55 jaar geleden: brand in ’t Kuipke

55 jaar geleden: brand in ’t Kuipke

Op 12 november 1962 werd het Kuipke, zoals de velodroom die in 1927 in de kleine hal van het Gentse Floraliënpaleis was gebouwd, algemeen werd genoemd vanwege zijn kleine omtrek (160m.) en erg steile bochten, door een brand verwoest. Een onvoorzichtige toeschouwer had de avond voordien een sigaret vlakbij butaangasflessen laten vallen. Die flessen ontploften en de houten piste, het dak en de muren gingen volledig in de vlammenzee op. Een nieuw Kuipke met een baan van 166,66 m werd pas in november 1965 in gebruik genomen. De grote baas was toen nog ex-wielrenner Oscar Daemers, maar in 1974 werd hij vervangen door André D’hont, die ik in 1989 ben gaan interviewen voor De Dulle Draak n.a.v. de jaarlijkse zesdagen, die dit jaar overigens op 14 november start. Ik heb vandaag nog eens op internet gezocht hoe het op dit moment met mijnheer D’hont is gesteld, maar ik heb niets over hem gevonden. Wie mij wat meer kan vertellen, wordt hierbij dus ten zeerste uitgenodigd dat te doen…
Lees verder “55 jaar geleden: brand in ’t Kuipke”

Het verband tussen “hartdoden” in de wielersport en de 100km ploegentijdrit (*)

16 bij eddy merckxAlle ophef rond dat nieuwe boek over Eddy Merckx, waarin wordt beweerd dat hij aan een hartkwaal zou hebben geleden, waardoor hij eigenlijk niet eens in aanmerking zou zijn gekomen om wielrenner te worden, heeft alvast één voordeel: het brengt opnieuw de relatie ter sprake tussen het schrikwekkend hoge aantal “hartdoden” in de wielersport en de 100km ploegentijdrit, een relatie waarop ik persoonlijk al lang heb gehamerd. Paul De Keyser citeert in “Het Nieuwsblad” immers zijn voormalige collega Rik Vanwalleghem die de mythe van de hartkwaal van Merckx ontkracht door erop te wijzen dat dit teruggaat op een dispuut met Oscar Daemers: “Tijdens een stage met de nationale selectie van bondscoach Oscar Daemers werden de renners medisch onderzocht. Merckx kreeg slecht nieuws: het zat niet pluis met zijn hart, hartritmestoornissen. Zijn huisarts reageerde verbaasd: nooit iets gemerkt. Het was echter duidelijk dat coach Daemers niet hoog op liep met ‘die Brusselaar’. Selecties werden toen zwaar beïnvloed vanuit de provincies. De délégué van Brabant had niet veel in de pap te brokken, die van Oost-Vlaanderen en Antwerpen des te meer. Volgens Oost-Vlaming Daemers stelde Merckx niet veel voor als coureur. ‘Als klimmer staat hij nog nergens. Hij kan geen molshoop over!’ Moeder Merckx pruttelde nog even tegen, waarop Daemers haar paaide met de belofte dat Eddy mee zou mogen doen met de 100 kilometer ploegentijdrit. Toevallig een van de meest veeleisende disciplines. En dát met een slecht hart? De opmerking viel slecht. Daemers gooide de telefoonlijn met moeder Merckx dicht. ‘Gij koppigaard!’ Huisarts Fesler nam contact op met zijn Gentse collega Marlier, die de test had afgenomen. Die viel al snel door de mand: hij had opdracht van Daemers gekregen om Merckx af te keuren. Dreigen met een klacht bij de Orde van Geneesheren mondde uit in een nieuw cardiogram. Als bij mirakel werd Eddy helemaal in orde bevonden. Een paar maanden later werd hij in Sallanches wereldkampioen. Wie was de eerste om een felicitatietelegram te sturen naar moeder Merckx? Oscar Daemers! ‘Gefeliciteerd, mevrouw.’
Lees verder “Het verband tussen “hartdoden” in de wielersport en de 100km ploegentijdrit (*)”