“Een literaire samenwerking tussen broer en zus Meijsing lag niet echt voor de hand, maar in de dubbelroman Moord & Doodslag laten Doeschka en Geerten hun woorden dan toch in één band dwingen. Een leuk en onderhoudend experiment, dat wel, maar geen voltreffer,” aldus Jan Bettens op de site van de Gentse bibliotheek De Krook (copyright Vlabin-VBC).
“Aanleiding is het verblijf van Doeschka in Geertens toevluchtsoord en woonplaats Syracuse (op Sicilië, RDS),” gaat Bettens verder. “Het resultaat is twee tegen elkaar opbiedende, fabulerende autobiografische romans. Literaire ego’s en bloedverwantschap vechten een robbertje. Zij, Doeschka Meijsing, tekent voor ‘Moord‘, het eerste deel. (…) Haar proza is soepel en beheerst, terwijl de toon schippert tussen ernst en luim. De ‘verbindende’ en metaforische ‘Kaïn en Abel’-passages waarmee Doeschka haar vertelling opluistert, hadden wat mij betreft niet gehoeven, net zomin als het occasionele pathos,” aldus nog altijd Jan Bettens. Ben ik het met hem eens? Grotendeels wel, al stoorden de ‘Kaïn en Abel’-passages mij niet (ik vond ze wel een beetje too obvious, dat wel).
“Geerten Meijsing gaat in zijn deel, ‘Doodslag‘, in de tegenaanval. Na een wat rommelig begin raakt de jongste telg op dreef en worden zijn hovaardigheid, pedanterie en knorrigheid net charmant en grappig. De nukkige en ongelukkige schrijver steekt zijn ongenoegen over het project Moord & Doodslag trouwens niet onder stoelen of banken. Ook voor zusterlief en haar literatuur is hij niet altijd even mild (…) Naast dit fijn geschimp bevat Doodslag ook mooie en ontroerende vaderpassages. Geerten vervlecht zijn familiegeschiedenis (…) ook nog met een moordzaak die tijdens Doeschka’s verblijf Italië in de ban hield. In navolging van Edgar Allan Poe wil hij zijn eigen The mystery of Mary Rôget schrijven. Poe lost daarin het raadsel op van een echte moord, en dat enkel op basis van de persberichten. Dat huzarenstukje is voor Geerten Meijsing echter niet weggelegd.”
Ook hier kan ik Jan Bettens weer volgen, maar ik zie me toch verplicht enkele opmerkingen te maken. Ten eerste heb ik de “Allen” van Edgar Allan Poe naar het rechtmatige “Allan” verbeterd en de dt-fout (“ik vindt”) heb ik uit vroomheid weggelaten, maar even belangrijk is het om erop te wijzen dat het boek van Geerten Meijsing eigenlijk zelf ook “Moord en Doodslag” heet. Akkoord, ik vind ook dat het beter “Doodslag” zou zijn geweest om dan slechts in de overkoepelende titel broer en zuster nader tot elkaar te brengen, maar de waarheid heeft nu eenmaal haar rechten. Beide titels doen overigens vermoeden dat het een thriller betreft en dan vanuit twee invalshoeken geschreven, maar dit is helemaal niet waar, ook al probeert vooral Geerten met het uitmelken van de lokale moordzaak de lezers die op het verkeerde been gezet zijn toch nog een beetje tegemoet te komen. (De zaak komt ook bij Doeschka ter sprake, maar veel minder opvallend.)
Maar met het besluit van Bettens kan ik het dan weer volmondig eens zijn: “Moord & Doodslag is onderhoudende literatuur van weinig belang. Een uit de hand gelopen experiment met verdienstelijke resultaten. (…) Kortom, aardig navelstaardersproza van twee gerenommeerde schrijvers die hun ei beter in het eigen nest kwijt kunnen.”
Ronny De Schepper
P.S. Zeven jaar na de publicatie van deze dubbelroman (2005-2012) is Doeschka op 64-jarige leeftijd aan de complicaties van een zware operatie overleden.