En tenslotte is ook Scotty Moore (links), de oorspronkelijke gitarist in de groep van Elvis Presley (rechts), op 28 juni overleden. Hiervan werd ik op de hoogte gebracht door Raymond Thielens, die altijd wel een neus heeft voor dergelijke nieuwsjes. Maar ook arme Scotty heeft dus de populaire pers niet gehaald. Sic transit

In juli 1954 vroeg muziekproducent Sam Phillips van Sun Records aan Scotty Moore een groep samen te stellen om een jongeman, genaamd Elvis Presley te begeleiden. Moore had Bill Black gebeld als bassist. Oorspronkelijk was het de bedoeling om als trio naar buiten te komen onder de naam The Blue Moon Boys. Hun eerste single was “That’s all right (mama)“, origineel van Arthur Crudup. Op de B-kant stond “Blue Moon of Kentucky”, origineel van Bill Monroe.
In 1955 sloten Black, Presley en Moore een nieuw platencontract bij RCA Records af. Hoewel Black en Moore nog steeds meespeelden op de nummers, werden ze niet meer op de platenlabel vermeld, behalve bij een nieuwe persing van “Mystery Train”/”I Forgot to Remember to Forget” (daarop stond: Elvis Presley – with Scotty and Bill). Moore bleef meespelen op o.a. “Good Rockin’ Tonight”, “Heartbreak Hotel”, “Baby Let’s Play House”, “Mystery Train” en “Hound Dog”. Hij speelde daarbij op een elektrisch versterkte Gibsons met klankkast. In 1955 voegde ook drummer D.J.Fontana zich bij de band voor het nummer “Jailhouse Rock”.
Pas in 1957 werden The Blue Moon Boys officieel opgeheven. Vanaf dat moment namen Scotty, Bill en D.J. deel aan Elvis’ opnamesessies als ingehuurde sessiemuzikanten. Zo is Scotty te horen op veel van Presleys hits uit het begin van de jaren zestig, zoals Little Sister, Kiss Me Quick, Good Luck Charm, (You’re The) Devil in Disguise en Bossa Nova Baby.
Moore is ook te zien in de NBC TV Special Elvis uit 1968. Het honorarium voor die special was niet eens genoeg om zijn reiskosten te dekken, onthulde Moore later. De special werd Moores laatste project met Presley, die hij tot diens dood in 1977 nooit meer zou zien.
Nadat Presley in 1969 na een hiaat van acht jaar het touren weer had opgepakt zonder Moore, stopte Moore bijna een kwarteeuw met gitaarspelen. Hij bouwde een loopbaan als studio engineer op en werkte met onder meer Dolly Parton, Tracy Nelson en Ringo Starr. In de jaren negentig hervatte Moore het spelen en opnemen, aanvankelijk met Carl Perkins, later ook met de jongere generatie die zijn invloed ondergaan hadden. In 1997 nam hij het album All The King’s Men op, waarin behalve Moore en Presleys drummer DJ Fontana ook sterren als Keith Richards en Levon Helm te horen zijn. In 2000 begeleidden hij en Fontana Paul McCartney op diens versie van That’s All Right.
In 1997 publiceerde Moore zijn autobiografie, That’s All Right, Elvis. In 2013 verscheen hiervan een gereviseerde en bijgewerkte editie onder de titel Scotty and Elvis: Aboard the Mystery Train.
Moore werd afgelopen november vereeuwigd in de Memphis Music Hall of Fame. Door zijn zwakke gezondheid kon hij daar zelf niet bij aanwezig zijn. Niemand minder dan Keith Richards nam daarom zijn award voor hem in ontvangst. De Rolling Stones-gitarist zei tijdens de ceremonie dat het Moore was die hem inspireerde zijn akoestische gitaar te verruilen voor een elektrische. “Hij sloeg een muzikale weg in die voor mij en velen met mij het startpunt was.” Naast Richards gaven o.m. ook Eric Clapton en Alvin Lee aan dat ze schatplichtig waren aan Scotty Moore. In 2004 maakte Lee nog een album “In Tennessee” samen met Scotty Moore en D.J.Fontana. (Onderstaande foto van Scotty Moore en Didier Thielens werd gemaakt door Raymond Thielens.)

IMG_2626

Referenties
Wikipedia
Het Laatste Nieuws

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.