Er was eens… nu zo heel lang geleden kan het niet geweest zijn gezien een aantal details die in het verhaal opduiken. Het speelt zich af in een niet genoemd koninkrijk, of is het een republiek? Nee, laten we het bij het een koninkrijk houden, met een koning op de troon. Waar deze in den beginne het paleis bewoonde met zijn puberdochter.

Hij was jaren geleden van zijn echtgenote gescheiden. Zij had hem in de steek gelaten, was er vandoor gegaan met hun sommelier. Droeve bijkomstigheid: sindsdien werd er geen wijn meer geschonken in het paleis. Zodoende bleef het dochtertje als halve wees achter. Daarom, en omdat hij zich eenzaam voelde, huwde de koning een weduwe. Dat werd zodoende de plusmoeder. Die meteen twee dochters uit haar eerste huwelijk meebracht. Ons prinsesje, hoofdpersoon van dit verhaal, behoeft nog een naam: ik aarzel, want haar doopnaam ging dadelijk na haar geboorte verloren in het duister van het verleden. Zij werd nog uitsluitend aangesproken als, en vertroeteld onder de naam van: Sneeuwwitje. Geen mens herinnerde zich nog waar die ietwat bespottelijke naam vandaan kwam, waaraan hij refereerde – een tienermeisje met zo’n naam, nu vraag ik je! Maar helaas zo was het en zo bleef het. En de plusmoeder met haar dochters nam haar intrek op het kasteel.
Helaas. Wat een feeks. Daar had de koning geen al te beste keuze gedaan. Haar dochters werden vertroeteld. Kleding uit de duurste boetieks, parfums van Dior, juwelen van Swarovski… Terwijl Sneeuwwitje het plots moest stellen met een jurkje uit C&A of zelfs 2dehands, shampoo van het Kruidvat. Plusmama en dochters genoten gerechten bereid door chefs als Peter Goossens, Gert De Mangeleer of Sergio Herman. Ons prinsesje mocht dan zich verheugen in kant en klaar maaltijden van Aldi of Lidl. Als het vakantie was trok het trio met het koninklijk yacht gedurende twee maanden naar Saint-Tropez, zonnebaden terwijl onze heldin een uurtje op de lokale kermis gegund werd, twee ritjes in de botsauto en een zakje met zeven oliebollen van Delforge (ja die komen overal, zelfs ginds in dat koninkrijk!). Nee het leven was heus geen pretje meer voor haar. Maar het ergste moest nog komen.
Er bestond namelijk een app waarmee je op jouw tablet, mits je jezelf portretteerde, kon zien hoeveelste je in de ranglijst qua schoonheid (in het ganse land) was. Uiteraard een gegeerd speeltje. We kunnen alle negatiefs zeggen over die boze plusmoeder maar één ding staat ook vast: zij was beeldschoon, dat had de koning dan ook verblind en verdwaasd. Zodoende prijkte zij al jarenlang onbetwist als nummer 1 bovenaan de lijst als de mooiste van het land. Tot die rampzalige dag, rampzalig voor haar dan. Want toen zij die ochtend als gebruikelijk haar tablet opende en de app raadpleegde, wie verscheen plots en onverwacht en onverhoeds op de eerste plaats: juist! En of plusmoeder nu met haar tablet schudde en rammelde, niks hielp, de uitslag bleef ongewijzigd. Voeg daarbij de wetenschap dat haar eigen dochters, haar bloed, al die jaren onderaan de lijst bengelden (hemel ja wat waren die lelijk zeg, logisch: beide egoïstisch, hebzuchtig, egocentrisch, en dat weerspiegelde zich in hun gelaat en ganse fysiek). De koningin was razend, furieus, wat haatte zij dat mooie Sneeuwwitje. Wraak! Zij diende uit de weg geruimd. Fluks stuurde zij een mail met een dodelijke opdracht richting haar vertrouwenspersoon, ene generaal-majoor. Maar er werd buiten de waard gerekend: in het paleis bevond zich namelijk een jonge lakei die smoorverliefd was op onze prinses en die wantrouwig het gedrag van de koningin gedurende al die tijd had gadeslagen. En laat deze knaap nu ook in zijn vrije tijd een goede hacker geweest zijn, hij wist dus uit bekommernis alle berichtjes van de stiefmoeder te onderscheppen. Ook nu. Zodat hij in staat was zijn droomgeliefde te waarschuwen: een boswandeling onder escorte van de militair zou haar fataal worden…
Inderdaad treffen we de volgende dag Sneeuwwitje en de generaal-majoor (in galauniform) aan, wandelend in het woud, dieper, steeds dieper. Ze houden halt; voor een gezellige picknick? Bijlange niet. Daar richt de soldaat zijn kalashnikov reeds op de frêle meisjesborst. Zij zinkt ter aarde (op beide knieën). Hij aarzelt. Zij richt het jeugdig gelaat droef naar hem op. Hij trilt, het wapen eveneens. Haar ogen kijken hem smekend aan. Hij kan het niet. “Vlucht freule, vlucht…” stamelt hij. Wat zij zonder aarzelen doet. En hij? Welk bewijs heeft hij dat hij haar gedood heeft? Een dier neerschieten en iets der ingewanden meenemen, geen optie, als de meesten van de legerleiding verdraagt de brave man de aanblik van bloed niet. Eureka: hij kent iets van photoshoppen. Een foto van de prinses, liggend, een achtergrond van een bos, enkele rode vlekken op haar jurk, dit zal de koningin wel overtuigen! Opgetogen lost hij een schot hemelwaarts (het is zaak een kogel kwijt te zijn) en zet daarmee het woud in rep en roer, terwijl Sneeuwwitje zich struikelend en vallend een weg rept tussen bomen en door struikgewas, een idyllische tocht bewonderd door honderden dieren. Tot zij aan de rand van het woud een klein huisje ontwaart. En verzucht: “Wat ben ik moede, wellicht kan ik mij hier even te ruste begeven.” Dat zij op dit ogenblik ietwat archaïsch sprak vindt mogelijk zijn oorzaak in het feit dat zij zich dergelijke scène veeleer voorstelde als iets uit lang vervlogen tijden. Zij blikte door het raam, zag niemand. Duwde tegen de deur die moeiteloos open ging, en trad binnen. En riep uit: “Wat is alles hier piepklein!” Wat een zeer terechte vaststelling was. Kleine tafel, kleine stoeltjes, idem kopjes, bordjes, enfin de ganse reutemeteut. ‘Wat zou er boven zijn?’ vroeg prinsesje zich een beetje overbodig af vermits zij beneden een kamer zag die dienstig was als living, keuken en eetplaats, maar ongeschikt om te slapen. We moeten ons dus niet verbazen: boven vond zij bedjes. Zeven bedjes. En beneden zeven stoeltjes, en evenveel kopjes en borden. Zouden hier dan zeven mensen wonen concludeerde Sneeuwwitje scherpzinnig (zij had net het vierde middelbaar met vrucht afgesloten). Maar wat waren die vuil, smerig zelfs. Wassen die dan nooit af, vroeg zij zich af. Zij ontwaarde in een hoek een heuse afwasmachine en prompt laadde zij alles hier in. Doodop na al dat rennen door het woud en deze huishoudelijke klus besloot zij een dutje te doen en strekte zich uit over de zeven bedjes om prompt in slaap te vallen. 
Het schemerde. Doorheen het bos klonk vrolijk gezang. Dat sommigen onder ons mogelijk zouden herkennen als een deuntje uit een of andere eertijds populaire oubollige tekenfilm, iets met aio aio als diepzinnige filosofische tekst. Warempel daar kwamen enkele individuen op het huisje toegestapt. Ze traden binnen. Stelden tot hun afgrijzen vast dat de afwasmachine gevuld was en gingen op zoek naar de snode dader. Om onze schone prinses te ontdekken en haar te wekken. “Oh wie zijn jullie, zo klein? Dwergen?” Een kreet volgde: nee. “Ah, kabouters dan!” Een tweede woedende kreet steeg op. Dan nam iemand het woord: “Dat zijn figuren uit sprookjes, dit is hier toch geen paddenstoel. Wij zijn gewoon kleine mensen. En u?” Dus vertelde Sneeuwwitje wie en wat, en werd besloten dat zij bij de kleine mensen zou blijven wonen. Wel dienden deze zich nog voor te stellen: dus gingen ze het rijtje af, Happy, Sneezy, Sleepy, Bashful, Dopey en Grumpy. We weten dat onze prinses mathematisch begaafd is: zij telt zes kleine mensen, terwijl zij vaststelde dat zich zeven kopjes en borden in de keuken bevonden. Rara? “Zijn jullie niet met zeven?” Grumpy nam grommend het woord: “Een triest verhaal, de oudste en meest wijze onder ons – enfin wijze dachten we – genaamd Doc, heeft ons recent verlaten. We veronderstelden dat hij ’s nachts in dikke boeken zat te studeren, helaas verprutste hij die uren aan gesnuffel op iets dat men Tinder noemt. En daar stuitte hij op een hoewel oudere toch nog bevallige weduwe. En kijk, zij veroverde zijn hart, en erger ook zijn lichaam. Hij woont nu bij haar hier niet zo ver vandaan.” De zes kleine mensen pinkten hierna allen gezamenlijk een traan weg. “Kom,” zei Sneeuwwitje om de stemming te verbeteren, “ik zal eens voor jullie koken, iets lekkers.”
Dit gezegd zijnde togen ze allen naar de keuken waar de prinses tot haar schrik en afgrijzen zag dat zich naast het fornuis het verzameld werk van Jeroen Meus bevond. Alarm, kilo’s boter, massa’s zout. Dat zal hier niet waar zijn dacht zij. Ik ken zo ongeveer alle recepten van Sandra Bekkari uit het hoofd, hier zal gezond gegeten worden vanaf nu. Meteen ging zij aan de slag maar stelde eerst nog vast dat de kleine mensen wel heel vies waren. “Jullie mogen jullie wel eerst wel eens wassen!” Een kreet van afgrijzen ontsnapte aan de borsten van Sleepy en Grumpy. “Welk vies werk verrichten jullie eigenlijk?” vroeg Sneeuwwitje. “Vroeger was het de ontginning van een goudmijn” verklaarde Dopey, “maar we schakelden over naar het delven van lithium, die stof voor gsm en tablet. Dat is veel lucratiever.” “Hoe dan ook: in bad!” besliste de prinses, en zette meteen de toon: zij zou de lakens uitdelen. Al werd het de volgende weken een heel leuke en gezellige boel in het kleine huisje. Met lekker eten (al waren de meningen ietwat verdeeld), met zang en dans (al raakte Sneeuwwitje uitgeput gezien zij zes danspartners moest bevredigen), en met een dagelijkse douche (Grumpy was ten zeerste bezorgd over de factuur van de watermaatschappij).
Wat gebeurde intussen in het koninklijk paleis? De boze koningin, de plusmoeder van Sneeuwwitje dus, staarde minimaal ieder uur gedurende vijf minuten grimmig lachend naar de foto op haar tablet waar zij het meisje dood ter aarde geveld zag liggen. Opgeruimd staat netjes. Na een week wou zij echter het resultaat van haar wrede actie bekijken op de app: nu zou zij opnieuw bovenaan de hitparade verschijnen. Groot was haar verbijstering, nog groter haar woede, daar prijkte nog steeds haar plusdochter, zij leefde! Bedrog, verraad! Even later vlogen de sterren en strepen van de generaal-majoor door de lucht, en een uur later zat hij geknield met in de hand een tandenborstel… maar nee, die gruwelijke details bespaar ik u. Maar de prinses, met haar diende definitief afgerekend, nu zou zij de klus zelf klaren. Zij ontbood ene Jani Kazaltzis, iemand met Griekse roots die als vele van zijn voorouders uit de oertijden de herenliefde was toegedaan. Hij zou haar een make-over bezorgen. En zo verscheen bij het boshuisje een jong hippiemeisje met in de ene hand een mandje vol paddenstoelen, in de andere een ghettoblaster waaruit opklonken the Beatles en Rod Stewart. Zij klopte aan, er werd haar open gedaan. Veel overtuigingskracht was er niet nodig, ons prinsesje was (dat weten we) te vinden voor gezonde voeding: overtuigd door de alternatieve looks, de muziek en het recept aanvaardde zij de vruchten des velds (of uit het bos) en bakte dadelijk een paddenstoelentaart. Die zij uiteraard moest voorproeven eer haar vriendjes uit de mijn hongerig huiswaarts keerden. Rampzalig, uiteraard, u hebt het geraden, het was een giftige dodelijke soort, ja zo grondig waren die boeken van Bekkari nu ook niet. Toen de kleine mensen de drempel overschreden troffen ze hun geliefde vrouwe dood aan, bemerkten nog een handvol van de boosdoeners ongebruikt op tafel en herkenden ze als extreem gevaarlijk. Daar had wellicht die wrede koningin de hand in! Helaas. Haar in al haar tengere schoonheid begraven, nee dat konden ze niet. Er werd een burgerlijke dienst (met koffietafel) georganiseerd waar zelfs Doc met zijn nieuwe bruid, de oude weduwe, op verscheen. Er werd geweeklaagd. Getreurd. Bittere tranen gestort. En het lichaam tenslotte te ruste gelegd in een bescheiden mausoleum.
Dit zou het einde van het verhaal moeten zijn. Ware het niet dat een week later een jongeman het boshuisje binnenstapte, de prinses opgebaard zag liggen en prompt verliefd werd. Nu wil het dat hij net als dokter afgestudeerd was (en zich na de zware studie ter verpozing deze wandeling door het woud had toegestaan, wat een gelukkig toeval!). Hij reageerde bliksemsnel, telefoneerde naar het antigifcentrum (070/245245) en vernam dat deze paddenstoelen… schijndood… remedie… kortom: even later, nadat hij de gepaste behandeling wist te volvoeren vermocht hij het zijn lippen op deze van Sneeuwwitje te drukken. En haar de volgende dag als zijn toekomstige bruid ten paleize te geleiden waar de vreselijke daden van de plusmoeder aan het licht gebracht werden, deze met haar dochters verstoten werd, de militair bevorderd, het huwelijk ingezegend en de bewuste app om redenen van privacy van het net verwijderd. Nog 1 detail: gedurende zijn artsenopleiding had de jonge bruidegom zoveel over wijnen geleerd (in zijn vrije tijd dan) dat hij moeiteloos de taak van sommelier op zich kon nemen en er opnieuw naar hartenlust kon gedronken worden ten paleize. Eind goed al goed.              

Johan de Belie

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.