest en we over vanalles en nog wat hebben gepraat. Ik was toen free-lance en omdat ik werd opgeëist door ander werk dat dichter op de actualiteit betrokken was, bleef de bandjes lange tijd onuitgetikt in mijn lade liggen. Toen ik het reusachtige werk uiteindelijk toch af had, vond Tom dat er te veel tijd was overgegaan en weigerde hij dat het alsnog zou worden gepubliceerd. Wat men hier dus kan lezen, is in geen enkel blad of tijdschrift verschenen.

Lees verder “Tom Lanoye wordt zestig…”