« Vader zingt aan tafel » : het begon met « Roza »

Het is al 25 jaar geleden dat onderstaande recensie die geen recensie wou zijn is verschenen in De Rode Vaan.

In het begin van de jaren zeventig opereerde er in het Waasland een groep met de pompeuze naam Papadock’s Bluesy Rocking Corporation. Dat laatste werd al snel afgekort tot BRC en «in de volksmond » ging het zelfs helemaal verloren. Toch gaf het een goed beeld van het soort muziek dat de groep bracht. Aanbrenger hiervan was zanger Luk Vermeulen, een gezellige dikkerd, compleet met gitaartje onder de oksels en de brillantine-haren naar achteren gekamd. Hij ging grasduinen in de rhythm and blues van vóór 1954 en naast hem was het vooral pianist Lukas De Bruycker die met z’n boogie-woogie riffs de typische sound van de groep bepaalde. Eén keer per avond kwam echter ook de drummer even van achter zijn potten en pannen vandaan om met een Jacques Goddet-tropenhelm in de hand een nummer te debiteren met de Schoone Titel « Roza ». Het was een Parodie. En dan nog och arme op dat mens zonder naam. Terwijl vetkuiven zoals ik tandenknarsend zaten te wachten op het volgende, échte nummer, had de drummer echter het grootste gedeelte van het publiek op zijn hand. De naam van de drummer was Erik Devolder…
Aangezien « Roza » geschreven was door Lukas De Bruycker wist Devolder deze zeer vlug te winnen voor z’n idee om op die « cabaret »(?)-toer verder te gaan. Na verloop van tijd werd Luk Vermeulen « een blok aan het been », zoals hij het later zelf zou uitdrukken, en alhoewel de naam Papadock’s in eerste instantie nog bleef bestaan, had de groep in feite niks meer te maken met het oorspronkelijke opzet. Devolder zong nu nummers als « De paternon », « Het kauwgumkind » en over de wielrenner Roger. Maar veel verder dan de plaatselijke jeugdclubs geraakte hij niet. Nog niet.
« De grote stap is geweest toen we naar Gent gekomen zijn », vertelt Lukas De Bruycker die nu in die stad de vzw Controverse onder zijn hoede heeft. « Toen hebben we samen met Walter De Buck de fanfare van De Lochte Genteneirs gesticht. Het was een idee van Erik maar hij is speciaal naar St.-Niklaas gekomen om mij erbij te halen. Nadien is Erik de eerste geweest die de fanfare verlaten heeft. Terecht hoor, ik ben hem daarin gevolgd, net zoals vroeger. Nog later zou hij mij achterlaten, dan kón ik hem niet meer volgen natuurlijk. Hij is zeer ambitieus. autoritair, wie zich niet plooit naar zijn wetten, gaat eruit ».
In ’75 richt Devolder het Etherische Strijkersensemble Parisiana op. De elektrische begeleiding is nu helemaal verlaten voor kitscherige muziek en, wat nog meer is, de muziek wordt slechts decor bij een « totaalgebeuren ». Ook bij het « Belgisch Combo » zit De Bruycker nog, samen ontwerpen ze zelfs de revue « Alcazar » waaruit een eerste elpee resulteert met o.a. het bekende « Waar ligt mijn duurbaar vaderland », maar daarna is het ook met deze samenwerking afgelopen. Erik Devolder heeft het nu op Jan De Bruyne begrepen en samen liggen ze aan de oorsprong van « Sierkus Radeis », een groep die zij het zonder Devolder en De Bruyne (nu bij Stekelbees) als Radeis tont court mij wel kan bekoren (zie rv nr 42).
Want dat is in feite de bedoeling van deze « recensie » van de nieuwste plaat van Devolder die er eigenlijk geen is en ook geen wil zijn. Met andere woorden, ik hou niet van wat Devolder doet, ik hou niet van wat de man onder humor verstaat en ook niet van de muzikale expressie die hij hiervoor heeft gekozen. Maar ik hou vooral niet van de manier waarop hij z’n doel heeft bereikt.
Wat kan ik immers over deze elpee, « Vader zingt aan tafel », vertellen ? Dat Katrijn Friant aan het klavier zit ? Dat staaltjes van de « humor » van Devolder kunnen worden geillustreerd door de overgang van kant één naar kant twee of door de onwaarschijnlijke rijmwoorden in « Guadalajara »? Dat natuurlijk een nummer van Drs. P. niet mocht ontbreken (« Alkohol »)? Ik denk trouwens dat iemand als Wannes Van de Velde zich ook wel behoorlijk zal ergeren aan deze plaat. Volgens zijn eigen theorie toch. Wannes is immers van mening dat de oude « sociale liederen » geen smartlappen zijn, maar de geaffecteerde manier waarop Devolder een nummer als « Werkmanskind » zingt, heeft alleszins dat effect.
Maar kom, is het dan al kommer en kwel ? Neen, met wat toegevendheid kan ik de aangepaste tekst van « Twee ogen zo blauw » appreciëren en de tango van het « masochistenclubje » vind ik zelfs zeer goed. Maar voor de rest…

Referentie
Jan Segers, « Vader zingt aan tafel » : het begon met « Roza », De Rode Vaan nr.43 van 1983

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.