Het is al vijf jaar geleden dat de Nederlandse wielrenner en ploegleider Peter Post is overleden. Mijn oudste herinneringen aan hem gaan zowaar terug naar de tijd toen hij nog als jonge snaak aan de zijde van ouwe rakker Gerrit Schulte zesdagen betwistte. Maar het beste kende ik hem (alleen vanop afstand weliswaar) uiteraard toen hij mijn groot idool Rik Van Looy terzijde stond in datzelfde zesdaagsecircuit. Even kwam het tot een breuk (Post koos de kant van Guillaume Driessens toen die met zijn poulain in onmin kwam te liggen en won meteen ook de snelste Parijs-Roubaix aller tijden) maar gelukkig verzoenden ze zich in 1966 en vormden in hun nadagen opnieuw een koppel (zie foto).
Toen ik journalist werd, waren beiden reeds renner àf, maar Peter Post maakte een tweede carrière als ploegleider van het legendarische Raleigh-team. In die hoedanigheid heb ik ooit wel eens telefonisch contact gehad met hem, precies om een afspraak te maken voor een interview (Post zat toen op de boerderij van de ouders van Henk Lubberding, herinner ik mij nog alsof het gisteren was), maar dat interview is uiteindelijk nooit doorgegaan. Maar van één van zijn renners, namelijk José De Cauwer, heb ik verscheidene interviews afgenomen en uiteraard kwam hij daarbij ook vaak ter sprake, zoals in mijn “jaarlijks” Tour-interview (deze keer voor De Voorpost) in 1978. Ik gaf het als titel mee: “Ik tip voor Tourzege op Hennie Kuiper”, maar José zou zich vergissen: Hennie Kuiper zou uiteindelijk slechts dertigste worden, al had dit ook wel met een zware valpartij te maken, zoals u kunt lezen in de nabeschouwing die ik nadien in De Rode Vaan publiceerde.

Gisteravond is de 65ste Ronde van Frankrijk van start gegaan in… Leiden. Inderdaad, wat dát betreft kunnen we senator Coppieters best bijtreden als hij stelt dat de Tour nu reeds een Europese organisatie is. Morgen zal de Ronde dan ook weer te gast zijn in de “hoofdstad van Europa”, namelijk Brussel. Benieuwd of er inderdaad wat Nederlands zal te horen vallen… Vorig jaar was de doortocht in Brussel een ware triomftocht voor Patrick Sercu. Die zal er dit jaar niet bij zijn, want die rijdt nu bij de «typisch Vlaamse» ploeg, Zeepcentrale, die dus geen heil ziet in publiciteit in Frankrijk. Overigens zijn de uitstekende prestaties van die ploeg ook de aandacht waard, maar uiteraard is het nu niet het geschikte moment om daarover uit te weiden. Vooraan mocht Sercu dus roem smaken… achteraan bengelde met een pijnlijk gezicht echter de Temsenaar José De Cauwer, want net bij het binnenrijden van Brussel was hij met enkele anderen ten val gekomen (Fedor Den Hertog zou hierbij zelfs tot opgave gedwongen worden). Maar José beet op zijn tanden en in Charleroi bood hij zelfs nog zijn diensten aan aan Gerben Karstens, die de sprint voor de tweede plaats niet kon verliezen… als men hem niet de verkeerde richting had ingestuurd.
José De Cauwer nam toen voor de derde maal deel aan de Ronde van Frankrijk, drie maal in dienst van Hennie Kuiper, en drie maal reed bij de Ronde eervol uit. Dit jaar hetzelfde scenario?
JDC:
Ik hoop het, ik heb me toch weer op dezelfde manier voorbereid. Ik heb de Ronde van Romandië gereden, de Vierdaagse van Duinkerken en een gedeelte van de Ronde van Luxemburg, namelijk tot mijn valpartij. Gelukkig met geen erge gevolgen. Daarna heb ik me beperkt tot kermiswedstrijden en wat aanvullende training, heen en terug met de fiets b.v. Zo’n vier keer per week een goeie 200 km, dat is voldoende voor mij. En mijn aspiraties? Op de eerste plaats natuurlijk Hennie Kuiper zoveel mogelijk bijstaan, maar verder zou ik nu toch graag een ritoverwinning behalen. Ik heb vorig jaar immers gezien dat dit mogelijk is (tweede na Régis Délépine, RDS), terwijl men daar normaal als knecht niet aan denkt.
DVP: Hoe bereidt Kuiper zich voor?
JDC:
Op dit moment (22 juni) zit hij dus in de Ronde van Zwitserland. Daarvóór heeft hij het parcours van de voornaamste ritten uit de Tour verkend met Paul Wellens. Aan de uitslagen te zien schijnt hij niet zo schitterend te rijden in Zwitserland en ik heb hem de voorbije week ook nog niet gesproken, maar ik denk wel dat hij er zal staan, eens het zo ver is. Hij kan natuurlijk wel geklopt worden, maar hij zal toch niet van het voorplan weggefietst worden.
DVP: Wie zijn de voornaamste concurrenten?
JDC:
Ha, Pollentier, hé. Een goeie Pollentier dan, want in Zwitserland schrijven ze van hem ook al dat hij aan het verminderen is. Tijdens een beklimming kreeg hij b.v. een Jan Raas niet uit zijn wiel, nu zal die beklimming wel niet zo steil geweest zijn, maar kom…
DVP: En naast of achter Pollentier?
JDC:
Hinault. Kuiper, Hinault, Pollentier dat vind ik de drie eerste kanshebbers. En dan ook altijd een Zoetemelk en een Van Impe, een Thevenet, een Galdos, het zijn eigenlijk altijd dezelfden.
DVP: Zijn er speciale redenen waarom Wellens Kuiper heeft vergezeld? Moet hij jouw taak in het gebergte overnemen? Of heeft hij ambities die verder reiken? Tenslotte lijkt hij erg op dreef in de Ronde van Zwitserland en ook vorig jaar heeft hij een rit gewonnen.
JDC:
Eigenlijk was het de bedoeling dat ik met Kuiper mee zou gaan, maar ik moest in de Ronde van Luxemburg starten en dus ging dat niet door. Toen heeft hij aan iedereen gevraagd wie bij hem wou blijven in Frankrijk na de Dauphiné Libéré maar daar was niemand voor te vinden, behalve Wellens. Voor de Tour valt het immers zelden voor dat de renners nog eens thuis zijn en dan willen ze toch van de gelegenheid gebruik maken om nog eens terug te keren naar vrouw en kinderen.
DVP: Wellens is misschien niet gehuwd?
JDC:
Toch wel, maar dat is iemand die 100% voor zijn beroep leeft.
DVP: Raas, om je ploegmaten eens allemaal af te lopen, heeft ook al vorig jaar een ritoverwinning behaald. Viseert die de groene trui?
JDC:
Dat denk ik niet. Maar ik zie hem wel twee ritten winnen. Hij rijdt op dit momènt erg sterk en gaat bovendien met een andere moraal naar de Ronde. Hij is reeds tweemaal geweest, maar telkens tegen zijn zin. Hij vond dat de Tour hem niet lag en zo. Maar nu beseft hij dat hij een toprenner is en dat hij dit moet verantwoorden. Ook ten opzichte van de firma. Hij kan niet zeggen: ik rij twee maanden in het voorjaar en ik stop ermee, daar wordt hij teveel voor betaald, dus die verantwoordelijkheid moet hij opnemen. En daarbij: Kuiper heeft veel voor hem gedaan in de klassiekers, voor Knetemann ook trouwens. En het spreekt dus vanzelf dat zij nu iets terugdoen. Anders moet dat toch knagen binnen in je.
DVP: Knetemann heeft vorig jaar twee ritten gewonnen…
JDC:
Dat kan hij dit jaar weer doen, maar hij kan er net zo goed geen enkele winnen. Of hij kan er ook vijf winnen. Dat is immers een heel raar geval. Hij is ook een goed tijdrijder. Hij kan misschien wel de proloog winnen en de gele trui behalen, want hij wint de laatste jaren zowat alle prologen.
DVP: In zo’n geval zal men toch weer niet dezelfde miserie krijgen als vorig jaar met Thurau, waarbij men wel kan stellen dat Kuiper de Ronde heeft verloren omdat hij de helft van de Tour in dienst van Thurau heeft moeten rijden?
JDC:
Neen, want zo is Knetemann niet. Thurau daarentegen wilde zo lang mogelijk de gele trui behouden, al wist iedereen dat hij die niet tot in Parijs zou dragen, maar hijzelf wou dat doodgewoon niet geloven natuurlijk.
DVP: Maar uit financieel oogpunt kan het toch interessant zijn een gele trui te verdedigen, vooral in het begin.
JDC:
Dat is juist. Je mag immers niet vergeten dat er niet zoveel geld te rapen valt in een Tour. Er zijn verscheidene ploegen waarvan de renners na afloop slechts 25 à 30.000 fr. hebben verdiend. En dan rekenen dat het twee jaar verkorting van je leven betekent, of misschien tien, wie zal het zeggen!
DVP: Wezemael is ook een ritwinnaar?
JDC:
Tss. Hij heeft dit jaar één koers gewonnen. Ondanks het feit dat hij heel rap is, wordt hij dikwijls geklopt: hij heeft geen greintje zelfvertrouwen. Maar daar er in onze ploeg op zo’n dingen nogal gehamerd wordt, zou het inderdaad wel kunnen dat hij voor de verrassing zorgt en zoals een Theo Smit drie jaar geleden twee ritten winnen. Hij heeft immers reeds Sercu geklopt en dan kun je iedereen kloppen.
DVP: Thaler is ook erg rap…
JDC:
Zeer rap. Die heeft vorig jaar trouwens ook een rit gewonnen. Maar als je met een Sercu naar de Tour gaat, dan wéét je: die wint twee ritten. Maar zelfs met al die mannen die we nu opgenoemd hebben tezamen dan ben je nog niet zeker.
DVP: Rijden ze elkaar misschien in de weg?
JDC:
Een beetje misschien wel, maar dat komt omdat er geen enkele bij is, waarvoor men met heel de ploeg kan werken en die het dan wel zal klaarspelen. Dat kan men enkel voor een Van Linden, een Sercu of een heel goeie Maertens. Zelfs een Esclassan is toch al minder. Wij zijn dus in feite verplicht te profiteren van het voorbereidingswerk van de andere ploegen en dan proberen in een gunstige positie te geraken.
DVP: Karstens was vroeger ook heel snel, maar die wordt stilletjes aan toch reeds ouder, waarom die dan nog meenemen? Toch niet wegens de publiciteit die zijn grappen opleveren?
JDC:
Dat is ook al veel verminderd natuurlijk. Maar Karstens dat is iemand die reeds elf rondes heeft gereden of zoiets en zo een kerel die geraakt tot in Parijs uiteraard.
DVP: Lubberding heeft dit jaar de bevestiging gebracht van zijn talent?
JDC:
Het is altijd een goed renner geweest. Geen winner, maar een zeer groot atleet. En de Tour ligt hem wel.
DVP: Blijft over: Van den Hoek. Reiken die zijn ambities nu verder dan de rode lantaarn?
JDC:
Daarvoor moet je wel tot in Parijs geraken natuurlijk. Vorig jaar b.v. is hij naar huis gemoeten toen heel dat peloton uitgesloten werd. Maar Van den Hoek is een uitstekende knecht. Iemand met de gepaste instelling daarvoor.
DVP: Er zijn ook twee opmerkelijke afwezigen in de Raleighploeg. Eerst Johan Van der Velde, tweede in de Ronde van de Toekomst vorig jaar na onze Eddy Schepers…
JDC:
Hij is pas 21 jaar!
DVP: Dus jij gaat akkoord met het «opsparen» van talent, net zoals Guimard vorig jaar heeft gedaan met Hinault en waarvoor hij heel wat kritiek heeft gekregen?
JDC:
Tuurlijk. Er zijn vanzelfsprekend wel uitzonderingen maar die lopen uiteraard dun gezaaid. En Johan vindt dat trouwens zelf ook, maar als hij wel mee zou willen, dan zou inderdaad Peter Post dat weigeren, want hij wil daar een groot kampioen van maken. Als hij hem in de ploeg kan houden natuurlijk…
DVP: De andere afwezige Is onze streekgenoot Franky De Gendt.
JDC:
Franky De Gendt ontbreekt volgens mij omdat hij een beetje tegenslag gehad heeft, wat ziek geweest en zo, want ik denk wel dat men hem in de ploeg opgenomen heeft met het vooruitzicht hem mee te geven naar de Tour. En die ziektes kwamen op een slecht moment. In de Vierdaagse van Duinkerken b.v. was hij niet zo heel goed. En dan werd hij meegegeven naar de Dauphiné om kennis te maken met het hooggebergte, want eigenlijk kende men hem niet zo goed op dat gebied, hij had vorig jaar wel de Midi Libre gereden, maar die was niet zo lastig, en dan heeft hij op een bepaalde dag pech gehad en is hij naar huis teruggekeerd. Het was wel gedeeltelijk dus aan pech te wijten, maar dat neemt men niet telkens aan in een ploeg. Zij bekijken enkel de keiharde resultaten, wat je allemaal meemaakt, dat interesseert hen in feite niet. Dat is
misschien niet helemaal goed te praten, maar op een bepaald moment trekt men een lijn en zegt men: hij zal het niet kunnen of zo. En dan ben je gezift…
DVP: Zal hij volgend jaar de ploeg weer verlaten?
JDC:
Daar heb ik zelf nog niets van gehoord en dat zal hij zelf ook niet willen, denk ik, als hij niet weg moet. Want hij heeft het bij ons goed naar z’n zin.
DVP: Er is nog één man uit de Raleigh-ploeg die we nog niet hebben besproken. En hij is niet onbelangrijk… ploegleider Peter Post?
JDC:
Post? (lange stilte) Dat is keihard, hé! En dat mag ook, want hij is dat voor zichzelf ook. Hij verlangt van zijn renners het beste. Als het niet gaat, dan gaat het niet, maar van profiteurs of zo moet hij niet hebben. Hij verlangt dus vooral eerlijkheid.
DVP: Na jouw ploeg, kunnen we misschien even de concurrentie onder ogen nemen. Bij Flandria vinden we natuurlijk Pollentier terug over wie we het reeds hebben gehad. Maar wat met Freddy Maertens?
JDC:
Ik denk toch dat hij een rit of drie zal winnen.
DVP: Groene trui?
JDC:
Dat geloof ik niet. Hij is niet zo goed als twee jaar geleden.
DVP: Is Maertens niet zo goed of is de sportbestuurder niet zo goed?
JDC:
Ik vind dat allemaal nogal overdreven, hoor, die affaire met die sportdirecteurs. Natuurlijk, het moet « klikken » tussen de renners en hun ploegleider, maar wat nu Fred De Bruyne betreft, die heeft natuurlijk de miserie van Guillaume Driessens geërfd. Driessens heeft Maertens twee jaar uitgeperst als een citroen en nu zit De Bruyne met een lege Maertens, gedemoraliseerd, door iedereen afgebroken, en die alles tegen zich heeft. Vorig jaar won hij vijftig wedstrijden en nu kan hij dat niet meer, ja dat geeft natuurlijk problemen.
DVP: Maar al won hij er maar tien, als het dan tien goeie waren…
JDC:
Ja, of de manier waarop, want dat is ook heel belangrijk. Maar volgens mij heeft hij veel te veel gekoerst. Hij is koers-moe. Hij trekt niet meer met de volle moraal naar een wedstrijd.
DVP: Dus vooral psychisch?
JDC:
Ook fysisch, maar psychisch inderdaad misschien het meest.
DVP: Ook C & A houdt zijn jongeren (Schepers, Van Calster) in de koelkast, maar hoe zit het met Van Impe? Die gaat toch Merckx niet achterna?
JDC:
Dat vind ik nogal grof bekeken. Hij heeft zijn sleutelbeen gebroken en dat dachten ze heel snel op te lossen, maar het is een beetje tegengevallen.
DVP: Zal het nog in orde komen voor de Tour?
JDC:
Wat is « in orde komen » voor die mannen?
DVP: Voor Van Impe betekent dat winnen, dat is duidelijk.
JDC:
Neen, dat zie ik niet zitten. Trouwens Van Impe heeft de Tour gewonnen dank zij Ocana, maar zélf heeft hij hem nog niet gewonnen. Daarvóór kon hij misschien wel reeds de Ronde gewonnen hebben, maar men zegt steeds: Van Impe had moeten dit, Van Impe had moeten dat, Van Impe moet aanvallen, maar je ziet wel, vorig jaar viel hij aan en hij viel om.
DVP: ?????
JDC:
Ja, dat is toch zo? Hij was toch volledig «perte totale»? Want hij is niet aangereden door een auto of zo, hoor, daar is niks van, echt niet. In de krant heeft een toeschouwer een artikel geschreven waarin staat dat Van Impe een leugenaar is indien hij zegt dat hij omver gereden is door een auto. Die mens stond op tien meter van het gebeuren en heeft alles toevallig gefilmd en Van Impe is zélf gevallen.
DVP: Waarvan was dan zijn achterwiel kapot? Van de val zelf?
JDC:
Dat spreekt vanzelf, want als je aangereden wordt, dan kun je er zelfs geen tien meter meer mee verder rijden! Maar hij reed zigzag, ik heb het gezien op video bij Kuiper. Tijdens de slow-motion kun je goed zien dat hij zelfs geen kracht meer had om zijn stuur vast te houden. Hij is misschien wel afgeweken en zo tegen die auto terecht gekomen, maar toen was hij toch al weg. hoor. Trouwens, als dat werkelijk zo moest gebeurd zijn, dan had men er wel spel van gemaakt! Merckx kreeg eens een klop van zo maar iemand uit het publiek. Men wist niet wie het was, maar men heeft hem toch gevonden, nietwaar? Wel, men wist heel goed wie in die wagen zat, dus als Van Impe werkelijk overtuigd zou zijn dat hij door die man de Tour verloren heeft, dan grijp je toch in?
(Ik heb de indruk dat het interview niet helemaal af is, maar meer tekst heb ik niet meer.)

Referentie
Jan Segers sprak met José De Cauwer: “Ik tip voor Tourzege op Hennie Kuiper”, De Voorpost, 30 juni 1978

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s