In 1928 had Bela Lugosi reeds de hoofdrol vertolkt in de toneelversie die de Engelsman Hamilton Deane al in 1925 had gemaakt van “Dracula”, het legendarische boek van Bram Stoker uit 1897. In 1931, het jaar van James Whale’s “Frankenstein“, doet Tod Browning (1882-1962), de gewezen assistent vanD.W.Griffith voor “Intolerance”, dan ook een beroep op deze Hongaarse Shakespeare-acteur om in zijn filmversie de rol te creëren.
Lugosi was in tegenstelling tot Max Schreck in Murnau’s “Nosferatu” een seksueel zeer aantrekkelijk man en hij heeft op die manier zeker bijgedragen tot de “erotisering” van de Dracula-figuur. “Nosferatu” volgde vrij trouw het boek, maar omwille van auteursrechten moest de film een andere naam krijgen. Toch eiste de weduwe van Stoker dat de kopieën zouden worden vernietigd. Gelukkig bleef er één buiten schot in tegenstelling tot de twee jaar eerder gedraaide Hongaarse film onder de titel “Drakula”, met een k. Een opmerkelijk verschil met het boek is echter dat hoofdrolspeler Max Schreck (nomen est omen) er verschrikkelijk uitziet, terwijl er toch een erotische aantrekkingskracht van zou moeten uitgaan. Aangezien er ook twee doden vielen op het draaiplateau (uitzonderlijk op locatie in Tsjechoslovakije), deed zelfs het gerucht de ronde dat Schreck zelf een vampier was. Scenarist Steve Katts werkte dit in 2000 zelfs uit tot een film die door E.Elias Merhige werd gedraaid met John Malkovich in de rol van Murnau en Willem Dafoe als Schreck.
Voor een “aantrekkelijke” Dracula zouden we dus moeten wachten tot Bela Lugosi. Diens carrière werd door het succes wel gelimiteerd tot louter rollen die aan de Dracula-figuur refereerden. Enerzijds deed hij daarover zijn beklag, anderzijds liet hij zich bij zijn dood in 1956 wel in zijn Dracula-kostuum begraven…
Een andere erotische benadering van Dracula, was die van Frank Langella in de gelijknamige film van John “Saturday night fever” Badham. Frank Langella heeft vaak gezegd dat mannen hem, nadat ze hem als Dracula op het podium of het scherm hadden gezien, geregeld vertelden: “Mijn vrouw heeft die avond flink de liefde met me bedreven toen ze Dracula had gezien.” Dat was in 1979, het jaar waarin er nog vier andere films over de graaf verschenen. De andere vier waren Nosferatu: Phantom der Nacht, Love at First Bite, Nocturna en Graf Dracula in Oberbayern. In hetzelfde jaar werd Vlad Tepes (1979) uitgebracht, een Roemeense film over de historische figuur waarop de Graaf was gebaseerd. 1979 zag ook de release van twee andere vampierfilms: Thirst en Salem’s Lot.
Het verhaal van “Dracula” is overbekend. De Nederlandse dokter van Helsing wordt door de directeur van een inrichting bij zijn dochter geroepen, omdat zij aan een vreemde ziekte lijdt. Dokter en directeur staan voor een raadsel, tot zij beginnen vermoeden dat hun Transsylvaanse buren er iets kunnen mee te maken hebben. De zwart/wit film weet op indrukwekkende wijze te balanceren tussen horror en romantiek door te focussen op de seksuele aantrekkingskracht en de individuele conflicten van de personages. Browning focust hier op het thema van de lichamelijke onzuiverheid in Bram Stokers Dracula, die het gevolg zijn van verboden seksualiteit. De vampier is het prototype van de seksueel actieve man, die met zijn onzuiver, seksueel geladen lichaam de Victoriaanse moraal besmeurt en ruïneert. Onschuldige, reine dames komen in verval door zich over te leveren aan dit onweerstaanbare monster.
Bram Stoker (1847-1912) was de erotische ondertoon van de vampierenbeet niet ontgaan. Eigenlijk schreef Stoker immers een parabel over de bevrijding van de vrouwelijke seksuele energie: de vampiersbeet windt immers niet enkel de vampier op maar ook het slachtoffer. Of hij dat had gelezen in het eerder gepubliceerde “Carmilla” van de Ier Sheridan Le Fanu weet ik niet, maar dit laatste boek heeft zelf ook twee vampierenfilms geïnspireerd: “Vampyr” van Carl Dreyer uit 1932 en “Et mourir de plaisir” van Roger Vadim uit 1960. Maar Dracula is ongetwijfeld de meest verfilmde vampier (180 keer). Eigenlijk wordt hij zelfs slechts door één personage voorafgegaan: Sherlock Holmes.
Het geniale van Stoker zit in het feit dat hij de algemeen verspreide vampierslegende heeft teruggevoerd naar een historisch personage, de Transsylvanische kruisridder Vlad V van Walachije uit de vijftiende eeuw. Twintig jaar geleden nog gecanoniseerd als vrijheidsstrijder door president Ceausescu heeft deze graaf, die in de vijftiende eeuw tegen de Turken vocht, zijn standbeeld in Transsylvanië, vlakbij zijn vermeende kasteel. Het is uiteraard niet dit aspect dat Stoker interesseerde. Hij baseerde zijn verhaal van de bloedzuigende “ondode”, die zich indien nodig in een vleermuis kon veranderen, op de volksverhalen die over deze (figuurlijk) bloeddorstige graaf de ronde deden. Met de werkelijkheid komt enkel het “spietsen” overeen: toen noemde men hem immers ook al de Spietser, omdat hij zijn overwonnenen op lansen spietste. In Stokers fantasie wordt dat dan dat hij pas definitief kan worden gedood door een wig in zijn hart te spietsen. Het verhaal hoe hij van eerzame kruisridder (voor zover kruisridders eerzaam kunnen zijn) tot Dracul (duivel) evolueerde, wordt in de filmversie van Francis Ford Coppola geïllustreerd: door een misverstand pleegde zijn vrouw zelfmoord (ze dacht dat hij dood was) en zij mocht daarom niet kerkelijk begraven worden. Dàt zou graaf Vlad uitzinnig van haat tegen de kerk gemaakt hebben. Door zijn gedrag werd hij geëxcommuniceerd en zo heeft de kerk er oorspronkelijk zelf voor gezorgd dat dit bijgeloof ruime ingang vond. Een geëxcommuniceerde dode of een zelfmoordenaar waren wel degelijk dood, maar anderzijds mochten ze uiteraard de hemel niet in. Om onduidelijke redenen konden ze echter ook niet in de hel terecht, zodat ze als “ondoden” bleven verder leven, ’s nachts hier op aarde. In 1484 erkende paus Innocentius VIII (die zoals alle pausen toch onfeilbaar is, nietwaar) zelfs officieel het bestaan van deze “ondoden”. Een kerkelijke weerlegging kwam er pas in 1746, maar dan niet door een paus, maar door een Dominicaan, Augustin Calmet.
Ronny De Schepper
Aansluitend hierbij; zij het geen Dracula-film, wel een subtiele erotisch getinte vampierenfilm The Hunger (met Catherine Deneuve). Ik meen me te herinneren dat de film begint met de track ‘Bela Lugosi’s Dead’ van Bauhaus waarbij Peter Murphy de honneurs in de film waarneemt.
LikeGeliked door 1 persoon