Het is vandaag al 115 jaar geleden dat de Amerikaanse filmregisseur William Wyler werd geboren. Hij stond bekend als een van de meest perfectionistische filmmakers van zijn tijd, die volledige controle over het maken van de film eiste en zijn acteurs tot het uiterste kon drijven. Zelfs de eenvoudigste scène moest meerdere malen worden opgenomen. Hieraan hield hij de bijnaam “90-Take Wyler” over.

Hij werd geboren als Wilhelm Weiller in het Duitse Mülhausen (tegenwoordig Mulhouse, Frankrijk), als zoon van een Zwitserse vader en een Duitse moeder. Hij ging naar school in Lausanne, Zwitserland, en leerde viool spelen aan het conservatorium van Parijs. Zijn moeder was een nicht van Carl Laemmle, de oprichter van Universal Studios. Wyler zou Laemmle in Parijs hebben ontmoet, die hem daar een baan zou hebben aangeboden bij Universal.
In 1920, op 18-jarige leeftijd, emigreerde hij alleszins naar het hoofdkwartier van Universal in New York, waar hij ging werken op de publiciteitsafdeling. In 1922 trok hij verder naar Californië, waar hij op de set begon te werken, eerst als de persoon die moest zorgen voor de rekwisieten. Hij werkte zich snel op in het bedrijf en in 1923 was hij assistent-regisseur van The Hunchback of Notre Dame, met Lon Chaney in de titelrol en productieassistent van de eerste filmversie van Ben-Hur in 1925. In 1925 regisseerde hij ook zijn eerste eigen film, de western Crook Buster. Hierna maakte hij meer dan veertig B-westerns, eerst korte two-reelers, later ook lange speelfilms. Begin jaren dertig mocht hij films van hogere kwaliteit maken, waaronder Hell’s Heroes (1930).
In het midden van de jaren dertig verliet Wyler Universal en begon hij een samenwerking met de onafhankelijke filmproducent Samuel Goldwyn. De eerste film die hij voor Goldwyn maakte was These Three uit 1936, gebaseerd op het controversiële toneelstuk The Children’s Hour van Lillian Hellman. Deze film was tevens zijn eerste samenwerking met cameraman Gregg Toland, die later vaker met Wyler zou samenwerken. Zijn volgende film voor Goldwyn, Dodsworth, was een groot succes en betekende Wylers eerste Oscarnominatie. Ook regisseerde hij de doorbraakfilm van Laurence Olivier, Wuthering Heights uit 1939. Vivien Leigh wanted to play the lead role, alongside her lover, but studio executives decided the role should go to Merle Oberon. They later offered Leigh the part of Isabelle Linton, but she declined and Geraldine Fitzgerald was cast. En aangezien “ouderwetse” personages ook vaak door Britten werden vertolkt, kreeg David Niven de rol van Edgar Linton aangeboden. David Niven dreaded the film not only because he was playing a thankless, secondary role, but because he dreaded working with William Wyler again. Merle Oberon, who played his wife Catherine Earnshaw, was uncomfortable working with Niven after their year long love affair ended in 1936. No wonder both of the leading players began to work on the film feeling miserable at having to leave their loved ones back in England. Olivier was missing his fiancée Vivien Leigh and Merle Oberon had only recently fallen in love with film producer Alexander Korda. So Merle Oberon and Laurence Olivier came to detest each other. Legend has it that when director William Wyler yelled “Cut!” after a particularly romantic scene, Oberon shouted back to her director about her co-star “Tell him to stop spitting at me!”
Laurence Olivier on the other hand found himself becoming increasingly annoyed with William Wyler’s exhausting style of film-making. After yet another take, he is said to have exclaimed, “For God’s sake, I did it sitting down. I did it with a smile. I did it with a smirk. I did it scratching my ear. I did it with my back to the camera. How do you want me to do it?” Wyler’s retort was, “I want it better.” However, Olivier zou later hebben gezegd dat Wyler hem leerde in een film te acteren.
Wyler draaide verder drie films met Bette Davis in de hoofdrol. Eerst Jezebel (1938) en The Letter (1940), maar in 1941 moest ze op haar eentje “The little foxes” schragen, de verfilming door William Wyler van alweer een toneelstuk van Lillian Hellman (Dorothy Parker schreef mee aan het scenario). Het werd een emblematische rol voor haar, namelijk die van een regelrechte feeks en deze typering zou een schaduw werpen over haar glamoureuze verleden. Eigenlijk herinneren we ons haar eerder als feeks dan als diva.
De titel is afkomstig uit de bijbel, meer bepaald uit het Hooglied van Salomon. In het Engels gaat het als volgt: “Catch for us the foxes, the little foxes that ruin the vineyards, our vineyards that are in bloom.” Het is een symbool voor diegenen die na de Civil War (het stuk speelt zich af rond de eeuwwisseling in 1900) rijk geworden zijn door de uitbuiting van de vrijgelaten zwarten. Zij potten hun geld ook op en investeren niet b.v. in nieuwe werkgelegenheid. Op die manier “they ruin the vineyard”. Regina, het personage van Bette Davis, is hiervan dus een voorbeeld, maar zij doet er nog een schepje bovenop door haar man (Herbert Marshall) de dood in te jagen en haar twee broers (Charles Dingle en Carl Benton Reid) aan haar wil te onderwerpen. Dat haar gehoorzame dochter (Teresa Wright) haar op het einde echter achterlaat en er met een journalist (Richard Carlson) vandoor gaat i.p.v. met de nietsnut van de zoon van Regina’s broer (Dan Durya), voor wie ze bestemd was, wijst erop dat het rijk van “the little foxes” op apegapen ligt…
Voor Mrs. Miniver uit 1942 won Wyler zijn eerste Oscar. De film won tevens de Academy Award voor Beste Film. Mrs. Miniver, een film over een Engelse middenstandsfamilie die probeert het hoofd te bieden aan de heersende oorlog, hielp Amerikanen betrokken te raken bij de Tweede Wereldoorlog en de kant te kiezen van de Engelsen. Na Mrs. Miniver werd Wyler officier bij de Amerikaanse luchtmacht en werd hij verbonden aan de in Engeland gestationeerde bommenwerpergroep. Tijdens de oorlog verloor hij het gehoor aan zijn rechteroor. In het leger nam hij tevens de documentaires The Memphis Belle: a Story of a Flying Fortress (1944) en Thunderbolt! op. Wyler kreeg voor zijn verdiensten in de oorlog de rang van luitenant-kolonel en een eremedaille. Na zijn terugkeer uit de oorlog nam hij de film The Best Years of Our Lives (1946) op, het verhaal van drie oorlogsveteranen die terugkeren uit de oorlog en weer proberen te wennen aan het alledaagse leven. Net als Mrs. Miniver won ook deze film de Academy Award voor Beste Film en kreeg Wyler zijn tweede Oscar voor Beste Regisseur.
Na de oorlog nam Wyler steeds meer ook het productieproces van zijn films op zich. Zo draaide hij in 1949 “The heiress” met Olivia de Havilland, Montgomery Clift en Ralph Richardson. Deze film is gebaseerd op “Washington square” van Henry James. Een rijke weduwnaar, Dr.Sloper, prent zijn dochter in dat ze alleen voor fortuinjagers aantrekkelijk is. Die voorspelling blijkt uit te komen en zij zint op wraak. Zowel op haar liefdeloze vader als op haar trouweloze minnaar. Aaron Copland schreef erg ongeïnspireerde muziek voor deze film, waarvoor hij zich baseerde op het thema van “Plaisir d’amour”. Andere films uit zijn naoorlogse tijd zijn Detective Story (1951), The Desperate Hours (1955, met Humphrey Bogart) en Friendly Persuasion (1956), een pacifistische western van scenarist Michael Wilson (die echter niet op de generiek voorkwam omdat hij op de zwarte lijst stond). Ook regisseerde hij Audrey Hepburn in haar eerste, meteen Oscarwinnende hoofdrol in Roman Holiday (1955). Ook scenarist Dalton Trumbo kreeg er een oscar voor in… 1993, vijftien jaar na zijn dood. Aangezien Trumbo van 1951 tot 1960 op de Zwarte Lijst van Joseph McCarthy stond, werkte hij immers met een “front”, d.i. een stroman die ervoor zorgde dat geschrapte scenaristen toch nog aan de slag konden. “The Front” is trouwens een film van Martin Ritt uit 1976 met in de titelrol Woody Allen. Het scenario was geschreven door Walter Bernstein, die net als de acteurs Zero Mostel, Herschel Bernardo, Joshua Shelley en Lloyd Gough eveneens tot de uitgestotenen behoorde. En zo kwam het dat de oscar die Trumbo voor “Roman holiday” kreeg, oorspronkelijk in ontvangst genomen werd door zijn vriend Ian McClellan.
De mannelijke hoofdvertolker Gregory Peck once again teamed up with director William Wyler in the epic Western The Big Country (1958), which he co-produced. Hij castte zichzelf dan ook perfect als de rechtschapen Jim McKay, die zijn integriteit tracht te bewaren tussen de twee rivaliserende clans van Charles Bickford en Burl Ives. Het knapste is de interactie met Charlton Heston, die hier terecht als een gunslinger wordt geportretteerd, maar Wyler zal dit zogezegde onrecht herstellen met de onmiddellijk daaropvolgende verfilming van “Ben-Hur”.
Ook opvallend is dat de “love interest” hier nog tijdens de film van focus verandert (van de grillige “Baby Doll”-achtige figuur van Carroll Baker naar de meer volwassen Jean Simmons): in westerns, waarin vrouwen meestal aan de haren naar de grot van hun caveman worden gesleept, een uitzonderlijke situatie.
Ook een pluim voor de wijdse, “grandioze” muziek van de mij voor de rest onbekende Jerome Moross. Als ik zijn carrière op de Internet Movie Database overloop, is het meest opvallende wat steeds terugkeert: “orchestrator – uncredited”. Dit lijkt me dus typisch zo’n man die altijd in de schaduw werkt, maar die toch de productie “schraagt”. De redactiesecretaris onder de filmcomponisten zeg maar…
Het historische epos Ben-Hur uit 1959, met Charlton Heston in de titelrol, werd een van de succesvolste films aller tijden. De film haalde $74 miljoen op, waarmee het in 1959 de op drie na best bezochte film aller tijden werd. Ook haalde de film elf van de twaalf Oscars op waarvoor hij was genomineerd, waaronder alweer een Oscar voor Beste Regisseur voor Wyler. Het recordaantal van elf Oscars is sindsdien twee keer geëvenaard, door Titanic en The Lord of the Rings: The Return of the KingBen-Hur wordt zowat elk jaar heruitgezonden omwille van Goede Vrijdag (de kruisiging van Christus komt er inderdaad in voor), maar het is zeker niet het moraliserend-religieuze aspect dat deze film het zien waard maakt. Nee, eigenlijk draait het maar om één sequentie (allé, ‘k zal het toegeven: om twéé, de zeeslag mag er ook wel zijn) en dat zijn natuurlijk de fameuze wagenrennen, waarbij de kleurloze Ben-Hur het moet opnemen tegen de Schone Slechterik, Massala. Akkoord, het zal wel geholpen hebben dat deze rol werd vertolkt door Stephen Boyd (ik zat toen nog in mijn pré-heteroseksuele periode), maar toen ik volwassen werd en hoorde dat Charlton Heston (de vertolker van Ben-Hur) tevens de woordvoerder is van de wapenlobby in de Verenigde Staten, dan was ik toch wel fier dat ik met plezier de rollen van beiden in die wedstrijd had omgedraaid! Gore Vidal schreef met medeweten van William Wyler en Stephen Boyd (maar niet van Charlton Heston) overigens een homoband tussen Ben-Hur en Messala. Het werd zelfs tot de gangmaker van het conflict gepromoveerd: men liet veronderstellen dat ze in hun jeugd “intieme vrienden” geweest waren en bij het weerzien wil de “decadente” Romein Messala die relatie verderzetten. Als Ben-Hur dit weigert, neemt Messala wraak.
Het oorspronkelijke boek van Lewis Wallace was eigenlijk een aanklacht tegen de slavernij. Wallace was immers een generaal die aan de zijde van de Noordelijken in de secessieoorlog had gevochten en daaraan een trauma van het bloedvergieten had overgehouden. Van “Ben-Hur” bestond dus al een “stille” versie, en wel door Fred Niblo uit 1925, waaraan Wyler als productie-assistent had meegewerkt. Het merkwaardige hieraan is dat de scènes waarin Christus voorkomt met de hand werden ingekleurd! In de film van Wyler wordt de rol van Christus vertolkt door Claude Heater. Die Heater zal men echter vruchteloos op de aftiteling zoeken. Blijkbaar vond men dat ook een manier om van de rol van Christus iets speciaals te maken.
In 1961 verfilmde hij opnieuw The Children’s Hour. Karen (Audrey Hepburn) en Martha (Shirley MacLaine), twee jonge leraressen, leiden een meisjespensionaat in een landelijke omgeving. Op een dag krijgen ze een nieuwe leerlinge, Mary (Karen Balkin), een vroegrijp kind dat na de dood van haar ouders door haar grootmoeder (Fay Bainter) wordt opgevoed. Mary is een lastig kind dat met haar klasgenoten niet kan opschieten. Op een dag luistert ze een ruzie af tussen Martha en haar tante (Miriam Hopkins), ook een lerares op de school. Ze hoort de beschuldiging van de tante dat Martha een “meer dan normale” interesse heeft voor Karen. Mary vertelt hierop aan haar grootmoeder dat ze Karen en Martha heeft zien liefkozen. Alhoewel Karen en haar aanbidder Dr.Cardin (James Garner) haar steunen, pleegt Martha, als de school daardoor leegloopt, zelfmoord. Karen verlaat na haar dood zowel haar minnaar als het stadje, ook al komt het bedrog aan het licht.
Dit verhaal werd door Wyler reeds verfilmd in 1936 als “These Three” met Merle Oberon en Miriam Hopkins in de hoofdrollen, maar toen kwam het eigenlijke onderwerp feitelijk niet ter sprake. Het oorspronkelijke toneelstuk is geschreven door Lilian Hellman, die in de film “Julia” van Fred Zinneman uit 1977 gestalte wordt gegeven door Jane Fonda. De Julia uit de titel is een Oostenrijkse jeugdvriendin (gespeeld door Vanessa Redgrave, die hiervoor een oscar kreeg), die actief was in het verzet tegen Hitler, tot ze door de nazi’s wordt omgebracht. Hellman had met haar een lesbische verhouding, al had ze anderzijds ook een verhouding met romanschrijver Dashiell Hammett (in de film gespeeld door Jason Robards). Als in de film van Zinneman een journalist nochtans het woord “lesbisch” laat vallen, krijgt hij van Fonda een draai om de oren.
De laatste grote hit van William Wyler was Funny Girl uit 1968 met Barbra Streisand in de hoofdrol. Zijn laatste film was The Liberation of L.B. Jones uit 1970, maar deze film was geen succes. Daarna moest hij door een verzwakte gezondheid afzien van het verder maken van films.
William Wyler stierf op 79-jarige leeftijd in Beverly Hills aan een hartaanval. Hij was tweemaal getrouwd, met actrice Margaret Sullivan van 1934 tot 1936 en met actrice Margaret Tallichet van 1938 tot 1981. Met Tallichet kreeg hij vier kinderen. Eén daarvan (David) heeft van Ben-Hur een miniserie gedraaid voor televisie. Driemaal is inderdaad scheepsrecht! (Wikipedia)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s