Omkijken met vertraging

In 1987 werd het twintigste Vlaams Theaterjaarboek voorgesteld. Op een moment dat het seizoen ’86-’87 zelf reeds naar zijn eind loopt, betreft het hier echter nog een terugblik op de producties van ’85-’86, iets wat de samenstellers (de vzw De Scène) zelf betreuren en waarvoor ze zich van alle schuld vrij pleiten. Zetten we de feiten even op een rijtje…

Voor zo’n theaterjaarboek dat een overzicht wil brengen van alle theater-, opera-, dans- en poppentheaterproducties, tevens van radio- en televisiedrama, festivals en gastvoorstellingen, zijn de samenstellers uiteraard op de eerste plaats afhankelijk van de producenten zelf. Men zou kunnen veronderstellen dat deze er niet alleen op gebrand zijn zich in het zonnetje te zetten, maar bovendien toch ook in zekere mate de geschiedenis in te gaan (want zo’n jaarboeken zijn op de eerste plaats naslagwerken), maar dat is dan buiten zo’n 20% van de gezelschappen gerekend die het ook na herhaald aandringen vrolijk vertikken tijdig hun gegevens door te spelen. Net voor het afsluiten van de steeds weer uitgestelde deadline kwamen nog de gegevens van de BRT-radio binnen, maar het Gentse en Antwerpse conservatorium schitteren nog steeds door hun afwezigheid. Zoals u wellicht wel weet, staat aan het hoofd van het Gentse conservatorium de heer Huys, kabinetsmedewerker van de minister van cultuur. Voorwaar iemand vol plichtsbesef!
Met dat cultuurministerie heeft De Scène trouwens ook nog een eitje te pellen. Niet alleen zit het blad zelf in moeilijkheden omdat men het niet eens raakt over de wijze van subsidiëren (maar hierover later meer), ook de manier waarop men met dit theaterjaarboek — nota bene ooit een creatie van het ministerie zelf ! – omspringt spreekt boekdelen. Zo werd de subsidie weliswaar lichtjes verhoogd, maar van de andere kant worden nu slechts 50 exemplaren afgenomen, tegenover vroeger 200 of 300. Als men dan de optelsom maakt, dan kwamen de makers er met de vroegere regeling nog beter vanaf !
Een en ander heeft met zich meegebracht dat het aantal redactionele bladzijden zodanig is afgeslankt dat ze nog amper als dusdanig te erkennen zijn. Blijven nog over: één bladzijde van Hugo Meert over de situatie van de Vlaamse dramaturgie, twee bladzijden van Alfons van Impe over de Opera voor Vlaanderen en drie bladzijden van hoofdredacteur Toon Brouwers over 40 jaar KJT, waarbij hij ook nog het « woord vooraf » voor zijn rekening neemt.
INTIMIDATIEPOGINGEN
Overigens ligt niet enkel de laksheid van het cultuurministerie aan de grondslag van deze opzichtige armoede. Ook het Vlaamse toneelwereldje zelf heeft daartoe bijgedragen door zich bij een vorige gelegenheid van zijn minst fraaie zijde te tonen. Omwille van een aantal « zachte duidingsartikels » in het vorige jaarboek, hebben een paar theaters immers een regelrechte boycot op het getouw gezet, wat tot een uiterst slechte verkoop van het vorige nummer heeft geleid, dat juist door die supplementaire redactionele inbreng reeds duurder was dan andere. Ja, over intimidatiepogingen daar kan je met eender welke serieuze recensent een flinke boom over opzetten.
Op basis van wat voorafgaat, kan men reeds veronderstellen dat er in die zogenaamde redactionele bijdragen niet veel wereldschokkende wordt verkondigd. Toch is de bijdrage van Brouwers over het KJT (terecht in de moi, je-stijl geschreven) behoorlijk lucide. Al behoren wijzelf tot de door hem geviseerde critici wier oordeel over het KJT « regelrechte afbraak » wordt genoemd, dan zijn we zeker gevoelig voor zijn pleidooi, maar natuurlijk nog meer voor zijn kritiek. Zo b.v. op de repertoire-keuze van Corry Lievens (sprookjes, sprookjes en nog eens sprookjes), waarvan de gevolgen nu nog steeds blijken na te zinderen, en op de al te voorzichtige vernieuwingspogingen van Joost Noydens, al kunnen we erin komen dat de echte vernieuwing inderdaad van de kleinschaligere theatertjes » moet komen om « de kinderen niet met het badwater weg te spoelen ».
Desondanks heeft een recent bezoek aan het KJT (incognito!) ons weliswaar duidelijk gemaakt dat de zaal inderdaad « nagenoeg steeds haast volledig bezet » is, maar dat er met de grote middelen aan oogverblinding wordt gedaan, zodat de kinderen op het eerste gezicht wel schijnen « ingepakt » te worden door de voorstelling, maar dat ze niet beklijft, niet ingrijpt in hun jeugdige ervaringswereld.
Bovendien worden die grote middelen (die dankzij een ruime subsidiëring kunnen worden aangewend) niet echt à fond gebruikt. We denken hierbij b.v. aan het decor van « Erik » dat ongetwijfeld stukken van mensen heeft gekost, maar dat tegelijk te rudimentair bleef, te weinig tot de verbeelding sprak. Evenmin is het niet zo, zoals Brouwers nochtans beweert, dat de acteurs, aangetrokken door het grote geld, nu wél voluit gaan in hun vertolking. Ten eerste kan men in wat dan heet cafégesprekken nog altijd de frustraties van niet in een « echt » gezelschap te kunnen (mogen ?) spelen er zo afscheppen, maar ten tweede (wat belangrijker is) wordt er ook vaak slordig geacteerd, vooral wat de uitspraak betreft, « ’t is toch maar voor kinderen »…
Hierbij maken we wel graag een uitzondering voor de zogeheten jongerenvoorstellingen, die van een veel betere kwaliteit zijn in zowat alle opzichten. Anderzijds is het dan weer totaal onbegrijpelijk dat Brouwers « vergeet » te vermelden dat Noydens ondertussen is opgevolgd door Walter Merhottein en welke politieke strubbelingen daaraan zijn voorafgegaan.
KLAAGZANG
Dat het stuk van Hugo Meert over de eigen dramaturgie een klaagzang zou worden, daar kon men reeds bij voorbaat donder op zeggen. Meert moet echter (noodgedwongen ?) zo beknopt zijn dat hij niet meer dan een paar algemeenheden kan debiteren. Meestal kan men daar dan ook zonder meer achterstaan (b.v. Duitsland als het grote voorbeeld voor de samenwerking tussen auteurs en theaters). Interessante punten kunnen echter niet worden uitgediept (het belang van de televisie-productie; de prioriteit die het theaterdecreet geeft aan lonen en wedden boven werkingstoelagen). En als Meert tot tweemaal toe dan eens heel expliciet wordt, dan slaan we juist tilt. Wat betekent immers in godesnaam dat « het Mechels Miniatuurtheater kennelijk een groot gedeelte van de rol (kwalitatief én kwantitatief) van het afgeschafte Nieuw Vlaams Theater heeft overgenomen »… ?
Dat de bijdrage van Alfons van Impe ondanks alle « pogingen tot objectiverende analyse » een « oratio pro domo » zou worden, lag al evenzeer in de lijn der verwachtingen. Minder voor de hand liggend is het feit dat van Impe zowaar de syndicale toer opgaat, niet alleen met aan te stippen dat hij geweigerd heeft de financiële restricties van overheidswege (cfr. het niet naleven van het fameuze bijpassingsartikel 42, dat overigens niet zo « onbegrijpelijk » was, aangezien de OVV het met 20 miljoen minder startkapitaal moest doen dan de reeds in moeilijkheden verkerende stadsopera’s van Antwerpen en Gent tesamen !) op het personeel af te wentelen, maar vooral door zijn verdediging van het intercommunale statuut, waarbij hij zelfs laat verstaan dat statutair gezien de vakbonden de omvorming naar een vzw vooralsnog kunnen tegenhouden. A suivre.
69 russell williamsVeertien dagen geleden schreven we reeds dat het theatermaandblad « De Scène » in moeilijkheden is geraakt omdat het cultuurministerie maar niet kan beslissen op welke manier het zou moeten worden gesubsidieerd. We beloofden daarop nog eens terug te komen en hoe kunnen we dat beter doen dan door eerst en vooral uit te leggen waar het schoentje precies knelt. Op het kabinet van minister Dewael wordt dit blad immers als een rotte appel steeds weer op een ander bord geschoven. « Dit is geen literair tijdschrift, dit hoort bij de theatersubsidiëring thuis », zegt men op de afdeling waar men onze temporele cultuur spijzigt. « Wat moeten wij nou met een tijdschrift ? » sakkert daartegenover echter dan weer de RAT.
Als we even boosaardig zouden zijn, zouden we kunnen stellen dat indien « De Scène » echt meer redactionele bijdragen zou bevatten, zodat het er niet langer als een publiciteitsblaadje (zij het van de betere soort) zou uitzien, dat dan de problemen meteen van de baan zouden zijn voor de tijdschriftencommissie. Aangezien we ons echter bij dit theaterjaareinde hebben voorgenomen poeslief te zijn, zullen we het er maar op houden dat onze theatermakers hoegenaamd niet rijp zijn voor een onomwonden beoordeling (denk aan hun boycot van het Theaterjaarboek vorig jaar, in genoemde r.v. reeds behandeld), zodat dit er hoegenaamd niet inzit. Met de nogal ongezonde toestand dat theaters dus hun eigen kopij schrijven (die wel van superlatieven wordt ontdaan door de redactie, maar kom…) en daarvoor dan betalen (indien ze dat niet doen, verschijnt de informatie « sec ») zullen we dus nog een tijdje moeten leven. Want, hoe dan ook, van de 200.000 fr die « De Scène » nu opstrijkt van het cultuurministerie zal men niet ver springen. De uitgavepost vermeldt immers niet minder dan vier miljoen ! Gelukkig zijn er nog de bijna 10.000 abonnees en vooral de publicitaire inbreng.
Aan de andere kant is « De Scène » echter ook het slachtoffer van de perikelen rond de Opera voor Vlaanderen. De O.V.V. had een paar jaar geleden immers besloten al zijn abonnees het tijdschrift cadeau te doen (waarin dan uiteraard extra aandacht werd besteed aan de OVV-producties), maar de 400.000 fr die men daarvoor beloofde, die heeft men in de Eikenstraat in Antwerpen, waar de redactie is gevestigd, nog niet gezien.
Het zou alleszins doodjammer zijn, mocht het tijdschrift, dat nu reeds aan z’n 28ste jaargang toe is, verdwijnen. Daarom ondersteunen we dan ook graag de oproep van hoofdredacteur Toon Brouwers om je maar meteen te abonneren voor 450 fr en as het effe kan zelfs een steunabonnement van 650 fr te nemen. Je kan dat bedrag storten op rek.nr.068-0869470-86.
HET ONDING “PATRICK”
Misschien is het toch wel typisch dat weer zo’n echt instituut van onze cultuur bedreigd is, want men kan niet beweren dat Patrick Dewael echt gierig is. Geheel in de lijn van zijn creatiestimulerende projectenpolitiek heeft hij evenwel de neiging om waardevolle monumenten naar de verdoemenis te laten gaan, terwijl hij anderzijds royaal (sommigen zullen hier tussen haakjes « nou ja » op laten volgen) subsidies uitdeelt aan schimmige figuren die hun luchtkastelen in harde munt laten verzilveren. Die nogal harde formulering (gingen we niet poeslief proberen te zijn ?) lag niet enkel ons in de mond bestorven, maar bijna iedereen die het onding « Patrick » (de naam alleen al !) in het Gentse Nieuwpoorttheater had bijgewoond. Een paar dagen later waren we evenwel al opnieuw min of meer verzoend met die politiek na het zien van de tweede productie van Onfijlbaar, zijnde « Duck Variations » van de Amerikaan David Mamet (al blijven we het natuurlijk een schande vinden dat al wat er niet nieuw en swingend uitziet met die yuppie-dédain wordt behandeld).
Laten we over « Patrick » dus maar erg kort zijn. Het idee van vier schrijvers onafhankelijk van elkaar aan een toneeltekst te laten werken en die nadien met schaar en lijm samen te voegen had nooit het stadium van de cafépraat mogen overschrijden. Zo kunnen we er nog wel een paar bedenken. Een stuk laten regisseren door veertien mensen b.v. en dan nog uitsluitend via telefonische aanwijzingen… Dat er uiteindelijk buiten een monoloog van Walter Van Den Broeck slechts flarden uit de teksten van Mark De Geest, Pjeroo Roobjee en Hedwig Verlinden overblijven, zal deze heren wellicht een zorg zijn. In het kader van « de herwaardering van het auteurstheater » werden ze er immers ruimschoots voor vergoed. Voor 70.000 fr mag men ook een tekst van ondergetekende op scène in stukjes scheuren en verbranden !
Gewoon nog om volledig te zijn : acteurs Katelijne Damen, Els Olaerts en Mark Verstraete doen geen enkel poging om het stuk alsnog te redden. Gelijk hebben ze. In de travestierollen waarin regisseur Erik De Volder ze heeft gestoken zien ze er immers deerniswekkend uit.
00 mia grijpHANDJES VUIL EN PAPA BOOS
Wat een verademing was daartegenover dan die « Duck Variations » ! Hier kregen we ook wel te maken met alle kommer en kwel die ons in dit aardse tranendal welhaast dagelijks overvalt, maar zowel auteur Mamet (zie ook « After hours » en « Sexual perversity in Chicago »), als regisseur Mia Grijp (foto) hebben perfect begrepen op welke manier men dit het best op de toehoorder kan overdragen. En zoals het leven zelve is dit, met een lach en een traan. Terwijl muziek van Vincent D’hondt, uitgevoerd door hemzelf en Bart Defoort, tegelijk voor het tot bezinning aanzettende vervreemdingseffect zorgt.
Maar de lof gaat toch vooral naar de twee acteurs, Daan Hugaert en Dirk Buyse. Twee verschillende stijlen merkte iemand op. Nogal wiedes ! Ze vertegenwoordigen o.i. immers precies de twee componenten die in iedere mens om de macht strijden, namelijk de rede (Buyse) en het gevoel (Hugaert). Met de rede die op alles een antwoord heeft… zolang het maar futiliteiten betreft. En het gevoel dat met een teugelloze fantasie vaak belachelijk aandoet en steeds kan worden weerlegd, maar dat uiteindelijk toch de rede beentje kan lichten als men graaft naar de werkelijke zin van het bestaan. Maar dat alles dus op een zeer vlotte, ontspannende manier, waarbij de lach bijna nooit uit de lucht is. Een bevrijdende en toch bevragende lach, terwijl de eendjes in de vijver verder hun kringetjes draaien. En het gevoel maar eindeloos brood werpen, terwijl de rede zoals in het lied van Annie M.G. Schmidt sakkert : « Kijk nou toch, je jurk wordt nat, je handjes vuil en papa boos »…

Referenties
Ronny De Schepper, Omkijken met vertraging, De Rode Vaan nr.25 van 1987
Ronny De Schepper, « Kijk nou toch, je jurk wordt nat, je handjes vuil en papa boos », De Rode Vaan nr.27 van 1987
Het Vlaams Theaterjaarboek is te verkrijgen voor 470 fr aan de kassa’s van de meeste theaters en culturele centra of mits storting van 530 fr. (inclusief verzendingskosten) op rek. nr 310-0827310-67 van de vzw De Scène, Eikenstraat 16, 2000 Antwerpen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.