Mathieu van der Poel wint in Hulst

Mathieu van der Poel wint in Hulst

Mathieu van der Poel (foto Erik Westerlinck) was ook in zijn laatste veldrit van het seizoen onklopbaar. In Hulst rekende hij halfweg af met toptalent Tom Pidcock. ’s Ochtends hadden Mathieu en Tom nog samen het populaire online-game Fortnite gespeeld (en gewonnen), enkele uren later speelden ze samen tussen de vestingen van Hulst (in Zeeland). Pidcock ging als een wervelwind van start gegaan, waarna Mathieu hem bij haalde en hem enkele ronden masterclass gaf. Aan de meet werd Pidcock nog voorbij gestoken door een sterk terugkomende Lars Van der Haar. Voor Mathieu begint nu het wegseizoen met de Ronde van Antalya (Turkije).

Zoals ik al vreesde, is de Wikipedia-pagina van Mathieu van der Poel (Kapellen, 19 januari 1995) veel te lang. In 2015 werd hij in het Tsjechische Tábor de jongste wereldkampioen veldrijden ooit bij de elite. In datzelfde Tábor won hij in 2017 het Europees kampioenschap veldrijden. Daarnaast werd hij vier keer Nederlands kampioen veldrijden, één keer Nederlands kampioen op de weg en één keer Nederlands kampioen mountainbiken. In 2018 werd hij, als eerste ooit, Nederlands kampioen in al deze drie wielerdisciplines.
In het seizoen 2017-2018 verbeterde Van der Poel het seizoensrecord van gewonnen veldritten van Sven Nys. Het record staat hierdoor op 32 overwinningen in één seizoen.
N.a.v. het EK mountainbiken vroeg ik me nog af: “Wat scheelt er toch met Mathieu van der Poel?” en dat omwille van het feit dat de zoon van Adri, kleinzoon van Poupou en jongere broer van David zowat alles wint wat er te winnen valt, behalve als het er ECHT toe doet, dan is hij nergens. Kort daarna antwoordde Mathieu al met de pedalen: na een prachtige tweede plaats in het EK op de weg (na Matteo Trentin, maar vóór Wout Van Aert), heeft ook op overtuigende wijze de eerste rit van de Arctic Race of Norway gewonnen. Het was een aankomst op een klimmetje en dan staat er geen maat op Mathieu, al dient te worden toegegeven dat, toen hij ingesloten kwam te zitten, hij zich op een nogal ongelukkige manier heeft vrij gemaakt, waardoor enkele renners ten val kwamen. De organisatoren waren echter (terecht) veel te gelukkig met een dergelijke winnaar om zelfs nog maar aan deklassering te denken!
Daarna heeft hij ook de slotrit in de Arctic Tour of Norway gewonnen, nadat hij een dag eerder al tweede was geëindigd na zijn ontsnapte ploegmaat Adam Toupalik. De hele Corendon Circus dient trouwens in de lof te worden betrokken. Alleen maar jammer dat ze in de enige bergrit in deze ronde allemaal (Mathieu incluis) werden weggereden, zodat een eindzege er niet inzat.
Na zijn brons op het wereldkampioenschap mountainbike in het Zwitserse Lenzerheide wilde Mathieu meteen doorgaan, maar zijn entourage kon hem overhalen om de wereldbekercrossen in de VS aan hem te laten voorbijgaan. Bij zijn wederoptreden in Meulebeke mocht hij al meteen weer met de zegebloemen zwaaien. Nadat hij in Meulebeke zijn eerste veldrit had gereden en meteen ook gewonnen, heeft Mathieu van der Poel daarna op de Hotond in Ronse ook de Grote Prijs Mario De Clercq binnen gehaald.
Een dag na zijn zware val in Lokeren heeft Mathieu van der Poel vriend en vijand weggeblazen in de Superprestige-opener van Gieten. Wout van Aert moest voor de zesde keer dit seizoen vrede nemen met de tweede plaats. Hij eindigde nog op dertig seconden, de andere deelnemers werden op anderhalve minuut gezet en meer. Een dikke enkel liet in Lokeren een sliert alarmbellen afgaan in het kamp-Mathieu van der Poel. De Nederlander had in Lokeren een verrekking opgelopen in de ligamenten van zijn rechterenkel. “Zal Van der Poel starten in Gieten?”, was dan ook de grote vraag. Na een geslaagde test op het parcours gaf Van der Poel zichzelf echter groen licht met het gekende gevolg.
Een week later heeft Mathieu van der Poel met sprekend gemak de SP-cross in Boom gewonnen. Hij liet de tegenstand ter plaatste in de vierde ronde en hield de voorsprong daarna perfect onder controle. Wout van Aert reed niet mee.
Mathieu van der Poel (Corendon-Circus) heeft daarna in het Zwitserse Bern de derde manche in de Wereldbeker gewonnen. De 23-jarige Nederlander soleerde nog voor halfcross. Wout van Aert finishte als tweede op acht seconden. Toon Aerts werd derde en blijft leider in de wereldbekerstand. Na de Berencross in Meulebeke, de GP Mario De Clercq in Ronse, de Superprestigecrossen in Gieten en Boom is dit dus de vijfde zege van het seizoen voor Van der Poel, de eerste in de Wereldbeker. De eerste manches in Waterloo en Iowa, die Aerts won, liet van der Poel aan zich voorbijgaan.
Daarna heeft Mathieu met sprekend gemak de veldrit in Ruddervoorde gewonnen. De Nederlander boekte zo zijn derde zege op rij in de Superprestige. Wout van Aert werd tweede op ruime afstand, Toon Aerts vervolledigde het podium.
Vervolgens heeft Mathieu net als vorig jaar het EK veldrijden gewonnen. De Nederlander nam in Rosmalen na zijn offday op de Koppenberg klinkende revanche en ondanks een goede start van de Vlamingen was de strijd al na twee ronden beslecht. Van der Poel maakte er een ware onemanshow van, wereldkampioen Wout van Aert was weliswaar (veel) sterker dan de rest van het pak maar moest zich tevredenstellen met de tweede plek op ruime afstand van Van der Poel, Laurens Sweeck pakte het brons.
Geen wereldkampioen Wout van Aert op de Jaarmarktcross in Niel. En dus waren alle ogen gericht op kersvers Europees kampioen Mathieu van der Poel, die na zijn offday op de Koppenberg een achterstand van vier minuten goed te maken had op Toon Aerts in het DVV Verzekeringen Trofee-klassement. De Europese kampioen zegevierde zonder noemenswaardige problemen, maar klassementsleider Toon Aerts deed het opnieuw erg goed gaf aan de finish maar een handvol seconden toe op de Nederlander. Laurens Sweeck mocht als derde man het podium op.
Een dag later pakte Mathieu van der Poel in de Telenet Superprestige van Gavere uit van start tot finish. Toon Aerts was opnieuw een knappe tweede, Wout van Aert werd derde. De rest, aangevoerd door de jonge Thomas Pidcock, volgde op ruime afstand.
Een week later pakte Mathieu van der Poel in Tabor alweer op imponerende wijze zijn tiende zege van de winter. ’s Anderendaags heeft hij in Hamme de derde manche van de DVV Verzekeringen Trofee gewonnen. Deze keer nam hij uitzonderlijk zijn ploegmaat Tom Meeusen acht ronden op sleeptouw. Met de aankomst in zicht ging hij er dan toch alleen van door omdat hij zoveel voorsprong had verworven dat, ondanks het debacle van de Koppenberg, een eindzege in deze trofee, die volgens tijd wordt betwist, toch opnieuw binnen bereik is gekomen.
Een week later soleerde hij in de nieuwe Ambiancecross in Wachtebeke probleemloos naar zijn twaalfde zege van het seizoen. ’s Anderendaags pakte hij in het zand van Koksijde andermaal uit met zijn handelsmerk: razendsnel van start gaan: na amper vier minuten was de Europese kampioen reeds vertrokken. “Hij rijdt door het zand, alsof er geen zand is. Ik zag het al tijdens zijn opwarming. Hij springt gewoon van gleuf naar gleuf. Fenomenaal. Nooit gezien”, aldus zevenvoudig winnaar Sven Nys bij Sporza.
En wie gehoopt had dat de winterstages voor extra spanning zouden zorgen in het veldrijden, is een illusie armer. Mathieu van der Poel was ook in de Scheldecross op de Antwerpse Linkeroever een klasse te sterk voor de tegenstand: de Nederlander won met een minuut (!) voorsprong op Wout van Aert. Toon Aerts werd derde en blijft leider in de DVV-Trofee maar ziet Van der Poel zijn achterstand nagenoeg halveren.
De dag nadien duurde het precies drie minuten en 35 seconden vooraleer Mathieu van der Poel de anderen ter plekke liet en fluitend naar zijn vijfde zege in vijf Superprestigemanches fietste. Wout van Aert finishte nogmaals als tweede en Toon Aerts als derde.
Een week later heeft hij in Sint-Niklaas de derde manche van de Soudal Classics gewonnen, ’s anderendaags gevolgd door de wereldbekerwedstrijd in Namen. Eigenlijk was er in Namen meer strijd nà de wedstrijd dan tijdens. Dat had namelijk te maken met de “cooling down” van Wout Van Aert, die alweer eens tweede was geworden. Het zit namelijk zo: al sinds Wachtebeke rijdt de wereldkampioen na een cross uit op de rollen. En dat werkt de tegenstanders op de zenuwen omdat ze langer moeten wachten op het begin van de ceremonie. “Het was al een paar keer dat we écht moesten wachten”, aldus Van der Poel. De Française Christelle Reille, werkzaam bij de Internationale Wielerunie (UCI), duwde dan ook op de timer op het moment dat Mathieu van der Poel en Toon Aerts (alweer derde) zich begonnen schoon te wrijven voor de ceremonie. “Het is me deze week gezegd dat ik tien minuten kreeg”, zei een pissige Van Aert. ’s Anderendaags verontschuldigde hij zich al, omdat hij wellicht inzag dat een podiumceremonie bij het veldrijden toch wel uitzonderlijk is. Dit jaar hebben we (“dankzij” de opwarming van de aarde) gelukkig bijna altijd met milde temperaturen te maken gehad, maar ik herinner mij uit het verleden podia met Marc Janssens of Erwin Vervecken, waarbij de gevierde renner stond te bibberen van de kou!
Twee dagen later heeft Mathieu Van der Poel in Heusden-Zolder de zevende manche van de Wereldbeker naar zijn hand gezet, waarna hij in Loenhout zijn zegeteller op 19 heeft gezet.
Daarna heeft hij ook de Superprestigemanche in Diegem gewonnen. De Nederlander kwam iets voor halverwege ten val na een botsing met een steward terwijl hij aan de leiding reed, maar kon desondanks toch opnieuw wegrijden van de concurrentie. Michael Vanthourenhout werd tweede, de laatste podiumplaats was voor Toon Aerts. Voor Van der Poel was het zijn twintigste zege van het jaar.
Daarna heeft Mathieu het nieuwe jaar ingezet zoals hij het oude heeft afgesloten: met een zege. Van der Poel reed geen vlekkeloze cross op het parcours van Sven Nys in Baal (Thibau Nys deed daar b.v. iets wat we Mathieu nog niet hebben zien doen), maar had aan de finish toch genoeg voorsprong om Toon Aerts te onttronen als leider in de DVV-trofee.
Een week later was hij, na een dag eerder in Gullegem, ook tussen de universitaire gebouwen van de VUB en ULB weer outstanding en won met overmacht. Toon Aerts werd tweede, Michael Vanthourenhout mocht als derde man mee op het podium. Wout van Aert van zijn kant zat in Frankrijk (waar hij won).
Vervolgens heeft hij in het Nederlandse Huijbergen zijn nationale titel in het veldrijden verlengd. De renner van Beobank-Corendon reed al vroeg in de wedstrijd weg van de concurrentie en soleerde vervolgens oppermachtig naar zijn vijfde Nederlandse titel. De strijd voor het zilver was een pak spannender, Lars van der Haar haalde het uiteindelijk van ploegmaat Corné van Kessel.
’s Anderendaags heeft Mathieu de veldrit in Otegem, waarin de nieuwe kampioenen traditioneel hun trui komen showen, gewonnen. Wout Van Aert bleef langer dan gewoonlijk bij hem in de buurt maar moest uiteindelijk toch het hoofd buigen. Kersvers kampioen Toon Aerts werd na een kort nachtje toch nog derde.
Daarna heeft Mathieu de laatste Wereldbekermanche in Hoogerheide gewonnen. De Nederlander kende een moeilijk moment halfweg en moest zelfs even Toon Aerts laten rijden, maar in de tweede helft van de cross hervond hij zijn oude vorm en soleerde naar de zege.
Dit geweldige seizoen vond dan eindelijk toch zijn bekroning in het Deense Bogense, waar hij voor de tweede keer de wereldtitel veldrijden bij de profs pakte. Daarna heeft hij de Brico Cross in Maldegem gewonnen en pakte hij de eindzege in de DVV Verzekeringen Trofee door de Krawatencross in Lille te winnen. Vervolgens won hij in Hoogstraten en een week later in de Noordzeecross in Middelkerke en werd zo de tweede renner ooit (na Sven Nys) die in één seizoen alle wedstrijden van de Superprestige heeft gewonnen. Van der Poel is vanzelfsprekend ook eindwinnaar van het oudste regelmatigheidscriterium in het veldrijden en dat voor de vierde keer in vijf jaar en de derde keer op rij.

Kevin Pauwels stopt ermee

Kevin Pauwels stopt ermee

Kevin Pauwels (foto Jean-Paul Van der Elst) stopt na dit seizoen met veldrijden. Dat maakte zijn team bekend op Twitter. Binnen twee weken rijdt hij zijn laatste cross. “Ik kan het allemaal nog moeilijk opbrengen. De trainingen, maar ook de wedstrijden. Die zijn plezant als het goed gaat, maar niet als je rondrijdt zoals ik gisteren deed. Ik won wel nog in Hasselt en in Zonnebeke. Dit was dus niet het jaar te veel. Maar misschien zou volgende winter dat wel geworden zijn. Nu al waren er naast die twee zeges te weinig andere goeie prestaties,” aldus een voor één keer eens spraakzame Kevin Pauwels tegen Het Nieuwsblad. Hoe zijn toekomst eruit zal zien, is nog niet duidelijk. De Kalmthoutenaar kreeg van zijn huidige werkgever ook een voorstel om als mecanicien in dienst van het team te treden maar dat voorstel heeft hij naast zich neergelegd. Pauwels investeerde de voorbije jaren in vastgoed en zal zich financieel niet al te veel zorgen hoeven te maken.

Kevin Pauwels (Ekeren, 12 april 1984) is een Belgische veldrijder uit Kalmthout. Hij is de jongere broer van Tim Pauwels, die op 26 september 2004, tijdens een veldrit in Erpe-Mere overleed ten gevolge van een hartaderbreuk. Op dat moment was hij reeds mijn favoriete veldrijder (Kevin, bedoel ik), omdat hij op zo’n aandoenlijke manier vaak niet uit zijn woorden geraakte. Later zou dat een beetje verbeteren, maar hij zal altijd een man van weinig woorden blijven. Ook zijn grootmoeder was een legendarisch figuur.
Kevin Pauwels werd in 2002 Belgisch juniorkampioen en wereldkampioen veldrijden in Zolder. In de daaropvolgende zomer reed hij drie MTB-wedstrijden, waaronder het Belgisch kampioenschap in Frasnes-lez-Anvaing. Dit laatste kampioenschap won hij.
Twee jaar later werd hij opnieuw wereldkampioen veldrijden, deze keer bij de beloften in Pontchâteau. Hierna werd hij actief bij Fidea Cycling Team.
In zijn laatste seizoen bij de beloften won hij vijf wedstrijden en de eindstand in de Wereldbeker. Ook op de weg was hij dat jaar winnaar in Libin en de ronde van Luik. In september 2006 maakte hij de overstap naar de elite.
Sinds het seizoen 2008-2009 was Marc Herremans zijn trainer. Het ging nóg beter met Pauwels en in 2008 behaalde hij zijn eerste grote overwinning bij de profs in de Vlaamse Druivenveldrit van Overijse. Een jaar later volgde er een solo-overwinning in de wereldbeker van Heusden-Zolder.
In het seizoen 2010-2011 behaalde Pauwels vijf overwinningen. Ook op de kampioenschappen presteerde hij goed met een derde plek op het BK en WK.
Hij sloot het seizoen af met 21 podia en top vier noteringen in alle regelmatigheidscriteria en in de UCI-ranking.
In maart 2011 wisselde Kevin Telenet-Fidea om voor Sunweb-Revor. Enkele maanden later werd hij in Halle Belgisch kampioen mountainbike, het begin van een superseizoen. Het seizoen begon met de zege in Erpe-Mere en gedurende het seizoen volgde er nog tien andere.
Naast zijn elf zeges stond Kevin Pauwels twintig keer op het podium, werd UCI-leider en greep de eindzege in zowel de GVA-Trofee als de Wereldbeker. Bij Sunweb-Revor waren ze zeer tevreden over de prestaties van Pauwels. De Kalmthoutenaar zag zijn lopende contract opengebroken, verbeterd en verlengd worden met twee jaar.
Ook in de daaropvolgende zomer presteerde Kevin Pauwels op een hoog niveau, met een tweede plaats in de koninginnenrit van de Ronde van België en opnieuw de Belgische mountainbiketitel. De man uit Kalmthout jaagde ook, weliswaar zonder succes, zijn Olympische mountainbikedroom na.
Seizoen 2012-2013 werd niet het seizoen van Kevin Pauwels. Ondanks zijn vijf prachtige zeges, bleef er een wrange nasmaak. Heel het jaar door werd Pauwels geplaagd door een mysterieuze haperende ketting, waardoor hij niet enkel zeges zag gaan vliegen, maar ook in de eindklassementen en op het WK niet meespeelde.
Het jaar nadien was ook niet het seizoen van Kevin Pauwels. Toch haalde hij twee overwinningen. In zijn thuisgemeente Kalmthout won hij de laatste editie van de Bosduincross. In de eindejaarsperiode kon hij ook de vernieuwde Bpost Bank Trofee van Essen op zijn naam schrijven. Op het WK in Hoogerheide greep hij het brons.
In 2014-2015 zagen we weer de Kevin van weleer. Door een nieuwe begeleiding kon hij weer aan zijn terugkeer naar de top werken. Het seizoen begon nog rustig, maar vanaf zijn zege in de Superprestige van Zonhoven was de oude Kevin weer terug. De overwinningen volgden in snel tempo. Hij hield zijn niveau aan tot op het einde van het seizoen. Met acht overwinningen en minstens dubbel zo veel podiumplaatsen, deed Kevin het ook goed in de klassementen. Hij boekte voor de tweede keer de eindzege in de Wereldbeker en was ook tweede in de Superprestige en Bpost Bank Trofee. Ondanks de opmars van de jonge talenten Mathieu Van Der Poel en Wout Van Aert, kon hij het seizoen afsluiten op de eerste plaats in het UCI-klassement.
In 2015-2016 won hij in Ruddervoorde, Niel en Oostmalle. Hij werd tweede in de Bpost Trofee en derde in de Wereldbeker en op het wereldkampioenschap. De derde plaats werd ook zijn positie in het UCI-klassement achter de twee nieuwe jonge goden.
In 2016-2017 behaalde hij geen overwinning, maar toch kon hij zijn plaats als “de beste na Van der Poel & Van Aert” handhaven. In het seizoen 2017-2018 ging het echter verkeerd. Zijn manager Jurgen Mettepenningen wilde dat hij “agressiever” zou koersen, maar door rugklachten was net het omgekeerde waar: Kevin Pauwels haalde geen enkele podiumplaats en was meestal slechts in strijd voor de tiende positie… Pas op 1 december 2018 kon hij de Soudal Cross in Hasselt winnen. De veldrijder van Marlux-Bingoal was in afwezigheid van de absolute toppers de beste op de omloop waar hij in 2010, 2011 en 2014 ook al eens won. Pauwels’ laatste zege in het veld dateerde van februari 2016, toen vierde hij in Oostmalle. In januari 2019 heeft hij dan zijn tweede zege van het seizoen geboekt: in de modder van Zonnebeke haalde de 34-jarige crosser in de voorlaatste ronde de ontsnapte Tom Pidcock (19) terug. Diether Sweeck reed naar de derde plaats. Het dient gezegd dat de Belgische WK-selectie en Mathieu van der Poel ontbraken in deze 35e Kasteelcross. (Wikipedia)

Lees verder “Kevin Pauwels stopt ermee”

Julian Alaphilippe wint alweer in Argentinië

Julian Alaphilippe wint alweer in Argentinië

De Franse wielrenner Julian Alaphilippe (foto’s Erik Westerlinck) heeft na de tweede nu ook de derde etappe van de Vuelta a San Juan gewonnen. De Fransman van Deceuninck-Quick-Step was met voorsprong de sterkste in de 12 kilometer lange tijdrit met start en finish in Pocito. Zijn ploegmaat Remco Evenepoel maakte eveneens indruk door, achter Valerio Conti, als derde te eindigen in de rituitslag. Alaphilippe neemt in het algemeen klassement de leiding over van Fernando Gaviria, die in de tijdrit als zesde eindigde.

Julian Alaphilippe (Saint-Amand-Montrond, 11 juni 1992) is een Frans wegwielrenner en voormalig veldrijder die anno 2018 rijdt voor Quick-Step Floors. Hij is de broer van wielrenner Bryan Alaphilippe.
Alaphilippe begon zijn carrière in het veldrijden. Zo werd hij begin 2010 tweede op het wereldkampioenschap, hij moest het in de sprint-à-deux afleggen tegen thuisrijder Tomáš Paprstka. In 2012 en 2013 werd hij nog wel Frans beloftenkampioen, en werd hij eind 2012 derde op het Europees kampioenschap, toch koos Alaphilippe voor de weg.
Dat hij ook een uitstekend wegrenner was bleek in de zomer van 2012. Rijdende voor de ploeg Armée de Terre won hij een etappe en bijna het eindklassement van de Coupe des Nations Ville Saguenay.
In 2013 tekende hij een contract bij Etixx-iHNed, de jongerenploeg van Etixx-Quickstep. Tussen de profs won hij een etappe in de Ronde van Bretagne, en presteerde hij goed op het EK en het WK. Bij de U23 won hij ritten in de Ronde van Thüringen en de prestigieuze Ronde van de Toekomst.
Vanaf 2014 komt hij, net als zijn oud-ploeggenoot bij Etixx-iHNed Petr Vakoč, uit voor Etixx-Quick Step. Hij stak voor het eerst zijn neus aan het venster tijdens de Ronde van Catalonië, dit door in de eerste etappe derde en in de tweede etappe vierde te worden, in de vijfde etappe moest hij zelfs enkel Luka Mezgec laten voorgaan. Tijdens de Ronde van de Ain in augustus boekte hij zijn eerste overwinning, hij won er de slotrit.
In 2015 waren de Ardennenklassiekers zijn eerste doel, hij werd zeer verrassend tweede in de Waalse Pijl achter Alejandro Valverde. Enkele dagen later werd hij opnieuw tweede achter Valverde in Luik-Bastenaken-Luik. Vervolgens reed hij de Ronde van Californië, waar hij ritwinst en een tweede plek in het eindklassement behaalde. In oktober werd bij Julian Alaphilippe de ziekte van Pfeiffer geconstateerd. Hij reed het wereldkampioenschap in Richmond om deze reden niet uit.
Ook in 2016 werd Alaphilippe tweede in de Waalse Pijl na Valverde. Hij wist later de Ronde van Californië te winnen. In de Ronde van Frankrijk voerde hij verscheidene dagen het jongerenklassement aan. In de tweede rit eindigde hij tweede, achter Peter Sagan. Op de Olympische Spelen behaalde Alaphilippe een vierde plaats in de wegrit.
Alaphilippe reed in 2017 een succesvolle Parijs-Nice. Hij won hierin een etappe en schreef zowel het puntenklassement als het jongerenklassement op zijn naam. Tijdens de Ronde van het Baskenland liep hij bij een valpartij een blessure aan zijn rechter knieschijf op. Hierdoor kon hij niet deelnemen aan de Ardennenklassiekers en de Ronde van Frankrijk. Later in het jaar reed hij wel de Ronde van Spanje, waarin hij de achtste etappe won. Het was zijn eerste ritzege in een grote ronde.
In 2018 won hij de 4e etappe in de Colombia Oro y Paz en de 1e en 2e etappe in de Ronde van het Baskenland. Zijn grootste overwinning was echter in de Waalse Pijl, waarin hij eindelijk zijn gram haalde tegenover Alejandro Valverde. Daarna won hij de eerste bergrit in de Dauphiné Libéré. Het vormde de aanloop naar een uitstekende Tour, waarin hij zowel de eerste Alpenrit als de eerste Pyreneeënrit won en onbedreigd de bolletjestrui mee naar huis mocht nemen.
Daarna heeft hij op een overtuigende wijze de Clasica San Sebastian gewonnen. Hij versloeg oudwinnaar Bauke Mollema in een sprint met twee. Niet lang daarna heeft hij met een zege in de derde etappe ook de fundamenten gelegd voor zijn eindzege in de Ronde van Groot-Brittannië. Wout Poels werd tweede op 17 seconden en Primoz Roglic derde op 33 seconden. Daarna heeft hij de 62e Ronde van Slovakije (cat. 2.1.) gewonnen. De 26-jarige Fransman had na zijn overwinning in de eerste rit in lijn de leiderstrui overgenomen van zijn Luxemburgse ploegmaat Bob Jungels, die de proloog had gewonnen, en heeft ze niet meer afgestaan. (Wikipedia)

Lees verder “Julian Alaphilippe wint alweer in Argentinië”

Dertig jaar geleden: rijden of ploeteren?

Dertig jaar geleden: rijden of ploeteren?

Volgend weekend worden in het Deense Bogense de wereldkampioenschappen veldrijden betwist. Dertig jaar geleden was dat niet anders, zij het dat ze toen plaats hadden in Pontchâteau, waar vorige week nog de wereldbeker werd betwist. In de sportrubriek van De Rode Vaan gaf ik een vooruitblik onder de titel “rijden of ploeteren?” Zo zie je maar weer dat de discussie over de staat van de omlopen bij het veldrijden van alle tijden is…
Zondag worden in het Franse Pontchâteau de wereldkampioenschappen veldrijden betwist. Traditiegetrouw (voor Frankrijk) wordt een erg berijdbare omloop in het vooruitzicht gesteld. Aangezien vorig jaar reeds drie wegrenners op het ereschavot mochten plaatsnemen (Pascal Richard, Adri Van der Poel en Beat Breu), staat het uitstippelen van een veldritparcours dan ook meer en meer ter discussie. Hier te lande stelde de BWB een commissie samen, waarin men water en vuur probeerde te verzoenen : « krachtpatsers » Albert Van Damme en Bert Vermeire moesten samen met « acrobaat » Erik De Vlaeminck de omlopen keuren. Zelfs een klein kind kon voorspellen dat dit op herrie zou uitdraaien. Het conflict kende zijn hoogtepunt n.a.v. de Belgische titelstrijd in Bioul, waar met Roland Liboton (foto) ondanks de modderpoel toch de beste veldrijder won. Is dit nu koren op de molen van de « modderploeteraars » ?

Net zoals bij het wielrennen op de weg is België zijn dominantie in het veld reeds lang kwijt. Op het jaarlijkse internationale titeltreffen wordt ons land sedert enkele jaren steevast in de hoek gedrumd door Zwitserland (bij de profs) en door Tsjechoslovakije (bij de amateurs), terwijl in de Super Prestige-wedstrijden het onze noorderburen zijn die de plak zwaaien. Toch bezitten wij nog altijd wellicht de intrinsiek beste veldrijder, Roland Liboton. Dat is ongetwijfeld in tegenspraak mei zijn uitslagen (ondanks het record dat hij vestigde met zijn tiende Belgische titel op rij), maar het beantwoordt veeleer aan het beeld dat wij ons vormen van « de » veldrijder: een compleet atleet, dus zeker een getraind loper maar meer nog een sterk wielrenner, daarnaast begiftigd met een flinke dosis techniek en acrobatie. Juist wegens dat evenwicht zouden wij aan Roel de voorkeur geven boven Hennie Stamsnijder en Adri Van der Poel, die elk op hun manier toch een klein beetje naar één van de twee uitersten overhellen.
Maar zoals gezegd, daarmee schuiven wij Liboton nog niet als voornaamste titelkandidaat vooruit voor zondag. Daarvoor komt Adri Van der Poel nog het meest in aanmerking, al werd hij vorige zondag in Wetzikon verslagen door een opnieuw sterk op dreef zijnde Hennie Stamsnijder. In Pontcháteau dient er echter veel geklommen (op de fiets wel te verstaan) en dat zou wel eens het verschil tussen beide Nederlanders kunnen maken. Anderzijds mogen we veronderstellen dat het toch nog genoeg veldrit zal zijn, opdat de Franse wegrenners Lavainne, Arnould en de gebroeders Madiot te kort zouden schieten.
Indien dit niet het geval zou zijn, dan zouden de « ploeteraars » (de supporters noemen hen « krachtpatsers ») misschien weer wind in de zeilen krijgen. Maar niet door Bioul. Daar kende de moreel onberekenbare Liboton immers gewoon weer eens een uitzonderlijk dagje en dan rijdt (of « loopt » desnoods) hij iedereen naar huis. Voor hetzelfde geld laat hij het echter afweten en spreekt banbliksems uit over de omloop. Hij had dit trouwens vooraf nu ook gedaan. En terecht. Het refreintje is reeds zo goed gekend dat we ons afvragen of het nog wel zin heeft het nog eens op te dreunen: de toewijzingscommissie die in de zomer, als alles droog ligt, vlug even komt kijken om daarna de beentjes onder tafel te strekken; het afwezig zijn van een alternatief parcours ingeval van slechte weersomstandigheden; meerdere wedstrijden op één dag zodat de eventueel toch nog berijdbare stukken volledig « omgeploegd » zijn als de profs aan de beurt zijn enz.
Het is dan ook een uitstekend idee geweest van de BWB om een paar legendarische veldrijders uit te nodigen samen in een keuringscommissie te stappen. Alleen getuigde het niet erg van grote moed om beide extremen, zeg maar Erik De Vlaeminck en Albert Van Damme, te proberen verzoenen. Men had beter een resolute keuze gemaakt en het spreekt vanzelf dat wij dan — met alle respect voor grote kampioenen als Albert Van Damme of Bert Vermeire — de mening van Erik De Vlaeminck bijtreden. Cyclo-cross is nog altijd een onderdeel van de wielersporten niet van de atletiek, zelfs al stelt Fred Vandervennet (vroeger marathonloper en nu « physical coach » van de wielerploeg Sigma) dat het lopen met een fiets zo een specifieke discipline is dat « Hennie Stamsnijder Vincent Rousseau zou voorbijlopen ». Dit kan misschien wel zijn, maar dat geldt dan voor lopen met eender welke last op de schouders en is bijgevolg geen argument om teveel lopen bij cyclo-cross goed te praten. Of zoals iemand anders het uitdrukte : zou men zich kunnen voorstellen dat Eric Geboers de helft van het circuit zijn machine zou moeten voortduwen omdat de omloop niet berijdbaar is?
Vandervennet is ook slechts in bescheiden mate er voorstander van dat veldrijders hun seizoen op de weg zouden voorbereiden. Bovendien beveelt hij dan nog wel het gebruik van hun crossfiets aan (gehoord, Liboton ?), omdat door de verschillende houding bepaalde spieren anders werken. Anderzijds vindt hij uiteraard wel dat de basisconditie tijdens de zomer dient te worden onderhouden en wijst hij juist daarom met een beschuldigende vinger in de richting van Liboton (ze zijn streekgenoten). Een stapje verder gaande voegt hij eraan toe dat een goede middenmoter op de weg misschien meer kans maakt in het veld — wat ons inziens dan weer in tegenspraak is met de door hemzelf geprezen « specificiteit » van het veldrijden, maar wie zijn wij om de woorden van een specialist in twijfel te trekken.
Alleszins zouden wij precies omwille van dat specifieke karakter niet graag zien dat een « zuivere » wegrenner in Pontchâteau zou zegevieren. Zowel in Frankrijk (Système U tegen Toshiba) als in België (Liboton en Messelis bij ADR tegen De Brauwer en Danny De Bie bij SEFB) hebben wij dit jaar kunnen vaststellen dat de ploegentaktiek ook in het veld een rol is beginnen spelen. Als de sponsors trouwens net zoals wij om minder slijk vragen, is dat niet om sportieve redenen, maar wel opdat men de publiciteit op de truien beter zou kunnen lezen… Nu, voor dat soort invloeden uit de wegwielrennerij bedanken we uiteraard. De dégoutante nummertjes die regerend wereldkampioen Pascal Richard dit seizoen heeft opgevoerd (take the money and run) mogen niet voor herhaling vatbaar zijn.
Nee, een omloop die een specifieke veldrijder bekroont, dat is het beste argument tegen de moddercrossen hier te lande. Dus geen gebuisde wegrenner — en uiteraard zeker geen gebuisde veldloper, waarvoor men in Frankrijk echter geen schrik hoeft te hebben. Waarom zou b.v. een Danny De Bie niet eens voor een verrassing kunnen zorgen ? Terwijl bij de liefhebbers de West-Duitser Mike Kluge precies op tijd in vorm is. Want dat is dan weer een ander aspect : de drie ereplaatsen voor wegrenners waren vorig jaar zeker niet aan het parcours te wijden, maar veel meer aan het feit dat zij volop aan het pieken waren naar hun vorm voor het wegseizoen, terwijl de « echte » veldrijders hun kruit reeds hadden verschoten in de lucratieve SP-crossen. Een probleem waarmee Roland Liboton in het verleden ook steeds heeft af te rekenen gehad. Dit jaar kwam hij er echter niet aan te pas. Wordt juist dit falen nu zijn sterkste troef?

Lees verder “Dertig jaar geleden: rijden of ploeteren?”

Marianne Vos wint in Pontchâteau

Marianne Vos wint in Pontchâteau

De Nederlandse Marianne Vos heeft in het Franse Pontchâteau haar landgenotes Denise Betsema en Maud Kaptheijns achter zich gehouden en zo de voorlaatste manche van de Wereldbeker gewonnen. Daarmee heeft ze nu ook haar eerste eindzege in het regelmatigheidscriterium van de Wereldbeker op zak, aangezien Sanne Cant niet deelnam en daarom in Hoogerheide geen bedreiging meer kan vormen voor Vos.

In 2006 werd Marianne Vos in het Achterhoekse Zeddam wereldkampioene veldrijden. Ze was de Duitse titelverdedigster Hanka Kupfernagel in de sprint te snel af. Eerder dat seizoen werd ze ook al Europees kampioene veldrijden. Op zaterdag 23 september 2006 werd Marianne in Salzburg (Oostenrijk) wereldkampioene op de weg. In de sprint was ze de sterkste van een omvangrijke kopgroep. Trixi Worrack uit Duitsland werd tweede. Van 2007 tot en met 2011 volgden vijf zilveren medailles op rij, een (ergens ook wel triest) record.
Tijdens haar eerste Nederlands kampioenschap op de weg werd ze in Maastricht eerste, door 1,5 kilometer voor de streep Chantal Beltman in te halen. Uiteindelijk bleef ze op de streep Sharon van Essen en Suzanne de Goede net voor.
Eind juni 2006 werd Marianne Vos uitgeroepen tot ‘Talent van het Jaar 2006’. Sinds 15 mei 2007 was zij de nummer één op de UCI-ranglijst. Tijdens de Olympische Spelen in Beijing (2008) won Marianne bij het baanwielrennen de gouden medaille op de puntenkoers. Ze finishte met een ronde voorsprong. Daarnaast reed zij de wegwedstrijd en tijdrit.
In 2011 werd ze voor de vierde keer wereldkampioene bij het veldrijden. Ze won voor de vijfde keer op rij de Keetie van Oosten-Hage Trofee voor beste wielrenster van het jaar. In juni 2011 werd ze voor de vierde keer Nederlands kampioene wielrennen op de weg.
Tijdens de Olympische Spelen in Londen (2012) won ze de gouden medaille op het onderdeel wegwedstrijd. Daarnaast reed Vos ook de tijdrit, waarin ze echter pas zestiende werd.
Tijdens het wereldkampioenschap wielrennen in Valkenburg op 22 september 2012 veroverde zij wederom de regenboogtrui. Ze maakte deel uit van een kopgroep die in de slotfase van de wedstrijd nog uit vijf rensters bestond. Op de Cauberg liet ze haar tegenstanders achter, waarna ze met een door een toeschouwer aangereikte vlag in haar handen de finish passeerde.
Op 28 september 2013 behaalde zij in Florence (Italië) voor de derde maal en voor de tweede keer op rij het wereldkampioenschap op de weg. Op de korte, maar venijnige Via Salviati nam zij op imposante wijze de benen. Het gaatje dat ze sloeg was niet groot, maar groot genoeg voor de wereldtitel. Ze kwam na 140 kilometer alleen aan. Achter de winnares pakte Emma Johansson zilver en Rossella Ratto brons. Anna van der Breggen eindigde als vierde.
In december 2013 werd Marianne uitgeroepen tot Nederlands mountainbikester van het jaar. Daarnaast behaalde ze in diezelfde maand de titel ‘Sportvrouw van het jaar’.
Op 1 februari 2014 werd ze in Hoogerheide (Nederland) voor de zevende keer (waarvan zes keer op rij) wereldkampioene veldrijden met een voorsprong van ruim een minuut op de nummer twee, de Italiaanse Eva Lechner. Op 27 juli 2014 werd op de Avenue des Champs-Élysées in Parijs de eerste editie van La Course by Le Tour de France verreden. Deze wedstrijd voor vrouwen vindt plaats op de laatste dag van de Ronde van Frankrijk voor mannen. De wedstrijd kwam er na een petitie van Emma Pooley, Kathryn Bertine, Chrissie Wellington en Marianne Vos voor een Tour voor vrouwen, na het wegvallen van La Grande Boucle Féminine in 2009. Ik heb ook die petitie nog ondersteund op Facebook. De eerste editie van La Course werd gewonnen door Vos zelf: in de sprint versloeg ze Kirsten Wild.
In de winter van 2014-2015 kreeg Vos last van een hamstringblessure. Na haar bronzen medaille op het WK veldrijden op 31 januari in Tabor stelde ze haar rentree op de weg diverse keren uit. In maart had ze nog ambities om op de Olympische Spelen in Rio de Janeiro ook deel te nemen op de mountainbike. Op 6 april won ze verrassend haar eerste mountainbikewedstrijd Paasbike in Nieuwkuijk. Op 26 april brak ze echter een rib tijdens een mountainbikewedstrijd in Oostenrijk. Nadat ze tweede werd in haar eigen Marianne Vos Classic, maar vervolgens de Europese Spelen, het NK op de weg en de Giro Rosa moest laten schieten, liet Vos op 21 juli weten de rest van het seizoen 2015 niet meer in actie te komen, omdat ze overtraind was. Ook maakte ze bekend in het veldritseizoen 2015-2016 niet in actie te komen. Zelf noemde ze het verplicht rust nemen “mijn moeilijkste wedstrijd ooit”. In de loop van de winter mocht ze haar trainingen langzaam opvoeren en in 2016 werd ze 10de in haar eerste wedstrijd, de Drentse 8 van Westerveld. Hierna won ze de Pajot Hills Classic, haar tweede wedstrijd na haar comeback. In de sprint op kasseien in Dwars door de Westhoek kwam Vos echter opnieuw hard ten val, deze keer evenwel zonder ernstige verwondingen. Nadat ze voor de 7de keer de 7-Dorpenomloop Aalburg op haar naam schreef, won ze op 21 mei haar eerste World Tourwedstrijd: de 3de etappe in de Ronde van Californië. In die maand werd ze officieel geselecteerd door bondscoach Johan Lammerts voor de Olympische wegrit op 7 augustus, waarin ze haar rol als meesterknecht en waterdrager vervulde. Annemiek van Vleuten was de sterkste op de slotklim, maar kwam in de afdaling zwaar ten val. Anna van der Breggen won uiteindelijk goud; Vos werd negende op ruim een minuut.
In 2018 heeft na de BeNeLadies Tour ook de Ladies Tour of Norway op haar naam geschreven. En dat nog wel met een drie op drie! Enkel de ploegentijdrit moest ze aan haar neusje voorbij laten gaan, maar dat was niet voldoende om haar van de eindzege te houden.
Daarna besloot ze om nog eens alles op het veldrijden te zetten. Nadat Marianne Vos de eerste wereldbekermanche in het Amerikaanse Waterloo had gewonnen en derde was geëindigd in Iowa, heeft de 31-jarige Nederlandse van Waowdeals ook de Grote Prijs Mario De Clercq gewonnen op de Hotond in Ronse. Daarna won ze ook de Superprestige-cross van Ruddervoorde. Het is alweer de vijfde zege van Vos dit veldritseizoen, en de derde overwinning op rij. Ze bleef haar landgenote Annemarie Worst en Kim Van de Steene voor. Vervolgens heeft Marianne Vos de Wereldbekermanche van Zolder op haar naam geschreven. De Nederlandse was haar landgenote Lucinda Brand te snel af in de slotronde na een spannende strijd. Sanne Cant legde beslag op de derde plaats. Het is al de zevende keer dat Vos wint in Zolder. Ze blijft ook leidster in de Wereldbeker en vergroot haar voorsprong op Cant. (Wikipedia)

Lees verder “Marianne Vos wint in Pontchâteau”

Peter Sagan wint in Australië

Peter Sagan wint in Australië

Peter Sagan (foto’s Jean-Paul Van der Elst) heeft de derde rit in de Tour Down Under gewonnen. Dat gebeurde in Uraidla waar hij vorig jaar ook al ritwinnaar werd. “Maar het was een heel ander parcours dan vorig jaar”, zei Sagan. Renners moesten zes plaatselijke ronden afleggen. Bij de start werd er nog druk gediscussieerd of daar, door de hitte, niet één ronde af moest. Maar alles bleef bij het oude. “Ik ben niet hier om daar een mening over te hebben”, zei Sagan desgevraagd. “Daarvoor hebben we de CPA (rennersvakbond, red) toch, is het niet?” Overigens vond Sagan het minder heet dan vorig jaar. Sagan neemt ook de leiderstrui in de puntenklassering over van Elia Viviani.
Lees verder “Peter Sagan wint in Australië”