Spiegelsymboliek

Spiegelsymboliek


Hierboven herkent u het schilderij The Lady of Shalott van John William Waterhouse uit 1888 naar het gelijknamige gedicht van Alfred Tennyson uit 1833. In de legende van Elaine van Astolat zoals verhaald in een dertiende-eeuwse Italiaanse novelle met de titel Donna di Scalotta (No. lxxxi in de bundel Cento Novelle Antiche) zit de betoverde edelvrouw met haar rug naar het raam in een door water omringde toren aan haar weefgetouw. Zij weet dat zij de werkelijkheid, waaronder het nabijgelegen Camelot, alleen in de spiegel mag aanschouwen. Zo zij uit het raam zou kijken zou de betovering worden verbroken en haar noodlot, in het gedicht onbenoemd, maar het betreft een vroege dood, vervuld worden. Wanneer zij in de spiegel de onweerstaanbaar knappe Lancelot voorbij ziet rijden kan zij zich niet langer beheersen. De spiegel breekt op het ogenblik dat zij naar buiten kijkt. De dame laat zich in het gedicht van Tennyson op een boot naar Camelot drijven. Onderweg sterft zij.

Lees verder “Spiegelsymboliek”

Milan Kundera wordt negentig!

Milan Kundera wordt negentig!

Reeds in zijn debuutroman “De Grap” (1967) schreef de Tsjechische auteur Milan Kundera (Brno, 1 april 1929): “Ik liep over het stoffige plaveisel en voelde de zware lichtheid van de leegte die op mijn leven drukte.” En twee jaar later in “Het leven is elders” (*): “Jaromil droomde soms afschuwelijke dingen: dat hij een heel licht voorwerp moest optillen, een kopje thee, een lepel, een veertje, en dat het hem niet lukte, dat hij des te zwakker werd naarmate het voorwerp lichter was dat hij onder de lichtheid bezweek (cursivering van Kundera zelf); dergelijke dromen beleefde hij als dromen vol verschrikking en daarna werd hij wakker, badend in het zweet.” (p.109). Het mag dus duidelijk zijn dat Kundera veel van zichzelf in de hoofdfiguur van zijn succesroman “De ondraaglijke lichtheid van het bestaan” (1985) heeft gestoken (**).
Lees verder “Milan Kundera wordt negentig!”

Philip Kaufman wordt tachtig…

Philip Kaufman wordt tachtig…

Philip Kaufman (Chicago, 23/10/1936) is niet de eerste de beste. Na een paar “auteursfilms” die bij mijn weten hier niet werden uitgebracht (“Goldstein” 1963, “Fearless Frank” 1969, “The Great Northfield Minnesota Raid” 1972 en “The White Dawn” 1974) kwam hij voor het eerst in het nieuws toen hij na een conflict met hoofdacteur Clint Eastwood het plateau van “The Outlaw Josey Wales” verliet of moest verlaten. Daarna volgden vrij verdienstelijke actiefilms zoals “The invasion of the body snatchers” (1977) en “The Wanderers” (1979), zodat hij met de verworven kennis zelf bij Steven Spielberg kon aankloppen met het scenario van “The Raiders of the Lost Ark” onder de arm.

Lees verder “Philip Kaufman wordt tachtig…”

Jan Vanriet

02 jan vanriet« Geen hond die brood lust » — zelden dekte een vlag zo goed de lading als dit het geval is met de titel van de jongste bundel van Jan Vanriet. Met als motto het alreeds befaamde geworden « L’optimisme est l’opium du genre humain » van Milan Kundera werpt de dichter een even schampere als luciede blik op zijn (en onze) wereld, waarin hij zich ziet als « een vreemdeling/die de taal niet spreekt ». Deze taal blijkt overigens te bestaan uit een samenstel van woorden en termen, die net het omgekeerde bedoelen van wat ze pretenderen : « In het jaar van de Vrede/brak de oorlog uit. (Het Inrichtend Comité vond zulks/een ongelukkige omstandigheid. »
Bovenstaand voorbeeld zou wel eens het vermoeden kunnen doen rijzen dat wij hier te maken hebben met een spits geformuleerde, maar al bij al nogal sloganeske poëzie. Helemaal onterecht is dit vermoeden niet, maar meestal blijkt Vanriet toch dichter genoeg om zijn teksten op een hoger (wat o.a. wil zeggen : meer gecompliceerd) niveau te tillen, iets waarbij zijn talent als plastisch kunstenaar herhaaldelijk om de hoek komt kijken en wel via een reeks raak geschetste en lichtelijk surreële beelden, zoals uit volgend voorbeeld moge blijken : « Droef. De schouw van een verre fabriek/schaduwt de lucht als een potlood/een somber grafiet ». Een vers om in te lijsten als het ware, net als trouwens de epiloog waarmee deze bundel besluit.
Het laatste wat de lezer ziet is « een spoor in het ijs/dunner als voorheen ». De wereld van Vanriet is een wereld die voortdurend inkrimpt, een wereld waarin wat rest allengs minder wordt. Maar een spoor, hoe dun ook, blijft steeds een teken van leven. En zolang er leven is, is er… Nou ja, vul zelf maar in.

Referenties
Jan Mestdagh in De Rode Vaan nr.7 van 1985
Jan Vanriet : Geen hond die brood lust. Uitgeverij Manteau. Antwerpen, 1984 (32 blz., 295 fr)