Het is vandaag 85 jaar geleden dat Michael Caine, pseudoniem van Maurice Joseph Micklewhite (voor één keer kan ik volledig begrijpen waarom iemand voor een artiestennaam opteert!), werd geboren in het Londense East End.

Zijn eerste grote rol was als een Engelse legerofficier uit de hogere klasse in de film Zulu (1963) van de “geëxcommuniceerde” (zie McCarthy) Cy Endfield. Hierin werd hij ontdekt als een heus sekssymbool. Nochtans zat hij al zeven jaar in het vak, maar zonder ooit op te vallen. Veel verder dan ongekrediteerde rolletjes als politieagent of vechtende zeeman was hij nog niet geraakt. Hij was gedebuteerd in 1956 in “A hill in Korea”, waarvoor hij als ex-strijder in de Koreaanse oorlog als adviseur was ingehuurd. Daar had hij kennisgemaakt met Stanley Baker, de latere producer van “Zulu”, die hem op die manier opviste. De reden waarom Caine nu wél doorbrak was dat hij het cockney-accent dat hij als volksjongen steeds uitspeelde, eindelijk terzijde mocht laten om zo’n verwaande blauwbloedige officier te spelen. Als “rolmodel” koos Caine… prins Philip (de Engelse uiteraard, die van ons moest nog geboren worden). Eén van diens typische houdingen was wandelen met de handen op de rug “iets wat alleen heren die er zeker van zijn dat anderen hun verdediging op zich nemen, zich kunnen permitteren”. De 2.000 figurerende Zoeloes werden overigens geleid door Buthelezi, de latere leider van de Inkatha-beweging.
“The Ipcress File” was al zijn 101ste film, maar Joan Littlewood zei in The Sunday Times van 27/3/1994 nog altijd: “I gave him a part. He couldn’t act. I told him the best thing he could do was to go to Hollywood, where he wouldn’t need to.”
And he did. In 1966 draaide hij er “Gambit”, zij het onder de Britse regisseur Ronald Neame (1911–2010). A “gambit” is a chess tactic where a player sacrifices a piece to get a more advantageous position in the game. The first draft of the screenplay was written by Bryan Forbes in 1960, when the story was designed as a vehicle for Cary Grant. He eventually dropped out of the project, which subsequently underwent many changes. It was eventually decided to make the girl the central character and Shirley Maclaine was signed for the lead. After seeing “The Ipcress File”, she suggested Michael Caine as her leading man, which led to still more rewriting to accommodate his working-class cockney persona.
Door de jaren heen is Caine in status gegroeid en hij is een gerespecteerd acteur geworden. Hij heeft zeer veel verschillende rollen gespeeld, onder andere die van ‘Charlie Crooker’ in de legendarische misdaadkomedie The Italian Job (1969). In 1971 groeide hij uit tot cultfiguur dankzij zijn rol als keiharde gangster in Get Carter. Daarom vroeg Alfred Hitchcock hem voor the role of Robert Rusk. He thought the character was disgusting and said “I don’t want to be associated with the part.” After Caine declined the role he later mentioned in his memoirs how Hitchcock completely ignored him when they met in a hotel a few years later.
Een andere beklijvende rol is die van verloederde universiteitsprofessor in Educating Rita (1983).
In “Mona Lisa” (1987) van Neil Jordan speelt Bob Hoskins een kruimeldief die na een gevangenisstraf te hebben uitgezeten voor iets dat hij in opdracht van Michael Caine had mispikkeld, door deze laatste als chauffeur van een callgirl (Cathy Tyson) wordt aangewezen. Deze gebruikt Hoskins om haar vriendin Cathy (Kate Hardie) op te sporen. Als Hoskins door heeft dat het geen “gewone” vriendin is, slaan de stoppen door. Uiteindelijk vindt hij rust bij zijn dochter en bij zijn vriend (Robbie Coltrane).
En in 1988 was er “Without a clue” van Thom Eberhardt met Lysette Anthony (Leslie Giles), Michael Caine (Reginald Kincaid) en Ben Kingsley als de arts John Watson, die in zijn vrije tijd detectiveverhalen schrijft onder de schuilnaam Sherlock Holmes. Zijn verhalen zijn zo geloofwaardig dat het Koninklijk Huis hem verzoekt de diefstal van de stempel van vijf-pond-biljetten op te lossen. Hij huurt een detective in die sprekend op de pijprokende Holmes gelijkt. Samen lopen ze inspecteur Lestrade (Jeffrey Jones) van Scotland Yard voor de voeten.
LITTLE VOICE
Jim Cartwright zijn stuk “The Rise and Fall of Little Voice” werd als “Little Voice” tout court verfilmd in 1998 door Marc Herman. Jane Horrocks speelt hierin het verschrikte vogeltje (vandaar dat ze de belangstelling wekt van vogelliefhebber Ewan McGregor) Laura Hoff, die sinds de dood van haar vader het erg moeilijk heeft met het liederlijke leven van haar moeder Mari (Brenda Blethyn). Ze vlucht dan ook weg in de platencollectie die haar vader haar heeft nagelaten en waarmee ze erin slaagt exacte kopieën te leveren van zijn grote idolen zoals Judy Garland, Marilyn Monroe of Shirley Bassey. Als dit wordt opgemerkt door één van haar moeders talrijke vrijers, de wat louche manager Ray Say (Michael Caine), dan wil deze haar (en vooral zijn eigen carrière) lanceren in het nightclubcircuit. Maar begin er maar aan met een vogeltje dat niet uit haar kooitje durft komen!
Over “The Quiet American” (1958) zei Graham Greene: “Zelfs Mankiewicz heeft geknoeid toen hij ‘The Quiet American’ regisseerde. Hij verdraaide het verhaal zo dat hij de film zelfs had kunnen opnemen in Zuid-Vietnam, onder de ogen van het regime dat ik aanklaagde en dat mijn boek verboden had!” Wat hij vond van de versie van Philip Noyce uit 2002 met een knappe vertolking van Michael Caine zullen we natuurlijk nooit te weten komen…
Een even memorabele vertolking zet Michael Caine neer in “The Weather Man” van Gore Verbinski uit 2005 als ten dode opgeschreven vader van de ontredderde titelfiguur gespeeld door Nicolas Cage. Pakkend is de aanwending van het nummer “Like a rock” van Bob Seger.
Daarna speelt hij in de futuristische rampenfilm “Children of men” van Alfonso Cuarón uit 2006 een ouwe hippie. Ook hier is zijn aanwezigheid in een voor de rest indroevige omgeving de aanleiding voor enkele prachtige “golden oldies”, zoals “In the court of the Crimson King” van King Crimson.
THE PRESTIGE
In “The prestige” van Christopher Nolan uit datzelfde jaar speelt hij een belangrijke bijrol, een sidekick eigenlijk. De Indiër Murtaza Ali vat de film als volgt samen op de IMDb: “The Prestige, adapted from an award winning novel of the same name by Christopher Priest, is an intricate tale of passion, intrigue, deceit and obsession about two illusionists, whose morbid covetousness for absolute supremacy in their profession engenders a fierce rivalry that turns internecine and ultimately consumes them. Alfred Borden (Christian Bale) and Robert Angier (Hugh Jackman) at the start of their careers are highly ambitious young men assisting an elderly illusionist named Milton (Ricky Jay). Borden’s incessant longing for innovation leads to the accidental death of Angier’s wife. Borden marries Sarah and his apparent happiness further aggravates the sense of revulsion in Angier’s heart. Angier’s vindictive intervention during a bullet catch trick causes Borden to lose his two fingers. Though these events sowed the seeds of implacable hatred, but it is the unremitting yearning of their perpetually insatiable egos to outperform each other that eventually drives them to perdition.
Angier starts performing with the sobriquet The Great Danton with Cutter (Michael Caine) as his illusion engineer, while Borden with the stage name “The Professor” with Fellon as his engineer. Angier is an adept showman, but lacks the technical prowess. On the contrary, Borden is highly skillful, but lacks the taste for grandeur and showmanship. Each regards the other as his only obstacle (owing to their bitterly intertwined past) and this starts a series of events in which each tries to stymie the other by any means possible (sabotage, abduction, incrimination and even killings). Awed by the apparent genuineness of Borden’s version of The Transported Man and inveigled by Borden’s deliberate misdirection, Angier travels miles and spends a fortune to approach an ingenious scientist named Nikola Tesla (David Bowie) in order to cajole him into building a machine for him (a machine that could help him outperform Borden). Nikola Tesla is an apostle of Alternating Current (and rightly thinks it to be superior to Direct Current), and is under immense pressure imparted by Thomas Edison (ruthless advocator of Direct Current) and his men, who are after Tesla. As Edison’s men close in on him, Tesla runs out of time and hence funds for his research and is forced to oblige Angier, who is his very last client. Tesla flees the scene shortly after fulfilling his promise to Angier (not without leaving him a strong note of caution against the use of his invention), whose ever increasing skepticism in Tesla is placated by the efficacy of his masterful invention. Using Tesla’s machine, Angier introduces his own version of The Transported Man, which becomes an instant success, but in lieu of a terrible self-sacrifice (that Angier has to make every night while performing). As the story culminates, the viewer is startled with many revelations including the mental and physical torments that Borden’s complex character undergoes owing to his total devotion towards his art.
The success of an act of illusion solely depends upon the deftness with which its three parts viz. the Pledge, the Turn, and the Prestige are performed. Similarly, for a movie to be a success, its three main aspects i.e. screenplay, direction, and acting are ought to be top-notch. Christopher Nolan incredibly manages to strike all the right cords with The Prestige. His riveting maneuvers coupled with his ingenious auteur skills aggrandize the brilliance of the movie ten-fold. Nolan succeeds in having a dream assemblage of actors with almost everyone giving a memorable performance. Christian Bale and Hugh Jackman are superb in their lead roles. Michael Caine shines in his low-key portrayal of Cutter, an ordinary part made to appear extraordinary through sheer brilliance; vintage Caine. David Bowie as Nikola Tesla and Andy Serkis (Gollum of LOTR) as Alley (Tesla’s assistant) are stupendous in their cameos. Scarlet Johansson also manages to give a scintillating portrayal as Borden’s paramour, Olivia.
The movie is a roller-coaster of a ride with intriguingly intertwined subplots and masterful time switching, which makes it one of a kind and an ultimate masterpiece. The uncanny feat of Nolan to manifest a motion picture, which forays the realms of Mystery, Thrill, Sci-fi and Fantasy, is truly exemplary and makes the movie a contemporary classic. The movie is a tapestry of twists and turns, which evinces its overwhelming potential to bewitch the masses and satiate even the most esoteric viewers. The questions that it incessantly asks of the viewers can only be answered after repetitive viewings, with each viewing seeking utmost attention of the viewer. The only question that I would ask of the viewer is: Are you watching closely?
Het is ook het personage van Michael Caine dat off-screen de titel mag verklaren: “Every great magic trick consists of three parts or acts. The first part is called The Pledge. The magician shows you something ordinary: a deck of cards, a bird or a man. He shows you this object. Perhaps he asks you to inspect it to see if it is indeed real, unaltered, normal. But of course… it probably isn’t. The second act is called The Turn. The magician takes the ordinary something and makes it do something extraordinary. Now you’re looking for the secret… but you won’t find it, because of course you’re not really looking. You don’t really want to know. You want to be fooled. But you wouldn’t clap yet. Because making something disappear isn’t enough; you have to bring it back. That’s why every magic trick has a third act, the hardest part, the part we call The Prestige.”
HARRY BROWN
Een andere vintage-vertolking van Michael Caine is die van de op wraak beluste floor manager in “Flawless” van Michael Radford uit 2007.
Harry Brown’ van Daniel Barber uit 2010 beantwoordt nog meer aan de specifieke eisen van a revenge movie. Michael Caine speelt hierin een oud-marinier (en “oud” wel degelijk in de twee betekenissen van het woord) die de dood van zijn vriend wreekt door eigenhandig een hele bende hangjongeren uit te moorden, terwijl de politie – zoals gewoonlijk – met de vingers blijft draaien. Het mag al een wonder heten dat hij op het einde zelf niet van moord wordt beschuldigd. Maar dat komt dan enkel omdat hij de “begripsvolle” inspecteur (in de zin van “ze hebben geen kansen gekregen”, “ze komen uit een achtergestelde buurt” en al die andere shit), gespeeld door Emily Mortimer, op het nippertje uit de klauwen van de bende heeft gered. Anders kon hij het wel schudden…
Ook echt oud is Michael Caine in een andere take the money and run film “Now you see me” van Louis Leterrier uit 2013. The suspension of disbelief is wel erg groot in deze film waarin vier (eigenlijk vijf, maar dat weggeven zou een spoiler zijn) illusionisten banken “vanop afstand” beroven. (Ik kan de Gili’s onder mijn lezers gerust stellen: er wordt op het einde wel een “realistische” uitleg gegeven, maar die is zo mogelijk nog ongeloofwaardiger dan de illusie!)
KINGSMAN: THE SECRET SERVICE
In 2014 mag Michael Caine aantreden in “Kingsman: the secret service”, een film die een tribute wil zijn aan spy-movies, zoals op de eerste plaats die met James Bond, maar ook die met Harry Palmer. Caine thrice portrayed the famous sixties spy in Ipcress file (1965), Funeral in Berlin (1966) and Billion Dollar Brain (1967). The ending, however, clearly pays tribute to Bond movies, when Eggsy returns to the princess’ cell. Several Bond films ended with Bond being “caught” in bed with a woman. Here, Merlin must close his computer screen as Eggsy make his move on the Princess. And the end joke is intended as an R-rated version of the classic Bond movie end jokes. Director Matthew Vaughn said: “The whole movie is a post-modern love letter to spy films, and as a kid watching Moonraker, I hear ‘Bond is about to attempt re-entry, Sir’. (The end of “Kingsman: The Secret Service” features a shot of Princess Tilde’s buttocks). I remember that line. So we’ve blown peoples heads up, we’ve had massacres in churches, we’ve pushed the boundaries, we should at least have the classic spy movie end joke, and do the R-rated version.” So when Eggsy returns to the Princess’ cell after ‘saving the world’, the code which he enters on the alpha numeric pad are ‘2,6,2,5’. On an alpha numeric keyboard those numbers could spell out the words ‘ANAL’ and ‘COCK’ which are references to the Princess telling Eggsy that they could ‘do it in the asshole’ if he saved the world.
Michael Caine is zes keer genomineerd voor een Academy Award, waarvan hij er twee ook won. Zijn eerste Oscar kreeg hij als Best Actor in a Supporting Role in 1986 voor de film Hannah and Her Sisters, de tweede in 1999 voor The Cider House Rules.
Michael Caine verscheen als zichzelf (door de zinsnede “My name is Michael Caine” in te spreken) in de Madnesshitsingle “Michael Caine” in 1984. De song zelf gaat over de problematiek in Noord-Ierland.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.