Op 16 juli 1986 krijg ik een artikel uit “The Bulletin” van 16/5/86 toegestuurd over Jean-Claude Garot door Johannes Bresseleers als documentatie voor mijn stuk “Snoopy versus the Red Baron” dat ik wilde schrijven naar aanleiding van het merkwaardige feit dat de vroegere “revolutionair” Garot (van “Pour”) nu een duur Amerikaans wielertijdschrift (“Winning”) uitgeeft en nog elf andere magazines in drie talen (waaronder het chique Vlaamse modemagazine “Oh”) die alle in België worden gedrukt, met name bij Offpress, Rue de la Concorde 22, 1050 Brussel.
Dit adres was op 5 juli ’81 nog het voorwerp van een bomaanslag toen hij daar nog enkel “Pour” drukte (volgens de PS en de PCB was de brand door hemzelf aangestoken). Hiermee wordt immers uiteraard voedsel gegeven aan het gerucht dat Garot in zijn “revolutionaire periode” eigenlijk een agent provocateur van de CIA was (cfr. ook zijn rol in de studentenrellen in Mexico ’68). In zijn eigen studententijd aan de ULB (hij zou zijn studies niet afmaken) was Garot lid van de… liberale studentenbeweging, ondanks dat hij van proletarische afkomst was (zijn vader was een fabrieksarbeider, zijn moeder was gerante in een droogkuis).
In “The Bulletin” vertelt Garot dat de overgang o.m. is gebeurd door… Eddy Merckx. Om de schuldeisers na de brand te kunnen betalen (er was 25 miljoen schade, waarvan slechts 17 miljoen door de verzekering werd betaald) besloten ze immers een boek over Eddy Merckx uit te geven, een onfeilbare jackpot volgens Garot, zeker omdat Merckx zelf zijn medewerking verleende. Toen één van zijn vier Pour-medewerkers die hem trouw waren gebleven een artikel in een Amerikaanse krant over de Dupont Tour opmerkte, besloten ze meteen een Engelse versie van het boek op de markt te brengen en bingo! In 1986 had Garot al 82 mensen in dienst.
André Viollier van “Télémoustique” vertelt echter een ander verhaal, namelijk dat na de bomaanslag miljoenen zijn gestort door sympathisanten die ervan overtuigd waren dat “Pour” als dagblad uit zijn asse zou herrijzen. Een deel van dit geld werd inderdaad gevormd door giften, maar een ander deel waren renteloze leningen, die echter (net als de goedbedoelde giften) naar de nieuwe activiteiten van Garot werden doorgesluisd zonder ooit vereffend te zijn.
Anderen spreken van kunstzwendel tussen ons land en de VS en zelfs over het feit dat niemand minder dan Fidel Castro er door Garot zou ingeluisd zijn, maar niemand kan echt bewijzen aandragen.
Op 8 mei 2008 schrijft Christophe Lamfalussy in “La Libre Belgique”: “Mais où est donc passé Jean-Claude Garot? Cette question, beaucoup d’anciens de Mai 68 l’ont posée. Véritable entrepreneur de la presse de gauche alternative dans les années soixante et 70, l’homme avait quasiment disparu de la circulation après la faillite de l’hebdomadaire Pour en 1982.”
En Lamfalussy gaat verder: “On sut qu’il était parti aux Etats-Unis pour lancer des magazines sportifs. La Libre l’a retrouvé dans la région namuroise, où, à l’aube de la retraite, il vient de vendre ses derniers titres et dit avoir remboursé ses ultimes dettes.”
“Je vis à Mozet depuis onze ans , dans le village de mes parents”, zegt Garot, geboren in oktober 1941. “J’aime me promener dans les bois. Cela me fait du bien”.
“Garot, adolescent, n’était pas politique,” schrijft ook Lamfalussy. “Le vrai choc fut la vision du film Mourir à Madrid de Frédéric Rossif, sorti sur les écrans en 1963. (…) Mais c’est la fondation du magazine Le Point, en 1965, qui le lança réellement dans l’aventure de la presse alternative. Les fonds étaient privés ou tirés d’une brasserie d’étudiants située rue de la Pépinière. Pierre Verstraeten, qui dirige une collection chez Gallimard, introduit Garot dans l’intelligentsia de gauche parisienne, ce qui vaut à Garot de pouvoir interviewer Jean-Paul Sartre en 1967.”
“En mai 1968, Garot redouble d’ardeur. Il s’oppose aux CRS, rue Gay-Lussac à Paris, où il est blessé par une grenade. (…) Le ministre français de l’Intérieur de l’époque, Raymond Marcellin, dressa une liste des indésirables en France. Y figuraient Daniel Cohn-Bendit, Ernest Mandel mais aussi Jean-Claude Garot.”
“En juillet 1981, le journal Pour était au bord de la faillite. Ses bureaux et son imprimerie venaient d’être détruits par un attentat. Le champion cycliste avait clôturé sa carrière en 1978 et accordait désormais toute son attention à ses affaires, sa firme de vélos. Merckx, qui était sensible à la liberté de la presse, visita les locaux de la rue de la Concorde et décida d’aider l’hebdomadaire en lui donnant une importante somme d’argent. (…) Mais le champion cycliste belge va jouer un rôle bien plus important encore en 1983. L’équipe autour de Garot cherche, en effet, à publier une revue de la qualité du mensuel allemand GEO, avec un contenu solide. (…) Le soir même, Garot voit Merckx. Le champion évoque le projet de Tour cycliste des Etats-Unis. L’organisateur a besoin d’un bon programme. Merckx téléphone à Jack Simes, ancien coureur et membre de la fédération cycliste aux Etats-Unis, en lui proposant les services de Garot.”
“L’Américain le reçoit quelques semaines plus tard dans l’hôtel Hyatt de la 42e rue à New York. Il est enchanté par la proposition des anciens de Pour et suggère à Garot de lancer un magazine sur le cyclisme pour le marché américain.” Dat zal dus “Winning” worden en als dat een succes is gebleken, geeft Garot ook nog “Triathlete” uit. Ook dat blijkt een schot in de roos, maar uiteindelijk zal de Amerikaanse successtory ten onder gaan aan het wetenschappelijke blad dat Garot nog altijd wil uitgeven: “Sciences and Nature” zal hem na tien jaar zestig miljoen schulden opleveren.
Op 13 mei 2011 is het dan de beurt aan De Tijd. “Jean-Claude Garot, de Waalse journalist die ruchtbaarheid gaf aan onder meer de Roze Balletten, wordt gezocht door Interpol. Dat schrijft de website Apache.be vrijdag. De Europese politieorganisatie zoekt de man omdat hij betrokken zou zijn bij een miljoenenfraude bij de bouw van een sociaal woonproject in Honduras.”
“Sinds 2009 is de nu 70-jarige Garot betrokken bij de activiteiten van de vastgoedonderneming Realco Investment van de Belg Michel Brukirer in het Midden-Amerikaanse land Honduras. Brukirer is een bekende naam in de wereld van het Belgische onroerend goed.”
“Het bedrijf werkte in opdracht van de vroegere Hondurese president José Manuel Zelaya mee aan een uitgebreid sociaal bouwproject en zou daarbij op grote schaal hebben gefraudeerd. Volgens de Hondurese bank Lafise gaat het om een fraude van ettelijke miljoenen euro met onderpanden en leningen. De bank diende begin dit jaar een klacht in bij de Hondurese justitie.”
“Het gerecht in Honduras vaardigde vorige maand een nationaal en internationaal aanhoudingsbevel uit tegen de ‘voortvluchtige’ Belgen Brukirer en Garot. Die staan nu allebei op de ‘Wanted-lijst’ van de Europese politieorganisatie Interpol en worden dus actief gezocht. Brukirer legt ondertussen alle schuld bij Garot en diens Italiaanse partner Luca Venturello. Volgens hem had Garot de totale financiële controle over het bedrijf.”
Hier houdt mijn informatie over Garot op, maar toch is het vreemd dat, als ik op 13 juli 2023 aan chatgtp vraag een artikel te schrijven over hem ik het volgende antwoord krijg: “I’m sorry, but I couldn’t find any information on an individual named Jean-Claude Garot in my training data up until September 2021. It’s possible that he may be a private individual or a relatively unknown public figure. If you have any additional information or context about Jean-Claude Garot, please provide more details so that I can try to assist you further.”
Waarna ik mijn verzoek aanscherp door eraan toe te voegen dat hij de uitgever was van o.a. “Pour” en “Winning”, maar ook dan blijft het antwoord: “I apologize for the confusion earlier. As of my knowledge cutoff in September 2021, I don’t have any information about Jean-Claude Garot being the publisher of Pour and Winning. It’s possible that this person may not be widely recognized or known in the public domain. If there are any updates or if Jean-Claude Garot has become more notable since my knowledge cutoff, I wouldn’t have access to that information.”
Merkwaardig, zéér merkwaardig…
Ronny De Schepper