De Engelse filmregisseur Stephen Frears viert vandaag zijn 85ste verjaardag.

Na zijn afstuderen aan Cambridge werkte Frears als assistent-regisseur aan films van Lindsay Anderson (“If”) en anderen. Aan het begin van zijn carrière maakte Frears een programma met de band The Scaffold en wordt hij dan ook genoemd (“Mr Frears had sticky out ears…”) in hun hitnummer “Lily the Pink”. Zijn regiedebuut was de detectiveparodie “Gumshoe” (1971), maar het was zijn regie van “My Beautiful Laundrette” die hem onverwacht meer bekendheid opleverde. Aangezien het scenario voor “My beautiful laundrette” van Stephen Frears geschreven werd door zijn vriend Hanif Kureishi, bewoog Daniel Day-Lewis hemel en aarde om de rol te kunnen spelen van Johnny, een neofascistische, homofiele punk. Frears vond hem te zachtgekookt voor de rol. “Als je mij hem niet geeft, stamp ik de benen van onder je kont,” moet Day-Lewis geantwoord hebben en dat vond Frears overtuigend genoeg om Gary Oldham, Tim Roth en Kenneth Branagh opzij te zetten. De film over een interraciale romance werd in 1985 in de bioscoop uitgebracht en oogstte veel lof. Hij ontving een Oscarnominatie en twee BAFTA-nominaties: de film staat bekend als de film die zowel Frears als acteur Daniel Day Lewis lanceerde.
Frears regisseerde vervolgens de Joe Orton-biopic “Prick Up Your Ears”, een samenwerking met toneelschrijver Alan Bennett, waarna zijn tweede film gebaseerd op een scenario van Kureishi volgde, “Sammy and Rosie Get Laid” (1987). Het jaar daarop maakte Frears “Dangerous Liaisons” in Frankrijk, met een cast bestaande uit onder anderen Glenn Close, John Malkovich, Keanu Reeves en Michelle Pfeiffer. De film, gebaseerd op de roman van Choderlos de Laclos over erotische spelletjes, ontving talloze Oscar- en BAFTA-nominaties, en Frears zelf werd genomineerd voor de BAFTA Award voor Beste Regie. De eindscène van de toneelbewerking die Christopher Hampton ervan heeft gemaakt en waarbij de markiezin door een voltallig operahuis wordt uitgejouwd mag dan nog historisch corrupt zijn, ze ligt toch in het verlengde van wat Laclos beoogt. Na het zien van de film van Stephen Frears was toenmalig intendant van De Vlaamse Opera Marc Clémeur ervan overtuigd dat hier een opera inzat. Maar daarmee heb je nog geen componist. Een Amerikaan, Sousa genaamd (maar niet dé Sousa), had reeds een “opera” rond dit thema geschreven, maar dat is eerder een musical à la Lloyd Webber geworden. En toen (in 1993) was Marc Clémeur aanwezig bij de creatie van de Marcuspassie van Piet Swerts en wist hij meteen dat dit de geknipte man was. De pineut van heel de affaire werd uiteindelijk Milos Forman die met zijn tegelijk uitgebrachte “Valmont” in de kou bleef staan. Deze laatste wijkt vooral af van het originele boek en van het toneelstuk van Christopher Hampton dat aan de basis lag van de film van Frears met een veel optimistischer einde. Bij Forman huwt Cécile wel degelijk met de Gercourt, terwijl ze ook de vrucht van Valmont behoudt. Op die manier kan hij dus “verder leven”.

Frears boekte verder succes met zijn volgende film, “The Grifters”, wederom een ​​verhaal over oplichters. De film leverde Frears zijn eerste Oscarnominatie op voor beste regie. “The Grifters” (1990) toont een ménage à trois, maar dan wel van een heel bijzondere soort: een kleine oplichter (John Cusack) met zijn blonde liefje (Annette Bening) en zijn even blonde moeder (Anjelica Huston). Men kan zich afvragen wie hier de femme fatale is. Misschien weet Oedipoes het antwoord wel…

Zijn film “Hero” uit 1992 was een grote flop in de bioscoop. Dustin Hoffman speelt hierin de rol van een gepatenteerde misantroop, die getuige is van een vliegtuig-crash en ondanks alles zijn leven riskeert om 54 passagiers te redden. Hij wil echter liever niet beroemd worden en daarom geeft een dakloze, gespeeld door Andy Garcia, zich uit als de heroïsche redder. Als er echter ook een prijsticket aan vastkleeft, komt Hoffman tot andere ideeën. Geena Davis is in deze film een TV-journaliste die ook werd gered en tracht uit te vissen wat er werkelijk is gebeurd.
Op die manier wordt de film een komische parodie op de Amerikaanse behoefte aan helden en de manier waarop de media aan die behoefte voldoen. Vooral als blijkt dat de “slechte” het geld heeft gebruikt voor goede doeleinden (zijn collega-daklozen). Vandaar trouwens dat de oorspronkelijke titel “Hero” wegens marketing-doeleinden in “Accidental hero” moest worden gewijzigd en dat men een ander slot moest draaien. Het mocht echter niet baten: de film flopte in Amerika. Men lacht daar niet straffeloos met helden! Het scenario was van D.W.Peoples (“Unforgiven”) en de muziek van George Fenton.

Frears werd ook genomineerd voor een Razzie Award voor zijn regie van “Mary Reilly” met Julia Roberts in de titelrol. Eigenlijk was dit een herwerking van het Jekyll & Hyde-gegeven vanuit het standpunt van de meid, zoals in de gelijknamige roman van de Amerikaanse Valerie Martin. En Stephen Frears (samen met scenarist Christopher Hampton en John Malkovich in de rol van de dokter) ging nog een stapje verder. Hij wilde helemààl niets meer vandoen hebben met een horrorfilm. Hij zocht het meer bij de angsten en psychosen die Sigmund Freud trachtte bloot te leggen. Freud achterna wordt de huiver niet meer in externe omstandigheden gezocht (vampiers en tutti quanti), maar in een interne ziels- of geestestoestand (paranoia, schizofrenie en andere diverse vormen van psychose). Als men de freudiaanse toer opgaat, dan komt men natuurlijk dicht in de buurt van de meer realistische thriller. De verfilming heeft echter zo lang geduurd omdat men er niet uitkwam: men draaide drie verschillende finales en dan was het nog niet goed. John Malkovich schold Julia Roberts na de opnames overigens de huid vol omwille van haar aanstellerige gedrag.

Daarna heeft Frears twee films geregisseerd die gebaseerd zijn op romans van Roddy Doyle: “The Snapper” (1993) en “The Van” (1996). Het derde deel van de Barrytown-trilogie van Roddy Doyle (“The Commitments”) werd evenwel verfilmd door Alan Parker.

Tot de andere films van Frears behoren de western “The Hi-Lo Country” (1998), waarmee hij de prijs voor beste regisseur won op het Filmfestival van Berlijn, “High Fidelity” (2000), waarin hoofdrolspeler John Cusack zich in verschillende scènes rechtstreeks tot het publiek richt, “Dirty Pretty Things” (2002) en de Britse theaterkomedie “Mrs Henderson Presents” (2005). Eigenlijk gunde Bob Hoskins zichzelf de productie van deze film als afscheidsgeschenk. Zijn voornaamste taak bestaat er immers in om naakte meisjes te keuren, want de film gaat over de geschiedenis van “The Windmill”, het eerste erotische theater in Groot-Brittannië. De film bevat een aantal historische fouten. In werkelijkheid overleed Laura Hendersons echtgenoot in 1919. Ze kocht het Windmill Theater in 1930 en begon in 1932 met het opvoeren van de “tableaux vivants” met naakte artiesten. Regisseur Stephen Frears besloot de film in 1937 te laten beginnen om de fantasierijke sfeer van musicals uit de jaren dertig beter weer te geven, maar natuurlijk ook vanwege de oorlogstijd. Homoseksuele handelingen waren destijds strafbaar in Groot-Brittannië, hoewel ze meestal in de doofpot werden gestopt in plaats van daadwerkelijk vervolgd. De aanwezigheid van openlijk homoseksuele mannen in het leger werd als slecht voor het moreel beschouwd, dus het kwam vaak voor dat kerngezonde mannen zich aanmeldden voor dienst en werden afgewezen. Omdat rekruteringsfunctionarissen vaak weigerden zelfs maar toe te geven dat homoseksualiteit bestond, betaalden ze artsen om vervalste medische rapporten te publiceren waarin een ziekte zoals “een hartaandoening” (Bertie in de film, gespeeld door zanger Will Young) werd genoemd als voorwendsel voor de afwijzing van de vrijwilligers.
In 2006 regisseerde Frears “The Queen”, een film over de dood van prinses Diana op 31 augustus 1997. De dialogen zijn natuurlijk onderwerp van speculatie, maar ikzelf vind de introductie van het hert een uitzonderlijke vondst. “The Queen” oogstte enorm veel lof van critici, was een kassucces en won talloze prijzen. Frears zelf ontving zijn tweede Oscarnominatie voor beste regie, en Helen Mirren won diverse prijzen voor haar vertolking van de titelrol.
Eén van zijn beste films, misschien zelfs dé beste, vind ik echter een eerder “kleine” film die hij in Engeland draaide in 2010: “Tamara Drew” met Gemma Arterton in de titelrol. Zij zorgt voor onrust als ze met een nieuw neusje terugkeert naar haar geboortedorp. Maar meer nog dan haar neusje zijn het haar billen die het hoofd van de mannelijke inwoners op hol brengen. Helaas bestaan er geen foto’s van de achterkant van wat voor het overige terecht tot affiche werd verkozen:

De film is gebaseerd op een graphic novel van Posy Simmonds, die op zijn beurt weer gebaseerd is op een roman van Thomas Hardy. Naast de losse verwijzing naar een roman van Thomas Hardy – inclusief een personage dat een boek over Hardy schrijft en een prominente foto van Hardy in een scène – werd de film opgenomen in Dorset, waar de meeste romans van Hardy zich afspelen. “Wessex” is een licht gefictionaliseerde versie van Dorset. De kleine advertentie voor het schrijversverblijf aan het begin van de film draagt ​​ook de titel van de roman: “Far from the Madding Crowd”. Posy Simmonds’ originele graphic novel is in wezen een bewerking van Thomas Hardy’s “Far from the Madding Crowd”.
Zijn adoptiedrama “Philomena” uit 2013, geschreven door Jeff Pope en Steve Coogan, won de prijs voor beste scenario op het Filmfestival van Venetië en de BAFTA’s in 2013. Dat jaar werd de film ook genomineerd voor Beste Film bij de BAFTA’s en de Academy Awards. De hoofdrollen worden gespeeld door Coogan en Judi Dench. In hetzelfde jaar bracht HBO zijn televisiedrama “Muhammad Ali’s Greatest Fight” uit, dat de beraadslagingen van het Amerikaanse Hooggerechtshof weergeeft over het al dan niet verbannen van Muhammad Ali uit de bokssport vanwege zijn weigering om in de Vietnamoorlog te dienen.


1817333165

Zijn biografische film over de in ongenade gevallen wielerkampioen Lance Armstrong, “The Program”, ging in première op het BFI London Film Festival van 2015. In een interview voor The Independent vertelde acteur Ben Foster (34) dat hij bewust doping nam om de rol van Lance Armstrong te kunnen neerzetten. In Het Nieuwsblad vertelt Kevin Hulsmans (rechts op de foto, naast Ben Foster) dan weer over de rol die hij in de film speelt, namelijk die van Filippo Simeoni…
Filippo Simeoni was de Italiaanse wielrenner die het in volle Armstrong-mania aandurfde om de zuiverheid van de Amerikaan in vraag te stellen (omdat hij hem ontmoet had bij Dr.Ferrari, waarmee Simeoni natuurlijk zelf ook schuld bekende). Een en ander leidde tot de befaamde passage in de laatste rit van de Tour 2004 waarin Armstrong, in zijn gele trui, de ontsnapte Simeoni eigenhandig tot de orde roept. ‘En het was voor die scène dat ze een renner zochten die Nederlands sprak, maar met de looks van een Italiaan’, zegt Hulsmans in Het Nieuwsblad. Er wordt niet bij gezegd waarom een Italiaanse renner per se diende te worden vertolkt door een Nederlands sprekende renner, maar kom, we zijn blij dat we op die manier Hulsmans aan het werk kunnen zien.
De scouting gebeurde door ex-renners David Millar en Andreas Klier. `Ik heb geen seconde getwijfeld en heb er ook geen seconde spijt van gehad’, zegt Hulsmans. `We werden naar een locatie in Frankrijk gevlogen waar de opnames ongeveer een dag in beslag hebben genomen. Het ging er superprofessioneel aan toe. De fietsen waren exact dezelfde als waarmee Armstrong en co. in hun tijd fietsten. En toen ik de hoofdrolspeler voor het eerst zag, dacht ik dat Lance voor mij stond. Dezelfde ingevallen oogkassen, die scherpe blik. Tot hij op zijn fiets kroop. Hij kon helemaal niet sturen, zodat hij enkele keren in de graskant sukkelde. Misschien hebben de opnames net daarom een hele dag geduurd,’ voegde hij er lachend aan toe.
Hulsmans is achteraf gezien best trots op zijn rol. `Ik heb niet meer moeten doen dan fietsen en een keer neen knikken, maar ik vond het een leuke ervaring. Als ze me morgen opnieuw vragen, doe ik het opnieuw. Bovendien speelde ik wel de rol van Filippo Simeoni, de renner die het aandurfde om de positie van Armstrong in vraag te stellen. Misschien is hij het wel die de hele zaak aan het rollen heeft gebracht.’
Armstrong himself is uiteraard niet te spreken over de film. Hij heeft nu een podcast en op 19 september 2016 ontving hij in zijn “studio” hoofdacteur Ben Foster. Armstrong kwam meteen to the point: “Het is niet aan mij om te beweren dat het een vreselijke film was. En ik zal ook niet zeggen dat hij voor negentig procent verzonnen is. Of misschien moet ik dat gewoon wél zeggen. Er zijn twee helden in de film: David Walsh en Floyd Landis. Van Walsh kan ik dat nog enigszins begrijpen, maar Landis een held? Onvoorstelbaar.”
Foster treedt hem bij, want hij zegt dat hij een fan is van Armstrong (daarom mocht hij ook komen natuurlijk) en betreurt dat regisseur Stephen Frears een misdaadfilm wilde maken en geen biopic die de persoonlijkheid van Armstrong probeerde te vatten. “Ik kreeg een verbod om je te contacteren,” zegt Foster. “Mijn idee van jou is dat van een oorlogsgeneraal. Je wil winnen en het doel heiligt de middelen. Die dimensie hebben we onvoldoende kunnen overbrengen.”
Daarna draaide Frears een andere biopic over iemand die vals speelt, of beter gezegd: vals zingt, namelijk Florence Foster Jenkins. In 2017 volgde nog “Victoria & Abdul” over de islamitische Indiër Abdul Karim (Ali Fazal), die vanuit India arriveert om deel te nemen aan het gouden jubileum van koningin Victoria (Judi Dench). De jonge klerk is verrast dat hij de gunst van de koningin wint. Terwijl Victoria de beperkingen van haar aloude positie in twijfel trekt, smeden de twee een onwaarschijnlijke en hechte band die haar hofhouding en naaste kring proberen te verbreken. Naarmate hun vriendschap hechter wordt, begint de koningin de veranderende wereld met nieuwe ogen te zien en herontdekt ze vol vreugde haar menselijkheid, aldus het standpunt van regisseur Stephen Frears, al geeft hij toch wel aan dat Karim haar op een aantal punten heeft bedrogen (dat hij gehuwd was, het feit dat hij een geslachtsziekte had en natuurlijk vooral het aandeel van de islamieten in de rebellie tegen Victoria).

In 2019 draaide hij de serie State of the Union. Deze volgt Louise (Rosamund Pike) en Tom (Chris O’Dowd) die elkaar in een pub ontmoeten vlak voor hun wekelijkse relatietherapiesessie. Elke aflevering laat zien hoe hun leven was, wat hen samenbracht en wat hen uit elkaar begint te drijven. In 2022 volgde een Amerikaanse versie.

Frears woont momenteel in Londen met zijn vrouw, de schilderes Anne Rothenstein, en hun twee kinderen. Hij heeft ook twee kinderen uit zijn vorige huwelijk met Mary-Kay Wilmers.

Ronny De Schepper (op basis van Wikipedia)

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.