35 jaar geleden: mijn tweede interview met Hugo Claus

35 jaar geleden: mijn tweede interview met Hugo Claus

Mijn tweede interview met Claus begon al even moeizaam als het eerste en is (in tegenstelling tot het eerste) nooit echt op toeren geraakt. Zoals ik in de inleiding reeds heb verteld, had Claus het me toegezegd, nadat ik in de problemen was geraakt door een interview met Walter van den Broeck over “Het Beleg van Laken” van de hand te wijzen (*). Daarom moest ik ter voorbereiding bij hem thuis een drukproef van de verhalenbundel “De mensen hiernaast” gaan afhalen. Deze drukproef was in de marge volgekrabbeld met allerlei aantekeningen van Oscar Timmers, sinds de jaren zestig vaste Claus-redacteur bij De Bezige Bij. Ik vroeg Claus of ik met deze aantekeningen rekening moest houden? “Hoegenaamd niet,” was het antwoord, “mijn uitgever denkt gewoon dat ik niet kan schrijven.” (**)

Lees verder “35 jaar geleden: mijn tweede interview met Hugo Claus”

Nora Tilley (1952-2019)

Nora Tilley (1952-2019)

De populaire actrice Nora Tilley is gisteren thuis in Putte overleden. De uitvaartdienst zal plaatsvinden in besloten kring. “Nora (die na eerst borstkanker te hebben overwonnen, te maken kreeg met de spierziekte ALS, RDS) had haar grenzen al een paar keer verlegd, maar toen na het gebruik van armen en benen ook haar stem wegviel, nam ze het voor haar onvermijdelijke besluit”, zo geeft de familie nog mee in een mededeling aan Het Nieuwsblad.
Lees verder “Nora Tilley (1952-2019)”

Dertig jaar geleden: “John en Robin van de Rebellenclub”

Dertig jaar geleden: “John en Robin van de Rebellenclub”

Natuurlijk was “Wie schrijft, vertrekt” niet mijn enige artikel in De Rode Vaan van 3 maart 1989. Er was b.v. ook nog “Markiespijn”, waarover ik het reeds heb gehad, of het interview met Lode De Pooter. En dan ook nog in de filmrubriek die ik van deze laatste had overgenomen, een stuk over de documentaire over John Lennon, “Imagine”, en over de film van Robbe de Hert, “Blueberry hill”.
« Eigenlijk gaat deze film over roddel. Over hoe een maatschappij ten onder gaat aan roddel. » Robbe De Hert over « Blueberry Hill » toen we hem deze zomer gingen opzoeken tijdens een draaidag in Gent (zie r.v.nr.34). De maatschappij waarover hij het heeft is die van de jaren vijftig. Een maatschappij waartegen jongeren rebelleerden. In « Blueberry Hill » vertolkt Michaël Pas (foto rechts) de rol van Robin De Hert, de Antwerpse rebel met het peperkoeken hart. In die andere havenstad, Liverpool, speelt John Lennon (foto links) zijn eigen rol. Die overigens pas in de jaren zestig zal doorwerken op wereldvlak. De film « Imagine » geeft er een eerlijk en juist daardoor ontroerend beeld van.
ALHOEWEL deze paar gegevens reeds voldoende zouden zijn om deze twee films in één adem te behandelen, zijn er nog een paar thema’s die op die manier een speciale invalshoek krijgen. Laten we beginnen met de titels, niet toevallig tweemaal een grote hit. Bij John Lennon lag het voor de hand : niet alleen vat « Imagine » de positieve kant van zijn karakter uitstekend samen (er is ook nog een « dark side » maar daarover zo dadelijk meer), maar bovendien is de periode van de opname van deze elpee het uitgangspunt geworden voor de documentaire van Andrew Solt (ook de maker van « This is Elvis »). Op last van Yoko Ono was er op hun prachtige verblijf in Ascot immers een professionele filmploeg aanwezig die alles registreerde: de plaatopname (door Phil Spector), maar ook de vrijpartijen en zelfs gewoon de maaltijden. Vertrekkende van dit kwalitatief uitstekende materiaal, dat weliswaar niet « objectief » is, maar toch afstandelijk genoeg om in et geheel te passen (b.v. de kibbelpartij met de technicus), heeft Solt een uitstekende documentaire samengesteld uit de meer dan 200 uren film die hem door Yoko Ono ter beschikking werden gesteld. Hij had overigens maar met dit titanenwerk ingestemd op voorwaarde dat hij de vrije hand zou krijgen. En dat is ook zo gebeurd. Over de zwartste periode in Lennons leven (het zogenaamde « lost weekend » toen Yoko hem de deur had gewezen) is men weliswaar kort (o.m. omwille van het ontbreken van beeldmateriaal), maar voor de rest worden Johns onhebbelijkheden niet met de mantel der liefde toegedekt (de passage over de ruzie met Paul McCartney is schrijnend), maar precies daardoor komt hij over als een mens zoals u en ik en niet zoals de halfgod die hij voor sommigen is geweest. En precies daardoor ontroert de film.
Bij Robbe De Hert ligt dat dus helemaal anders. Beginnen we bij de titel. Reeds tijdens de opname wist hij ons te vertellen dat er moeilijkheden waren wat copyright betreft. Uiteindelijk houden we nu een film over zonder de klassieker van Fats Domino, zelfs zonder een verwijzing ernaar. Maar niemand schijnt dat erg te vinden. Daarbij komt nog dat Jan Leyers van Soulsister als componist werd aangetrokken (een gelukkige beslissing overigens!) en dat het lanceerfilmpje van « Blueberry Hill » dan ook in de zalen te zien is met daarop de hit van Jans groep geplakt, « The way to your heart ». Ook van dit nummer is in de film zelf echter geen sprake. Maar niemand schijnt dat erg te vinden.
Dat het hoofdpersonage Robin heette, viel ons tijdens het draaien reeds op, maar nu blijkt zelfs dat hij — zoals in Vlaanderen gebruikelijk — veel meer met zijn familienaam wordt aangesproken en die is… De Hert, jawel. Een misschien ietwat ongelukkige ingreep, ook al is het duidelijk dat de inbreng van Walter van den Broeck in het scenario zo groot is dat men bij koele analyse moeilijk kan aannemen dat men tussen Robin en Robbe zo maar een gelijkheidsteken kan plaatsen. Tijdens de film zelf evenwel (en dan vooral bij dit soort films) staat het verstand op nul en is het de emotie die het voor het zeggen heeft. En dan is het al veel moeilijker om die afstandelijkheid tegenover het hoofdpersonage (overigens uitstekend vertolkt door Michael Pas) te bewaren. Maar niemand schijnt dat erg te vinden. Zeker niet tijdens de zondagnamiddagvertoning die wij « meemaakten » en waaruit blijkt dat er dertig jaar later nog niet zo heel veel is veranderd. In het halfduister worden er nog altijd wereldrecords tongkussen gevestigd en graait men lustig in broekjes en bloesjes. Om nadien klappen te krijgen thuis. Geen wonder dat de zaal afgeladen vol zit, dat men met volle teugen geniet en — vooral — dat men zich nog steeds kan identificeren met de rebellenclub die daar ten tonele wordt gevoerd.
Typisch voor beide films is ook de, wat we zouden kunnen noemen, « ouvrieristische » sfeer waarin ze baden. In de « vakschool » van Robbe is dat eigenlijk niet meer dan normaal en buiten de sympathieke portrettering van dat milieu valt er niet veel méér over te zeggen. Bij John Lennon gaat het echter veel verder. Vooral in de discussie met de journaliste van The New York Times over zijn vredesengagement (zij stelde dat vredesactivisme toch ietwat meer is dan in bed te liggen en daarmee de voorpagina van alle kranten te halen) blijkt een virulent anti-intellectualisme. Lennon bevindt zich daarmee overigens in goed gezelschap. Alleen al het voorbije weekend hoorden wij Raymond van het Groenewoud in zijn soloprogramma en Hugo Claus bij Adriaan Van Dis zich in dezelfde weinig vleiende bewoordingen over intellectuelen in het algemeen en studenten in het bijzonder uitdrukken.
Een speelfilm bevat echter uiteraard wel een aantal elementen die niet zo maar naast een documentaire kunnen worden geplaatst, zeker niet daar « Blueberry Hill » zich heel duidelijk als een romantische film afficheert en niet als een soort van docudrama over de jaren vijftig. Daarom tot slot toch nog even speciale aandacht voor deze eigen Belgische productie. Voor het grootste gedeelte, laten we zeggen voor 75%, kunnen we ons zeker laten meeslepen door het verhaal, vooral dus door de grote herkenbaarheid van het scenario en door de « warme » manier waarop het in beeld werd gebracht. Babette van Veen is inderdaad de blonde schoonheid die Hitchcock Robbe mag benijden (nooit gedacht dat vader Herman tot zo een prachtprestatie in staat zou zijn geweest) en haar gekuist Antwerps laat op geen enkel moment haar Hollandse afkomst vermoeden. Tenzij haar stem gedubd zou zijn uiteraard, maar daaraan twijfelen we, want dat is bij de Franse lerares Myriam Meszières zo onhandig gebeurd dat alleen het feit dat de Franstalige versie (waarin dus de Vlamingen werden gedubd) nog veel slechter is, ons met deze miskleun kan verzoenen. En het is natuurlijk grappig om de klungelige huisbewaarder Ronny Coutteure met de stem van directeur Thienpont te horen praten.
De love-story tussen Michael/Robin en Babette/Cathy die op de prachtige affiche prijkt, is dramatisch eigenlijk toch wel ondergeschikt aan de « avonturen » die zich in de vakschool afspelen. Centraal daarin staat de rol van de tirannieke secretaris, schitterend vertolkt door Frank Aendenboom, die op basis van « roddel » o.m. in conflict komt met de lerares Frans en vooral met de « homofiele » leerling Eddy (Gert Nevens). Deze laatste wordt echter vanuit dramaturgisch standpunt iets te vlug tot zelfmoord gedreven en de « opstand » tijdens zijn begrafenis doet de film dan helemaal kantelen. Hier werkt de realistische aanpak juist tegen De Hert. Als hij dan toch aan overdrijven toe was, kon hij misschien beter volledig uitfreaken, zoals Lindsay Anderson in « If » b.v.
Jammer van het ontluisterende effect op het einde, want voor het overige is « Blueberry Hill » in dezelfde mate als « Imagine » het bekijken waard. Vooral de meisjes zullen er wat aan hebben, al was het maar wegens « de schone prins » Oliver Windross die, helaas voor hen, geen verdere carrière in de film ambieert. En als we zelf ooit een film draaien dan noemen we de slechterik Stafke van den Broeck. Goed geweten! (*)

Lees verder “Dertig jaar geleden: “John en Robin van de Rebellenclub””

Dertig jaar geleden: “Tot nut van ’t algemeen”

Dertig jaar geleden: “Tot nut van ’t algemeen”

Morgen zal het ook dertig jaar geleden zijn dat op de BRT “Tot nut van ’t algemeen” werd uitgezonden, een televisiefilm naar het toneelstuk van Walter Van den Broeck. Dat was in het kader van de reeks “Made in Vlaanderen”, een reeks die ontzettend belangrijk is geweest voor de ontwikkeling van de filmindustrie in Vlaanderen en het is dan ook schandalig hoe slordig de VRT met deze erfenis omspringt. Niet alleen van déze film, maar ook van tal van andere is het onmogelijk om illustratiemateriaal te vinden. Ikzelf had de film op de persvisie gezien (want bij de uitzending zat ik dus in Leningrad) en ook een klein interviewtje hierover gehad met de nog piepjonge Els Dottermans. Gelukkig was er nog Jo Clauwaert om dit op de gevoelige plaat vast te leggen.
Lees verder “Dertig jaar geleden: “Tot nut van ’t algemeen””

25 jaar geleden: kreeft met Walter Van den Broeck

25 jaar geleden: kreeft met Walter Van den Broeck

Het is vandaag precies 25 jaar geleden dat Walter Van den Broeck in Brugge de Achiel Van Ackerprijs in ontvangst mocht nemen. Aangezien ik toen in mijn hoedanigheid van vertegenwoordiger van de Vlaamse Socialistische Zelfstandigen toch nog een interview moest afnemen van onze Brugse afgevaardigde Freddy Van den Hoeck, die in hetzelfde gebouw werkzaam was, combineerde ik de prijsuitreiking hiermee. De feestelijkheid had echter ’s morgens plaats en het interview in de namiddag, zodat deze brave mens mij mee aan de feesttafel nodigde. Op het menu stond echter kreeft en het personeel was dan ook heel verveeld, want ze konden nu eenmaal niet een extra kreeft op tafel toveren. Het toppunt was dan nog dat ik helemaal geen kreeft eet, zodat ze me gerust iets anders hadden kunnen voorzetten, maar dat liet het protocol dan weer niet toe. Enfin, alweer narigheid en alhoewel Van den Broeck er deze keer part noch deel aan had, werden de plooien toch niet echt glad gestreken.
Lees verder “25 jaar geleden: kreeft met Walter Van den Broeck”

130 jaar geleden: de eerste 1 mei

130 jaar geleden: de eerste 1 mei

Rallies are held throughout the United States demanding the eight-hour work day, culminating in the Haymarket affair in Chicago. Le premier mai, une grève générale fut lancée à Chicago par des travailleurs qui demandaient une journée de travail de huit heures. Une manifestation de grévistes sur la place Haymarket est violemment réprimée par la police locale, et huit organisateurs anarchistes sont arrêtés et inculpés. Cinq de ceux-ci furent condamnés à mort pour soi-disant avoir incité des militants à lancer une bombe sur des agents de police durant l’émeute. Quatre furent pendus publiquement et un s’enleva la vie avant l’exécution. In commemoration of which May 1 is celebrated as International Workers’ Day in many countries. (Wikipedia en Alcide)
Lees verder “130 jaar geleden: de eerste 1 mei”