De Gentse regisseur en lichttovenaar Jaak Van De Velde is geboren op 20 mei 1947 in Schellebelle als zoon van een rijkswachter, die gedichten voordroeg in de kazerne. Zes jaar later werd hij dan ook naar de kazerne van de Gentse Groendreef overgeheveld. Zo liep Jaak lagere school in Sint-Lievens in de Keizer Karelstraat. In het Sint-Lievenscollege kwam hij in de klas van Luc Vandenbossche en… Piet Piryns terecht. Hij begon midden de jaren zestig dan ook bij kabaretgroep Rommelpot van Piet Piryns (en met ook nog Joël Hanssens en Dirk Buyse), die in 1968 het Humorfestival van Heist won. Geen wonder dus dat hij nadien overstapte naar Arca, waar men toen onder invloed van Jo Decaluwe nogal veel kabaret bracht. “Dat soort kabaret inspireerde Arena,” zegt Decaluwe. “Jaak Van De Velde en Jacky Berwouts die in Arca werkten, namen dat idee over.” Maar daarover elders meer.

Op 29 april 1969 maakte Jaak Van De Velde zijn debuut in “Kaspar” van Peter Handke in het Arcatheater en een jaar later was hij daar toneelmeester in “La Turista” van Sam Shepard, net als “Kaspar” in een regie van Jean-Pierre De Decker. Het was dan ook een mooie geste dat Van De Velde dertig jaar later een bijdrage leverde aan het laatste seizoen van Arca met “Fool for love” van diezelfde Shepard. Het eerste stuk dat hij zelf regisseerde was eveneens in Arca “Ergens op schieten tot alles kapot is”, een jongerenstuk à la “Clockwork Orange”.
Later regisseerde hij in Arena o.m. Bertolt Brechts “Mahagonny” in een decor van Jacky Berwouts en met Erna Palsterman, Marijn Devalck, Annick Christiaens, Daan van den Durpel, Liliane Dorekens, Jo De Backer, Norma Hendy en Karel Deruwe. De muziek was uiteraard van Kurt Weill en de vertaling van Paul Berkenman, Frans Redant en Walter Ertvelt. De choreografie was van Aimé de Lignière (première op 24/9/83).
Op 19/11/83 volgde Richard O’Briens “Rocky Horror Show”, gedirigeerd door Bart Bracke. Met Daisy Haegeman (Magenta), Marijn Devalck (Brad), Norma Hendy (Janet), David Davidse (vertaler), Annick Christiaens (Columbia), Karel Deruwe (Riff-Raff), Erna Palsterman (backing), Daan Van den Durpel (Frankenfurter), Jo De Backer (Rocky) en Jan De Bruyne (Eddy en Dr.Scott). Het decor was opnieuw van Jacky Berwouts.
Op 21/04/84 regisseerde hij “Pal Joey” van Richard Rodgers & Lorenz Hart. Het orkest werd geleid door Dirk Bauters en als vertolkers noteren we Norma Hendy (Gladys), Daan van den Durpel (Joey), Liliane Dorekens (Vera), Jo De Backer (Harry), Daisy Haegeman (Sandra), Karel Deruwe (Mr.Armour), Annick Christiaens (Linda) en Erna Palsterman (Kid). De Nederlandse bewerking was van Walter Ertvelt en het decor van Andrei Ivaneanu. Niet zo heel lang daarna zal deze laatste om het leven komen. Zijn werk werd echter verdergezet door zijn leerling Marnik Baert.
Op 22/9/84 regisseerde hij van Neil Simon “(They’re playing our) Song”. Het orkest werd deze keer geleid door Henk Van Dijk en de acteurs waren Carolien Van den Berg (Sonia), Robert Borremans (Vernon), Daisy Haegeman, Jo De Backer, Norma Hendy, Karel Deruwe, Chantal van den Bogaerde en Lucas van den Eynde. De muziek was van Marvin Hamlisch en de liedjesteksten van Carole Bayer Sager. Marijn Devalck zong hierin (blijkbaar off-stage) “Toch blijf ik dromen”.
Eind 1985 ging Jaak zich opnieuw vooral op lichtregie concentreren bij het Ballet van Vlaanderen. Daar bracht men toen een versie van “Cinderella” in een choreografie van directeur Valery Panov.
Maar hij gaf het regisseren niet op. Van Friedrich Dürrenmatt regisseerde hij in de KNS op 22/2/1986 “Play Strindberg” gebracht in een decor van Mimi Peetermans. Met Julienne de Bruyn (Alice), Marc Janssen (Edgar) en Hans Royaards (Kurt). De muziek was van Patrick Hicketick.
Op het einde van dat jaar zorgt Jaak ook voor de belichting van “Moves” van het BVV.
Daarna bracht de musical-afdeling van het Ballet van Vlaanderen “Chicago” van Fred Ebb & Bob Fosse onder de muzikale leiding van Max Smeets en in een regie van Jaak Van de Velde. Met Marjolein Keuning (Velma Kelly), Frank Hoelen (conférencier), Annette Nijder (Roxie Hart), Aimé Anthoni (onder het pseudoniem Solange Mortier speelt hij de geëxalteerde journaliste Mary Sunshine), Maya Hakvoort (Liz), Victor Van Swaay (echtgenoot Amos Hart), Jenny Tanghe (gevangenisdirectrice Matron Mama Morton) en Marijn Devalck (advocaat Billy Flynn). De muziek was van John Kander. Geïnspireerd op toneelstuk van Maurine Dallas Watkins was deze musical uit 1975 gebaseerd op echte feiten. Ene Beulah Annan had namelijk haar minnaar vermoord, maar wist iedereen zo te manipuleren dat ze werd vrijgesproken. In de musicalversie wordt dat dan Roxie Hart. De vertaling was van Paul Berkenman en het decor van Jacky Berwouts. Ik heb het gezien in Vooruit op 30/1/1990.
Daarna speelt Jaak Van de Velde weer als een tovenaar met licht in “Het gezin Van Paemel”, geregisseerd door Dirk Tanghe voor het NTG. In de onafzienbare ruimte van het sportcomplex is een waar korenveld opgetrokken, met daarin een reusachtige tafel die het erf van boer Van Paemel moet voorstellen. De opening is meteen raak en dat o.m. ook dankzij het verbluffende werk van Jaak Van de Velde.
Daarna pakt Dirk Tanghe “Jungle book” aan. Wat het decor betreft is Tanghe zichzelf trouw gebleven, zodanig dat we zowaar met een… witte jungle worden geconfronteerd. Dankzij een uitstekende belichting van Jaak Van de Velde krijgen we soms wel de illusie van de grote kleurenrijkdom, maar doorgaans blijft het iets te koel, daaraan kan het menigvuldige gebruik van een levensecht riviertje weinig aan verhelpen.
Pam Gems schreef “Piaf” dat in een regie en decor van Jaak Van De Velde op 5/1/1992 werd gespeeld met Erna Palsterman in de titelrol. Daarnaast herkenden we nog Koen De Win (Theo Sarrapo), Mieke Bouve (haar vriendin, de prostituée Toine, d.i. Momone), Erik Burke (Jacko, d.i. Charles Aznavour), Vera Veroft (haar secretaresse/verpleegster Madeleine), Rudolf Vervliet (Angelo, d.i. Yves Montand), Paul-Emile Van Royen (haar ontdekker, de homofiele baruitbater Leplée in wiens dood ze misschien wel een aandeel had), Ronny Waterschoot (Marcel Cerdan) en verder o.a. nog Sjarel Brankaerts als haar manager, Rudolf Vervliet als Petit Louis, Rik Andries als Amerikaans officier, Alex Cassiers als fysioterapeut en Johannes Pauwels als Pierre. Kortom, veel te veel volk, wat in schril contrast stond met de pianist (Raoul Hotte) en accordeonist (Jules Van Hoeck) die voor een te sobere begeleiding moesten instaan. In Arena, waar Palsterman deze rol creëerde op 2/1/1982, was er tenminste een orkestje aanwezig. Bij de spelers waren toen Luc Bral, Eddy Vereycken, Jaak Van de Velde, Marijn Devalck, Liesbeth Van Dooren en… Rudy Van den Daele, de latere Humo-redacteur. Het idee dat ze die rol zou doen, komt eigenlijk van haar echtgenoot, decorateur Jacky Berwouts, die ze op 18-jarige leeftijd in Arca heeft leren kennen. Aan deze productie hield ook Jaak een echtgenote over, namelijk Mieke Bouve.
Daarna deed Jaak van de Velde weer een aantal keer de belichting, zoals bij “Dokter De Vuyst” (NTG), “De naakten kleden” (KVS), “Zimmerschlacht” (Arca), “Onpaardans” (KVS), “Zeven deuren” (Arca) en Euripides’ “Medea” door de toneelafdeling van het KMC-Gent. Hier riep Van de Velde met zijn belichting schitterend de ondergaande zon op in de woestijn – zo kennen we hem – maar soms ook schakelde hij binnen één en dezelfde scène over naar een andere lichtstand, zonder dat ik daar echt het nut van inzag.
In het seizoen ’94-’95 deed hij nog een paar keer belichting in het NTG (“Duifke Klok”, “Nathan de wijze”), wat een jaar later eindelijk nog eens uitmondde in een heuse regie, namelijk van “Verhalen uit het Weense woud” van Ödön von Horvàth (1901-1938), met zijn parodiërende toon eigenlijk een anti-volksstuk (anti-nazistisch ook). Jaak kreeg echter de kritiek over zich heen, zelfs toen hij zich nu ook als “water wizard” ontpopte en de Donau over de scène liet stromen (alhoewel, dit was uiteraard meer het aandeel van Niek Kortekaas). De rolbezetting: Koen de Sutter, Gert Portael, Lieve Moorthamer, Walter Moeremans, Katelijne Verbeke, Eddy Vereycken, Bert Van Tichelen, Roger Bolders, Els Magerman, Fania Sorel, Jef Demedts, Herman Coessens, Mieke Bouve, Cyriel van Gent, Guido van den Berghe en Jan Bijvoet.
Daarna volgde “Cutting corners”, een choreografie van Danny Rosseel, opnieuw prachtig in beeld gebracht, mede met de hulp van belichter Jaak Van de Velde. “Spent passions” van Danny Rosseel is een ontzettend sterk erotisch geladen ballet, waarbij de belichting van Jaak Van de Velde de geile bewegingen van de danseresjes accentueert. Naakt dansen de meisjes van het Ballet van Vlaanderen niet, maar met hun korte zwartje jurkjes zijn ze toch ook voor “Het Laatste Avondmaal” sexy gekleed. De aankleding is van Roger Bernard (mooie pakjes!), die hier ook voor de belichting zorgt, maar die voor de andere onderdelen in handen is van Jaak Van de Velde. Die is vooral uitstekend op dreef in “Disregarding changes”, de jaarlijkse productie van Danny Rosseel als deel van de mixed bill “Antwerp-New York” op 17 november 1995. Rosseel en Van De Velde werkten in het NTG ook samen voor de “choreografie” van “Tante Euthanasie gaat achteruit”.
Een tijdje later was Jaak Van de Velde opnieuw te gast in het NTG, maar nu in zijn vertrouwde functie van belichter, eerst voor “Grote kinderen” van Jean-Pierre De Decker en bij de jaarwisseling 96-97 voor “Het oneindige verhaal”, het moderne sprookje van Michael Ende.

8 gedachtes over “Jaak Van De Velde wordt zeventig…

  1. Volgens mij is er een fout in het artikel geslopen. Voor zover ik weet was niet Jacky Tummers de regisseur van “La Turista” in Arca, maar Jean-Pierre De Decker.

    Like

      1. Wil je nog zeggen dat ik je dankbaar ben voor al wat je weer opgraaft en met ons deelt.
        Het is bijna dagelijks uitkijken naar wat er nu weer te lezen valt. Graag volhouden.

        Like

    1. Graag gedaan, Jacques.
      Ik zou van de gelegenheid willen gebruik maken om erop te wijzen dat dit inderdaad de opzet van deze blog is. Men zegt wel eens: men vindt àlles op het internet. En dat is zeker waar, maar dan vanaf het ONTSTAAN van het internet. Alles wat daarvóór is gebeurd, is precies NIET gebeurd. En dat wil ik rechtzetten. Weliswaar alleen met mijn eigen observaties, maar men zal moeten toegeven dat dit al werk genoeg is en, je kent het spreekwoord, als iedereen voor zijn eigen deur veegt, is de hele straat proper!

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s