‘Of ik niet een hondje zou willen? Dat is toch leuk, nu je alleen bent. Als gezelschap.’ Een hond! Nee, wat moet ik met zo’n beest. Het tweemaal daags uitlaten. Eten geven. ‘Nu ja, gaan wandelen, kom je nog eens buiten. En dat is dikwijls een aanleiding tot contact, dan heb je al eens aanspraak.’ Fijn, sociaal wezen met de hond als bindmiddel. Hondenliefhebbers onder elkaar. Over koetjes en kalfjes praten met onbekenden, dat is nu net wat ik nodig heb! Je kent mij. Ik en blabla… Nee dank je.
Lees verder “Het hoekje van Opa Adhemar (81)”