Auteurslezing bij het Anton van Wilderode-genootschap

Auteurslezing bij het Anton van Wilderode-genootschap

Op zondag 22 september organiseert het Anton van Wilderode-genootschap een interessante auteurslezing in het Van Wilderodehuis, Dorpvaart 70 te Moerbeke. Het gaat namelijk over ‘De invloed van Anton van Wilderode op de poëzie in het Land van Waas tijdens de twintigste eeuw’.

Lees verder “Auteurslezing bij het Anton van Wilderode-genootschap”

Stijn Streuvels (1871-1969)

Stijn Streuvels (1871-1969)

Symbolischer kon niet: precies op de dag dat in Woodstock het ultieme rockfestival begon, stierf in ons eigen land Stijn Streuvels, één van onze belangrijkste schrijvers tot dan toe, maar hij had zichzelf wel enigszins overleefd. Een nieuwe generatie stond te popelen om het roer over te nemen…

Lees verder “Stijn Streuvels (1871-1969)”

Claus Fuchs (1911-1988)

Claus Fuchs (1911-1988)

Vandaag is het precies zestig jaar geleden dat Claus Fuchs de gevangenis mocht verlaten. “Wie is Claus Fuchs?” zult u zich afvragen. Wel, dat is een Duitser uit Stetting, die studeerde te Berlijn. Hij was lid van de communistische partij (*) en streed tegen het nazisme. Als het hem in Duitsland te warm wordt (1933), wijkt hij – met behulp van professor Altman – uit naar Engeland. Daar promoveert hij tot doctor in de theoretische fysica. Zijn studies worden betaald door de Engelse regering, maar klandistien ook door de communistische internationale. Daarna gaat Fuchs met een Engelse missie naar Amerika. Hij werkt er mee aan de productie van de atoombom. Hij woont de eerste kernontploffing bij. Onder de indruk van dit gebeuren geeft hij atoomgeheimen door aan Russische agenten, niet voor het geld, maar om het evenwicht tussen de grootmachten te herstellen zodat ze dit verschrikkelijk wapen niet kunnen gebruiken. Dit is het uitgangspunt van het stuk “Voorlopig Vonnis” van Jozef Van Hoeck, dat ik op 9 januari 1971 zag in de Broederschool van Temse zoals het werd opgevoerd door Theater Antigone.
Lees verder “Claus Fuchs (1911-1988)”

Het hoekje van Opa Adhemar (16)

Het hoekje van Opa Adhemar (16)

Beste papa Balzac,
“Je moet zelf wel een heel dichterlijke ziel zijn om een schrijver zo goed te hebben willen begrijpen. Wat je zegt over dat ‘reizen’ vind ik prachtig geformuleerd; als men me ooit eens verwijt dat ik in mijn boeken te veel zou reizen, zal ik antwoorden met jouw voortreffelijke verdediging. Ook wat je zegt over de verhouding poëzie – proza vind ik heel gevat; velen zien het anders maar jij hebt volgens mij gelijk.”
Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (16)”