Phil Everly (1939-2014)

Phil Everly (1939-2014)

Het is al vijf jaar geleden dat Phil Everly van het Amerikaanse zangduo Everly Brothers is overleden. Hij was 74 en overleed aan de gevolgen van een chronische longziekte, veroorzaakt door kettingroken. Toch stond stond Phil bekend als de “gezondste” van de twee. Zijn twee jaar oudere broer Don heeft namelijk zijn hele leven met een drugsverslaving gekampt.

Lees verder “Phil Everly (1939-2014)”

35 jaar geleden: reünie-concert van The Everly Brothers in The Royal Albert Hall

35 jaar geleden: reünie-concert van The Everly Brothers in The Royal Albert Hall

The Everly Brothers came back for a reunion concert at the Royal Albert Hall, London, on September 23, 1983 after a decade of not speaking to each other. The Telegraph sent Environment Editor and author Charles Clover to cover the concert and here is the review that appeared in the paper on September 26.
Lees verder “35 jaar geleden: reünie-concert van The Everly Brothers in The Royal Albert Hall”

Don Everly wordt tachtig…

Don Everly wordt tachtig…

Terwijl z’n jongere broertje Phil al drie jaar geleden is overleden, viert Don Everly, die nochtans zijn hele leven met een drugsverslaving heeft gekampt, morgen zijn tachtigste verjaardag.
Hun ouders, Ike en Margaret Everly, waren twee countrymuzikanten die hun kinderen al vroeg in aanraking lieten komen met de muziek. De gehele familie trad vanaf het midden van de jaren veertig op in een radioprogramma. In het midden van de jaren vijftig trokken de broers naar Nashville, waar ze hun eerste single opnamen voor Columbia Records, in een productie van Chet Atkins. “Keep A’ Lovin’ Me” flopte echter.
De twee werden daarna gecontracteerd door het Cadence Records-label. De tweede single en de eerste single voor het label, “Bye Bye Love”, werd een enorme hit in 1957. Het zou hier in ons land ook het begin van de loopbaan van Will Tura betekenen.
Met behulp van producer Archie Bleyer (1909-1989) en de liedjesschrijvers Boudleaux en Felice Bryant volgden nog meer hits, waaronder “Wake Up Little Susie”, “Claudette” (geschreven door Roy Orbison), “Bird Dog”, “Till I Kissed You” en “All I Have to Do Is Dream”.
In 1960 tekenden de broers voor het jonge Warner Bros Records. Daar krijgen zij ook les in de Warner Brothers Drama School, o.a. van Paton Price, die een soort goeroe was van zijn leerlingen. Eén van die leerlingen was ook Dean Reed, die later naar de DDR zou uitwijken om daar “de rode Elvis” te worden. Alhoewel Phil allesbehalve “links” was, werd hij toch goed bevriend met Reed en zou hij nog samen met hem concerten geven “achter het ijzeren gordijn”.
De eerste hit voor Warner was “Cathy’s Clown”. Meerdere hits volgden, waaronder “Lucille”, “Ebony Eyes” en “Crying in the Rain”. In april 1960 hadden ze al een eerste tournee door Engeland gemaakt, waarbij ze zich lieten begeleiden door The Crickets. De tweede tournee (oktober 1962) luidde echter meteen ook het begin van het einde in. Don diende naar een ziekenhuis te worden gebracht (officieel wegens een voedselvergiftiging, maar in werkelijkheid ging het om druggebruik) en Phil werkte de tournee in zijn eentje af. Terug thuis huwde hij op 12 januari 1963 met Jackie Alice Ertel en werd op die manier de voorbeeldige schoonzoon van Archie Bleyer, terwijl het met zijn broer steeds slechter ging.
In oktober 1962 had Claude François “Belles, belles, belles” uitgebracht, een vertaling van “Girls, girls, girls” van The Everly Brothers. Eigenlijk was het eerder een vertaling van de versie van Eddie Hodges (die in 1961 een hit had gehad met “I’m gonna knock on your door”), aangezien deze meer uptempo is dan het origineel geschreven door Phil Everly. Overigens heette dit nummer eigenlijk “Made to love”, wat belangrijk is, want The Everly Brothers namen in 1963 nog een nummer op dat “Girls, girls, girls” heet, deze keer met als ondertitel “What a headache” en dat is helemaal iets anders. Het tweede lijkt wel een parodie op het eerste. Voor Claude François betekende “Belles, belles, belles” de doorbraak.
Vanaf 1962 waren de commerciële successen voorbij, alhoewel de broers op artistiek gebied alleen maar vooruit gingen. Ze namen in 1966 een album op met the Hollies, Two Yanks in England, dat later van grote invloed zou blijken op de countryrock. Alhoewel The Hollies met hun naam duidelijk naar Buddy Holly verwijzen, is volgens Graham Nash de voornaamste invloed toch afkomstig van The Everly Brothers. Reeds in de kleuterklas (ze waren amper vijf jaar) ontmoette hij immers Alan Clarke en samen hebben ze heel hun jeugd ernaar gestreefd die close harmony-sound van The Everly’s te evenaren. Later zou hij dat ook toepassen op zijn werk met David Crosby en Stephen Stills (minder in de periode dat ook Neil Young deel uitmaakte van de groep).
De carrière van The Everly Brothers zelf kwam echter niet meer tot bloei en in juli 1973 gooide Phil Everly boos zijn gitaar weg tijdens een concert in Knott’s Berry Farm in Californië. Waarop Don door de mikro zei “dat de Everly Brothers al tien jaar geleden gestorven waren.” Dat was dan nochtans vooral omdat Phil het moeilijk had om steeds op zijn broer te moeten “babysitten”. Telkens hij even een andere richting uitkeek, zat Don aan de drugs (en naar verluidt ook aan de vrouwen van Phil).
Ze brachten enkele soloplaten uit, zonder succes. In 1983 kwamen de broers weer bij elkaar. Ze gaven concerten in de Royal Albert Hall, bijgestaan door onder andere gitarist Albert Lee. Daarmee gingen ze ook op tournee. Zelf heb ik ze nog weten optreden ergens in een industriepark in West-Vlaanderen (ik dacht: Ieper?) samen met o.a. Duane Eddy.
Het jaar daarop (in 1984 dus) kwam een nieuw studio-album uit, EB 84, geproduceerd door Dave Edmunds. Paul McCartney schreef voor de broers de hit “On the Wings of a Nightingale”. Paul McCartney had in 1976 al een ode aan The Everly Brothers geschreven met de song “Let ‘em in”.
De broers werkten ook aan verscheidene albums mee. Zo zongen zij in 1986 de achtergrondpartij in van het lied ‘Graceland’ van het gelijknamig album van Paul Simon. Ook Paul Simon had, vooral ten tijde van zijn samenwerking met Art Garfunkel, al meerdere hits van The Everly Brothers opgenomen (“Bye bye love” en “Wake up little Susie” b.v.).
Ook het “Pie Jesu” uit het “Requiem” van Andrew Lloyd Webber is geïnspireerd op de close harmony van The Everly Brothers. Webber zou trouwens graag gehad hebben dat ze het zouden opnemen. Het is er jammer genoeg nooit van gekomen, want het succes zette zich echter niet door op de volgende albums, en vanaf 1989 zijn er geen nieuwe albums van de Everly Brothers uitgekomen.

Ronny De Schepper

(met dank aan Raymond Thielens)

(*) Dat de broers niet overeenkwamen, is algemeen geweten. Volgens een documentaire die in 2018 op televisie werd uitgezonden was dit ook om politieke redenen. Don noemde zichzelf daarin zelfs links!

Lees verder “Don Everly wordt tachtig…”

Dean Reed (1938-1986)

Dean Reed (1938-1986)

Vandaag is het dertig jaar geleden dat Dean Reed is verdwenen. De naam Dean Reed zal de meesten onder jullie niets zeggen, maar het is nu al meer dan vijftien jaar dat men aankondigt dat Tom Hanks de hoofdrol zou vertolken in “Comrade Rockstar”, een film gebaseerd op Reeds “aussergewöhnliches Leben“. Hanks heeft hiervoor onder meer een bezoek gebracht aan de voormalige Oost-Duitse partijleider Egon Krenz, die op dat moment een gevangenisstraf van 6,5 jaar uitzat omdat hij medeverantwoordelijk werd geacht voor het neerschieten van vluchtelingen bij de Berlijnse muur. Krenz was bevriend met Reed op het moment van diens mysterieuze dood, nu dus dertig jaar geleden. Ondertussen werd niks meer vernomen over de filmplannen en kan de voormalige Oost-Duitse presentatrice Andrea Kiewel op ZDF ongestraft lacherig doen over het lot van Dean Reed, maar het betreft hier wel degelijk een verhaal met de allures van een authentieke Griekse tragedie…
Lees verder “Dean Reed (1938-1986)”

55 jaar geleden: The Everly Brothers nemen “Let it be me” op

55 jaar geleden: The Everly Brothers nemen “Let it be me” op

“Let it be me” is een adaptatie (méér dan een gewone vertaling) door Mann Curtis van “Je t’appartiens” van Gilbert Bécaud. Het was oorspronkelijk bedoeld voor de televisie serie Climax! in 1957 en werd daarin gezongen door Jill Corey met het orkest van Jimmy Carroll. Alhoewel deze versie op single werd uitgebracht en zelfs tamelijk succesvol was, wordt de versie van The Everly Brothers toch als de “standaardversie” gerekend. Toch geraakten ook zij niet hoger dan de zevende plaats op the Billboard Hot 100.
Lees verder “55 jaar geleden: The Everly Brothers nemen “Let it be me” op”