We vernamen het overlijden van Werner Waterschoot, professor historische Nederlandse Letterkunde tot 2007. Werner deed voornamelijk onderzoek naar auteurs uit de vroegmoderne periode, zoals Lucas d’Heere, Jan van der Noot en Karel van Mander, maar gaf ook erg inspirerende colleges over bijvoorbeeld de Reynaert. Hij was nog steeds raadslid van de rederijkerskamer De Fonteine (Gent).
Werner Waterschoot (Grembergen, 1941) studeerde Germaanse filologie aan de Gentse universiteit. Hij werd licentiaat met een tekstuitgave van Lucas d’Heere, ‘Den hof en Boomgaerd der poësien’ (1963) en promoveerde op Jan van der Noot, ‘De Poëticsche Werken’ (1972). Hiervoor ontving hij de Prijs voor Letterkunde 1973 van de KANTL. Van 1969 tot 2006 was hij werkzaam aan de Gentse universiteit, uiteindelijk als hoofddocent. Hij publiceerde over oudere Nederlandse literatuur, van de ‘Reinaert’ (13de eeuw) tot Cammaert (18de eeuw). Hij verzorgde tekstuitgaven van Lucas d’Heere, Jan van der Noot, Karel van Mander en Jan Frans Cammaert. Analytisch-bibliografische bijdragen publiceerde hij in ‘Quaerendo’, literair-historische artikels in ‘Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde’, ‘De Nieuwe Taalgids’, ‘V&M KANTL’ en ‘Jaarboek De Fonteine’.
Hij is Voorzitter van de Commissie voor de uitgave van het Nationaal Biografisch Woordenboek.