Veertig jaar geleden was de eerste aflevering van de tweedelige televisiefilm “Charelke Dop” te zien op de BRT.

Leo De Haes in Humo: “Ruim honderd jaar geleden werd Ernest Claes geboren en dat moet natuurlijk worden gevierd, ook op de BRT. Aangezien scenarist Pierre Platteau een goeie beurt heeft gemaakt met Daar is een mens verdronken en hij de enige in Vlaanderen is die Ernest Claes op zijn nachttafeltje heeft liggen, lag het voor de hand dat hij in dit Claesjaar een Claesboek voor televisie zou bewerken. Het werd De Vulgaire Geschiedenis van Charelke Dop.
HUMO : Eerlijk nu : vind je Ernest Claes de grootste schrijver van Vlaanderenland ?
Pierre Platteau : 
« Natuurlijk niet, maar Claes heeft drie boeken geschreven die boven zijn normale niveau uitstijgen: “Daar is een mens verdronken”, “Charelke Dop” en “Clementine’. In die drie boeken zit natuurlijk nog een stuk Vlaamse folklore, maar Claes heeft het anders gehanteerd. Vaak gebruikt hij zijn monkelende persoonlijkheid om de braafheid of slechtheid van onze Vlaamse mensen te vergelijken, maar niet in die drie boeken. Die zijn wranger en harder. “Charelke Dop” bij voorbeeld is een schelmenroman over een klein mannetje uit Diest dat smokkelaar wordt en zich opwerkt tot oorlogsheld. En hoe doet hij dat? Door op een geniepige manier mensen te gebruiken. Het verhaal speelt zich af tussen begin 1914 en het einde van de oorlog. Dop (gespeeld door Jef Burm) heeft een snoepwinkeltje en is getrouwd met een echte helleveeg. Hij is niet bijzonder verstandig maar hij loert op de zwakke kanten van zijn tegenstrevers en die buit hij uit. »
HUMO : Als je schelmenroman zegt, denk ik aan De Witte.
Platteau
 : « Daar heeft het niets mee te maken. “De Witte” zit vol weemoed, “Charelke Dop” is harder, ironischer ook. Het is zwarte humor. Om een vergelijking te maken : Candide zet ons in ons hemd om ons uit te lachen, Charelke Dop zet ons in ons hemd om met onze broek te gaan lopen. »
HUMO : Is de verfilming van Charelke Dop een waardige manier om Claes te vieren ?
Platteau
 : « Als er in Vlaanderen een schrijver gevierd wordt gaan ze paling eten aan de Leie of wordt er ruzie gemaakt over waar zijn standbeeld moet komen, zoals nu met Claes, tussen Averbode en Zichem. Of : men haalt amechtig geschreven krantenartikels aan die Claes geen recht doen. Aangezien “Daar is een mens verdronken” een vrij goede respons gekregen heeft en de algemene reactie was: zo kenden we Claes niet, hebben ze meer gevraagd, en je kent me. Ik ga niet meteen een idyllisch verhaaltje van Claes bewerken. Ik twijfelde eigenlijk tussen “Kobeke” en “Charelke Dop”. “Kobeke” gaat over een jongen die broeder wil worden maar te aards is en terug naar huis gaat en trouwt. Het is echter een boek zonder verhaal, het is een beetje de “Pallieter” van Claes, zeer heidens en aards. Je zou een Fellini moeten zijn om het goed te kunnen verfilmen. Ik heb dus voor “Charelke Dop” gekozen. Aanvankelijk wilde ik trouwens drie afleveringen maken. Claes heeft immers onder de schuilnaam G.Van Hasselt het boek “Gerechtelijke Dwaling” geschreven. Dat speelde zich af ten tijde van de repressie en het gaat over een patriottische journalist die alle collaborateurs in de gevangenis wil. Zijn hoofdredacteur wil dat hij daarmee ophoudt en eens iets vrolijkers bedenkt. De journalist wil dan een stuk over Ernest Claes maken, maar die laat hem niet binnen. Zo gaat de journalist op zoek naar Charelke Dop. Hij komt eerst bij de neef van Dop terecht, die zelf collaborateur is geweest, en door een misverstand wordt de journalist ook opgepakt en achter de tralies gedraaid. In dat boek zuipt Charelke Dop zich te pletter want zijn vrouw heeft zelfmoord gepleegd en hij raakt weer aan de bedelstaf. Het is typisch voor Claes : mensen die op een verwerpelijke manier rijk worden, gaan ten onder. Ze dragen de kiemen van de zelfvernietiging in zich. Voor Dop is geld een doel op zich, hij wil er geen wereldreis mee maken of drie keer per dag naar de hoeren lopen, nee, hij wil het geld om het geld en daaraan gaat hij kapot. Jammer dat de BRT dat derde deel niet wilde laten maken. »
HUMO : Is “Charelke Dop” beter dan “Hard Labeur” en ben je al bekomen van de kritiek op dat feuilleton ?
Platteau :
 « Je veronderstelt blijkbaar dat ik ziek van de kritiek ben geweest, maar ik was daar niet kapot van. It’s the name of the game, hé. Ik raak sommige mensen met wat ik maak, en andere niet. Maar goed, “Charelke Dop” zal steengoed zijn. Het heeft een minder controversieel thema dan “Hard Labeur” en het wordt met humor behandeld. Met humor kun je veel zeggen. Niet voor niets heeft Ernest Claes humor zelf gedefinieerd als op zijn kop gezet verdriet. »

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.