Voor vele progressieven in Vlaanderen is de oproep van Volksunie voorman Maurits Coppieters (1920-2005) en SP- boegbeeld Norbert De Batselier (1948) in 1996, om de progressieve krachten in Vlaanderen te bundelen, verdwenen in het rijk der nevelen van de geschiedenis. De oproep werd Het Sienjaal genoemd naar de titel van een dichtbundel (1919) van Paul Van Ostaijen. Vraag: wat is er van Het Sienjaal overgebleven? “Naar mijn weten,” schrijft Miel Dullaert,  “is er één publicatie die er een heel dossier van 90 blz. aan besteed heeft, met name het theoretisch maandblad  van de SP.a, Sampol.”

Voor de hoofdredacteur van het maandblad Sampol  Wim Vermeersch was: “Het Sienjaal het geesteskind van de Vlaamse natiebouwers Maurits Coppieters en Norbert De Batselier. Het was een bij uitstek Vlaams project… ‘Links’ en ‘Vlaams’ zijn om historische redenen nooit bij elkaar geraakt. Groene dissidenten zoals Hermes Sanctorum en Lucas Vander Taelen en rode dissidenten zoals deze van de Aalsterse SD&P zouden wel in een nieuwe Vlaamse- groen- rode beweging kunnen gedijen maar voor de rest zijn er nog nauwelijks linkse flaminganten”.  (hier vergeet hij dat er nog kleine kernen zijn rond het Priester Daensfonds, de Vlaamse Socialistische Beweging, het maandblad Meervoud, Vlinks).

Het Sienjaal, de naam die aan de oproep werd gegeven, is nauw verbonden met de modernistische dichter en prozaschrijver, de Antwerpenaar  Paul Van Ostaijen (1896-1928). Een van zijn dichtbundels heet Het Sienjaal (1919). Paul Van Ostaijen werd gezien als een links-progressief flamingant. In het 90 blz. tellende dossier over Het Sienjaal in het theoretische tijdschrift van de SP.a  Sampol (*komen de partijvoorzitters van Groen en de SP.a, de PvdA, de woordvoerders van de grote zuilen en wetenschapslui aan bod.  De meeste bijdragen in het maandblad spreken niet over wat Het Sienjaal beoogde: de Vlaamse natie als ‘theater’ van linkse-progressieve actie. Het is precies of in sommige bijdragen de Vlaamse natie niet bestaat, zelfs met het overdonderend electoraal gewicht van de V-partijen. Er zijn bijdragen bij waarin geen enkele keer het begrip Vlaanderen wordt vernoemd.

                                                                                              X

Als vooraanstaande politicus van de gestructureerde politieke linkerzijde die zich belgicistisch profileert, moet Norbert De Batselier  over een zekere dosis politieke moed beschikt hebben om  scheep te gaan met een Vlaams nationalist, Maurits Coppieters. Kort na het  SP-Toekomstcongres van 1998  gaf N. De Batselier  een toespraak voor sociaaldemocraten met als titel: “Naast de sociale- en ecologische vanzelfsprekendheid, moet ook de Vlaamse evidentie van de SP  benadrukt worden” (2000).  N. De Batselier: “We moeten vertrekken vanuit een positieve erkenning van een Vlaams identiteitsgevoel dat voortvloeit uit het gemeenschappelijke sociaal- economisch- , politiek- en sociaal-cultureel verleden en een gedeelde toekomst… Zo staat de SP niet voor Belgisch nationalisme, evenmin zoals de Volksunie veralgemeend mag worden met rechts conservatisme. Zo heeft de SP in haar verleden steeds erg vooruitstrevende Vlamingen gekend. De naoorlogse (B)SP heeft onder mom van “Vlaams= zwart” de indruk gewekt dat de SP een Belgische partij was terwijl ze in Vlaanderen haar kiezers heeft. Ook de Vlaamse strijd heeft in progressieve middens vaak een verkeerde invulling gekregen. Al te vaak wordt die overschaduwd door een zwarte periode en door de opeising van de ultrarechtse minderheid dat zij de ware vertegenwoordigers van Vlaanderen zijn… Ik haal dit stukje geschiedenis boven omdat ik vind dat er te weinig SP-ers en zeker niet-SP-ers zijn die deze zaken weten. De Vlaamse en sociale ontvoogding heeft altijd al dezelfde doelstelling gehad”.  Van deze toespraak vinden we in Sampol dezelfde geest terug, maar er blijkt toch een grote teleurstelling. N. De Batselier: “De teksten van Het Sienjaal vandaag herlezen geeft een verrassend gevoel. De huidige maatschappij tendensen zagen Maurits Coppieters en ikzelf in 1996 al aankomen. Er was op dat moment o.i. nood aan een nieuw samenhorigheidsgevoel rond een progressief radicaaldemocratisch project. Helaas botsten we op wantrouwen en onwil bij medestanders in alle progressieve partijen. Ieder bleef kijken vanuit het eigen hokje.”  

Een interessante bijdrage in het Sampol-dossier  komt van de jonge progressieve flamingant  Tom Garcia, lid van de pas opgerichte Vlinks-groep, onder de titel “het linkse speelveld is ruimer dan je denkt”. T.Garcia: “Net als in het Belgische kader, heeft rechts ook in de Vlaamse beweging de overhand genomen.” Hij pleit ervoor “dat links zich minder antirechts zou tonen en meer zo focussen op een positief, links verhaal “. Het is  zo erg dat voor velen van Belgisch links, rechts en Vlaams zo goed als synoniem is, iets wat de rechterzijde maar al te graag beaamt. Als gevolg daarvan ontstond een brede kloof tussen links en Vlaams. Nationalisme en regionalisme zijn vieze woorden geworden. Dit, terwijl het in vele landen onlosmakelijk met links verbonden is. Denk maar aan Schotland, Catalonië en Baskenland. Linkse flaminganten zitten zo tussen het aambeeld van klassiek links en de hamer van Vlaams rechts. T. Garcia betreurt sterk de reactie op de zogenaamde afscheuring van enkele Aalsterse socialisten in de duidelijk Vlaamsgezinde SD&P.

Het Sienjaal ging over staatsvorming

Het dossier Sampol eindigt met een interview met Prof. Bruno De Wever, historicus . Hij geeft een aantal beschouwingen over het project dat M. Coppieters en N. De Batselier op gang brachten met Het Sienjaal. Zoals algemeen aanvaard, is nationalisme een zwakke ideologie, die niets zegt over hoe de maatschappij moet georganiseerd worden. Nationalisme zegt alleen dat natie en staat congruent moeten zijn. Ook vandaag is het voor de linkerzijde nog steeds de vraag of de natiestaat en de authentieke identiteit zoals Coppieters en De Batselier destijds bepleitten, wel het beste antwoord bieden op neoliberalisme en de mondialisering, aldus B. De Wever. Nog altijd omarmen de meeste linksen in Vlaanderen de Vlaamse natiestaat niet. (red. het is één van de redenen voor hun marginalisering). Socioloog en sociaaldemocraat Mark Elchardus vormt daarop een uitzondering; voor hem kan de natiestaat wel een buffer vormen tegen de markt. En over de virulente afkeer van de huidige generatie Vlaams-nationalisten voor het socialisme zegt Bruno De Wever het volgende: “De Vlaamse beweging stimuleerde een Vlaamse subnatie in het België. Op een moment dat België een vooruitstrevende liberale natiestaat was, met grote vrijheden voor de burger. Daardoor ontstond er een conservatief, antistaats en antiliberaal Vlaams-nationalisme. Het verklaart mee waarom het Vlaams-nationalisme in de Tweede Wereldoorlog in de collaboratie verzeild geraakte. De repressie nadien raakte duizenden Vlaams- nationale families die daardoor een irrationale haat tegen België gingen ontwikkelen. Waarom zijn Vlaams nationalisten zo rabiaat antisocialistisch? Het socialisme is één van de grote dragers van het verlichtingsidee en van de liberale ideeën in de filosofische betekenis van het woord. De strijd van het Vlaams nationalisme tegen de Belgische staat als liberaal project van burgerlijke vrijheden verklaart gedeeltelijk waarom het Vlaams-nationalisme meer doordesemd is van conservatief, dan van progressief denkende mensen”. Wat De Wever vergeet is dat in het jonge België er misschien wel burgerlijke vrijheden waren maar dat de ellendige levensomstandigheden van het proletariaat en de onderdrukking van de Vlaamse bevolking door de Franstalige heersende klasse van België, het linkse sociaal flamingantisme deed ontstaan als een natuurlijk proces (bijv. Emile Moyson, e.a.). In het jonge België viel sociaal en flamingant zijn samen.  In het schitterend boek “Het Rode Vaderland”(2005) van Maarten Van Ginderachter kan gelezen worden hoe Vlaamsgezindheid en socialisme in de 19e eeuw hand in hand gingen. Men mag dus niet stellen dat rechts en vlaams-nationalisme een soort natuurwet is.

Coppieters was volgens Bruno De Wever een romantische nationalist. In Het Sienjaal lezen we dat een authentieke culturele identiteit nodig is tegen de neoliberale globalisering. Coppieters heeft het ook over de “geborgenheid van het vaderland” in een nieuwe “WIJ-identiteit”. Volgens Bruno De Wever ging Het Sienjaal finaal over staatsvorming van Vlaanderen. We denken dat Bruno De Wever hier de kern van de zaak raakt. Aansluitend bij wat Bruno De Wever zegt is het duidelijk dat de sociaal- en christendemocraten en hun zuilen zich in de jaren negentig volop inschreven in de neoliberale globalisering (en het Belgische kader als onderdeel ervan) wat haaks stond op wat Het Sienjaal bedoelde. Het radicaaldemocratisch project van Het Sienjaal bood een Vlaams alternatief. Wie als volk niet wil worden vermalen door de grote krachten van het geglobaliseerde wilde kapitalisme kan zich niet beperken tot een socio-culturele natieopbouw. Een democratische staatsopbouw is het enige middel om met succes uit de geglobaliseerde netwerken te stappen en als soevereine natie de welvaart en het welzijn van het volk te garanderen. De sterkste natiestaten zullen zich redden.  De zwakke naties zullen verdrinken in de geglobaliseerde draaikolk van chaos, oorlogen, sociale dumping en roof.

Miel Dullaert

(*) Sampol, Samenleving en politiek, maandblad, september 2016, 111 blz., hoofdredacteur Wim Vermeersch,  Bagattenstraat  174, 9000 Gent.

(uit het maandblad Meervoud, december 2016)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.