Jolien D’hoore wint met Lotte Kopecky de wereldbeker ploegkoers

Jolien D’hoore wint met Lotte Kopecky de wereldbeker ploegkoers

Jolien D’Hoore (foto Erik Westerlinck) heeft met Lotte Kopecky zondag tijdens de vijfde en voorlaatste manche van de wereldbeker baanwielrennen in het Nieuw-Zeelandse Cambridge goud gewonnen in de ploegkoers. De Vlamingen, die in 2017 wereldkampioen werden in Hong Kong, totaliseerden 39 punten. Daarmee bleven ze de Italianen Letizia Paternoster en Maria Giulia Confalonieri (27 ptn) voor. De Nieuw-Zeelanders Racquel Sheath en Rushlee Buchanan (9 ptn) vervolledigden het podium..

Jolien D’Hoore (Gent, 14 maart 1990) is een Belgisch wielrenster, die al in de jeugdreeksen blijk gaf van zeer talentrijk te zijn. In het baanwielrennen haalde ze verscheidene nationale titels in verschillende disciplines bij de elite terwijl ze feitelijk nog junior was. Tijdens de wereldkampioenschappen baanwielrennen in 2008 maakte ze haar debuut bij de profs. Samen met Evelyn Arys en Jessie Daams werd ze zevende in de ploegenachtervolging. Later dat jaar kon het drietal een bronzen medaille veroveren tijdens het WK voor junioren. D’Hoore werd geselecteerd voor het wereldkampioenschap op de weg bij de junioren in Zuid-Afrika. Tijdens de wedstrijd reed D’Hoore samen met Evelyn Arys, de Italiaanse Rossella Callovi en de Duitse Hanna Amend weg. Het kwartet spurtte voor de zege, waarbij D’Hoore zich de snelste toonde en wereldkampioene werd.
Vanaf 1 januari 2009 maakte ze de overstap naar de profs bij Topsport Vlaanderen-Ridley, de vrouwenwielerploeg van Topsport Vlaanderen. Tijdens de wereldkampioenschappen baanwielrennen te Melbourne eindigde ze negende in het omnium. Hierdoor mocht ze aan de Olympische Spelen in Londen deelnemen. Haar wegseizoen stond in het teken hiervan. Ze werd in afwachting hiervan niettemin Belgisch kampioenschap op de weg bij de dames elite. Op de Spelen nam ze deel aan het Omnium en haalde een verrassende vijfde plaats.
Vanaf 2013 richtte D’Hoore zich meer op de weg. Ze veranderde hiervoor van team en stapte over naar Lotto-Belisol Ladies. In haar eerste seizoen behaalde ze ereplaatsen in de GP Cholet en de Energiewacht Tour, ze won ook Dwars door de Westhoek in de spurt. In oktober maakte ze haar rentree op de piste, tijdens het EK. In het omnium moest ze enkel Kirsten Wild en Laura Trott laten voorgaan. 2014 was het jaar van de definitieve doorbraak, ze won vaak en pakte vele ereplaatsen, in Wielsbeke het Belgisch kampioenschap op de weg bij de dames elite, en dit voor de 2de maal in haar carrière. Ook op de piste presteerde ze op hoog niveau, na zilver op het EK won ze de wereldbeker in Guadalajara. Tijdens het WK hoopte ze op een medaille, maar eindigde als 4de.
Na zes profjaren in Belgische dienst, stapte D’Hoore in 2015 over naar de Britse ploeg Wiggle Honda, waar ze terechtkwam tussen andere topsprinters als de Australische Chloe Hosking en tweevoudig wereldkampioene Giorgia Bronzini. Het wegseizoen 2015 begon goed met de overwinning in de Omloop van het Hageland en één week later haar eerste zege in de wereldbeker, namelijk de Ronde van Drenthe. Ook in de Ronde van Vlaanderen presteerde ze goed met een tweede plek. Ze won de spurt van het peloton, vlak achter haar ontsnapte ploegmaat Elisa Longo Borghini. Later die maand won ze de eerste etappe van de Energiewacht Tour en won ze de sprint om de tweede plaats in Dwars door de Westhoek achter winnares Elise Delzenne.
In juni won ze de Diamond Tour en de tweede etappe in de Aviva Women’s Tour en kwam zes seconden tekort voor de eindzege achter Lisa Brennauer. In Tervuren won ze zilver in het BK tijdrijden op ruim anderhalve minuut achter Ann-Sophie Duyck en twee dagen later won ze net als het jaar voordien de Belgische titel in de wegwedstrijd. In de Giro Rosa kwam ze niet verder dan een 33e plek, maar later die maand won ze drie van de vier ritten (inclusief de tijdrit) en het eind- en puntenklassement van de BeNe Ladies Tour. Op de Avenue des Champs-Élysées in Parijs werd ze tweede in de tweede editie van La Course achter Anna van der Breggen. In augustus won ze met de Open de Suède Vårgårda haar tweede wereldbeker van het seizoen en in september won ze de eerste twee ritten van de Holland Ladies Tour.
Na diverse ereplaatsen eindigde ze haar klassieke voorjaar in juni 2016 met de overwinning in de Flanders Diamond Tour. Twee weken later won ze brons op het Belgisch kampioenschap in Lacs de l’Eau d’Heure, achter Kaat Hannes en Lotte Kopecky. In juli tijdens de Tour de Feminin – O cenu Českého Švýcarska stond ze in drie etappes op het podium, waaronder winst in etappe vier; ook won ze de puntentrui. Eén week later won ze, net als het jaar ervoor, drie van de vier etappes en derhalve het punten- en algemene klassement van de BeNe Ladies Tour.
Op de Olympische Spelen 2016 in Rio de Janeiro behaalde ze een bronzen medaille op de baandiscipline omnium. De Britse Laura Trott veroverde het goud voor de Amerikaanse Sarah Hammer. Eind augustus startte ze in de Holland Ladies Tour, waar ze derde werd in de vijfde etappe. Eén week later won ze de World Tour-wedstrijd La Madrid Challenge, vlak voor haar ploeggenote Chloe Hosking. Na de Spelen in Rio was het wereldkampioenschap op de weg in Doha, Qatar, haar grote doel. Hier werd ze echter slechts tiende. Eén week erna nam ze revanche door samen met Lotte Kopecky in Saint-Quentin-en-Yvelines de eerste Europese kampioene ploegkoers te worden.
In het voorjaar van 2017 won D’Hoore de Omloop van het Hageland en de GP de Dottignies en werd ze nipt geklopt door Lotta Lepistö in Gent-Wevelgem. In de Ronde van Vlaanderen speelde ze geen rol van betekenis, maar twee weken later werd ze, wederom samen met Kopecky, in Hongkong de eerste wereldkampioene ploegkoers. In mei won ze, ondanks een val in de eerste etappe, twee van de drie ritten en het berg- en eindklassement van de Ronde van Chongming. In juni won ze in de sprinttrui de slotrit van de OVO Women’s Tour en op 25 juni werd D’Hoore voor de derde keer Belgisch kampioene op de weg. In juli 2017 won ze in een millimeterspurt met haar oud-ploeggenoot Hosking de vierde etappe in de Giro Rosa.
Op de eerste dag van het WK baanwielrennen in het Nederlandse Apeldoorn behaalde Jolien D’hoore meteen een zilveren medaille in de scratch achter de ongenaakbare Kirsten Wild. In de puntenkoers (opnieuw gewonnen door Wild) werd ze echter pas tiende. De grootste teleurstelling was echter dat Lotte Kopecky wegens een kwetsuur aan de arm haar wereldtitel in de madison niet kon verdedigen. Jolien D’hoore werd dan maar gekoppeld aan de piepjonge Shari Bossuyt en moest zich met een twaalfde plaats tevreden stellen.
Daarna won ze de eerste editie van de World Tour wedstrijd voor vrouwen Brugge-De Panne. Zij won de sprint van het peloton voor wat zij dacht de zevende plaats te zijn, maar op de meet bleken de zes vroege vluchtsters reeds ingelopen te zijn. Daarna werd ze net als vorig jaar opnieuw tweede in Gent-Wevelgem. Ze moest op de meet de duimen leggen voor Marta Bastianelli. Vervolgens won Jolien D’hoore twee ritten na elkaar in de Giro Rosa. (Wikipedia)

Lees verder “Jolien D’hoore wint met Lotte Kopecky de wereldbeker ploegkoers”

Marianne Vos wint in Pontchâteau

Marianne Vos wint in Pontchâteau

De Nederlandse Marianne Vos heeft in het Franse Pontchâteau haar landgenotes Denise Betsema en Maud Kaptheijns achter zich gehouden en zo de voorlaatste manche van de Wereldbeker gewonnen. Daarmee heeft ze nu ook haar eerste eindzege in het regelmatigheidscriterium van de Wereldbeker op zak, aangezien Sanne Cant niet deelnam en daarom in Hoogerheide geen bedreiging meer kan vormen voor Vos.

In 2006 werd Marianne Vos in het Achterhoekse Zeddam wereldkampioene veldrijden. Ze was de Duitse titelverdedigster Hanka Kupfernagel in de sprint te snel af. Eerder dat seizoen werd ze ook al Europees kampioene veldrijden. Op zaterdag 23 september 2006 werd Marianne in Salzburg (Oostenrijk) wereldkampioene op de weg. In de sprint was ze de sterkste van een omvangrijke kopgroep. Trixi Worrack uit Duitsland werd tweede. Van 2007 tot en met 2011 volgden vijf zilveren medailles op rij, een (ergens ook wel triest) record.
Tijdens haar eerste Nederlands kampioenschap op de weg werd ze in Maastricht eerste, door 1,5 kilometer voor de streep Chantal Beltman in te halen. Uiteindelijk bleef ze op de streep Sharon van Essen en Suzanne de Goede net voor.
Eind juni 2006 werd Marianne Vos uitgeroepen tot ‘Talent van het Jaar 2006’. Sinds 15 mei 2007 was zij de nummer één op de UCI-ranglijst. Tijdens de Olympische Spelen in Beijing (2008) won Marianne bij het baanwielrennen de gouden medaille op de puntenkoers. Ze finishte met een ronde voorsprong. Daarnaast reed zij de wegwedstrijd en tijdrit.
In 2011 werd ze voor de vierde keer wereldkampioene bij het veldrijden. Ze won voor de vijfde keer op rij de Keetie van Oosten-Hage Trofee voor beste wielrenster van het jaar. In juni 2011 werd ze voor de vierde keer Nederlands kampioene wielrennen op de weg.
Tijdens de Olympische Spelen in Londen (2012) won ze de gouden medaille op het onderdeel wegwedstrijd. Daarnaast reed Vos ook de tijdrit, waarin ze echter pas zestiende werd.
Tijdens het wereldkampioenschap wielrennen in Valkenburg op 22 september 2012 veroverde zij wederom de regenboogtrui. Ze maakte deel uit van een kopgroep die in de slotfase van de wedstrijd nog uit vijf rensters bestond. Op de Cauberg liet ze haar tegenstanders achter, waarna ze met een door een toeschouwer aangereikte vlag in haar handen de finish passeerde.
Op 28 september 2013 behaalde zij in Florence (Italië) voor de derde maal en voor de tweede keer op rij het wereldkampioenschap op de weg. Op de korte, maar venijnige Via Salviati nam zij op imposante wijze de benen. Het gaatje dat ze sloeg was niet groot, maar groot genoeg voor de wereldtitel. Ze kwam na 140 kilometer alleen aan. Achter de winnares pakte Emma Johansson zilver en Rossella Ratto brons. Anna van der Breggen eindigde als vierde.
In december 2013 werd Marianne uitgeroepen tot Nederlands mountainbikester van het jaar. Daarnaast behaalde ze in diezelfde maand de titel ‘Sportvrouw van het jaar’.
Op 1 februari 2014 werd ze in Hoogerheide (Nederland) voor de zevende keer (waarvan zes keer op rij) wereldkampioene veldrijden met een voorsprong van ruim een minuut op de nummer twee, de Italiaanse Eva Lechner. Op 27 juli 2014 werd op de Avenue des Champs-Élysées in Parijs de eerste editie van La Course by Le Tour de France verreden. Deze wedstrijd voor vrouwen vindt plaats op de laatste dag van de Ronde van Frankrijk voor mannen. De wedstrijd kwam er na een petitie van Emma Pooley, Kathryn Bertine, Chrissie Wellington en Marianne Vos voor een Tour voor vrouwen, na het wegvallen van La Grande Boucle Féminine in 2009. Ik heb ook die petitie nog ondersteund op Facebook. De eerste editie van La Course werd gewonnen door Vos zelf: in de sprint versloeg ze Kirsten Wild.
In de winter van 2014-2015 kreeg Vos last van een hamstringblessure. Na haar bronzen medaille op het WK veldrijden op 31 januari in Tabor stelde ze haar rentree op de weg diverse keren uit. In maart had ze nog ambities om op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro ook deel te nemen op de mountainbike. Op 6 april won ze verrassend haar eerste mountainbikewedstrijd Paasbike in Nieuwkuijk. Op 26 april brak ze echter een rib tijdens een mountainbikewedstrijd in Oostenrijk. Nadat ze tweede werd in haar eigen Marianne Vos Classic, maar vervolgens de Europese Spelen, het NK op de weg en de Giro Rosa moest laten schieten, liet Vos op 21 juli weten de rest van het seizoen 2015 niet meer in actie te komen, omdat ze overtraind was. Ook maakte ze bekend in het veldritseizoen 2015-2016 niet in actie te komen. Zelf noemde ze het verplicht rust nemen “mijn moeilijkste wedstrijd ooit”. In de loop van de winter mocht ze haar trainingen langzaam opvoeren en in 2016 werd ze 10de in haar eerste wedstrijd, de Drentse 8 van Westerveld. Hierna won ze de Pajot Hills Classic, haar tweede wedstrijd na haar comeback. In de sprint op kasseien in Dwars door de Westhoek kwam Vos echter opnieuw hard ten val, deze keer evenwel zonder ernstige verwondingen. Nadat ze voor de 7de keer de 7-Dorpenomloop Aalburg op haar naam schreef, won ze op 21 mei haar eerste World Tourwedstrijd: de 3de etappe in de Ronde van Californië. In die maand werd ze officieel geselecteerd door bondscoach Johan Lammerts voor de Olympische wegrit op 7 augustus, waarin ze haar rol als meesterknecht en waterdrager vervulde. Annemiek van Vleuten was de sterkste op de slotklim, maar kwam in de afdaling zwaar ten val. Anna van der Breggen won uiteindelijk goud; Vos werd negende op ruim een minuut.
In 2018 heeft na de BeNeLadies Tour ook de Ladies Tour of Norway op haar naam geschreven. En dat nog wel met een drie op drie! Enkel de ploegentijdrit moest ze aan haar neusje voorbij laten gaan, maar dat was niet voldoende om haar van de eindzege te houden.
Daarna besloot ze om nog eens alles op het veldrijden te zetten. Nadat Marianne Vos de eerste wereldbekermanche in het Amerikaanse Waterloo had gewonnen en derde was geëindigd in Iowa, heeft de 31-jarige Nederlandse van Waowdeals ook de Grote Prijs Mario De Clercq gewonnen op de Hotond in Ronse. Daarna won ze ook de Superprestige-cross van Ruddervoorde. Het is alweer de vijfde zege van Vos dit veldritseizoen, en de derde overwinning op rij. Ze bleef haar landgenote Annemarie Worst en Kim Van de Steene voor. Vervolgens heeft Marianne Vos de Wereldbekermanche van Zolder op haar naam geschreven. De Nederlandse was haar landgenote Lucinda Brand te snel af in de slotronde na een spannende strijd. Sanne Cant legde beslag op de derde plaats. Het is al de zevende keer dat Vos wint in Zolder. Ze blijft ook leidster in de Wereldbeker en vergroot haar voorsprong op Cant. (Wikipedia)

Lees verder “Marianne Vos wint in Pontchâteau”

25 jaar geleden: nog een oudje dat zich in de kijker fietst

25 jaar geleden: nog een oudje dat zich in de kijker fietst

Precies op dezelfde dag dat Danny Clark zich in Bremen legendarisch maakte, was er nog een 42-jarige die zich in de kijker fietste: de 42-jarige Francesco Moser strandde in Mexico op 430 meter om het werelduurrecord van de 17 jaar jongere Chris Boardman te verbeteren! (Tussen haakjes: ik ben er niet zeker van dat bijgevoegde foto van dat exploot dateert. Kan iemand dat bevestigen of mij de juiste foto bezorgen?)

25 jaar geleden: Danny Clark wordt de “eeuwige” nummer twee

25 jaar geleden: Danny Clark wordt de “eeuwige” nummer twee

Morgen zal het 25 jaar geleden zijn dat de 42-jarige Danny Clark samen met Andreas Kappes de zesdaagse van Bremen heeft gewonnen en daarmee naast René Pijnen als tweede op de “eeuwige lijst” (70 overwinningen) komt te staan. Patrick Sercu blijft onaantastbaar aan de leiding met 88 overwinningen.

Jasper De Buyst wint in Bremen

Jasper De Buyst wint in Bremen

Iljo Keisse en Jasper De Buyst (foto Erik Westerlinck) hebben dinsdag de Zesdaagse van Bremen gewonnen. Het Belgische duo moest maandag de leiding nog afstaan aan de Italiaan Simone Consonni en de Zwitser Tristan Marguet, maar heroverde die dinsdag met brio. Keisse en De Buyst wonnen niet alleen op punten (295). In de afsluitende ploegkoers zetten ze de concurrentie op één of meer ronden. De Deen Marc Hester en Duitser Theo Reinhardt (233 punten) werden op één ronde tweede, Consonni en Marguet (292 ptn) op twee ronden derde. Vorig jaar ging de zege naar de Duitser Theo Reinhardt en Kenny De Ketele, die na zijn val in Rotterdam forfait moest geven voor deze editie. De Ketele was in 2016 eveneens de beste in Bremen.

Jasper De Buyst heeft blijkbaar een goede supporter op Wikipedia die hem daar op de voet volgt. Een gevolg is wel dat de de pagina veel te omvangrijk is om over te nemen. Ik zal me dus beperken tot zijn uitslagen bij de jeugd.
Jasper De Buyst (Asse, 24 november 1993) is een Belgisch baan- en wegwielrenner die anno 2018 rijdt voor Lotto Soudal. Hij is de zoon van voormalig wielrenner Franky De Buyst. Zijn grote doorbraak als jeugdrenner was zijn provinciale titel van Vlaams-Brabant in het wielrennen op de weg. Dit deed hij als tweedejaars nieuweling in 2009. Eerder dat jaar was hij ook al 3de geëindigd in het provinciaal kampioenschap tijdrijden, en het nationaal kampioenschap omnium op de piste. Later dat jaar zou hij in het Henegouwse Saint-Ghislain ook zilver winnen op het nationaal kampioenschap tijdrijden achter Mike De Bie.
In 2010 maakte hij de overstap naar de junioren. Hij trok zijn goede resultaten van 2009 door. Zo behaalde hij ereplaatsen tijdens de provinciale kampioenschappen. Hij werd 3de in de tijdrit en tweede tijdens de wegrit. Maar zijn grote doorbraak volgde eind mei tijdens het Belgisch kampioenschap te Geel. Hij wist er op het vlakke parcours met nog zestien anderen voorop te blijven, in de groepsspurt toonde De Buyst zich de snelste voor Ruben Geerinckx en Emiel Vermeulen.
Tijdens het seizoen 2011 profileerde De Buyst zich steeds meer als een uitstekende baanwielrenner. Zo wist hij zich tot Belgisch baankampioen te kronen in het omnium, de ploegkoers, de kilometer, de individuele en ploegenachtervolging en de ploegsprint. Maar ook schitterde hij op het Europees kampioenschap voor juniores in het Portugese Anadia. Op het onderdeel omnium behaalde hij een zilveren medaille achter de Turk Ahmet Örken. Maar ook op de weg behaalde hij prima resultaten, zo won hij de wegwedstrijd van het provinciaal kampioenschap, en het Belgisch kampioenschap tijdrijden te Tervuren.
2012 betekende voor De Buyst de overstap naar de beloften. Ook tekende hij zijn eerste betaalde contract bij het Amerikaanse team Bontrager Livestrong. Toen Dominique Cornu, Kenny De Ketele, Jonathan Dufrasne en Gijs Van Hoecke zich op het wereldkampioenschap baanwielrennen met een zesde plek wisten te kwalificeren voor de Olympische spelen riep baancoach Peter Pieters hem op als reserve. Verder reed hij dat jaar verscheidene kleinere wedstrijden bij de profs met wisselende successen. Ook pakte hij twee ereplaatsen bij het EK voor junioren. Met Gijs Van Hoecke werd hij tweede op de ploegkoers, en als onderdeel van het achtervolgingskwartet pakte hij het brons. Op het einde van het jaar reed hij voor het eerst de Zesdaagse van Vlaanderen-Gent. Aan de zijde van Tim Mertens eindigde hij op tien rondes als zesde. Met diezelfde partner was hij in december ook nog goed voor een vice-titel in het BK ploegkoers, ze moesten enkel Nicky Cocquyt en Moreno De Pauw laten voorgaan.
Zes jaar later eindigde Jasper De Buyst mooie derde in de Zesdaagse van Gent (aan de zijde van Tosh Van der Sande).

Lees verder “Jasper De Buyst wint in Bremen”