Het is vandaag al 55 jaar geleden dat de Amerikaanse auteur John Ernst Steinbeck is overleden.

Hij werd geboren in Salinas (Californië), maar de familie van zijn vader was van Duitse afkomst. Die van zijn moeder kwam uit Noord-Ierland.

John Steinbeck bracht zijn jeugd door in Monterey County in de Salinas Valley. In 1919 studeerde hij af aan de middelbare school van zijn geboortestad, Salinas. Hij ging naar Stanford universiteit, waar hij mariene biologie studeerde, maar hij maakte zijn studie niet af.

In 1925 ging hij naar New York City, waar hij werkte als journalist voor ‘The American’, maar met de bedoeling schrijver te worden. Hij kon zijn werk echter niet gepubliceerd krijgen, waardoor hij uiteindelijk terugkeerde naar Californië.

In Californië bleef hij schrijven en in 1929 werd zijn eerste boek gepubliceerd, Cup of Gold. Het was niet meteen een voltreffer. Kort nadien publiceerde hij nog twee boeken, maar ook deze konden de literaire wereld niet overtuigen van zijn schrijverscapaciteiten.

Steinbeck woonde samen met zijn eerste vrouw in Pacific Grove, waar hij materiaal verzamelde voor twee succesvolle boeken: Tortilla Flat en Cannery Row. Tortilla Flat (1935) was het keerpunt in Steinbecks carrière. Hiervoor ontving hij een gouden medaille voor beste debuut van een Californische schrijverskring. Door deze prijs te winnen, geloofde hij weer in zijn kunnen, waardoor hij verder ging met schrijven.

In 1937 brak John Steinbeck definitief door met de korte roman Of mice and men. De arme landarbeider George en de dommekracht Lennie trekken door het arme Amerika van de jaren dertig op zoek naar werk. Ze zijn verbonden met elkaar door noodzaak, vriendschap en de droom een eigen huis en wat grond te bezitten. Als ze op een ranch vriendschap sluiten met een oudere man, die een klein fortuintje bij elkaar heeft gespaard, blijkt hun droom waarheid te kunnen worden. Helaas komt de manzieke vrouw van de eigenaarszoon roet in het eten gooien door de simpele, maar goed gebouwde Lennie te verleiden, want dat loopt slecht af… Het is een ongecompliceerd verhaal geschreven in een simpele taal, maar het boek is van een bedrieglijke eenvoud. Het werd dan ook terecht een klassieker die ook tot toneelstuk werd herwerkt en drie keer verfilmd.

Dat hij een succesvolle schrijver (in aankomst) was, werd nog eens extra in de verf gezet toen hij in 1939 met The Grapes of Wrath de Pulitzer-prijs won. Dit boek werd verfilmd met Henry Fonda in de hoofdrol. De hoofdpersoon Tom Joad werd bezongen door Woody Guthrie en Bruce Springsteen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog, was Steinbeck oorlogscorrespondent voor de New York Herald Tribune. Sommige van zijn berichten werden later verzameld en gebundeld in Once There Was a War.

THE WAYWARD BUS

Na de oorlog pikte Steinbeck zijn gewone leventje als schrijver weer op met The Wayward Bus, in het Nederlands een beetje ongelukkig vertaald als De verdoolde bus. “Wayward” betekent eigenlijk “koppig” of “eigenzinnig” en nu weet ik wel dat een bus niet koppig of eigenzinnig kan zijn, maar verdoold???

In mijn exemplaar staat “about the cover”: “I don’t want you to think I followed you in here,” she said. “You don’t want me to think it, but you did,” said Juan. Ben Stahl, master artist, who also did the cover for Bantam’s edition of Cannery Row, again captures in color and line the innermost emotions of two turbulent Steinbeck characters.” En dat is waar, maar waarom ze het dan in hun hoofd halen om over bijna de helft van de pagina een reclame af te drukken die de tekening helemaal verkloot, mag Joost weten! Gelukkig heb ik op het internet bovenstaande ongeschonden afbeelding kunnen vinden.

En die twee personages zijn dan Juan, de buschauffeur, en Mildred, één van de passagiers. De roman speelt zich af in het zuiden van Californië, niet ver van de Mexicaanse grens. Het verhaal draait om een groep mensen die samen reizen in een bus die wordt bestuurd door Juan, een man van middelbare leeftijd en de eigenaar van het busbedrijf. De bus rijdt naar een nabijgelegen dorp, maar de reis wordt ontsierd door diverse persoonlijke conflicten en drama’s van de passagiers.

Steinbeck schetst een genuanceerd portret van de menselijke natuur, waarbij hij thema’s zoals verlangen, ontevredenheid, en de zoektocht naar betekenis in het leven onderzoekt. De bus zelf fungeert als symbool voor de onbeheersbaarheid van het leven, het gevoel van vastzitten, en de zoektocht naar richting. Door de complexe interacties van de personages ontvouwt zich een verhaal over verlangens en teleurstellingen, waarbij Steinbeck de spanning tussen persoonlijke vrijheid en sociale verwachtingen blootlegt.

Steinbeck droeg deze roman op aan “Gwyn”, waarvan gedacht wordt dat het een verwijzing is naar zijn tweede vrouw, Gwyndolyn Conger. Het stel scheidde minder dan een jaar nadat het boek werd gepubliceerd.

Hoewel The Wayward Bus ten tijde van de oorspronkelijke publicatie als een van Steinbecks zwakkere romans werd beschouwd, was het financieel succesvoller dan al zijn eerdere werken. Een filmversie onder regie van de onbekende Victor Vicas werd uitgebracht in 1957, met een cast bestaande uit Rick Jason als Juan, Joan Collins als zijn verzuurde echtgenote, Jayne Mansfield als de stripper, Betty Lou Keim als Norma, de dienster in een wegrestaurant, en Dolores Michaels als Mildred Pritchard. Veel van de dramatische actie in Steinbecks roman bestaat uit interne monologen, die het scenario van Ivan Moffat niet weergeeft (*). De film werd uitgebracht in mei 1957 op het hoogtepunt van Mansfields populariteit en genoot enig succes aan de kassa ondanks middelmatige recensies. Fox had gehoopt het succes van Bus Stop uit 1956 (met Marilyn Monroe in de hoofdrol ) te herhalen, maar uiteindelijk werd de Steinbeck-roman veranderd in wat een commentator omschreef als “het soort platvloerse troep dat de roman had geparodieerd”

Over de belangrijkste scène, een verleidingsscène op een hooizolder waarin Mildred een poging doet om de buschauffeur te versieren (dus de scène die ook door Ben Stahl op de voorpagina werd weergegeven), schreef de recensent van UPI (United Press International) “dat Hollywood sinds Jane Russell in The Outlaw geen scène als deze meer had gehad.” Regisseur Victor Vicas schoot dan ook twee versies, een “A”-scène en een “B”-scène, vanwege de censuur.

EAST OF EDEN

In 1952 scoorde Steinbeck alweer een voltreffer met East of Eden. “De strijd die twee broers leveren om de liefde van hun vader werd in 1955 verfilmd door Elia Kazan met James Dean en Richard Davalos in de hoofdrollen (Raymond Massey was de vader),” zegt men gewoonlijk, maar dan “vergeet” men erbij te vertellen dat dit enkel voor het vierde deel van de roman geldt, terwijl de drie daaraan voorafgaande delen zeker evenzeer het verfilmen waard zijn! Een generatie eerder is er trouwens ook al sprake van een “strijd die twee broers leveren om de liefde van hun vader”! Vandaar trouwens de titel, want ten oosten van het aards paradijs ligt immers “het Land van Nod” (cfr.het lied van Miel Swillens voor Miek & Roel), het gebied waar Kaïn en zijn nakomelingen naartoe werden verbannen na de moord op zijn broer Abel. Op p.531 vindt men daar zelfs een haast letterlijke herhaling van: “Adam asked, ‘Do you know where your brother is?’ Cal said, ‘No. I don’t.’ ‘Do you know what happened to him?’ ‘No.’ Adam’s face was wooden, and his voice had no tone. ‘Am I supposed to look after him?'”

Het is overigens onbegrijpelijk dat niemand ooit op de idee is gekomen om het boek in zijn geheel te verfilmen met Jodie Foster in de rol van Cathy Ames! Soms lijkt het er zelfs op alsof Steinbeck een beschrijving geeft van haar met name als het gaat over haar fragiele maar toch onaantastbare uiterlijk en vooral over haar stem. (Ik zal er voor alle zekerheid maar meteen aan toevoegen dat dit onmogelijk is, aangezien het boek dus van 1952 is en Jodie Foster pas tien jaar later werd geboren.)

Cathy Ames mag dan het ranzigste personage zijn uit het boek, de heerlijkste figuur is zonder enige twijfel de Chinese kok Lee (**). Toch wel een bijzondere keuze. Hij is ook degene die het boek naar zijn climax voert, door Adam (door een hersenbloeding getroffen) te trachten te overhalen om Cal vergiffenis te schenken. Adam antwoordt daarbij, net als de “rosebud” in “Citizen Kane”, met het raadselachtige “timshell”. Ik vroeg aan chatgpt om enige verduidelijking: “Timshel” is een Hebreeuws woord dat een cruciale rol speelt in East of Eden van John Steinbeck. Het komt uit het Bijbelse verhaal van Kaïn en Abel (Genesis 4:7) en wordt in het boek geïnterpreteerd als “Gij moogt”, oftewel “Jij kunt”.

In de roman wordt uitgebreid besproken dat de juiste vertaling van dit woord van groot belang is. Sommige versies van de Bijbel vertalen het als een bevel (“Gij zult heersen over de zonde”), terwijl anderen het als een belofte interpreteren (“Gij zult overwinnen”). Maar in East of Eden wordt betoogd dat “Timshel” een keuze impliceert: de mens heeft de vrijheid om zijn eigen pad te kiezen, ofwel goed of kwaad.

Voor Steinbeck is timshel de essentie van menselijke vrijheid en verantwoordelijkheid. Het betekent dat niemand gedoemd is tot zonde of voorbestemd tot goedheid—de keuze ligt bij ieder individu zelf. Tot dusver chatgpt. Ik kan daar alleen maar aan toevoegen dat East of Eden zich daarmee mogelijk tot mijn lievelingsboek aller tijden heeft gekroond…

Ik was blijkbaar niet de enige die er zo over dacht, want in 1962 volgde de ultieme bekroning voor Steinbecks schrijverscarrière, hij ontving immers de Nobelprijs voor de Literatuur. John Steinbeck hertrouwde tweemaal en hij had twee zonen, Thomas en John. Hij stierf in New York op 20 december 1968.

Ronny De Schepper

(*) Oorspronkelijk was William Saroyan voorzien als scenarist. Het is uiteraard niet geweten hoe die het probleem van de “monologues intérieurs” heeft opgelost.

(**) Uiteraard was ik dus benieuwd wie deze rol vertolkte in de verfilming van Elia Kazan. Ik vroeg het aan chatgpt en dit was het verbazingwekkende antwoord: “In de beroemde verfilming van East of Eden uit 1955, geregisseerd door Elia Kazan, komt het personage Lee, de wijze en filosofische Chinese kok, helemaal niet voor. De film focust vooral op het laatste deel van de roman en laat verschillende belangrijke personages en thema’s weg, waaronder Lee. Dit is opmerkelijk, omdat hij in het boek een van de meest geliefde en diepzinnige personages is, met zijn filosofische inzichten en de beroemde discussie over timshel. Veel fans van het boek beschouwen het als een gemiste kans dat hij niet in de film is opgenomen. Mocht je geïnteresseerd zijn in een verfilming die wel trouw blijft aan het boek, dan is de miniserie East of Eden uit 1981 een betere keuze. In die versie wordt Lee gespeeld door de acteur Soon-Tek Oh.”

(Zeer) selectieve bibliografie

Jay Parini, John Steinbeck: a biography, Heinemann, 1994.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.