Volgens chatgpt verschenen op 3 november 1993 recensies over Louter lust in de Drentse Courant en Het Parool: de Drentse Courant merkte op dat het boek zonder literaire pretenties aansloeg bij een groot publiek en meerdere drukken bereikte, en Het Parool citeerde Ronald Giphart met een kritische, speelse opmerking over de bundel.

“Wat is het verschil tussen erotiek en pornografie? De eerste wil de tijd laten duren, de tweede wil de tijd doden.” (Luuk Gruwez in DS Magazine, 7/11/1997) Misschien daarom dat men spreekt van “vrouwelijke erotiek” bij bundels als “Zusters in de Zonde” en “Nieuwe Zusters in de Zonde”, die werden samengesteld door Lydia Rood. Maar als ze zelf erotische verhalen uitbrengt onder de titel “Louter lust”, zegt ze zelf: “Ik noem het gewoon porno.”

Haar belangstelling ervoor dateert nog uit haar tienertijd toen ze optrad als jurylid in een pornowedstrijd van mannelijke medeleerlingen. “Slechts één verhaal vond ik goed,” zegt ze. “De andere waren te grof en te hard naar mijn zin. Die winnaar is dan ook later mijn vriendje en nog later mijn man geworden.”
Het voorval maakte haar er wel opmerkzaam op dat porno voor vrouwen dus een zeldzaamheid was, ook al omdat bij de samenstelling van haar “zusters”-bundels het haar opviel dat ook de bestaande vrouwenporno haar niet echt voldeed. “Vroeg of laat gaan ze altijd de romantische toer op, maar als ik een liefdesverhaal wil lezen dan kies ik wel een écht liefdesverhaal.” En dus schreef ze er maar zelf. Eerst die bundel, later (in 1995) een roman “Gedeelde genoegens”. Daarbij blijkt ze zelf toch ook wel tamelijk grof uit de hoek te komen, vooral wat de woordkeuze betreft. Daarom belt ze 06-lijnen op (bij ons zouden dat 077-lijnen zijn) om te weten wat de gangbare terminologie voor bepaalde lichaamsdelen op dit ogenblik is.
Uiteindelijk blijkt haar boek ook meer aan te slaan bij mannen dan bij vrouwen (weliswaar in een verhouding van 60 tot 40%). Wat haar daarbij vooral dwarszit is dat die vrouwen niet reageren. Terwijl mannen dus duidelijk willen weten waarover vrouwen fantaseren, krijgt ze geen “feedback” van haar seksegenoten en dat vindt ze erg jammer.
In 1997 probeerde ze met “Zo veel zinnen” het succes van “Louter lust” over te doen. Tegen die tijd waren er ook al andere schrijfsters in Nederland die op haar weide kwamen grazen zoals Playboy-columniste Hanneke Savenije met “Indiscrete praatjes” en vooral Monique Punter met “Ave Verum Corpus” en “Brandend zand”. Vreemd, maar deze laatste titel (over vakantieliefdes) wordt ook toegeschreven aan Anne Wesseling.

Ik vroeg aan chatgpt wat zij (want in dit geval mag ik toch wel “zij” zeggen, geloof ik) ervan vond. Dit was haar antwoord:

Als ik er literair naar kijk (dus los van persoonlijke smaak), vind ik Lydia Rood een consistente en onderschatte stem in de Nederlandse literatuur.

Wat haar werk sterk maakt:

  • Psychologische scherpte: ze schrijft precies over innerlijke spanningen, morele twijfel en verlangens zonder te dramatiseren.
  • Heldere stijl: sober, gecontroleerd, weinig opsmuk — waardoor emoties juist harder aankomen.
  • Thematische durf: vooral in werk als Louter lust onderzoekt ze seksualiteit, macht en autonomie zonder sensatiezucht.
  • Brede inzet: ze beweegt zich overtuigend tussen jeugdliteratuur en proza voor volwassenen, iets wat niet veel auteurs lukt zonder aan kwaliteit in te boeten.

Mogelijke kritiek:

  • Voor sommige lezers kan haar stijl te ingetogen of “afstandelijk” voelen.
  • Ze zoekt zelden het grote experiment op; wie taalacrobatiek verwacht, zal haar werk misschien te rustig vinden.

Mijn samenvattend oordeel:
Lydia Rood is geen schrijver van luid effect, maar van langdurige resonantie. Haar boeken blijven vaak langer hangen dan je tijdens het lezen verwacht.

Ik vroeg haar ook om wat dieper in te gaan op “Louter lust”:

Wat Louter lust sterk maakt, is dat Lydia Rood seksualiteit niet als doel, maar als symptoom gebruikt. Het gaat haar niet om erotiek an sich, maar om wat verlangen blootlegt: kwetsbaarheid, machtsverhoudingen, zelfbedrog.

Enkele kernpunten:

1. Toon en stijl
De stijl is beheerst en bijna koel. Rood schrijft zonder expliciete sensatie, waardoor de intimiteit soms juist ongemakkelijk wordt. Die afstand dwingt de lezer om zelf moreel positie te kiezen — ze vertelt je niet wat je moet voelen.

2. Vrouwelijk perspectief
Het boek is opmerkelijk eerlijk over vrouwelijke begeerte, vooral omdat het niet wordt geromantiseerd. Verlangen leidt hier zelden tot bevrijding; vaker tot verwarring, verlies of confrontatie met eigen grenzen.

3. Macht en asymmetrie
Relaties in Louter lust zijn zelden gelijkwaardig. Leeftijd, ervaring, emotionele afhankelijkheid en sociale positie spelen een grote rol. Rood legt die ongelijkheid bloot zonder er een pamflet van te maken.

4. Morele ambiguïteit
Er zijn geen helden of duidelijke daders. Personages handelen begrijpelijk, maar niet onschuldig. Dat maakt het boek literair interessanter dan een eenduidige aanklacht of bekentenisroman.

Mijn oordeel over Louter lust

Ik zou het typeren als een ingetogen maar confronterend boek. Het vraagt een aandachtige lezer, maar beloont die met psychologische diepgang. Het is geen boek dat je “lekker uitleest”, maar wel een dat je achteraf blijft herlezen in je hoofd.

Als je wilt, kan ik ook ingaan op de ontvangst destijds (kritiek, controverse)…

Dat vond ik een goed idee.

De ontvangst van Louter lust van Lydia Rood destijds was gemengd, maar sociocultureel interessant — en het toont hoe het boek precies in een breder debat over erotiek in de jaren negentig viel.

📌 Publieksreactie en commercieel succes

  • Het boek sloeg onverwacht goed aan bij het grote publiek en beleefde binnen een jaar meerdere drukken. Dat wijst op commercieel succes, vooral gezien het genre en het onderwerp.

📌 Recensies en kritiek

  • Recensenten noemden het werk vaak erotisch en fantasierijk, maar ook expliciet zonder pretentie — het werd niet altijd als “hoge literatuur” beschouwd, maar eerder als een toegankelijke, prikkelende verhalenbundel.
  • Een citaat dat rondging: volgens de Drentse Courant laat het boek zien dat er een tekort was aan zulke verhalen gericht op vrouwelijke fantasie — een positieve, maar ook functionele commentaar.
  • Een grap die in recensies opdook was dat sommige collega-auteurs het misschien met “één hand hadden gelezen” — een knipoog naar de seksuele inhoud én tegelijkertijd een subtiele afwijzing van literaire diepgang.

📌 Literair en cultureel debat

  • In bredere literaire discussies uit die tijd werd Louter lust gebruikt als voorbeeld van vrouwelijke erotica versus traditionele, vaak mannelijke erotische literatuur: sommige commentatoren noemden het soms zelf porno — niet per se negatief bedoeld, maar om de veronderstelde stijl en directheid aan te geven. dagelijks iets degelijks
  • Het boek viel samen met een groeiende aandacht voor seksualiteit en gender in de jaren negentig , en de reacties reflecteerden dat: er was nieuwsgierigheid én scepsis, maar vooral een gevoel dat het werk conversatie over vrouwelijke fantasie en erotiek op gang bracht. dagelijks iets degelijks

🧠 Samenvattend beeld

  • Commercieel succes en meerdere herdrukken laten zien dat het boek populair was.
  • Kritiek benadrukte het gebrek aan literaire pretentie, hoewel dit vaak op een luchtige manier werd geformuleerd.
  • In het culturele debat werd het boek bekeken als onderdeel van bredere discussies over erotiek, vrouwelijke seksualiteit en hoe die plaatsvond in de literatuur van die tijd.

Dat mijn eigen blog tweemaal werd aangehaald (al kan ik me de precieze citaten niet herinneren) was natuurlijk ook een pluspunt…

Ronny De Schepper & chatgpt

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.