35 jaar geleden: “Wat wordt het?”

35 jaar geleden: “Wat wordt het?”

Eieren of jongen ? Men kent de populaire uitdrukking. Men hoort haar bijna dagelijks aan het adres van een of andere wijfelaar. Vandaag past zij ook aan het adres van de mensen die aan het Vlaamse medialandschap timmeren. Om het met een dichterlijke uitdrukking te zeggen. Wat gaat het nu worden ? Komt er een derde privé-net op de buis ? Verzaken de uitzenders aan hun geplande reclame-omroep ? Gaat de publiciteit op BRT 1 en 2 uitgestraald worden ?

Lees verder “35 jaar geleden: “Wat wordt het?””

Bart Peeters wordt zestig…

Bart Peeters wordt zestig…

Toen Bart Peeters vijftig werd, was dat in “Peter (Van De Veire) Live” en natuurlijk mocht daarbij Raymond van het Groenewoud niet ontbreken met een huldelied. Bartje begon zowaar te wenen van ontroering. Ik ook, eerlijk gezegd, maar ik zou in deze donkere dagen al huilen als een hert wordt doodgeschoten…

Grappiger was de toevoeging “net zoals ik nu” van Raymond in de uitvoering van “Meisjes”. Die opmerking maakte hij tussen neus en lippen na de fameuze zinsnede “ze komen zelden klaar meneer”. Waaruit nogmaals blijkt dat de bijbel gelijk heeft, als daar staat: wie met het zwaard omgaat, zal door het zwaard vergaan!
Bart Peeters’ verafgoding van Raymond van het Groenewoud is genoegzaam bekend, destijds kleedde hij zich zelfs als Raymond (de befaamde witrode slobbertrui), toen hij nog een groep vormde met Jos Verbist. In het NTG trof ik deze laatste dan ook herhaaldelijk bij de muzikale begeleiding aan en dan zowel op sax als op gitaar… “Ja, ik heb wel wat muzikale paden bewandeld, ja. In de tijd van de skifflegroepen b.v. En toen Bart Peeters als veertienjarig knaapje begon te drummen, hebben wij nog samen in een rockgroep gezeten. Maar dat was louter op amateuristisch niveau. Later ben ik dan saxofoon en piano beginnen spelen. Dat doe ik nu nog steeds, maar binnenskamers”.
Maar wat minder bekend is, is het feit dat “God save the queen” van The Sex Pistols voor Bart Peeters de jaren zeventig samenvat. “Auditief was er reeds ‘Lust for life’ geweest van Iggy Pop, maar het visuele aspect is voor mij erg belangrijk. Punk zelf is voor mij trouwens het belangrijkste verschijnsel van de jaren zeventig. Die teruggang naar de eenvoud, na al die verschrikkelijke symfonische groepen! Ik was toen veertien, vijftien jaar en ik had echt het gevoel dat rock dood was. Maar toen kwam dus dat live-optreden op televisie van The Sex Pistols en daar was ik compleet van ondersteboven. En verder voorspel ik – en dat meen ik écht – een heropleving van de glitterpop. Want hoe onfris het ook mag klinken, maar als je het imago van b.v. The Sweet of Slade wegdenkt, dan hebben die echt goede nummers gemaakt. Zelfs ‘Soley Soley’ van Middle of the Road vind ik heel mooi, al was hun imago afschuwelijk. Hoewel die korte broek van die mevrouw er wel mocht zijn.”
Bart Peeters debuteerde op televisie met de “BVBA Elektron”, maar bij het begin van het nieuwe schooljaar (1984-85) was het niet meer dan passend dat de stof van de vorige jaren nog eens werd doorgenomen. Giechelende retorica-leerling Bart Peeters ging dan ook zijn ouwe muziekleraar Roland Van Campenhout opzoeken, die helaas een beetje aan lager wal was geraakt en nu met blues spelen de kost moest verdienen. Maar dat paste juist goed want « Roots & Rock’n’Roll », dààrover zou het programma gaan (14/9/84) en blues moest dus zeker aan bod komen. En blues betekent afzien, ook dat paste dus erg goed. De ouwe meester had op zijn zolder nog wat vergeelde (maar zeer interessante) filmkes gevonden, terwijl de frisse knaap ook nog wat hedendaagse « vedetten » was gaan interviewen en het geheel werd gemixt door juffrouw Rita Goossens die ook in het kleuterklasje heel handig met schaar en lijm omspringt. Een « aardige » uitzending dus, omdat ze niet pretendeerde de wetenschappelijke documentaire te zijn die ze ook niet was. (De Rode Vaan nr.39 van 1984)
Later werd “Elektron” opgevolgd door “Villa Tempo”. Natuurlijk moest ook Groot Idool Raymond van het Groenewoud daarin eens zijn opwachting maken. In De Rode Vaan nr.3 van 1985 schrijf ik er het volgende over: “Heruitzendingen, we hebben er ons al dikwijls over geërgerd, maar dat ze soms hun nut hebben, werd bewezen door de speciale Villa Tempo-uitzending van 4-1, gewijd aan het « fenomeen » Van het Groenewoud, die we pas op 14-1 hebben kunnen meepikken. Speelt Bartje Peeters soms te veel solo-slim in de andere uitzendingen, dan moesten we nu vaststellen dat met een waardige tegenspeler er vele grappige effecten te bereiken vallen (de priester-dichter, de rondvaart op de reien…). Het speciale soort rock-humor (de punk-persiflage en de inbreng van Roland) zal wel nooit helemaal kunnen verdwijnen, maar zelfs dààrmee kan een intelligent iemand als RvhG ons verzoenen. En dan hebben we het nog niet eens over zijn capaciteiten als muzikant, componist en tekstschrijver gehad…”
En een beetje later in nr.16 van datzelfde jaar: “De vriendelijke oude heer die Stéphane Grapelli geworden is, blijft nog altijd een fenomeen in de vioolspeelkunst. Wij hebben dan ook met veel genoegen gekeken maar vooral geluisterd naar de beeldbandopname van zijn optreden in het Paleis voor Schone Kunsten die uitgezonden werd in het kader van de ontspanningsreeks « Nostalgia » (13-4). Het is hier niet de plaats om een discussie op te zetten over wat er al dan niet waardevol en blijvend is in het genre van « de lichte muziek ». Enkel weten wij dat aan « de hedendaagse goden » van « Villa Tempo » nooit met nostalgie zal teruggedacht worden. Zeker niet aan de « Killing Joke »-troep die tussen twee uitzendingen van Parijs-Roubaix het scherm onveilig mocht komen maken van Bartje Peeters (14-4). De grens tussen scherpe sociale kritiek en uitzichtloos nihilisme is door deze kerels wel ver overschreden. Ergst daarbij is dat een gedeelte van de jonge kijkers zich door deze mentaliteit laat aansteken. Hebben wij « Villa Tempo » een tijdje voor vorm en presentatie geprezen dan gaan wij steeds wantrouwiger staan tegenover zijn inhoud. « Love like blood » zegt ons niets. Vooral niet wanneer men ons « In the middle of nowhere » plaatst. Wij weten waar wij willen staan.
Ondertussen (1984) had men Bart Peeters ook al in Nederland ontdekt waar hij werd gevraagd voor “De Baanbrekers”, een programma waarin Peeters trachtte duidelijk te maken hoe je ook een zinvol bestaan kon leiden zonder te werken. In 1986 presenteerde Bart Peeters de loterijshow “Villa Valuta” op Veronica en een jaar later op de BRT “Bingo”, terwijl hij dan bij Veronica zowaar zijn eigen show krijgt.
In 1988 breekt Bart Peeters zelf ook muzikaal door met de Radio’s en “I’m into folk”. Eigenlijk is het op dat moment nog Bart Peeters, begeleid door Soul Sister, die dat jaar echter zelf internationaal doorbreken met “The way to your heart”, zodat Bart moet uitkijken naar eigen begeleiders. Dat worden dan in de eerste plaats de broertjes Mosuse, maar ook b.v. gitarist Danny Lademacher van Herman Brood’s Wild Romance.
Op de Kattekwaad-CD schrijft hij met “Karel” een loflied op Karel Theys, de aan de kant geschoven bassist bij Clouseau. Het lied wordt gezongen door zo’n typisch Clouseau-meisje (naar verluidt de dochter van zangeres Dani Caen) en zet je geruime tijd op het verkeerde been. Het lijkt wel de zoveelste liefdesverklaring aan het adres van Koentje, maar oeioei het blijkt uiteindelijk Karel te zijn. Dat moet ten huize Wauters zwaar aankomen!
Op “Turalura” zetten Bart Peeters en de Radio’s ook een fantastische versie van “Linda” neer, wat ikzelf overigens in een Tsjechische versie heb, gezongen door Tura zelf in een vertaling van Mirek Czerny!
Daarna schreef hij samen met Jan Leyers voor het NTG de rockmusical “Dokter De Vuyst” (première op 16/11/1991). Het NTG heeft een nieuwe directeur en aangezien nieuwe bezems goed keren, wordt er met deze creatie (een popversie van “Faust”, maar géén rock-opera!), gedaan alsof het hier een unicum betreft, maar in feite hebben beide reeds een aantal producties voor het KJT gemaakt. Bart heeft daar namelijk zijn burgerdienst gedaan en zo heeft hij (nog vóór Dirk Tanghe) “Romeo en Julia” b.v. bewerkt voor jongeren, samen met het orkest van Jan Leyers, dat toen nog niet Soulsister heette, maar The Crosswaters. En ook toen al verleende Hugo Matthijsen zijn medewerking, b.v. aan “Frankenstein” (al is die dat zelf blijkbaar vergeten, want hij weigerde om liedjesteksten te schrijven voor Dokter De Vuyst, met als argument: “I hate musicals, so fuck off!”). En verder was er ook nog “De reis naar Pitsjepatsj”, een bewerking van een stuk van het Gripsteater, in november 1982 voor het KJT. Bart zorgde toen ook voor decor en kostuums. En tot slot citeren we nog “Saterday night” (geen tikfout), een eigen verhaal van Bart Peeters en Jan Leyers (toen al) over een orkestje uit Kruibeke (of all places). Ook nu weer is het verhaal trouwens in het Waasland gesitueerd, meer bepaald in het Waasmunster, waar Tom Lanoye niet zoveel eerder reeds zijn “Jules & Alice” liet plaatsvinden in hetzelfde theater.
In 1992 vijzelt Bart Peeters zijn populariteit opnieuw op met “De Droomfabriek” en “Dag Sinterklaas” (alweer op tekst van Hugo Matthijssen).
Uit de film “Boys” houden we van The Radios “Dreamin’ wild”, terwijl ze voor “She goes nana” een beroep doen op het kamerorkest “Prima La Musica”. Op dat moment is de groep echter de facto reeds uit elkaar. Ook op televisie doet Bart een “faux pas”: hij stapt over naar VTM.
Bij het begin van het seizoen 1999-2000 is Bart Peeters echter terug bij wat ondertussen tot VRT is omgedoopt. Samen met boezemvriend Hugo Matthijssen brengt hij op Canvas een televisieversie van het populaire “Leugenpaleis” op Studio Brussel. De titel werd zonder veel inspiratie omgebogen naar “Peulengaleis”. Alhoewel de regie werd gevoerd door Stijn Coninx, die mij de nuchterheid zelve lijkt, was het gehalte absurditeit in mijn ogen net iets te groot om van een succes te spreken. Alleen de pornoscènes (“ik komt! ik komt!”) zullen de geschiedenis ingaan. De rubriek “Koken met Jezus” is als idee wel uitstekend, maar wordt nogal ongeïnspireerd uitgewerkt. Gegarandeerd volgde er natuurlijk wel een relletje (echter van geen kanten te vergelijken met de Urbanusrel van twintig jaar geleden – tijden veranderen), maar dat werd aan kant geschoven. Toch kan ik er niet aan doen, maar ik vrees dat bij een rubriek als “Koken met Mohammed” het land op zijn kop zou staan. De slogan “Eigen volk eerst” mag dan verwerpelijk zijn, het equivalent “Eigen volk, kust mijn kloten” is ook niet zo fraai…
Bart zelf is echter verzot op “Het Peulengaleis” en dat is hem volledig gegund, want daarnaast verwaarloost hij toch niet het klootjesvolk op één. Integendeel, met “Eurosong”, “Hoe?Zo!” en tal van andere programma’s begint hij soms wat tegenwind te krijgen wegens “overexposure”.
Zelf schrijf ik hem in die tijd een mailtje en dat ging als volgt:
Dag Bart,
Ik zal maar meteen toegeven ben dat ik geen trouwe kijker ben van “Hoe?Zo!”, dus het zou best kunnen dat het probleem dat ik wil aankaarten reeds behandeld is (maar dan kan je me misschien meteen een antwoord geven, dat is ook leuk meegenomen).
Na de uitzending van gisteren, zette ik immers een videoband aan met daarop (o.a.) een live-uitvoering van “Manuela” door de onsterfelijke Jacques Herb (jaja, ’t moet niet altijd Arte zijn). Er werd door de zaal flink meegezongen, zodat het niet altijd “juist” klonk, om het met een understatement te zeggen. Daarom hielden de meisjes van de backing vocals hun ene oor dicht. En dat is nou wat mij intrigeert: waarom hoor je met één oor “beter” of “juister”? En ik bedoel uiteraard niet dat als er links van je iemand erg vals zingt of gewoonweg luid te keer gaat, dat je dan je linkeroor beter toestopt, want dat lijkt me nogal wiedes. Nee, het gaat om het “principe”. Gilbert Bécaud b.v. die deed het bijna systematisch
…”
Ik dacht dat dit wel een leuk item in “Hoe?Zo!” zou kunnen opleveren, maar niet dus. Ik kreeg echter wél een antwoordje van Bart:
Beste Ronny
De beste monitoring gaat via het binnenoor, maar een niet reëel geluidsbeeld kan een Doppler-effect geven(dit wil zeggen weer vals, in-ears zijn een kunstje)
Vandaar één oor wel,één niet, goeie oplossing. Groet! Bart

‘k Versta er niets van, maar ’t is wel aardig van zijnentwege.

10 bart peeters

Jo Van Damme wordt zestig…

Jo Van Damme wordt zestig…

Gentenaar Jo Van Damme viert vandaag zijn zestigste verjaardag. We kennen hem allemaal van De Rechtvaardige Rechters op Canvas, ook al is dat nu al enkele jaren geleden en zal Jo dus wel vooral zijn brood verdienen met schrijven. En dan bedoel ik niet zozeer de toneelstukken die hij o.a. voor stadsgenoten Bob De Moor en Daan Hugaert heeft geschreven, dan wel stukjes en columns voor diverse bladen. (Of misschien wel voor één blad, waaraan hij vast verbonden is, ik zou het niet weten, want het is al een hele tijd geleden dat ik hem nog eens tegen het lijf ben gelopen.) Maar wie weet er nog dat hij ooit begonnen is bij de “B.V.B.A. Elektron” op de BRT?
Lees verder “Jo Van Damme wordt zestig…”

Dertig jaar geleden: radio op televisie

Dertig jaar geleden: radio op televisie

Dertig jaar geleden was hét medianieuws uiteraard de start van VTM op 1 februari, maar aangezien De Rode Vaan daaraan een volledig « dossier » wijdde, moest ik mijn wekelijkse televisierubriek opvullen met minder belangrijke zaken. Dat werd dan een stukje dat ik “radio op televisie” noemde en ik zal het zelf nog eens moeten nalezen om te weten wat ik daarmee nu precies bedoelde…

Hét medianieuws deze week is uiteraard de start van VTM op 1 februari e.k. Maar aangezien we daaraan volgende week een volledig « dossier » wijden, kunnen we hier met deze vermelding volstaan. Dat « Zonderlinge zielen » met de Prijs van de Radio- en TV-Kritiek zou gaan lopen, kan al evenmin een verrassing heten. Vandaar dat onze aandacht vooral gaat naar de « Klokke Roeland » die aan Michel Follet werd uitgereikt, omdat daaruit blijkt dat zelfs beroepscritici maar oppervlakkige radioluisteraars zijn. Anderzijds probeert men succesvolle radioprogramma’s (zoals « De Taalstrijd ») op televisie over te doen of haalt men populaire radio-presentators (zoals Felice Damiano) binnen, terwijl er natuurlijk ook mensen zijn als Bart Peeters die in beide media thuis zijn…
Dat « Zonderlinge Zielen » de Prijs van de Radio- en TV-Kritiek in de wacht zou slepen, stond haast bij voorbaat vast. Deze opmerkelijk sfeervolle verfilming door Jean-Pierre De Decker van een aangrijpend scenario van de ondertussen overleden René Verheezen kon immers op unanieme lof rekenen in de binnen- én buitenlandse pers. Het uitstekende camerawerk van Michel Van Laer en de uitzonderlijke vertolkingen door o.a. Josse De Pauw, Els Olaerts en Marc Cassiman hebben daar zeker toe bijgedragen. Maar, zoals gezegd, hiermee vertellen we niks nieuws. Opmerkelijker allicht waren de nominaties. Vooral dan van « Krokant », het smakelijke culinaire magazine van Peter Suetens dat doelbewust tegenover « Kwizien » werd gesteld, waar de informatie wel eens ondergeschikt wordt gemaakt aan de « show » die door de binnengehaalde « vedette » wordt opgevoerd (al kan die, als het b.v. Arno Hintjens betreft, best leuk zijn). Iemand noemde bovendien Herwig Van Hove « de televisieontdekking van het jaar », maar wij houden ons wat dat betreft liever op de vlakte. Dat « De Zevende Dag » en dan vooral de presentatie door Etienne Van Den Bergh ook genomineerd werd, zal allicht vele van onze lezers plezier hebben gedaan. Een echte verrassing kan men dit dus niet noemen, eerder een terechte bevestiging van wat wijzelf reeds hadden aangestipt in ons jaaroverzicht.
De drie nominaties voor de « Klokke Roeland » daarentegen, de prijs voor het beste radioprogramma dus, kunnen wel een verrassing worden genoemd. Het is geen nieuw verschijnsel maar nooit eerder werd zo duidelijk dat zelfs voor beroepscritici de radio meer en meer een achtergrondsfunctie krijgt en niet langer echt « beluisterd » wordt. Dit bleek o.m. uit de vermelding van « Dag en dauw », het ochtendprogramma van Michel Follet op Omroep Brabant dat de voorkeur kreeg op « Klaarwakker » op BRT 1 en uiteindelijk ook de prijs zou wegkapen, en van « Neem je tijd » (BRT 1) omdat deze uitzendingen wel worden beluisterd (of beter: « gehoord ») bij het opstaan en op de autoradio tijdens het spitsuur. Verre van ons om de kwaliteiten van genoemde programma’s in twijfel te trekken (integendeel zelfs), maar het moet toch zonder meer evident zijn dat het uitzenduur hierbij van doorslaggevend belang was. In zijn dankwoord gaf Michel Follet dit trouwens zelf aan: « Voor een programmaatje dat het ene oor ingaat en het andere weer uit, vind ik dit een grote eer. » Misschien kan zijn eigen nieuwigheid « Oordegelijk » (zondagmiddag op Brabant) daar wat aan doen, aan de herwaardering van de radio. Niet alleen wordt er hier goede radio gemààkt, het programma wil heel doelbewust ook aandacht besteden aan andere mensen die met radio bezig zijn of geweest zijn.
De meest « bewuste » keuze was eigenlijk nog de « Leugenradio » van Bart Peeters en Hugo Mattyssen, ’s zaterdags op Studio Brussel. Alhoewel ook dit programma onmiskenbare troeven heeft, is het toch te ongelijk en draait het ook weer op een paar « typetjes », een fenomeen waarmee we de laatste tijd een beetje overvoed zijn. « Linke Gène » mag dan nog bij Omroep Antwerpen een verbetering zijn ten opzichte van de familie Backeljauw toch komt er rap sleet op dit procédé van « cafépraat ».
Dat is misschien nog het meeste te merken aan de figuur van Felice Damiano die nu in opvolging van « Hoger Lager» wekelijks op het televisiescherm te zien is. Blijkbaar tot ergernis van velen, als we de reacties in de kranten en ook wel in onze onmiddellijke omgeving als norm mogen aannemen. Ongetwijfeld heeft veel er mee te maken dat « Hoger Lager » zich tot een ouder publiek richtte dan de nogal erg vlug (en dan nog « krom ») pratende Dré Steemans (zoals Felice’s echte naam luidt, voor wie nog niet wist dat deze « Italiaanse kapper » eigenlijk een doodgewone Limburger is). In de heersende yuppie-filosofie kan men dat argument natuurlijk overboord gooien, maar daar staat dan weer tegenover dat dit oudere publiek veel trouwer is aan het medium terwijl smaak van de jongeren veel sneller wisselt.
Een andere tegenvaller in onze reeks « transfers van radio naar t.v. » is uiteraard « De drie wijzen » (omgekeerd is overigens ook de radio-vervanger van « De Taalstrijd », het dagboekprogramma « Madiwodo », een flop : alle aangezochte « schrijvers » doen zo hun best om goed uit de hoek te komen dat het vreselijk belerend wordt). Dat de montage door technische omstandigheden iets minder vlot verloopt dan gewenst zou zijn, heeft Mark Uytterhoeven zelf reeds uit de doeken gedaan in de eerste aflevering van onze nieuwe reeks « Het Bezoek ». Wat hij er evenwel niet bij vertelde, was dat ook de « wijzen » lang niet zo grappig uit de hoek komen als ze dat in « De Taalstrijd » deden. De humor doet vaak geforceerd aan en vooral, omwille van het andere medium ligt het tempo veel lager. Dit viel me sterk op toen ik eens noodgedwongen (ik lag in bad) een uitzending heb « gehoord » i.p.v. « gezien ». En uiteraard ligt het meest aantrekkelijke van dit nieuwe programma dan ook juist daar waar het manifest van het radioprogramma verschilt, namelijk als er beeldmateriaal wordt gebruikt, voornamelijk in de filmfragmenten.
Bart Peeters van zijn kant is uiteraard op de eerste plaats een televisiefiguur, die juist door zijn veelzijdigheid ook bij de radio aan de slag kon (net zoals prijsbeest Michel Follet trouwens, die na een tijdje van het scherm te zijn verdwenen, te zien is in « Schoolslag »). Deze week (op zaterdag 28 januari om precies te zijn) start op TV 2 zijn « totaalprogramma » (gepresenteerd samen met Paskal De Boosere, de zus van Mister Magic Hands) « De Droomfabriek ». Vanaf 19u met een eerste gedeelte dat zich vooral tot de kinderen richt en dan opnieuw na het nieuws om 20u met een rechtstreekse uitzending vanuit studio 5, waarbij « hartewensen, dromen, fantasieën en nachtmerries » kunnen aan bod komen. Om u een idee te geven: in de eerste aflevering passeren zowel witte chocolade als kriebels in de buik, ossen in Tanzania en dromen van blinden de revue. Het fameuze verschijnsel van « de bekende Vlamingen » is ook nooit ver uit de buurt en de muziek wordt live verzorgd door « The Young Lovers » onder de leiding van Jean Blaute.

Lees verder “Dertig jaar geleden: radio op televisie”

Bart Peeters aan het lijntje

Bart Peeters aan het lijntje

Met « Amusement omtrent ernst » wil het NCOS (Nationaal Centrum voor Ontwikkelingssamenwerking) vijf maal op een relativerende en plezierige wijze mensen bij elkaar brengen om het over het officiële Belgische ontwikkelingsbeleid te hebben. In Kortrijk, Gent, Brussel, Hasselt en Antwerpen worden eind oktober, begin november vijf avondvullende programma’s georganiseerd, met een meer dan behoorlijke affiche. Raymond van het Groenewoud, Bart Peeters en Hugo Matthijsen, Johan Verminnen, Wannes van de Velde met Flamenco-groep verzorgen elk in een van de vijf steden het muzikale gedeelte van de avond. De Zwarte Komedie brengt satirische verhalen. Wurre Wurre biedt een aantal verrassende animaties op het podium en in de zaal. Jessie de Caluwe presenteert. Guy Poppe, Hugo van Dienderen en Paul Houben interviewen politici over het onderwerp van heel de reeks : « politiek fatsoen en het ontwikkelingsrantsoen ». Wij van onze kant haalden Bart Peeters van het « Bingo »-plateau bij Tina Turner weg om hem te vragen hoe « vedetten » daar nu eigenlijk tegenaan kijken om steeds voor een benefietwagentje te worden gespannen ?
Lees verder “Bart Peeters aan het lijntje”

De BRT zij geloofd voor haar tweede net !

00Voor wie het nog niet door had : de BRT zij geloofd voor haar tweede net ! Niet alleen omdat wij op dit net een hele zomer zoet worden gehouden met sport, maar ook omdat het zich goed leent tot zogenaamde « totaalprogramma’s ». Blijft het opzet daarbij vaak in goede bedoelingen steken, dan was « From BRT with love » (31-5-86), gewijd aan de jeugd, toch wel een voltreffer. Niet over de hele lijn weliswaar, vooral de start had lood in de benen. Sepke van « Zeppelin » laten binnenvallen als ongewenste gast op een kinderfeest gaf voor ingewijden misschien wel de kans om parodieën op breakdance, vrije radio’s, videoclips en wat al meer te smaken, voor de meeste kijkers zal het verhaaltje eerder als beangstigend-agressief zijn overgekomen, als ze zagen hoe de allerjongste jeugd door deze gadgets (want ze zijn niet méér dan dat) helemaal ontworteld worden, wat het ergste laat veronderstellen voor de nabije toekomst. De daaropvolgende speciale nieuwsuitzending van « VIP-info » was zo weinig informatief, althans voor wie gewend is het nieuws te volgen, dat we uiteindelijk toch maar naar het « gewone » nieuws op het eerste net zijn overgeschakeld. We veroorloofden onszelf meteen wat vrijaf en haakten slechts in op het einde van de speciale « Elektron »-uitzending. Het jeugdige enthousiasme van Bart Peeters dat vooral bij gelukte scheikundeproeven tot uiting komt, mag voor sommigen dan afstotend werken, wijzelf worden er eerder door aangestoken. Ook uit de selectie « best of Elektron » moesten we vaststellen dat deze jongen het afgelopen jaar toch iets heeft geprobeerd. Dat het niet altijd slaagde, mag hem daarbij vergeven worden. De hoofdbrok van de avond was echter het debat over jeugdwerkloosheid en daarmee samenhangende problemen. Gezien de leeftijd van de gesprekspartners (er was zelfs een jeugdige dertiger bij) kon Leja Van Hoeymissen (foto) hier even uit haar bevoogdende rol van Tante Leja treden. Dat we desondanks geen geanimeerde discussie kregen, was eerder omdat er weinig tegenspraak mogelijk was (de zoon van VBO-voorzitter Leysen naar de studio halen was wel een stunt, maar de jongen was niet bepaald van de tongriem gesneden). Zelfs de gebruikelijke schimpscheuten op de generatie van ’68 konden geen diepergravende analyse uitlokken. Nochtans zou het interessant geweest zijn om even in te gaan op het feit dat de jeugd enerzijds als « braaf » wordt voorgesteld en anderzijds dat als enig mogelijk verzet de redeloze agressie die zich b.v. op het einde van de jongerenmars heeft geuit, naar voren wordt geschoven. Misschien kan de jeugddienst daar later nog eens op terugkomen, want — zoals Bart Peeters ter afronding stelde — deze dienst heeft dit jaar alleszins knap werk afgeleverd en we hopen dan ook dat ze volgend seizoen met dezelfde openheid van geest zal tegemoet treden. (De Rode Vaan nr.24 van 1984)

Popelektron

« Elektron » is een jongerenprogramma waarin popmuziek en populaire wetenschap met elkaar in verband worden gebracht. In « de zoon van Elektron », meer bepaald Popelektron is er echter van die wetenschap niet veel meer te merken. Tenzij de « hoezenschilder » daar in de aflevering van 26-10 moest voor doorgaan. Toch krijgt dit programma onze zegen omdat het voor één keer geen aaneenrijgen van commerciële videoclips is (er zat er maar één in, een fragment uit « Grease 2 », waarom in godsnaam ?). Neen, het ziet er naar uit dat de BRT meer en meer vertrouwd raakt met het popidioom. Vanuit televisiestandpunt bekeken was het optreden van en interview met The Au Pairs op het Pallieterpopfestival te Lier dan ook interessant. Inhoudelijk was het maar zo en zo. Daar staat dan echter de aanwezigheid van De Kreuners in de studio tegenover die vlot in beeld werd gebracht en interessante gespreksstof opleverde. De rol van presentator Bart Peeters (foto) mag hier wel eens onderlijnd. Hij geeft het programma een zekere schwung zonder al te modieus te gaan doen.
Lees verder “Popelektron”