In de slag bij Las Navas de Tolosa verslaan christelijke legers, verzameld door koning Alfons VIII van Castilië, het moslimleger van de Almohaden die een groot deel van Spanje bezetten. Een beslissende slag op weg naar de Reconquista, de herovering van het Iberisch schiereiland op de Moren. (Luc Pauwels op doorbraak.be)

Het was van Alfonso VIII niet de eerste keer dat hij ten strijde trok, eerder in 1195 had hij zware verliezen geleden en zinde natuurlijk op wraak. Die wraak moest lang wachten want oorlog voeren kost nu eenmaal een flinke hoop geld en dat had hij niet genoeg. Echter in 1211 lanceerde Al-nasir een aanval op het noorden en de toenmalige paus riep op tot een kruistocht en vanuit heel Europa stroomden soldaten richting het zuiden. De kans voor Alfonso VIII op wraak.

De legers van Castille, Aragon en Portugal trokken naar het zuiden samen met Franse troepen en de befaamde Tempeliers. Alfonso kreeg echter een uitdaging toen heel wat kruisvaarders rechtsomkeert maakten door onenigheid en de slechte leefomstandigheden. Snel werd het leger van Navarra gerekruteerd en men trok ten aanval. De natuurlijke bergpas ten noorden van Jaen werd zwaar bewaakt maar met behulp van een lokale herder die de soldaten een alternatieve weg toonde over de bergen kon de eerste verrassingsaanval gedaan worden op de Moorse legers.

Beide legers zouden zeer groot zijn geweest, het is niet duidelijk maar men spreekt al snel over 50.000 christelijke soldaten en 150.000 Almohaden (*). Er zijn zelfs die spreken van veel meer …. Of dit helemaal juist is, is de vraag daar de overwinnaar graag de zege zo groots mogelijk wil maken. Een ding is wel zeker dat de christelijke legers in de minderheid waren. De strijd werd gewonnen door die laatste en de verliezen voor de kalief waren zo groot dat deze de klap niet meer te boven is gekomen en deze nederlaag het einde inluidde van het Moorse tijdperk in Andalusië. De Kalief kon maar ternauwernood ontkomen en vluchtte naar Marokko alwaar hij al een jaar later overleed. (passievoorandalusie.nl)

Via de Normandiërs was de vrouw-vriendelijke Arabische cultuur tot ons gekomen (**). Niet alleen veroveren de voorzaten van Jacques Anquetil immers Engeland (14 oktober 1066, slag bij Hastings), ze richten hun schreden ook naar Spanje dat ze heroveren op de Moren (de zogenaamde Spaanse reconquista). Deze hadden hun Arabische schonen achtergelaten en menig Zuidfranse edelman ging toen over tot “culturele uitwisseling”. “De amore libri III” van Andreas Capellanus, dat kan worden gezien als de bijbel der troubadours, verkondigde ideeën die de Arabische dichter Ibn Hazam al in 1022 in zijn “Twaq al-Hamanana” of “De halsring van de duif” (***) had beschreven. (Matthews, p.77)

De oude vertelling “Floris ende Blancefloer” is samen met de sultan uit Mozarts “Die Entführung aus dem Serail” een van de weinige aanduidingen in de Westerse literatuur van hoe het hoofse karakter eigenlijk uit Arabië is aangewaaid. Deze schonen zongen immers over de hoofse liefde, die onder invloed van het neoplatonisme reeds van in de 9de eeuw in Bagdad “in” was, en speelden luit, vedel en hakkebord (een voorloper van het klavecimbel). Nu wordt dit genre nog beoefend door de Marokkaanse groep Ikhlasse, maar typisch is dat dit nu binnen de Islam niet meer ten volle getolereerd wordt. Daaruit groeiden dan o.m. de “chansons de toile”, gezongen door vrouwen bij het spinnewiel. Een scharnierfiguur was de Franse Christine de Pisan (1364-1430), de schrijfster van “La cité des dames” (1405), een ballade, waarin alle belangrijke, heldhaftige en deugdzame vrouwen die de geschiedenis tot dan tot had voortgebracht de revue passeren. Maar ze is vooral belangrijk omdat ze een polemiek aanging met Jean de Meung, die een aanvulling had geschreven op “Le Roman de la Rose”, waarin hij o.a. het standpunt verkondigde dat vrouwen enkel geschapen waren om de mannelijke driften te verdedigen. Johan Huizinga merkt in zijn “Herfsttij der Middeleeuwen” op dat deze polemiek eigenlijk de scharnier vormt van de overgang van de voorhoofse naar de hoofse literatuur. Voorbeelden van hoofse literatuur in de Nederlandse literatuur zijn o.a. “Walewein”, “Ferguut” en “Floris ende Blancefloer”.

Referentie
John Matthews, De Heilige Graal, de belichaming van een droom, Amsterdam, De Driehoek, 1992

(*) Het kalifaat van de Almohaden was een Berberse moslimdynastie die vanuit het huidige Marokko in de 12e en 13e eeuw over de Maghreb en Spanje regeerde. Zij werden opgevolgd door de Nasriden in Spanje, de Zianiden in Algerije, de Meriniden in Marokko en de Hafsiden in Tunesië en Libië. Deze laatste twee zouden hen opvolgen als leidende staten van de westelijke Islam en zichzelf neerzetten als de rechtmatige opvolgers van het Almohadenrijk. Dat zou vooral gelden voor de Hafsiden, die hun rijk zagen als een voortzetting van dat van de Almohaden. Sommige historici plaatsten het einde van het Almohadenrijk dan ook bij de val van de Hafsiden in de 16e eeuw. (Wikipedia)

(**) Met een opmerking als “jaja, de tijden kunnen veranderen” maakte ik mij daar oorspronkelijk vanaf maar na het verschijnen van het boek “Waarover men niet spreekt” van Wim Van Rooy (2015) moet één en ander toch wat bijgeschaafd worden. Zo verklaart Wim zelf in een interview met The Post Online: “Deze periode wordt inderdaad aangehaald door mijn tegenstanders, maar is volgens mij een totaal overtrokken zaak. Denkers als Ibn Rushd kwamen tot hun intellectuele verwezenlijkingen niet omdat ze in een moslimmaatschappij leefden, maar omdat ze onderdeel waren van een hybride cultuur. Ibn Rushd leefde bijvoorbeeld in het Spanje van de 12e eeuw, dat kon buigen op een sterke cocktail van christelijke, joodse, islamitische, maar ook klassieke en Byzantijnse elementen. De ‘Arabische lente’ in de middeleeuwen ging grotendeels terug op een herontdekking van Aristoteles. Daarnaast werden deze hybride denkers maar al te vaak het slachtoffer van censuur en ballingschap. Uiteindelijk wordt het belang van deze periode ook overschat. De denker Maimonides bijvoorbeeld was een jood maar krijgt heel snel het etiket Arabisch opgeplakt.” Ook Fons Mariën weerlegt deze traditionele opvattingen op Lezers Tippen Lezers.
(***) Over de duif als symbool voor het Vrouwelijke, zie o.a. hier.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.