Tien jaar na het positief onthaalde ‘Werk’ waar zijn dochtertje een flink aandeel in had, publiceert de acteur Josse De Pauw ‘In open veld’ (Borgerhoff-Lamberigts, 2021). Vijftig jaren staat hij inmiddels op de planken, en de eerste jaren vooral ook op pleinen en in straten, en zagen we hem op het filmdoek en televisiescherm. Het is deze levensloop, deze carrière die we in dit werk kunnen volgen.

Jaar na jaar vanaf 1970, want het is vrijwel steeds chronologisch ingedeeld. In korte hoofdstukjes, schetsen. Die steeds voorafgegaan worden door een korte algemene duiding over wat er dat jaar in de wereld gebeurde, politiek, een ramp, muziek, faits divers… ernstig maar ook met een knipoog. “Dat hij eender waar ter wereld kon gaan zitten en opschrijven wat hij zag en wat hij daarbij dacht en voelde, in zijn eigen taal, was een van de grote geruststellingen in zijn leven geweest. Het was zelfs niet nodig dat iemand anders dan hijzelf het ook nog zou lezen, het schrijven was de kern van de zaak. Dat hij woorden had.” Het is dit genot dat van de pagina’s spat. Zodat ‘In open veld’ een aangenaam, vlot te lezen boek geworden is. Met ene Pauw als verteller…

Zo krijgen alle mensen die het leven van Pauw, Josse dus, bevolken, die vele jaren, hun betekenisvolle bijnaam: Peperkoeken Woesteling, Engel, Peper, Vet, Baard, Glazen Boterham, en herkennen we aan de stamtafel in de Iets Te Dikke Jonge God niet Marc Didden, en is Kleine niet Dominique Deruddere… Met deze laatste filmde hij ‘Iedereen beroemd’ dat een Oscarnominatie kreeg, met Didden ‘Sailors don’t cry’. Kompanen, vele voor het leven. Van het conservatorium te Brussel en de drankgelegenheden in de buurt, via het ‘alternatieve’ toneelgezelschap dat hij met drie vrienden opstart ‘Radeis’, dat op het ogenblik dat ze het willen ontbinden door een wonderlijk toeval opgepikt wordt en een jarenlang leven van succesvol toeren over de ganse wereld beschoren is. Zo naar een bevredigende theatercarrière, naar films als ‘Crazy Love’ en ‘Hombres Complicados’. Tot zelfs het opvallende werken met kinderen in Huis Victoria, een ophefmakende productie werd het, ‘Übung’ die ook het jonge grut naar de US, Australië, Canada, Singapore en natuurlijk gans Europa voerde.

Ach beroemdheid… je merkt het niet wanneer je de avonturen leest. Het is een schakel van wroeten, vaak vechten tegen de bierkaai, ook successen al worden die of terloops of meestal niet vermeld; wie de prijzenlijst wil kennen moet er andere bronnen op naslaan. ‘De ronde’, ‘Met man en macht’ gaven hem een gelaat voor het tv-kijkend Vlaanderen. En er was het LOD Muziektheater te Gent waar hij o.m. een trilogie voor schreef, en Transparant te Antwerpen waar hij aan drie opera’s meewerkt. Van alle markten thuis.

Boeiend is het hoe hij zijn relatie met regisseurs uit de doeken doet, welke aanpak hem zint, welke niet. En hoe hij in contact komt en verliefd wordt op jazz. Dan duikt, onverwacht, een heel strijdbare, geëngageerde Pauw op in zijn kritische blik tijdens de twee maanden filmopnamen in Cuba: de schoonheid van mensen en natuur versus de harde realiteit – en hoe hij met zijn commentaar daarop hier zal afgerekend worden.    

Een boeiend verhaal, ongetwijfeld. Over de mens Pauw. Over theater en film in Vlaanderen. Maar de essentie: een werveling van poëzie, van prachtige taal. Over mensen, vriendschappen, natuur, stadsbeelden, ontroerende gebeurtenissen. Heel kleine dingen worden opgemerkt en onder de microscoop van de auteur uitvergroot, onder onze aandacht gebracht. Het ‘grote’ weet hij te gepasten tijde met een monkellach te relativeren, desnoods op een schavotje te zetten. Ja er schuilt voldoende humor tussen de regels, zo losjes uit de pols, nooit opzettelijk – een glimlach, hooguit af en toe een grimlach maar (De) Pauw maakt zich hier nooit echt druk. Hij blijft zich amuseren. Het lijkt of zijn tijd te kostbaar is om druk te doen of een zwarte bril op te zetten. Hij heeft genoten, en geniet al schrijvend. In een bevlogen taal. En daar mag al eens een filosofische gedachte, een mijmering tussen opduiken. Zij is meegegeven, niet opgedrongen.

Tot slot wil ik met u nog even naar de palmbomen kijken door de ogen van Pauw: “Palmbomen hebben iets met kitsch, ze verlenen het een zekere status. Pauw vond palmbomen bijzonder. Ze verschilden zo helemaal van de beuken en de eiken die hij kende uit zijn jeugd, van de fruitbomen waar zijn vader elke zomer de lange ladder tegenaan gooide. Palmbomen staan er altijd wat slordig bij, alsof ze zichzelf niet ernstig willen nemen, alsof ze ervan uitgaan dat ze een grap zijn en daar vrede mee hebben.” Poëzie, en iets om even over na te denken…    

Johan de Belie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.