Vandaag is het al 25 jaar geleden dat de Engelse cultauteur Douglas Adams is overleden.

Douglas Adams werd geboren in Cambridge en studeerde daar ook op St. Johns College, waar hij zonder succes bij de bekende studententheatergroep Footlights, broedplaats van televisietalent, probeerde te komen. Hij werd dan maar een man van twaalf stielen en dertien ongelukken. Zo was hij o.m. ziekenhuisbode, schoonmaker, lijfwacht, radioproducent en scriptredacteur van Doctor Who (drie afleveringen staan op zijn naam). Ook heeft hij met Graham Chapman van Monty Python samengewerkt en wordt in de credits van een van de afleveringen daarvan vermeld. (*)
Hij is zoals gezegd doorgebroken met The Hitchhiker’s Guide to the Galaxy, in het Nederlands uitgekomen als Het Transgalactisch Liftershandboek. Het begon in 1978 als een BBC-radiocomedy, voordat het uitgroeide tot een ‘trilogie’ van vijf boeken die tijdens zijn leven meer dan 15 miljoen exemplaren verkochten, een televisieserie, verschillende toneelstukken, strips, een computerspel en in 2005 een speelfilm.
Tussen Adams’ eerste reis naar Madagaskar met Mark Carwardine in 1985 en hun reeks reizen die de basis vormden voor de radioserie en het non-fictieboek Last Chance to See, schreef Adams twee andere romans met een nieuwe cast van personages. Dirk Gently’s Holistic Detective Agency werd voor het eerst gepubliceerd in 1987 en werd door de auteur omschreven als “een soort spook-horror-detective-tijdreis-romantische-komedie-epos, voornamelijk over modder, muziek en kwantummechanica.”
Adams had de reputatie erg moeilijk een boek af te kunnen maken. Misschien dat daarom zijn boeken vrij veel bewerkingen en referenties naar eerder werk bevatten. Adams op zijn best kenmerkt zich – nog altijd volgens Wikipedia – door een levendige stijl met vele onverwachte wendingen, absurde plots, subtiele satire met name op de Californische hippie-levensstijl, en een totale minachting voor de logica en fysica van het dagelijks leven. Adams-fans hebben een heel jargon aan zijn boeken ontleend.
Hij was sinds 1991 getrouwd met de advocate Jane Belson en had een dochter Polly (geboren in 1994). In 1999 the family moved from London to Santa Barbara, California, where they lived until his death op 49-jarige leeftijd aan een hartaanval tijdens een work-out in een sportschool in Santa Barbara. Sinds zijn dood is er elk jaar op 25 mei (en dus niet op 11 mei, zijn échte sterfdag) Towel Day, welke een directe hommage is aan de Guide. Op deze dag is het de bedoeling dat men de gehele dag met een handdoek binnen handbereik rondloopt. (Ik zou hier iets kunnen verzinnen i.v.m. Robbe de Hert, maar die had bij mijn weten al een handdoek bij de hand toen Adams nog ziekenhuisbode was.)

In mei 2002 werd The Salmon of Doubt gepubliceerd, een bundel met vele korte verhalen, essays en brieven. Het bevat ook elf hoofdstukken van zijn langverwachte, maar onvoltooide roman, The Salmon of Doubt, die oorspronkelijk bedoeld was als een nieuwe Dirk Gently-roman, maar mogelijk later de zesde Hitchhiker-roman zou worden.
In 2007 werd een twaalfdelige radioserie aangekondigd, gebaseerd op de Dirk Gently-romans, met jaarlijkse uitzendingen vanaf oktober van dat jaar. BBC Radio 4 gaf ook opdracht voor een derde Dirk Gently-radioserie, gebaseerd op de onvoltooide hoofdstukken van The Salmon of Doubt, geschreven door Kim Fuller. Dit project werd echter uiteindelijk geschrapt ten gunste van een BBC-televisieserie gebaseerd op de twee voltooide romans.
Een zesde Hitchhiker-roman, And Another Thing… van Eoin Colfer, werd uitgebracht op 12 oktober 2009 (de dertigste verjaardag van het eerste boek), met de volledige steun van Adams’ erfgenamen.
Tijdens zijn leven speelde Adams (blijkbaar) linkshandig gitaar en had hij een collectie van vierentwintig linkshandige gitaren toen hij in 2001 overleed (hij had zijn eerste gitaar in 1964 gekregen). Hij studeerde in de jaren zestig ook piano bij dezelfde leraar als Paul Wickens, de pianist van Paul McCartney’s band (en componist van de muziek voor de radio-uitzendingen van 2004-2005 van The Hitchhiker’s Guide).
Douglas Adams was bevriend met David Gilmour (gitarist van Pink Floyd). Ter gelegenheid van Adams’ 42ste verjaardag (het getal 42 heeft een speciale betekenis, omdat het het antwoord is op de ultieme levensvraag, de vraag naar het universum en alles, en ook Adams’ leeftijd toen zijn dochter Polly werd geboren), werd hij uitgenodigd om als gast op te treden tijdens het Pink Floyd-concert op 28 oktober 1994 in Earls Court in Londen, waar hij gitaar speelde op de nummers “Brain Damage” en “Eclipse”. Adams koos de titel voor Pink Floyds album uit 1994, The Division Bell, door woorden te kiezen uit de tekst van een van de nummers, namelijk “High Hopes”. Gilmour trad ook op tijdens Adams’ herdenkingsdienst na zijn overlijden in 2001 (**).
Douglas Adams was ook een vriend van Gary Brooker, de leadzanger, pianist en songwriter van Procol Harum. Adams nodigde Brooker naar verluidt uit voor een van de vele feesten die hij bij hem thuis gaf. Tijdens een van die gelegenheden zong Gary Brooker de volledige (vier coupletten) versie van zijn hit “A Whiter Shade of Pale”. Brooker trad ook op tijdens de herdenkingsdienst van Adams. Adams verscheen ook samen met Brooker op het podium om “In Held Twas in I” te zingen in Redhill toen tekstschrijver Keith Reid van de band niet beschikbaar was. Bij verschillende andere gelegenheden introduceerde hij Procol Harum bij hun optredens. (Wikipedia)
Adams was verder sinds zijn jeugd een groot fan van The Beatles en vergeleek Oasis met The Rutles.
Nog niet zo lang geleden heb ik “Dirk Gently’s Holistic Detective Agency” (1987) proberen lezen. Dat was de tweede keer dat ik een poging deed om te doorgronden waarom Adams zo ontzettend populair is. Mijn eerste poging betrof zijn fameuze “Hitchhiker’s guide through the Galaxy”, waarmee hij in 1979 is gedebuteerd en meteen doorgebroken. Ik heb dat toen nog voor halfweg weggelegd en ook Dirk Gently is dezelfde weg opgegaan. Ik heb gewoon niets, maar dan ook niets met absurde humor. Ik kan er niet mee lachen (toch de primaire bedoeling, dacht ik zo) en voor de rest vind ik het dan puur tijdverlies. Kijk, ik ben wellicht vreselijk ouderwets, maar ik vind dat als ik tijd investeer in iets om te lezen, dan wil ik daar ook iets voor “terugkrijgen”. En ja, eens goed lachen hoort daarbij. Maar indien niet, dan wil ik er op de een of andere manier toch graag iets van opsteken. Luister, mijn vorige boek “Het grote spel” van Claude Cueni vond ik zeker geen meesterwerk, maar ik heb erdoor toch iets bijgeleerd over het bankenstelsel, de staatsfinanciën en de hygiëne rond 1700. Naar dit laatste had ik niet echt gevraagd, maar kom, alles bij elkaar leg je dat boek dan toch met een voldaan gevoel weg. En dat heb ik dus totaal niet bij Douglas Adams, ik vind het puur tijdverlies.

Ronny De Schepper

(*) Wat heel uitzonderlijk is. Buiten Adams viel enkel Neil Innes die eer te beurt. In tegenstelling tot Innes heeft Adams verder niet zo heel veel te maken met de Pythons. Hij treedt een paar keer op als figurant in de serie en hij werkte ook mee aan “The Holy Grail”. Zijn boek “The meaning of liff” (1983) daarentegen heeft niks maar dan ook helemaal niks te maken met “The meaning of life” van Monty Python.


(**) De officiële biografie van Adams deelt zijn naam met het nummer “Wish You Were Here” van Pink Floyd.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.