“Daar is ‘m! Daar is ‘m”: Georges Grün scoort, Pol Dehert niet

“Daar is ‘m! Daar is ‘m”: Georges Grün scoort, Pol Dehert niet

Op 20 november 1985 kopte Georges Grün de Rode Duivels in een kouwelijke Rotterdamse Kuip naar het WK in Mexico. De Belgische kwalificatie hing op dat moment aan een zijden draadje. Oranje leidde in de terugmatch van het barrageduel immers met 2-0 na goals van Peter Houtman en Rob de Wit. De Duivels hadden de heenmatch met 1-0 gewonnen en moesten dus scoren om Mexico te halen. Vijf minuten voor affluiten bezorgde de mee opgerukte Georges Grün de Belgische fans een delirium. Het ontlokte de legendarische tv-commentator Rik De Saedeleer de woorden ‘Daar is ‘m! Daar is ‘m! Ik weet zelfs niet wie het is, maar we zijn alweer op weg naar Mexico! Het is Georges Grün!” Ikzelf zat die avond in het Gentse Arcatheater, waar regisseur Pol Dehert helemaal niet kon scoren met zijn versie van “Het huis van Bernarda Alba”…
Lees verder ““Daar is ‘m! Daar is ‘m”: Georges Grün scoort, Pol Dehert niet”

Paul Jambers wordt zeventig…

33 paul jambersVorig jaar heb ik de autobiografie van Paul Jambers “Ik heb het gedaan” (*) gelezen. En zo ontdekte ik dat Jambers zowaar nog voor landbouwkundig ingenieur had gestudeerd en dan nog wel in het Gentse “Boerenkot” aan de Coupure, wat voor een Antwerpenaar toch wel merkwaardig is. Aangezien ik zelf vier jaar lang mijn studentenleven heb gedeeld met “boerenkotters” en “peerdepieten” (de veeartsenij lag aan de overzijde) vroeg ik me af waar hij dan wel op kot zou kunnen hebben gezeten. En jawel hoor: “Ik had een kamertje gevonden in een volksbuurt niet ver van de Coupure, waar de Rijkslandbouwhogeschool was gevestigd. Het kamertje maakte deel uit van de achterbouw van een herenhuis in de Brugsepoortstraat, een pand dat verder uitgaf op een oud pakhuis met een achteringang in de volkse Akkerstraat. De eigenaar van het huis was een politieman en ik heb nooit begrepen hoe een politieman eigenaar kon worden van zo’n indrukwekkend pand. Ik vermoed dat zijn vrouw, die van betere komaf was, de zaak had geërfd. In ieder geval speelde ze de baas over de politieman en over de studenten.” (p.55) Paul Jambers had dus verdomme dezelfde kotbaas als mij (het echtpaar Rigoir-Faes)! Uit zijn tekst leid ik weliswaar af dat het gedeelte waar ik mijn onderkomen zou vinden toen nog een “pakhuis” was (Jambers is zes jaar ouder dan ik), maar toch… Want het is nog niet alles: Jambers werd daar bevriend met Vesa Liukku, de oudere broer van Erkki, die in Gent zou blijven plakken en tegen de tijd dat ik student was, woonde hij (Vesa dus) in de Jozef Platteaustraat, in hetzelfde gebouw als mijn collegevriend Marc Riebbels. Ik kwam hem daar dus geregeld tegen, zeker omdat hij op de koop toe in die tijd verkeerde met een germaniste uit het Waasland. Jammer dat ik dit allemaal nog niet wist, toen ik Pieken Paultje telefonisch interviewde voor De Rode Vaan in 1985, dan hadden we nog wat herinneringen kunnen ophalen…
Lees verder “Paul Jambers wordt zeventig…”

WK ’86: gemist…

00« Tenslotte zijn het nog altijd de renners die de wedstrijd maken ». Deze uitdrukking hoort men meestal wanneer bepaalde organisatoren alles hebben gedaan om een wielerwedstrijd te doen slagen, maar de heren renners het vertikken om enig animo erin te steken. Het zal elke wielerliefhebber dan ook ontzettend plezier doen dat het met de wereldkampioenschappen in Colorado Springs (6 en 7/9/1986) precies andersom was. De UCI (de mondiale wielerbond) was alweer eens bezweken voor het grote geld en was de les van Venezuela 1977 ook reeds goed en wel vergeten, zodanig dat deze toch wel omvangrijke organisatie werd toevertrouwd aan wielerenthousiastelingen uit de Verenigde Staten, waar de wielermikrobe dan al stilaan zijn weg mag beginnen vinden, maar waar de grote massa nog totaal onverschillig staat tegenover het verschijnsel.
Lees verder “WK ’86: gemist…”