De Korrekelder

25 andré vermaerkeVijftig jaar geleden, op 25 november 1961 werd in een middeleeuwse kelder in de Brugse binnenstad door een groep enthousiastelingen, onder impuls van het echtpaar Simoens-Cools (ook de eigenaars van het zgn.”waterbedhotel” als ik me niet vergis) de eerste voorstelling gespeeld van “Voorlopig Vonnis“. Mensen als Roger De Wilde, Walter Eysselinck, John Amiel, Albert Setola, Frans Roggen, Bob Vanderveken, Julien Schoenaerts, Harry Kümel, Rita Lommée, Nolle Versyp, Jo De Meyere en Gerard Vermeersch schreven verder de geschiedenis van De Korre, dat sinds 1986 wordt geleid door Robrecht De Spiegelaere.
Lees verder “De Korrekelder”

“The homecoming” van Harold Pinter (14/9/1991)

Op 14/9/91 werd “The homecoming” van Harold Pinter opgevoerd in het Arcatheater. Het stuk werd door regisseur Achiel Van Malderen samen met zijn acteurs in het Gents vertaald. Over die omzetting naar het Gentse dialect wordt uiteraard veel gepraat. In de originele versie is de tegenstelling tussen de Engelse arbeidersklasse, waartoe de familie behoort, en de Amerikaanse universiteit, waar de oudste zoon doceert, van groot belang, dus ergens lijkt het logisch deze factor te introduceren.
Problemen zijn er echter met de taal van Greet, de vrouw van de professor (gespeeld door Ille Geldhof), die een mengeling spreekt van Amerikaans en Noord-Nederlands-met-een-Amerikaans accent. Hier is alle logica zoek. Op een bepaald moment zegt ze: “Ik ben niet ver hier vandaan geboren.” Dat zou dus Nederland kunnen zijn, vandaar het geaffecteerde Hollands. Maar ze voegt er onmiddellijk aan toe: “Toen ik zes jaar geleden naar de Verenigde Staten ging…” Kan iemand op zes jaar tijd zijn moedertaal zo goed als verleren? En, nog straffer, verstaat zo’n Amerikaanse Nederlandse zonder moeite dat platte Gents, terwijl vele toeschouwers nochtans vaak een “vertaling” nodig hadden?
Dat neemt anderzijds niet weg dat het Gents, vooral in de mond van Cyriel Van Gent (die net als 25 jaar geleden in het NTG de hoofdrol, namelijk die van de vader, voor zijn rekening neemt) gewild of ongewild een komisch effect met zich meebrengt, die de kracht van het drama ondergraaft.
Maar je zou net zo goed kunnen zeggen: welk drama? De onverwachte wending die het stuk na de pauze neemt, is in zijn expliciteit toch wel erg “on-Pinteriaans” en doet in zijn geheel afbreuk aan de interessante sociale confrontatie die deze “thuiskomst” met zich had kunnen meebrengen. Dat Greet zich voor de familie van haar echtgenoot zal gaan prostitueren (nog in het midden gelaten of zij nu hén gebruikt of de familie hààr), is een kronkel die misschien in het scenario van een of andere B-film of soap-serie thuishoort, maar is zeker niet iets wat men van Pinter mag of kan verwachten.
Nee, dan werden we veel beter op onze wenken bediend door “Betrayal” dat vorig jaar als “Bedrog” door theater Malpertuis werd gebracht. Dat was toen met Ingrid De Vos, Dirk Buyse en Warre Borgmans, drie schitterende acteurs en misschien ligt het dààraan zou je dan kunnen denken. Niet helemaal. Akkoord dat Cyriel Van Gent en Walter Cornelis, als zijn ietwat sullige broer Staf, misschien iets te gretig inspelen op de lach die blijkbaar gewoon door hun figuur reeds bij de toeschouwers wordt opgewekt.
Ook van de twee jongste broers, Eric Van Herreweghe en Geert Willems, had ik beter verwacht. Maar Geert krijgt als de bokser Jacky te weinig “vlees” toegeschoven, terwijl Eric met een merkwaardig hoog stemgeluid een ongeloofwaardige pooiersrol tracht neer te zetten.
Daan Hugaert, als de Amerikaanse professor die niet meer kan aarden in zijn proletarische familie, moet er wat verweesd bijlopen en dat doet hij dan ook, terwijl Ille Geldhof dus met dat krankzinnige accent en een al even krankzinnig personage zit opgescheept. Maar ze is wel erg opwindend, dat wel.
Tot slot nog een woordje over het programmaboekje dat een hoop bullshit bevat, die echt niet meer kàn. Tom Lanoye zou dit haast letterlijk kunnen overnemen in zijn reeks over de “theaterbluffer” in Humo.

Ronny De Schepper

Op de foto v.l.n.r. Geert Willems, Walter Cornelis, Ille Geldhof, Erik Van Herreweghe, Cyriel Van Gent en Daan Hugaert.