Jo Van Damme wordt zestig…

Jo Van Damme wordt zestig…

Gentenaar Jo Van Damme viert vandaag zijn zestigste verjaardag. We kennen hem allemaal van De Rechtvaardige Rechters op Canvas, ook al is dat nu al enkele jaren geleden en zal Jo dus wel vooral zijn brood verdienen met schrijven. En dan bedoel ik niet zozeer de toneelstukken die hij o.a. voor stadsgenoten Bob De Moor en Daan Hugaert heeft geschreven, dan wel stukjes en columns voor diverse bladen. (Of misschien wel voor één blad, waaraan hij vast verbonden is, ik zou het niet weten, want het is al een hele tijd geleden dat ik hem nog eens tegen het lijf ben gelopen.) Maar wie weet er nog dat hij ooit begonnen is bij de “B.V.B.A. Elektron” op de BRT?
Lees verder “Jo Van Damme wordt zestig…”

Nicholas Lenz

Nicholas Lens, die zowaar een hitje heeft gehad met “Eva”, heeft klassieke studies contrabas achter de rug en zou zich vooral met opdrachten (zeg maar reclamefilmpjes) en met zijn lief (Myriam Thijs!) bezighouden, tot hij in 1994 vriend en vijand verrast met een heus requiem: “Flamma Flamma” (staat op de cassette van “Suor Angelica”). Daarna pakte hij in New York (dankzij de medewerking van tekstschrijver-diplomaat Herman Portocarero) uit de kameropera “Het Babylon van de bankiers”.

“Loslopend wild” en “Tegen de sterren op”

77531_10151250845900330_1092622409_oIk was niet wild van “Loslopend wild” op één, echter zonder daar nu meteen grote theorieën aan te koppelen over “vrouwen en humor”. Nee, ik vond de diverse scenariootjes gewoon niet goed (genoeg) geschreven. Zoals August Vermeylen destijds om “more brains” stond te roepen, zo roep ik al jaren om “more writers” en vooral “better writers” (de roep om “more writers” heeft enkel maar zin omdat je meer kansen hebt dat er in een groter geheel toch enkelen bovenuit springen). Maar ik heb meer en meer de indruk dat ik een roepende ben in de woestijn. Dat gemis aan goede scenaristen blijkt volgens mij trouwens nog altijd veel meer uit het gelijktijdig geprogrammeerde “Tegen de sterren op” op VTM. Men zegt dat de imitaties daar van uitstekende kwaliteit zijn (ik heb daar zo mijn bedenkingen bij, maar goed), maar dat volstààt natuurlijk niet. Je moet die imitaties neerzetten in een geestig scenario. En daar loopt het nog altijd mank. Dat is trouwens al een oud zeer. Zelfs Chris Van den Durpel (volgens mij nog altijd de imitator par excéllence) kan daarover meespreken. “Sketch à gogo” van Stany Crets en Peter Van den Begin is veruit het beste programma op het vlak van scenario schrijven. Een absurde grap als die over een indiaan en zijn paard is inderdaad te zwak, zelfs voor het moppenwinkeltje van Franske, maar door ze te verwerken in de rest van de uitzending kan men zelfs zeggen dat deze die bewuste aflevering drààgt. Maar goed, om niet al te negatief te zijn: een voorbeeld van hoe het moet, is het zogenaamde “Klagerfestival”. Dààraan is gewerkt. Dàt zijn goede teksten. Proficiat.
Lees verder ““Loslopend wild” en “Tegen de sterren op””

Kindertheater dat niet kinderachtig is

Mijn vermoeden werd bevestigd dat vier nieuwe stukken door één en hetzelfde gezelschap dat dan op de koop toe ook nog voor de organisatie en de accommodatie van zo’n vijf andere theaters moet instaan, te hoog gemikt was. Wim De Wulf is daarvan het slachtoffer geworden. De première van zijn solostuk « Min dertig in de schaduw » diende naar een latere datum te worden verschoven. En misschien is men ook bij « Coco is dada » van Daan Hugaert iets te vlug van stapel gelopen.
Lees verder “Kindertheater dat niet kinderachtig is”