Jimmy Page wordt 75…

Jimmy Page wordt 75…

Morgen wordt de Londense gitaargod Jimmy Page 75 jaar oud…

Jan met de pet kent figuren als Jimmy Page niet, en wie hem wel kent verbindt zijn naam doorgaans enkel en alleen met Led Zeppelin. Zeppelin startte iets meer dan 50 jaar geleden in het najaar van 68, en hield er mee op in december 1980. De maand dat de muziek stierf, toen ook nog John Lennon weggemaaid werd. Op enkele zeldzame reünie concerten na stonden de leden van de band nooit meer samen op een podium. Jimmy Page belooft al 10 jaar lang een ‘nieuwe’ plaat, maar die is er vooralsnog niet gekomen, vanwege te druk bezig met zijn erfgoed. Zelfs Wikipedia blijft schaars met info voor wat de periode na 1980 betreft van onze jarige.
En toch…. wie een dergelijk palmares bijeen speelde behoort tot de allergrootsten die de muziekbusiness voortbracht.
Op 14 jarige leeftijd reeds verschijnen op de BBC in een skiffle bandje, het is niet aan iedereen gegeven. Wat later speelde hij in enkele bandjes zoals Neil Christian and the Crusaders en Carter Lewis and the Southeners, maar dat lukte niet zo best vanwege zijn gezondheid. Een eerste en enige single ‘She just Satisfies’, moet duidelijk gemaakt hebben dat zijn toekomst niet achter de microfoon lag.
Al vroeg in de jaren zestig verzeilt Page in het zogenaamde ‘sessiemuzikanten’ circuit. Een job die behoorlijk goed betaalde, zeker wanneer je regelmatig mocht opdraven in de studio’s. En vanaf het ogenblik dat producers doorhadden dat hij ‘behoorlijk’ goed was in het opvullen van gaatjes, vaak met een rhythm gitaar, werd er quasi dagelijks meerdere keren op hem beroep gedaan. Al snel maakte hij deel uit van een select groepje waartoe ook Clem Cattini, en Bobby Graham behoorden en waar ook ‘Big Jim Sullivan’ deel van uitmaakte. Een van de redenen dat men in de Londense studio’s al snel Jimmy betitelde als ‘Little Jim’, dit om hem te onderscheidden van Big Jim. Deze laatste hanteerde de gitaar op maar liefst 54 Britse nummer een hits uit de jaren zestig. Van deze heren wordt beweerd dat ze deelnamen aan duizenden sessies, waarvan ze het grootste deel zelf vergeten zijn. Of dit klopt zullen we mogelijks nog ooit kunnen lezen in Jimmy’s memoires. Reken dat ze gedurende 3 a 4 jaar dagelijks, op werkdagen alleen al ,3 sessies verzorgden dan kom je toch al snel aan plusminus 1000. De afgelopen vijftig jaar verschenen enkele verzamelplaten met zogenaamde nummers waarop Page een ‘fine young’ of ‘hip guitarslinger’ wordt genoemd. Het is intussen bekend dat de tracklistings niet voor de volle 100 procent kloppen, en dat de betrokkenen de lippen tot nu toe stijf opeen houden. Ooit was er sprake van dat Page de leadgitaar zou hebben gehanteerd op ‘You really got me’ van de Kinks. Iets wat in het verkeerde keelgat schoot bij Ray Davies, opper-Kink. Davies verklaarde later wel dat hij Page ooit in de studio had gezien. Uiteraard aangezien Jimmy talrijke sessies verzorgde voor de in Engeland vertoevende Amerikaanse producer Shel Talmy, die in die dagen zowel de Kinks als de Who onder zijn vleugels had.
Ook Wikipedia laat op dit vlak maar al te vaak steken vallen. Het heeft mij indertijd dik twee jaar gekost om enkele nitwits te overtuigen dat Jimmy Page helemaal geen gitaar speelde op ‘She’s a lady’ van ‘Tom Jones’. Zelfs de Vlaamse ‘popkenner’ Marc Brillouet bleef keihard ontkennen, door mij ‘bewijzen’ te sturen, die uiteraard gebaseerd waren op het ‘fake’ wikipedia artikel.
En dan moet je weten, dat door gewoon de achterkant van de LP She’s a Lady te bekijken iedereen kan lezen dat de gitaar bediend werd door … Big Jim Sullivan. Sullivan maakte begin jaren zeventig deel uit van de begeleidingsband van Tom Jones, tot deze verkaste naar Las Vegas. Sullivan speelde nadien nog dik 10 jaar in het orkest van…. James Last. (Hij staat op enkele lp’s op de foto met zijn dubbelneck gitaar).
Page zal sessies blijven spelen tot zelf op het ogenblik dat Led Zeppelin al bestaat. Zo beland quasi de hele Zep in een studio met PJ Proby voor de lp ‘Three week Hero’. John-Paul Jones bassist van Zeppelin en ook al met een sessiemuzikanten verleden stond voor die sessie geboekt. JPJ bracht zijn nieuwe vriendjes mee.
Tegenwoordig wordt ook vaak de LP of CD ‘Lovin’ up a Storm’ verkocht als een Jimmy Page solo album. Dat is en was het niet. Origineel ging het om een LP van Keith De Groot, ook bekend onder de naam Gerry Temple, die indertijd glansrijk flopte. (Keith De Groot zit op facebook).
Page leent ook zijn gitaar in die periode aan o.a. Donovan voor een gast solo op Sunshine Superman, iets wat hij een paar jaar geleden nog eens overdeed toen Don de gehele LP live speelde. En wie zou ‘Joe Cocker’ en ‘With a little help from my friends’ niet kennen. Ook hier gaat Page geweldig tekeer op zijn fretplank.
Page wordt overigens als vaste huisproducer aangeworven bij het Immediate label. Een label waar op het einde ook de Small faces onderdak vonden ten tijde van ‘Afterglow of your love’. Was het hier dat Page het idee kreeg om ‘Steve Marriott’ te vragen voor een nieuw project dat hij stilaan plande na het ophouden van de band de ‘Yardbirds’ waarin hij actief was. Met de ‘Yardbirds’ maakte hij slechts een plaat, nl ‘Little Games’ in 1967. Van een concert in America een jaar later werden live opnames gemaakt die echter pas zeer recent door Page werden vrijgegeven. Tegen elke bootleg van dit concert heeft hij zich steeds verzet.
In datzelfde straatje van recente uitgaven bevindt zich ook een plaat die hij samen met ‘Brian Jones’ maakte in 1967 voor de film ‘A degree of Murder’.
In ‘68 en ‘69 werkt Page mee aan respectievelijk een album van ‘The Maureeny’ (‘Wishfull Album’) en aan een album van ‘Al Stewart’, (‘Love Chronicles’), waarop ook ‘John-Paul Jones’ te horen is.
In 1971 speelt hij akoestisch op het nummer ‘Same old rock’ van het album ‘Stormcock’ van ‘Roy Harper’, zij het onder het pseudoniem ‘S. Flavius Mercurius’.
Na Zeppelin blijft het even stil, tot we hem toch opnieuw op een podium treffen samen met een schare andere gastmuzikanten, waaronder ‘Paul Rodgers’, ter gelegenheid van het ‘ARMS’ concert dat werd gehouden om geld in het bakje te brengen ter bestrijding van Multiple Sclerosis, een ziekte waaraan ‘(Small) Faces’ gezicht ‘Ronny Lane’ leed. Van het een kwam het ander en samen met Rodgers vormde Page de band ‘The Firm’, goed voor twee albums (‘The Firm’ en ‘Mean Business’). In die dagen had Page in alle stilte thuis ook de muziek gecomponeerd voor de film ‘Deatwish II’ waarin ‘Charles Bronson’ schittert. Tijdens de tournees brengt Page vaak nummers, o.a. ‘the Chase’, uit deze soundtrack. Terug te vinden op een bootleg van goede kwaliteit van hun afscheidsconcert dat doorging in het Wembley stadium. De soundtrack van de film kan je terugvinden in twee vormen, enerzijds als de filmscore en anderzijds als een album met afzonderlijke tracks, waarvan enkele gezongen door ‘Chris Farlowe’.
Tussendoor was er heel even het ‘XYZ’ project, dat tot niets leidde. Ex-leden van ‘Yes’ en Zeppelin (‘Page’, ‘Squire’ en ‘White’) gingen al snel weer elk hun eigen weg.
En toen moet Jimmy gedacht hebben dat het stilaan tijd werd voor een soloalbum, ‘Outrider’, tot op, vandaag zijn enigste soloworp. Een plaat die net als de eerste solo uitspattingen van ‘Robert Plant’, de ex-zanger van Zep, niet door iedereen werd gesmaakt.
Gedurende de jaren 80 zien we hem af en toe opduiken bij oudgedienden zoals ‘Roy Harper’ waar hij meespeelt in 1985 op ‘Whatever happened to Jugula’. Het album in een hoes gestopt, lijkend op een pakje Rizzla sigarettenblaadjes. Enkele oud ‘Yardbirds’ leden nemen een album op onder de naam ‘Box of Frogs’ met covers die ze laten zingen door oude bekenden. Page leent zijn gitaar voor het nummer ‘Asylum’. Ook de ‘Rolling Stones’ maken na zoveel jaren gebruik van Page’s gitaar in het nummer ‘One hit to the body’ (1986). Ook ‘Robert Plant’ zet een nummer op plaat in 1988 met hulp van Page: ‘Tall cool one’ (1988).
Wat de echte fans van Page vooral betreurden was dat hij in 1993 een plaat uitbracht samen met de ‘gehate’ ex-‘Purple’ zanger ‘David Coverdale’, een regelrechte cloon van ‘Robert Plant’.
Ook ‘John-Paul Jones’ was even later (1994) niet gelukkig, toen ‘Page & Plant’ samen een akoestische set speelden voor ‘MTV Unplugged’ onder de noemer ‘Unledded’. Er volgden enkele tournees, en er kwam zelfs een plaat in 1998: ‘Walking into Clarksdale’. ‘Page & Plant’ deden in die tijd ook ‘Flanders Expo’ aan.
Wat velen hadden gehoopt bleef uit. Dit mondde niet uit in een Zeppelin reünie.
In 2000 had Page nieuwe vriendjes gevonden in de ‘Black Crowes’, waarmee hij optrad in de ‘Greek Theatre’. Uitgebracht als dubbel album ‘Live at the Greek’.
Toen ‘Puff Daddy’ hem vroeg om een sample te mogen gebruiken uit het uit 1975 stammende ‘Kashmir’ pakte Page zijn gitaar en ging hij de gitaarstukken zelf inspelen. Zo zit hij nu eenmaal in elkaar.
Over het concert in 2007 en de daaruit voortgekomen live plaat en DVD hebben we het al uitgebreid gehad.
Er werd nadien zelfs gerepeteerd met een mogelijke vervanger voor ‘Robert Plant’, maar alweer liep dit met een sisser af. ‘Jimmy Page’ is naderhand gaan beseffen dat Led Zeppelin as such nu wel echt voorbij is. Hij legt zich tegenwoordig vooral toe op het conserveren van het nagelaten erfgoed van Led Zeppelin, af en toe gestoord door geklop en gehamer bij zijn buur ‘Robby Williams’, die kost wat kost een zwembad wil neerpoten naast de tuin van Jimmy.
In 2012 verscheen na een halve eeuw ‘Lucifer Rising’, een soundtrack die indertijd nooit afgeraakt was.
Van de 2500 exemplaren van zijn eigen geschreven biografie in 2010 was hij binnen de paar minuten verlost.

Eddy De Saedeleer

Lees meer over Page op http://iloapp.sadeler.be/blog/blog?Home&post=194

Lees verder “Jimmy Page wordt 75…”

65 jaar geleden, Elvis Presley: “Don’t call us, we’ll call you”

65 jaar geleden, Elvis Presley: “Don’t call us, we’ll call you”

Vandaag is het 65 jaar geleden dat Elvis Presley voor een tweede keer (na “My happiness”, het verjaardagsplaatje voor zijn moeder uit 1952) opduikt in de Sun Studio’s van Sam Phillips in Memphis. Voor zijn negentiende verjaardag mag hij er voor vier dollar twee nummers opnemen, “Casual Love Affair” en “I’ll Never Stand In Your Way”. Lees verder “65 jaar geleden, Elvis Presley: “Don’t call us, we’ll call you””

Herman Schueremans wordt 65…

Herman Schueremans wordt 65…

Morgen wordt Herman Schueremans 65 jaar. Ik heb vaak met hem te maken gehad. Eerst als PR-mannetje van WEA. Toen hij daar wegging omdat de organisatie van Torhout-Werchter te veel tijd opslorpte, heeft hij me zelfs nog eens gepolst of ik zijn job niet wou overnemen (ter gelegenheid van het interview met The Doors). Daarna heb ik hem natuurlijk een aantal keren ontmoet en gesproken naar aanleiding van dat dubbelfestival. Zo leerde ik hem ook kennen als een gepassioneerd wielerliefhebber. Hieronder volgt dan ook een telefonisch interview uit 1985, toen hij besloten had een wielerploeg te sponsoren. Later veranderde hij het geweer van schouder en organiseerde hij de Ronde van België, die onder zijn leiding de naam Torhout-Werchter-Classic meekreeg. Hier zat ik met hem in de wagen achter Maurizio Fondriest toen die naar de overwinning snelde. Weer enkele jaren later zat Schueremans in een panel op het Feest van de Rode Vaan samen met o.a. José De Cauwer om over de toekomst van het wielrennen te discussiëren. In 1980 had hij trouwens reeds eerder deel uitgemaakt van een panel op ons Feest (zie foto) maar toen ging het over de toekomst van de Belgische platenindustrie. In de jaren negentig tenslotte kwam Herman Schueremans in het parlement terecht (voor de VLD) en alhoewel hij daar volgens critici (te) vaak afwezig was, ben ik hem toch ook daar weer tegen het lijf gelopen, toen ik voor de SP de debatten over het statuut van de artiest volgde.

Zaterdag wordt het nieuwe Vlaamse wielerseizoen op gang geschoten met, hoe kan het ook anders, Gent-Gent. Steeds minder mensen liggen daar echter van wakker, maar toch is er nu in de duisternis van de Vlaamse wielrennerij een lichtje verschenen, zoiets als een aansteker in Vorst-Nationaal. Voor het eerst wordt een wielerploeg immers gesponsord door een rockfestival (Torhout-Werchter) en dat houdt meteen in dat we hier met een nieuwe houding tegenover de wielersport te maken krijgen. We vroegen Herman Schueremans, het brein achter T-W naar het hoe en het waarom.
Herman Schueremans : Omdat T-W een vzw is die, ondanks een redelijke toegangsprijs voor een goed programma, toch nog winst maakt, hebben we twee jaar geleden gezegd : laten we eens iets doen in de film. Dan hebben we « Brussels by night » gesponsord omdat we een lans wilden breken voor een film die nu eens niet rond een mesthoop en een hooizolder draaide, maar tegelijk hadden we gezegd dat dit eenmalig was omdat we telkens iets anders wilden doen. Zo hadden we dit jaar eerst aan het sponsoren van een toneelgroep gedacht, maar uiteindelijk hebben we de voorkeur gegeven aan de sport, wat toch ook een vorm van cultuur is. En dan opteerden we meer bepaald voor een niet-elitaire sport waarin het de laatste tijd niet zo goed gaat, het wielrennen dus. Vooral omdat er daar iemand rondloopt, namelijk Ward Wouters, een notoir socialist trouwens, die deze kwalen van het wielrennen wil genezen, o.m. door jonge mensen volgens de goede manier op te leiden. Dat houdt in : geen kermiskoersen, goede begeleiding, actie tegen doping… Wij doen dat echter niet om meer volk te hebben of zo.
— En daarom ook dat voorstel om « No nukes » op de truien te zetten ?
H.S.:
Inderdaad, het was ons toch om het even. Wij wilden gewoon iets doen met jonge gasten en daarom zeiden we : laten we het plezant houden en met een stunt uitpakken. Maar in de praktijk werd snel duidelijk dat bepaalde organisatoren daar niet zo mee opgezet waren en dan moet je toch opletten dat je de ploeg op die manier niet onthoofdt. Maar het feit dat we dat nu zo hebben verteld is eigenlijk ook reeds een goede reclame en dat in een wereldje dat traditioneel nogal « klassiek » denkt.
— Bij de film van Didden heb je gesteld : we doen dat maar één keer. Betekent dit voor de wielerploeg : we doen dat maar één jaar ?
H.S. :
Er is overeengekomen dat we ons eerst gaan verloven en dat we dan gaan trouwen. De verlovingstijd is één jaar en net als alle moderne huwelijken mikken we daarna nog op twee jaar. Maar of er überhaupt getrouwd wordt, dat wordt beslist in augustus. Dat zal dan gebaseerd zijn op het al dan niet geslaagd zijn van het opzet en op de financiële mogelijkheden van T-W.
— En dat “geslaagd zijn” moet dat uitgedrukt worden in overwinningen of wat ?
H.S. :
Neenee, de verwachtingen zijn dat onze renners zich op een sportieve manier zoveel mogelijk tonen in belangrijke wedstrijden. Het is belangrijker eervol te verliezen dan een overwinning te kopen, daarvoor is bij ons overigens geen budget aanwezig.
— Jullie schijnen ook reeds zeker te zijn zijn van een deelname aan de Tour.
H.S. :
We zijn toch tenminste even valabel als de andere ingeschreven Belgische ploegen (Dries en Lotto, red.) op uitzondering van Splendor dan. Tenslotte heeft onze ploeg vorig jaar in het rondewerk en met name in Levitan-organisaties als de Dauphiné Libéré en de Ronde van de Toekomst een goed figuur geslagen.
— En verder hangt het ook af van T-W ’85 zelf, zeg je, maar dat wordt welhaast zeker weer een voltreffer. Tussen ons gezegd en gezwegen, staan er al namen op papier ?
H.S. :
Op dit moment is nog geen enkel contract getekend, maar als alles goed zit, zullen we dit jaar eindelijk The Pretenders kunnen programmeren, die reeds tweemaal om zeer valabele redenen zijn weggebleven (namelijk dood en nieuw leven) en ook Paul Young zou dit jaar definitief zijn. Ik maak me sterk dat ik nog twee andere toppers vind, zodanig dat we vier sterke namen hebben die goeie muziek brengen en toch veel volk trekken. En dan nog drie of vier groepen voor « puristen », hé.
En natuurlijk wint Benny Van Brabant twee ritten in de Tour op die dagen om het succes volledig te maken.
Uiteindelijk zou het niet Benny Van Brabant die voor de ritoverwinningen zou zorgen, maar wel Ludwig Wijnants, die daardoor een vriend voor het leven zou worden van Herman…
Zelf namen we in 1988 nogmaals de telefoon ter hand want…
Van 9 tot en met 14 augustus heeft de eerste Torhout-Werchter Classic plaats. Een première en toch ook weer niet, want het betreft hier een heruitgave van de aloude Ronde Van België. Aangezien deze rittenkoers de laatste jaren een beetje aan het slabakken was, gebruiken de huidige organisatoren, te weten Herman Schueremans van de Torhout-Werchter popconcerten en Aimé Van Hecke van het Nieuwsblad, deze term niet graag. Eigenlijk is de nieuwe organisatie gewoon daarop geënt omdat er dáárvoor wel een plaatsje op de internationale wielerkalender voorzien was en voor een totaal nieuwe organisatie niet.
Herman Schueremans:
Ik heb altijd graag met de fiets gereden. Ik vind het een keiharde sport, waar je een correct karakter kan in kweken. Maar de idee van een eigen wielerwedstrijd is er eigenlijk gekomen via de sticker van Kamagurka « Torhout-Werchter? Geef mij maar Gent-Wevelgem! » die een generatieconflict aantoonde. Aangezien Torhout-Werchter bij jonge mensen wellicht zelfs nog beter klinkt dan Milaan-San Remo of Parijs-Roubaix, vonden we dat we de interesse van de jeugd best opnieuw konden aanzwengelen door een wielerwedstrijd te organiseren tussen onze twee festivalsteden. Daarbij opteerden we van bij de aanvang voor een hoog niveau, het mag zeker geen kermiskoers zijn. Maar daarnaast brengen we bij de start- en aankomstplaatsen ook optredens van rockgroepen zoals Dr.Feelgood, Raymond van het Groenewoud, Arno Hintjens of The Skyblasters omdat dit de jeugd nu eenmaal aanspreekt. Bij Amerikaanse en Engelse rockartiesten is cycling naast rafting (à la Deliverance met een vlot een stroom afvaren) overigens zeer populair, lenk maar aan Peter Gabriel, Elvis Costello of Eric Clapton, en zo hopen we bij de jeugd opnieuw interesse te kweken voor het wielrennen. Dat doen we ook via het element « mode ». Voor de leiderstruien hebben we Walter van Beirendonck, één van de « Antwerpse zes », aangezocht. Dat zijn dan motieven van dierenvellen geworden: een luipaard voor het algemeen klassement, een giraf voor het puntenklassement (voor wie zijn hoofd het eerst over de meet kan steken), een berggeit uiteraard voor het bergklassement, een slangenvel voor de knelpunten (want daarvoor moet je « sneaky » zijn) en een tijger voor de beste jongere. Verder zullen er in de reclamekaravaan ook mensen uit de non-profit sector meerijden, ik denk daarbij op de eerste plaats aan Artsen Zonder Grenzen en Amnesty International. Kortom, we willen vooral het vooroordeel uit de weg ruimen dat wielrennen iets minderwaardigs is. En via die hernieuwde belangstelling hopen we dan ook dat er meer jongeren aan wielrennen gaan doen, zodat de Belgische wielersport misschien aan een heropstanding toe is. Tenslotte is er veel meer kans dat er een Eddy Merckx opduikt, als men tienduizend jongeren heeft die het wielrennen beoefenen dan als het er maar een paar zijn.
— Ik dacht dat het probleem in België niet zozeer de kwantiteit dan wel de kwaliteit was. Dat onze jonge renners niet genoeg karaktersterkte aan de dag konden leggen…
H.S.:
Dat is wel juist, maar als men het hier in België over kwantiteit heeft, dan gaat het voornamelijk over het aantal wedstrijden, want het aantal jonge beoefenaars neemt wel degelijk elk jaar af, hoor. Ik denk dat er op dit moment vele talentvolle jongeren zijn die misprijzend op dat wielrennen neerkijken en liever een andere sport beoefenen. Dat willen wij veranderen. Vandaar ook dat wij er geen kermiskoers willen van maken. Neem nu de koninginnenrit, Torhout-Werchter dus of wat dacht je. Die start in de Vlaamse Ardennen, genoegzaam bekend uit Gent-Gent en de Ronde van Vlaanderen. In het Pajottenland doen we de Alsemberg aan, zoals in de finale van Parijs-Brussel. En dan gaat het tweemaal over de kasseien van Wakkerzeel, samen 16km, bijna een Parijs-Roubaix waardig, over een totale afstand van 250km. Dat is wat anders dan een ritje van 38km in de Tour de France, hé!
— Over de Tour gesproken, gezien juist al die lovenswaardige opties moet je wel erg ongelukkig zijn met de gang van zaken in « la grande boucle » ?
H.S.:
Dat is uiteraard een zeer spijtige zaak, maar daar kunnen wij nu eenmaal niets aan doen en het kan ook niet van aard zijn om een dergelijk evenement als het onze daarom te schrappen. Maar verder, wat kan ik daarover zeggen ? Delgado noch Theunisse zullen bij ons aan de start zijn en we zijn daar zeker niet rouwig om. Voor mij hoeft er overigens geen grote naam te winnen, al zijn wij natuurlijk wel fier dat naast de grote namen uit België en Nederland ook de ploegen van Fondriest en Bugno aan de start zullen zijn. Ik hoop echter gewoon dat de beste wint en dat ervoor geknokt wordt. Dat is ook de inhoud van een brief die de renners voor de start zullen krijgen. Daarnaast krijgen ze ook nog een CD van Michael Jackson.
Als ze dan maar niet « bad » worden

Lees verder “Herman Schueremans wordt 65…”

35 jaar geleden: Paul Young in Hammersmith

35 jaar geleden: Paul Young in Hammersmith

Het zal morgen 35 jaar geleden zijn dat ik op de BBC een live-optreden zag van Paul Young in Hammersmith. Het was één van de eerste kerstavonden die ik moederziel alleen doorbracht en ik moet toegeven dat dit zijn sporen naliet die avond. Sommige nummers van Paul geven daar nu eenmaal aanleiding toe. Mede daardoor is het een optreden dat voor eeuwig in mijn geheugen staat gegrift. (De Royal Tarts waren er toen nog bij; dàt waren alvast twee balsems op de wonde…)

Dertig jaar geleden: een bezoek aan de topmodellen en popvedetten van Gorki Park

Dertig jaar geleden: een bezoek aan de topmodellen en popvedetten van Gorki Park

Op donderdag 15 december 1988 brengen we een bezoek aan de wereldomroep Gosteleradio, waar we Alexander Pratsjek, Kyrill Brazov en Marina Toptygina ontmoeten en de grote baas Valery Sjvetsov. De reis loopt stilaan naar zijn einde en ik heb nog niets meegemaakt, omdat ik me zo braaf aan het officiële programma heb gehouden. Daarom wijk ik er nu van af en samen met onze tolk Walter, Jaak Smeets en Piet De Moor breng ik een bezoek aan de rockmuzikanten en vooral de oogverblindende mannequins die in Gorki-park een onderkomen hebben gevonden in één van de allereerste “vrije ondernemingen” (bij die mannequins wellicht Masja Kalinina, de Miss Moskou die de voorpagina van Snoecks 90 mag sieren, en misschien ook wel de later wereldberoemd geworden Tatjana Mozegova, die aan bod komt in Snoecks 93 p.254). Ik ben zo verbouwereerd dat ik zowaar vergeet foto’s te nemen! U moet het dus nog maar eens doen met een foto van Svetka, het lief van Walter…
Lees verder “Dertig jaar geleden: een bezoek aan de topmodellen en popvedetten van Gorki Park”