De Britse zanger en gitarist Andy Fairweather-Low wordt vandaag 75 jaar. Heden ten dage is hij nog vooral te zien in de begeleidingsband van Eric Clapton, maar ooit was Fairweather-Low op weg om zélf een “ster” te worden. Dat was vooral in de fameuze “sixties” toen hij leadzanger was bij Amen Corner. Daarna probeerde hij het echter solo en eind jaren zeventig, begin jaren tachtig moest ik van hem een elpee recenseren voor De Rode Vaan. En toen voelde ik de bui al hangen…
Het verschil tussen diamant en geslepen glas is ook dat tussen Miller-Stewart-Seger en mannen als Andy Fairweather-Low. Nu, toegeven, geslepen glas kan ook soms mooi zijn. Alles hangt af van de nek die het draagt. Maar met die nek van Fairweather-Low zit het niet helemaal snor. Die snor zit wel in zijn keel bij rocknummers, maar als hij gevoelig wil zijn (zoals op « Whole lotta someday ») dan laat zijn instrument hem plots in de steek en produceert hij een klagerig geluid dat in de tijd van Amen Corner « Half as nice » net de eretitel “memorabele plaat” deed missen. Boogiën doet Andy heel wal beter, al doet hij zijn stem (net als in « Hello Susie » destijds) dan wel een beetje geweld aan. Maar waarom moeten die woordspelingen steeds zo nodig ? Waarom moet een elpee überhaupt zo’n titel dragen ? En waarom moest « Hello Josephine » nog eens gecovered worden ? Tel mie waai !
Ronny De Schepper