Het is vandaag al 35 jaar geleden dat de Bulgaarse dirigent Emil Tchakarov is gestorven in nooit opgehelderde omstandigheden. De meest gehoorde veronderstelling is dat hij aan aids is gestorven (*).

Emil Tchakarov begon op zesjarige leeftijd met vioollessen. Van 1967 tot 1971 studeerde hij aan het Staatsconservatorium van Sofia, waar hij ook het orkest dirigeerde. In 1971 won hij de derde prijs in de tweede Internationale Herbert von Karajan Dirigentenwedstrijd in Berlijn. Hij werkte als assistent van Karajan in Berlijn en Salzburg en vervolgde zijn dirigeerstudies in Hilversum en Tanglewood. Van 1974 tot 1978 was hij chef-dirigent van het Philharmonisch Orkest van Plovdiv. In 1979 debuteerde hij in de Metropolitan Opera in New York en trad hij op in andere Amerikaanse steden met Eugene Onegin (1979-1980). Hij keerde terug voor Il Barbiere di Siviglia (1982-1983) en Boris Godunov (1990). Daarna dirigeerde hij als gastdirigent vele orkesten over de hele wereld, waaronder het Philharmonisch Orkest van Leningrad, waarmee hij verschillende opnames maakte en in het seizoen 1989/90 gastdirigent was. Tot zijn opera-engagementen behoorde onder meer de uitvoering van Eugene Onegin in Covent Garden in 1979, Simon Boccanegra in Nice in november 1985 met Wilhelmenia Fernandez en Piero Cappuccilli, en Tosca in januari 1987 met Olivia Stapp, Nicolai Gedda en Theo Adam. In oktober 1986 dirigeerde hij Boris Godunov in Houston met Nicolai Ghiaurov in de titelrol, en in januari 1990 Rigoletto met Maureen O’Flynn, Marcello Giordani en Leo Nucci. In 1983 dirigeerde hij Tannhäuser op de Festivals van Florence.
Neemt een dirigent enkel muziek voor zijn rekening die hij graag hoort? Wijlen Emil Tchakarov had daar destijds een uitgesproken mening over: “Er zijn twee soorten muziek: muziek die ik kan horen en muziek die ik kan dirigeren. Er is muziek waar ik niet meer kan naar luisteren, maar die ik toch dirigeer: Beethoven bijvoorbeeld. Er is andere muziek waar ik heel graag naar luister, maar die ik niet, of nog niet, kan dirigeren, zoals Sibelius, Hindemith of Reger.” (De Morgen, 10/3/1990)

Tussen 1983 en 1986 was hij chef-dirigent van de Koninklijke Vlaamse Filharmonie in Antwerpen. Emil Tchakarov werd – op aanraden van beheerder Gerard Mortier (**) – benoemd als eerste chef-dirigent en artistiek directeur van het vernieuwde ensemble. Zo haalde men o.m. op 20 mei 1985 het Franse televisiescherm, meer bepaald in de beroemde uitzending “Le Grand Echiquier”. Globale directeur van de Filharmonie was toen Marc Clémeur, de latere intendant van de Vlaamse Opera.
Tchakarov (uit de Karajan-school) werd een lieveling van het publiek. Laten we maar meteen eraan toevoegen dat deze jonge Bulgaar een charismatische figuur is die door zijn « acteertalent » moeiteloos het publiek op z’n hand krijgt. Het is een doorzichtige truuk, maar we moeten eerlijk toegeven dat we óók houden van dirigenten die hun bezieling in hun gelaatsuitdrukking en gebaren leggen.
Dat wil daarom echter nog niet zeggen dat het FOV reeds op weg is naar « internationale erkenning », zoals de reclameslogan luidt. Daarvoor zal er immers nog een lange weg dienen te worden afgelegd, ook al appreciëren we de kwaliteitsverbetering die het orkest ondertussen heeft doorgemaakt. Zowel in het Singelconcert in Antwerpen (met o.m. de eerste symfonie van Mahler) als in het Moessorgski-programma in de Gentse opera (in het kader van de dubbelconcerten) moesten we vaststellen dat zowel de blazers als de strijkers niet steeds even briljant waren, maar we zouden in dat geval toch eerder van « schoonheidsfoutjes » gewagen i.p.v. met strenge blik de rode balpen boven te halen. Tchakarov was echter wel een dictator voor het orkest en werd daarom gehaat (maar niet door iedereen, een bekende uitzondering is klarinettist Marc Vertessen). Daarom werden in 1986 zowel Tchakarov als Clémeur afgelost door Günter Neuhold, die de twee functies van Tchakarov overnam, en Luc Vanackere, die administrateur werd.

In 1986 richtte Tsjakarov, met de steun van vooraanstaande Bulgaarse musici, het Sofia Festival Orchestra op. Hij dirigeerde Verdi’s Requiem op het Festival van Luzern in 1989 en in Sofia. Eind jaren tachtig leidde zijn internationale faam ertoe dat CBS Records, Sony, hem contracteerde voor de opname van een serie van zes Russische opera’s, die hij in vier jaar tijd met het Sofia Festival Orchestra uitvoerde (waarbij hij samenwerkte met zijn landgenoot Kaludi Kaludov).
Tsjakarov was de dirigent van de tv-film Six personnages en quête d’un chanteur van Maurice Béjart uit 1981, met Ruggero Raimondi in de hoofdrol. Hij dirigeerde de première van Michel Decousts Hommage a Maurice Ravel op het Festival de Radio-France et de Montpellier in juli 1987.
Zijn laatste concert gaf hij op 22 maart 1991 met het Orchestre National de France in Parijs.

Ronny De Schepper (op basis van Wikipedia)

Referentie
Willy Maijeur en Ronny De Schepper, Festival van Vlaanderen treedt buiten zijn oevers, De Rode Vaan nr.45 van 1985

(*) Over de doodsoorzaak spreekt Wikipedia zich niet uit en in de eenzijdig positieve benadering wordt er ook niet gesproken over incidenten als “bij Apicius gesignaleerd worden als men zich ziek heeft opgegeven”, waarop ik alludeer in mijn stuk over zijn Engelse confrater Arthur Fagen.

(**) Via een uitvoering van “Die Entführung aus dem Serail” in de Muntschouwburg waarover Greta Haenen nochtans schreef: “Op bepaalde momenten kon je je niet van de onaangename indruk ontdoen dat de muziek er maar voor spek en bonen bijliep. Emil Tchakarov werd voor het voldongen feit geplaatst dat een aria gecoupeerd werd en een andere verplaatst om zo meer te beantwoorden aan het post-freudiaanse dramatische concept van de Herrmanns.”

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.